10 maart; Outjo – Okaukuejo (Etosha NP), 324 km gereden

Vandaag slapen we in Etosha, in het kamp Okaukuejo. De rit van Outjo naar Etosha was maar 100 km, de rest hebben we allemaal in het park zelf gereden. En al hebben we een geweldige dag wat betreft wild, ik moet toch even mopperen. Vanochtend in de auto was ik aan het denken dat de explosieve groei van Namibië wat betreft toerisme volledig is gericht op het luxe, dure toerisme; hoe duurder en luxer de lodges, hoe beter; de overnachtingprijzen in gemiddelde lodges waar we geweest zijn of langsreden zijn dan misschien wel voor Europeanen goed te betalen, maar voor Zuid Afrikanen en andere toeristen astronomisch hoog. Maar al levert dat misschien per keer het meeste geld op, uiteindelijk moet je natuurlijk een goede mix hebben van prijzen; op het moment is het overwegend kiezen tussen super-de-luxe, of camping. En terwijl we Etosha binnenreden bedacht ik me dus dat dit nooit goed kan gaan;op een gegeven moment zal die wildgroei van super-de-luxe dure lodges toch moeten instorten?


Toen kregen we te horen wat een nachtje Etosha in Okaukuejo (een van de 3 enigste kampen, gerund door de nationale keten Namibian Wildlife Resorts) ons tweeën zou kosten, vooruit betalen aub… 1400 Namibische dollar, en dan moet je nog de permit betalen om in het park te mogen (nog zo’n 160 per nacht + 10 voor de auto)!!! Dan zit je al gauw aan zo’n 140 euro om in Okaukuejo in een bed te mogen slapen; en het was de goedkoopste optie die er geboden werd, al zijn wij sterk onder de indruk dat er goedkopere huisjes gewoon niet vrijgegeven worden… We moesten trouwens ook een sleutelborg van 500 betalen, maar die krijgen we hopelijk morgen wel weer terug! Uiteindelijk is het voor Europeanen met name nog niet altijd zo heel veel geld, zeker niet voor de luxe omgeving die je ervoor krijgt, maar wat mij vreselijk stoort hier en in de rest van Namibië is dat je nauwelijks keuze hebt om bij toeristische trekpleisters niet voor de luxe te gaan, en “gewoon een bed” geen optie is. Het kan ons niet schelen of het een tent, lodge of hotel is, we willen gewoon overnachten in een bed, met een badkamer. Wij denken dat Namibië de komende jaren alleen maar duurder en luxer zal worden, totdat de toeristen die net als wij “gewoon een bed” willen niet meer komen en ze inkomsten mis beginnen te lopen. Heel erg jammer want het is echt een schitterend land en volgens Hans is dit echt iets van de laatste 5 jaar, toen hij er was bestond het hele concept toerisme nog maar nauwelijks!


Bijvoorbeeld hier, Hans is 5 jaar geleden ook in Etosha geweest en zelfs bij de waterplaats waar we nu een bungalowtje naast hebben; volgens hem is het nu een soort Center Parks geworden… Overal bungalowtjes, steen, en versiersels in de vorm van wilde dieren van ijzerdraad gemaakt; een soort pretpark met wilde dieren. Gelukkig is het park verder zelf gewoon mooi, maar dit kamp ziet er niet echt uit vind ik; de kampen in Kruger waren natuurlijk ook gericht op toerisme, maar die hadden tenminste nog sfeer en karakter en het gevoel van kleinschaligheid, daar kon je je, zeker in Punda Maria, echt nog op een comfortabele manier in het wild wanen…


Genoeg gemopperd, voor de rest hebben we een superdag vandaag wat dieren betreft! We reden om een uur of half tien het park binnen en na de financiële aderlating zijn we gelijk een paar uur rond gaan rijden. Na een korte middagpauze zijn we vanmiddag weer een paar uurtjes rond gaan trekken, zodat we vanavond na het eten bij de waterplaats (die op 10 meter van ons huisje ligt) konden gaan kijken.


Etosha is hartstikke groen, met wit gesteente onder het groen en op de wegen. Het is op het moment zelfs nat met plassen water op de weg, en we hebben vandaag letterlijk duizenden springbokken en honderden zebra’s gezien, vaak ook vlak voor ons op de weg – vooral die zebra’s zien was leuk, hele families, waarbij de moeder het veulen met de snuit opzij duwde als we aankwamen, zo van, oppassen en wegwezen, dat is gevaarlijk… Zo dichtbij hebben we ze nog niet gezien! We hebben ook zebra’s rollend in het stof gezien, en springbokken die een schijngevecht hielden.


Verder hebben we veel struisvogels en oryx gezien, steenbokken, een aantal duikers, kudu, rode hartebeest, drie jonge wrattenzwijntjes die als de drie biggetjes naast elkaar renden, een aantal giraffen, en verschillende van de grootste vliegende vogelsoort, de “Kori Bustard”. We hebben zelfs een baltsende kori bustard gezien, best een gek gezicht! Ook van dichtbij een aantal korhanen, de favoriete vogel van Hans sinds de Kalahari-tocht, aangezien ze daar de gewoonte hadden om vlak langs je auto te vliegen met een heel hard mechanisch klinkend “takkatakkatakka” waardoor Hans (en ook de andere mannen in de groep) steeds gelijk dacht dat er iets aan de hand was met de auto…


Wat ook heel leuk om te zien was waren alle gieren; we hebben wel twee keer gieren bij een karkas gezien, een grote groep die onderling duwend en vechtend en trekkend bij het karkas probeerde te komen zodat de veren in het rond vlogen! En een keer zagen we een grote groep die gewoon maar een beetje in de lucht leek rond te hangen, misschien op zoek naar de volgende maaltijd.


Op een gegeven moment leek er een tak op de weg te liggen, maar van dichtbij bleek het een kameleon te zijn die zijn uiterste best deed om op wit grind te lijken terwijl hij de weg aan het oversteken was! Hans bracht de auto haast boven het beest tot stilstand, zo laat zagen we hem pas; maar met een beetje manoeuvreren konden we langszij komen en hem bestuderen… Het was echt leuk om te zien, de kameleon was echt grijzig-wit – terwijl die in de Kalahari echt fel groen was geweest.


We hebben tot vlak voor zeven uur rondgetrokken, alle afsteggertjes nemend die we tegenkwamen, waarbij Hans vaak op de rem sprong omdat we iets zagen; om de een of andere stonden de zebra’s graag op de weg, je zag ze al van verre staan want het is hier over het algemeen hartstikke plat.


Nu zit ik binnen te typen na een uurtje bij de waterplaats gezeten hebben, terwijl Hans nog buiten op het terrasje zit te kijken voor beesten. Het onweert, bliksemt en druppelt af en toe, en gezien hoe nat het is in het park is de kans dat wij hier iets zien niet groot, omdat er overal – tot op de weg zelf toe – water is voor de dieren om te drinken. Maar goed, je weet maar nooit!


free counters