23 maart; Grootfontein – Okonjima (AfriCat Foundation), 283 km gereden

Vanochtend bij het ontbijt zag Hans een paar mooie foto’s van het noordwesten van Namibië, en raakte op die manier aan de praat met de eigenaar die toevallig langskwam. Het bleek toen dat hij en een vriend 4WD reizen organiseert naar het noordwesten, zoals we ook met Bhejane gedaan hebben in de Kalahari! Heel erg leuk natuurlijk en om in gedachte te houden want we willen nog wel meer van dit deel van Afrika verkennen op de manier die we met Bhejane gedaan hebben… Maar ook wel typisch dat zo iemand als hij dus niet voor ons buitenlanders is te vinden op internet – daar moet je letterlijk ter plekke achterkomen.


Ons doel vandaag was Okonjima, oftewel de AfriCat Foundation. We wisten al van onze voorbereidingen thuis dat Okonjima heel erg duur is, en we hadden al het vermoeden dat het heel erg druk zou zijn aangezien het door heel Namibië druk schijnt te zijn, ondanks het laagseizoen. En het klopte allebei; Okonjima is heeeeeel erg duur, en heel vol; we konden alleen maar in het (zeer luxe) bushcamp terecht, maar na het lezen van de folder zie ik dat we met onze kamer nog in de middenmoot zitten wat de prijzen hier betreft… Wij betalen namelijk met z’n 2’n zo’n 5300 Namibische Dollar (zo’n 470 euro) voor een nacht, inclusief avondeten, ontbijt, brunch, en daarbij vanmiddag de “cheetah-ervaring” (waarbij we tot vlakbij de cheetahs kunnen rijden en de wilde honden van dichtbij kunnen zien), verder vanavond meegaan als het personeel de nachtdieren (met name Afrikaanse stekelvarkens) de restjes van het avondeten voeren, en morgenochtend het luipaard-spotten (een viertal luipaarden lopen met een radio-riem om op een enorme terrein van zo’n 4500 hectare, waar je dan naar op zoek gaat met een gids)… Exclusief drankjes, maar daar worden ze bij ons sowieso al niet rijk aan! De allerhoogste prijs is 9000 per 2 personen, en de allerlaagste prijs (en ik denk dat je dan op de camping zonder activiteiten of maaltijden inbegrepen zit) is 900. En ze doen niet aan dagjesmensen, je kan alleen de activiteiten doen als je ook overnacht.


Maar ze zijn wel een van de enigste organisaties hier in Namibië gericht op het zo natuurlijk mogelijk opvangen, verzorgen en uiteindelijk hopelijk voorbereiden op vrijlating van verwondde, verweesde en verwaarloosde “big cats” met name cheeta en luipaard, ook caracal en wilde honden, en andere vleeseters.


Het bushcamp is inderdaad hartstikke mooi en goed verzorgd, en zeer luxe. Niets iets waar ik me normaal gezien thuis in voel, voor mij hoeft het allemaal niet zo luxe en ik vind het op zich allemaal zonde van het geld, maar ik vind wel dat de luxe hier redelijk “subtiel” is, voor zover dat mogelijk is – alles is op een hele mooie manier afgewerkt met veel safaristijl, hout, natuurlijke materialen (waaronder de rode-aarde bakstenen en leem die hier veel te zien is), lokale attributen en veel oog voor detail. In onze “bushhut” (dit keer wel iets beter dan Ngepi) van leem, tentdoek en riet kun je vanuit het bed uitkijken op een piepklein waterplaatsje voor de vogels hier in de omgeving, met een doosje met vogelzaad erbij… En bij de waterkoker staat een klein potje met echte gemalen koffie en een percolator, dus dat wordt feest vanavond! Eindelijk weer eens echte koffie…


Het is heel duur (gelukkig hadden we nog eens gepind voordat we Grootfontein verlieten) maar het is nu eenmaal ook zo dat dit een van de activiteiten is die we graag wilde doen hier in Namibië als we nog tijd over hadden, en we wilde ons niet vastleggen door dingen van te voren te boeken, dus dan moet je af en toe wat dieper in de buidel tasten.


Na een paar uurtjes rusten gingen we naar het hoofdgebouw voor thee en cake, en daarna op de cheetawelfare tocht. Hier op het terrein zijn allerlei verschillende soorten “kampen” – van 1 hectare groot tot 4500 hectares – waar dieren in verschillende stadia van herintegratie leven. Op het allergrootste terrein leven, naast al het wild, 4 luipaarden en een aantal cheeta’s die moeten leren voor zichzelf te jagen. In een terrein van zo’n 22 hectare wonen tot wel 9 cheeta’s die, om wat voor reden dan ook, niet meer vrijgelaten kunnen worden in het wild. Sommige zijn te zwak, zoals eentje met calcium-tekort, en andere zijn zo tam dat ze het alleen niet zouden redden; deze cheeta’s worden dan ook gevoerd. Toen wij dit terrein inreden was de jaarlijkse gezondheidscheckup in volle gang, waardoor er maar 3 cheeta’s aanwezig waren, twee andere heel zielig kijkend in een kleine kooi grenzend aan het terrein omdat ze nog op antibiotica waren, en de rest nog bij het onderzoekscentrum. Maar het mannetje (groot!) kwam al gauw naar de auto toe, en de twee vrouwtjes volgde na een tijdje. Het zijn GEEN tamme dieren, maar ze zijn wel gewend aan auto’s en weten dat ze stukjes vlees kunnen krijgen als ze naar de auto toe komen. We werden alleen wel gewaarschuwd dat we op moesten passen (kinderen onder de 12 jaar mogen sowieso niet Okonjima in)! Het was echt een hele leuke ervaring, voor mij zeker want ik was nog nooit zo dicht bij een cheeta geweest en nu hadden we 3 verwende, hongerige cheeta’s die om onze (zeer open) gamedrive auto cirkelde en piepte en gromde voor vlees… En een gids die vrolijk vertelde dat de ene nogal chagrijnig was en onlangs nog haar klauwen in de deur van de auto gezet had! Het zijn echt hele mooie dieren, echt duidelijk gebouwd voor snelheid, maar de gids vertelde dat ze niet zo dapper zijn, en slecht aanpassen aan hun omgeving – en daarom zo bedreigd zijn. Ik heb er van genoten, ze gingen soms in de schaduw liggen en dan zou je ze zo willen aaien, zo mooi! En toen de gids dan eindelijk de emmer met vlees tevoorschijn haalde en ze naar de cheeta’s wierp werden deze rustige, haast zachtaardige dieren opeens opgewonden, en gingen grommend en kwijlend en naar elkaar toesnauwend op hun vleesjes af! Het mannetje kreeg gelijk een heel groot stuk met bot erin, zodat hij de vrouwtjes met rust zou laten als die hun hapklare brokken vlees opschrokte – want hij had al eens eentje in het gezicht opengehaald…


Daarna gingen we naar de wilde honden; een roedel van 5 weesjes die als enigste de aanval van een boer op hun gezin overleefd hadden – ze waren levend begraven in een zak nadat de ouders gedood waren… Dat is hier duidelijk een van de grootste bedreiging voor roofdieren in Zuidelijk Afrika, de boeren willen ze niet op hun land en het zijn dan ook met name de boerenkinderen waar AfriCat op focust om ze voorbij de vooroordelen te helpen. Deze wilde honden konden helaas (onder andere vanwege de boeren) niet meer vrijgelaten worden en zaten dus tijdelijk in een omheining van 1 hectare tot hun nieuwe, permanente terrein van 5 hectare klaar was. Ze heten ook wel “painted dogs” (geverfde honden) en het is duidelijk waarom; ze hebben de meest prachtige vacht van geel, bruin, grijs en zwarte vlekken. En ze zijn heel zeldzaam in het wild, dus Hans en ik waren heel blij om ze in het echt te kunnen zien, en van zo dichtbij!


’s-Avonds na het eten gingen we mee met een gids die met een grote emmer vol vlees- en groenteresten van de keuken reed naar een uitkijkpost bij een dammetje waar ze iedere avond eten strooide voor de wilde dieren in de omgeving. Die zien dat als een makkelijke manier van eten natuurlijk en met name de Afrikaanse stekelvarkens zijn vaste klanten; soms wel in groepen van 17 volwassenen tegelijk met kleintjes! Deze stekelvarkens zijn grote jongens, met indrukwekkende lange zwart-witte stekels… En de gids was amper weer veilig in de uitkijkpost of de stekelvarkens kwamen al te voorschijn – wel 5 grote, volwassen stekelvarkens die letterlijk als varkens de groente gingen opschrokken, rammelend met hun stekels en snauwend naar elkaar als ze te dichtbij kwamen! Echt heel erg leuk om te zien en ook wel indrukwekkend omdat we tot nu toe nog maar een keer een (dood) stekelvarken gezien hebben.


Tegen de tijd dat we onszelf eindelijk weg konden scheuren van de uitkijkpost was het al half elf geweest, en tegen de tijd dat we eindelijk na een lekkere douche in bed lagen was het al half twaalf, ver voorbij ons bedtijd hier in Afrika! Maar we hadden wel een hele leuke middag en avond gehad…


free counters