18 september: 258km gereden; Ndzhaka Camp (Manyeleti NR) – Emtomeni Lodge (Letaba Ranch GR)

's-ochtends kregen we te horen dat de hyena’s 's-nachts terug waren gekomen en de prullenbak open gescheurd hadden, misschien op zoek naar de kip die wij de vorige avond gegeten hadden!

Vandaag was weer een lange reisdag; we moesten vandaag bij de Orpen Gate Kruger inrijden, en dan via het Letaba kamp in Kruger waar we zouden lunchen rijden naar Phalaborwa Gate, in Phalaborwa boodschappen doen en dan richting Letaba Ranch Game Reserve rijden dat boven Phalaborwa ligt en de grens met Kruger deelt. We hadden echter een "vrije" ochtend in Kruger en moesten onszelf 6 uur lang bezighouden tussen 7 uur toen we het park inreden en 1 uur wanneer we lunch zouden krijgen... Dus zijn Hans en ik samen met het Engelse stel op ons gemak min of meer samen gaan rijden tot aan het Satara kamp, waar we besloten eens echt te ontbijten met een lekker eitje, spek, worstjes en toast. We moesten tenslotte heel wat uurtjes opvullen, want als je constant door zou rijden volgens de snelheidseis zou je 2 uur te vroeg in Letaba aankomen! Wat we ook gedaan hebben is tijdens het eten onze camera’s en telefoon opladen bij een stopcontact in het restaurant... Als je geen stroom hebt en je batterijen beginnen leeg te raken moet je tenslotte een beetje creatief zijn!

Het was verder zeker niet vervelend om in Kruger te rijden, dat verveelt eigenlijk nooit; we hebben onder andere prachtige olifanten, buffels, giraffen, gnoes, zebra’s, en andere antilopen en herten gezien... We hebben bijvoorbeeld een wrattenzwijn van dichtbij van voren kunnen fotograferen, waardoor je die gekke karakteristieke kop goed ziet. En we hebben spelende impala gezien en een helblauwe vogel van dichtbij kunnen bekijken. En we hebben twee keer achter elkaar een neushoorn gezien, waarvan een keer van vlakbij was! Al met al lijkt deze week toch wel een week te worden van vele bijzondere diermomenten, ook veel mooie, bijzondere of gekke dingen die we nog nooit zo of zo goed hebben kunnen zien. Dus toch een geslaagde tocht!

Maar wat ook erg leuk was, was dat we in Letaba na de lunch toen we nog een paar uur te slijten hadden totdat we om 4 uur in Phalaborwa verwacht werden nog even het olifantenmuseum in zijn gegaan. Dit is een museumpje dat gewijd is aan de olifant maar in het bijzonder aan de "Tuskers", de grote wijze mannen van de olifanten populatie in Kruger. Van de 7 grootste olifanten uit de jaren 80 hebben ze na hun dood (meestal een natuurlijke dood, in maar één geval door stropers, die gelukkig niet op tijd waren om met het ivoor ervan door te gaan) de enorme slagtanden opgespoord en in dit museumpje tentoongesteld, ook om te voorkomen dat stropers er met zo’n kostbare trofee vandoor zouden gaan. Want dit zijn slagtanden van ruim 250 cm lang, ongelofelijk dingen! En er hing ook een kaart van Kruger met daarop weergegeven de woongebieden van de huidige potentiële Tuskers, waarvan er eentje verwacht wordt de grootste ooit geregistreerd te zullen worden, aangezien hij nog jong is (olifanten kunnen in het wild 50-60 worden) en nu al slagtanden van 272 cm heeft... Heel leuk om te zien allemaal!

In Phalaborwa zijn Hans en ik de supermarkt ingestapt om bij te vullen met water, sap, en ook een paar zakjes chips voor straks in Kruger. We kregen van de kok het advies om een pakje typische Zuid Afrikaanse zoetigheden uit te proberen, en Hans had het goede idee om voor die avond, tenslotte al weer bijna de laatste avond, iets lekkers voor bij de koffie mee te nemen, dus besloten we omdat we Nederlands zijn met twee verse appeltaartjes aan te komen zetten. Wat genieten we van de prijzen in de supermarkt, zo’n handgemaakt appeltaartje voor 6 man kost maar 1,80 euro!! De rit naar het kamp was nog best lang, we hebben zeker 40 km over een soort zandsnelweg gereden, die behoorlijk druk en op plekken erg hobbelig was. We lieten enorme stofwolken achter ons en reden zelf in de stofwolken van de voorganger; de auto ziet er onderhand dus ook niet uit. Tegen 5 uur kwamen we bij het hek waar ik de gebruikelijke papieren mocht invullen met onzin... En toen mochten we door naar het laatste kamp op deze route.

Eenmaal in het kamp zagen we dat er in het keuken gedeelte (de openbare ruimtes in dit soort kampen zijn nooit afgesloten, altijd grotendeels open aan de buitenlucht) een lamp op elektriciteit werkte, dus ik ben gaan vragen of ik de laptop mocht opladen (die is de afgelopen dagen doordat ik af en toe probeerde te typen natuurlijk helemaal leeggelopen) en de foto’s overhevelen van onze toestellen die onderhand behoorlijk vol beginnen te raken. Dat was niet al te veel probleem, de elektriciteit kwam van een batterij die overdag heel de dag op staat te laden dankzij zonne-energie (en die is er hier genoeg) dus ik kon mijn "kantoortje" opzetten in de apenkooi in de keuken – ook deze was weer helemaal beschermd met kippengaas en stevige deur tegen de apen! We waren blij dat de foto’s van de jagende leeuwen van de vorige dag goed gelukt waren, want het begon eigenlijk al te donker te worden toen we ze namen; en we hebben verder nog een beetje naar andere foto’s gekeken voordat het etenstijd was. Het was hier niet zo warm als in de andere kampen, en het loeide van de wind; je kon nauwelijks een olielamp aansteken en die lampen die het pad naar de tenten moesten bijlichten waren al gauw uitgewaaid. Vanavond stond er een echte braai op het menu, met vlees, worst, tosti’s, sla en Zuid Afrikaanse "pap" (een soort stevige puree) met saus. Als toetje onze appeltaartjes uit de supermarkt, die best lekker waren!

free counters