26 september: 206km gereden; Punda Maria Camp (Kruger NP)

Vandaag begint onze tweede tocht met Bhejane, de "Mozambique’s Coasts", een rondrit door het zuiden van Mozambique. Maar deze tocht begint pas einde van de middag dus we besloten vanochtend nog maar weer eens een rondje door Kruger te rijden om de tijd te vullen. We komen tenslotte waarschijnlijk voor een lange tijd niet meer terug in Kruger, we hebben het deze afgelopen week hartstikke leuk en goed gehad dus hebben voorlopig ruim onze portie Kruger wel gehad: plus we hebben zo veel geluk gehad, dat krijgen we nooit meer voor elkaar!


We hebben vanochtend op ons gemak onze spullen gepakt en de kamer verlaten. Ik ben helaas niet meer gaan douchen want, omdat de douche de avond van tevoren bij Hans niet door stroomde besloot ik te wachten tot 's-ochtends: alleen de douche was 's-ochtends nog steeds verstopt, en toen ze buiten ons hutje het afvoerputje gingen ontstoppen kwam het riool dus in onze douche omhoog borrelen... Niet echt fris om te douchen! We besloten vandaag heen en weer naar Shingwedzi te rijden, een vergelijkbare rit als de vorige dag en we zouden misschien in Shingwedzi nog een laatste keer vóór Mozambique kunnen pinnen, dan was dat ook geregeld. En voor de zekerheid hadden we in Punda Maria nagevraagd en daar kon (als het in Shingwedzi niet lukte) ook gepind worden; moet goed komen dus...


Nou het was weer een geluksdag geloof ik want al hebben we op zich niet zo heel véél spannende dingen gezien, de dingen die we wel zagen waren wel degelijk bijzonder! Zo hebben we een hele tijd mogen genieten van een olifant die vlak langs de weg bezig was om een boompje vakkundig te strippen en in hapklare stukken te breken; zo draaide hij met zijn slurf een dikke tak er half af, en brak zo met een flinke ruk van zijn slagtand terwijl hij de tak met zijn slurf vasthield de tak er helemaal af. Echt heel leuk en bijzonder om te zien hoe ongelofelijk handig zo’n olifant is met zijn slurf, poten en slagtanden; en het blijft mooi hoe rustig en ontspannen ze altijd zijn in alles wat ze doen.

Wat verderop zag Hans plotseling onder het rijden een luipaard aan de kant van de weg, vlak bij een slootje of zoiets – we hebben hem heel duidelijk kunnen zien want hij was niet zo ver van ons vandaan, helaas smeerde hij hem gelijk de bosjes in toen we het raampje open wilde doen voor een foto... Maar dat is dus onze tweede luipaard in een week, sommige mensen wonen hier al heel hun leven en hebben er nog nooit een gezien!!! Niet zo heel veel verder hier vandaan zagen we wat auto’s staan, en bleek er een leeuwin te luiwammesen in het hoge gras; ze lag lekker op haar zij en half op haar rug te slapen, met een poot half in de lucht als een heel erg ontspannen hond of kat... Altijd een leuk gezicht!

We hebben verder natuurlijk nog de gebruikelijke dagelijkse portie bokkies, zebra’s, impala, kringgatten enzovoorts gezien… Bij Shingwedzi aangekomen (er stond vlak buiten de poort nog een redelijk grote olifant langs de weg) bleek er een of ander symposium bezig te zijn waardoor het behoorlijk druk was en het hele kamp niet toegankelijk was voor anderen om te overnachten. We konden als dagbezoekers gelukkig wel bij de faciliteiten; dus na een plaspauze en even een leeuwenmagneetje en een luipaardmagneetje op het bezichtigingenbord bij de receptie geplakt te hebben zijn wij het winkeltje ingegaan om te pinnen. Helaas, het apparaat was stuk, dus geen geld! Geen probleem, we wisten dat we in Punda Maria terecht konden... Dus reden we maar op ons gemak terug naar Punda Maria, onderweg nog kijkend of we de leeuwin of het luipaard nog een keertje zagen – helaas waren ze allebei al weg.

In Punda Maria aangekomen zijn we maar gelijk gaan tanken, het was nog vroeg in de middag dus er was al kans dat Bhejane aangekomen was en we bij hun op de camping terecht konden. Tijdens het tanken kwam een "bakkie" oftewel een pick-up aanrijden, volgepakt met spullen en twee blanke en een zwarte man. Hans was bezig met de pompbediende, dus ik keek en opeens zag ik een grote glimlach van herkenning op de zwarte man, en naast de ene blanke man eentje die er bekend uitzag... Het waren Vermakie de kok (eigenlijk Vermaak, maar iedereen noemt hem Vermakie) en Douwe de gids uit onze tocht met Bhejane door de Kalahari! Dat was leuk, en onverwacht, want we hadden er niet echt op gerekend dat er bekenden bij deze tocht zouden zijn! Vermakie en Douwe sprongen uit de auto om ons heel hartelijk te begroeten: ze waren onderweg naar de camping maar waren op de rem gesprongen omdat ze ons hadden gezien en herkend... Leuk, we weten dus in ieder geval zeker dat we een geweldige, zorgzame gids en een goede kok hebben, en in ieder geval met deze twee in de groep kans op lachen...


Na het tanken hebben we bij de receptie de "exit-permit" geregeld en de parkbijdrage voor vandaag betaald. De exit-permit is gewoon een loos bonnetje (ze zijn dol op papierwerk in Afrika) dat niets kost maar wel in het laatste kamp waar je overnacht gehaald moet worden voordat je het park kunt verlaten. De parkbijdrage is een beetje een grijs gebied, aangezien we vandaag al wel in feite onder de hoede van Bhejane vallen (zij zouden die voor ons moeten betalen dus), maar omdat wij al IN het park zitten en maar tot de 26e geboekt hebben (wat prima is, als je de 26e het park weer verlaat, maar wij gaan pas weer de 27e het park uit) is er verder niemand die ons gevraagd heeft om deze verloren dag te betalen. We zijn wat dat betreft veels te eerlijk, want we hebben er maar naar gevraagd en een dag extra betaald: wij hebben geen zin om morgen bij de Parfuri grensovergang teruggestuurd te worden omdat onze parkpapieren niet in orde zouden zijn! Helaas was pinnen geen mogelijkheid, want het apparaat in Punda Maria doet het wel maar neemt alleen Zuid Afrikaanse pasjes aan, zelfs geen creditcard!


Dit was dus een probleem, aangezien we nog zo’n 2800 Rand hadden en aangeraden werd om ongeveer 4000 Rand per auto bij te hebben in cash. En als ik grof berekende wat we eventueel aan kosten zouden hebben (grensovergang, diesel, fooi voor de gidsen aan het einde, onvoorziene kosten aangezien de verkeerspolitie in Mozambique heel streng is blijkbaar...) dan zouden we het met die 2800 niet of net niet redden. De vrouw van de winkel waar de ATM in stond vertelde ons dat er een stadje vlak bij het Punda Maria hek was, dat gelukkig ook vlak bij dit kamp was; zo’n 20 km buiten het kamp. Tja, dan was dat de enigste optie waarschijnlijk. We zijn even naar de camping gereden om tegen Douwe te zeggen dat we dit moesten doen en dus nog wel even zoet zouden zijn – het was nu zo’n 2 uur, dus we zouden het op zich allemaal makkelijk moeten kunnen redden...


Bij de Punda Maria Gate moest ik een "re-entry" stempel halen, waarmee we toestemming hadden om het park te verlaten en weer in te gaan zonder extra kosten (yep, ze houden van papierwerk)… De plek waar we konden pinnen was een ervaring. Het was een gitzwart dorpje, we waren echt de enigste blanken in de hele omgeving, de ATM stond in een soort U van gebouwtjes aan de weg waar kleine winkeltjes en stalletjes in zitten, er hingen twee stoere jongens tegen het apparaat, en het bleek niet te werken. Dus we raakte al een beetje verhit, maar er was er nog eentje gelukkig, iets verderop. Ook deze stond weer in zo’n U’tje, in een apart hok dat 's-nachts met een groot ijzeren hek afgesloten kon worden, maar er stonden misschien wel 20-30 jonge mensen voor en in het hokje te wachten op hun beurt! Tja, dat is natuurlijk vervelend, dus we gingen eerst maar eens op zoek naar tape, die hadden we toch nodig. Uiteindelijk kwamen we in een soort van kantoorwinkel terecht, waar van ieder product dat er verkocht werd zo’n 2-4 stuks op de planken stond. Moeilijk om te beschrijven maar het ziet er best gek uit, want daardoor zijn de planken best leeg maar toch is heel de voorraad beschikbaar. We vonden de tape die we zochten maar de eigenaar van de winkel was in geen velden of wegen te verkennen, dus wat moet je dan doen? We hadden natuurlijk wel een beetje haast en stonden op het punt om het geld neer te leggen (dan maar 10 Rand, we hadden niet de benodigde 9,50) toen een vrolijke stevige zwarte dame aan kwam rennen vanuit een ander stalletje; de eigenaresse, ze bood haar excuses aan want ze was aan het afwassen geweest in haar eetstalletje! We hebben nog wat grapjes gemaakt, ze was heel hartelijk en liep hand in hand met mij mee terug naar haar kant van de U, waar ook het nog steeds volle ATM hokje stond. Tja, dan maar aansluiten bij de rij...


Het duurde een eeuwigheid voordat wij aan de beurt waren, want veel mensen wisten óf niet hoe het apparaat werkte, óf ze konden geen engels lezen, óf ze hadden geen geld en bleven het nog een of twee keer proberen, en er schoten dus steeds anderen uit de rij te hulp om een en ander uit te leggen; vaak onder luid onderling gelach en gepraat als er weer eens iemand geen geld op zijn rekening had staan. We zagen dat mannen 10, 20 of 50 Rand pinde, dat is voor onze begrippen nog geen 90 cent, 1,8 euro of 4,5 euro... Maar hier en zeker voor deze mensen is dat veel geld. We voelden ons dus zeer bewust van het feit dat wij waarschijnlijk een astronomisch bedrag gingen proberen te pinnen voor hun begrippen, namelijk 1500 Rand… Tja en we voelde ons niet onveilig maar wel heel erg bewust en alert. Dus kwam Hans dicht tegen mij aanstaan zodat niemand de pincode kon zien of hoeveel geld we pinde, en probeerde ik met de bankpas te pinnen. Helaas, geen geluk hij herkende de kaart niet! Dus maar de creditcard proberen, en gelukkig deed die het wel... Pfffff, lang leve creditcards! Snel weer terug naar het park en naar Punda Maria dus...


Eenmaal op de camping maakte we kennis met de twee (blanke) hulpjes voor de keuken en het kamp (de andere man bij Douwe in de auto was de uitgever van een 4WD blad waarin deze reis geadverteerd was), hebben we nog even met Douwe en Vermaak gebabbeld, en kregen we onze tent toegewezen. We zijn in dat soort situaties altijd wel gauw uitgepakt, aangezien we gewoon niet zo veel bij hebben of kunnen hebben omdat we invliegen en afhankelijk zijn van wat we van de verhuurder van de auto meekrijgen; de rest van de groep, 28 mensen (waarvan 4 kinderen), komt natuurlijk in eigen auto aanrijden en kan daarin alles meenemen wat ze ook maar kunnen verzinnen! We hebben nog even staan babbelen met een of twee stellen voordat we ons maar bij het kampvuur met een kopje thee geïnstalleerd hebben, maar we zien wel dat met zo’n grote groep er veel minder en een ander groepsgevoel zal ontstaan dan met kleine groepjes zoals we gewend zijn. En in dit geval was het duidelijk dat er al twee familie- en vriendengroepen binnen de groep zelf waren, waardoor die natuurlijk nauwelijks contact met de rest zullen zoeken. Tja, we zien wel en maken er maar het beste van!

Tegen zonsondergang begon de groep toch wel vorm te krijgen en begonnen in ieder geval een deel van de mensen richting het kampvuur te komen, dus was er meer mogelijkheid om een beetje te praten. Het is voor ons heel hard werken want we zijn dus de enigste buitenlanders in de groep, maar dus ook de enigste die niet of nauwelijks Afrikaans begrijpen, terwijl heel de groep Afrikaans spreekt, inclusief een "Engels" Zuid Afrikaans stel... We vragen dus af en toe om Engels, maar iedereen valt heel makkelijk weer terug in Afrikaans. Maar meestal verstaan we wel een beetje waar het over gaat, als ze langzaam en duidelijk praten, als we heel goed luisteren en ook een beetje onze fantasie gebruiken. Na een welkomstpraatje, een lekkere maaltijd met, in mijn geval, heel veel lekker pot-brood van Vermaak, en een kopje thee gezet van water uit de ketel op het vuur, was het tijd om naar bed te gaan in ons door de mannen opgezette tentje. Omdat we deze hele reis maar 2-3 nachten in een tentje door moeten brengen en de rest van deze Mozambique-tocht in hutten zullen slapen hebben we geen matras, alleen slaapzak en kussen. Maar we zijn er niet zo bang voor dat het heel oncomfortabel is, je stelt jezelf er namelijk op in dat het maar tijdelijk is en het is hier gelukkig niet koud (verre van, zelfs op de "koude" dagen!) dus de grond is ook gewoon warm.

free counters