2 oktober: 530km gereden; Estrella de Maninees Lodge (Inhassoro) – Paradise Magoo (Xai Xai)

Vandaag was een rij-dag; we moesten zo’n 530 km afleggen naar de volgende overnachting, een kampeerplaats tussen de duinen in het zuiden van Mozambique. We hadden begrepen dat we alleen aan het begin van de reis in de bush in een tentje moesten slapen maar blijkbaar deze nacht dus ook; jammer, dat betekent toch weer een nachtje afzien! Deze 530 km is niet zoals in Nederland over brede vlakke wegen waar het verkeer allemaal netjes dezelfde kant op gaat en dezelfde dingen doet, en je dus lekker door kunt stomen… Dus er stond een rit op de planning van zo’n 10 uur inclusief pauzes! Maar het was een hele mooie rit want er gebeurt hier in Mozambique van alles langs de weg… En ook wel regelmatig OP de weg dus het blijft altijd opgepast geblazen!


Bij de eerste korte benen-strek pauze van de dag hebben Hans en ik een stoffen band, die de reserveband op het dak bevestigde en tijdens het rijden irritant aan het klepperen was, beter vastgezet. En we hebben een heleboel plantaardige “punaises” uit de banden getrokken; een soort zaaddozen met een ronde kant en aan de andere kant twee vlijmscherpe lange parallelle stekels, die zich ontzettend efficiënt vastzetten in autobanden om een eind meegenomen te worden – een prachtig staaltje natuur maar we hebben het toch liever niet in onze banden zitten aangezien we van onszelf al zenuwachtig zijn voor lekke banden zonder dit soort dingen erin!


Tijdens het rijden hebben we allerlei prachtige stalletjes langs de weg gezien die alles van schoenen tot suikerriet en kokosnoten verkochten, en vrouwen (en soms ook mannen) met de meest wonderlijke dingen op hun hoofd. Van koelboxen tot grote bossen hout tot volle jerrycans met water, zelfs een bijl of in het geval van kinderen lunchtrommels of schoolmapjes. We zijn langs hele hordes schoolkinderen gereden, allemaal netjes in uniform en duidelijk flinke afstanden aan het lopen naar school; er lijkt hier een ochtend en een middag school te zijn, maar we zien ook veel kinderen die aan het werk zijn – en vaak dragen ze al flinke lasten mee op hun hoofd... Ongelofelijk om te zien.


We zagen ook vrachtwagens die onvoorstelbaar zwaar geladen zijn of ontzettend fout geladen, zodat ze schuin en scheef of volledig doorgezakt op hun assen rijden. En we hebben vrachtwagens en auto’s gezien die in Nederland al lang total loss verklaard zouden zijn maar hier nog vrolijk (en hard) met grote ladingen, enorme deuken en kapotte ruiten of soms zelfs helemaal géén ruiten rijden! Ook waren er busjes (er lijkt een heel groot onofficieel openbaar vervoer netwerk te zijn van kleine minibusjes) die van binnen helemaal volgepakt waren met mensen en van boven torenhoog volgestapeld met bagage. Van alles, tot levende geitjes toe, waren op de daken gebonden van deze auto’s! Op een gegeven moment kwamen we mannen tegen die een van de enorme zware boomstammen die duidelijk van een vrachtwagen was gerold voor zich uit aan het duwen waren, tegen het verkeer in. En tijdens een tankstop kwam er opeens een optocht van toeterende pick-ups langs, die van achteren helemaal volgeladen waren met zingende, klappende en prachtig geklede mensen – en een bruid en bruidengom! Er was dus constant van alles te zien...


De N1 waar we sinds een paar kilometer buiten Inhassoro op rijden is de grootste en een van de enigste geasfalteerde weg in Mozambique. Nou kun je je als verwende westerling in een strak georganiseerd en (te) rijk land dus niet echt voorstellen dat zo’n hoofdweg niet goed onderhouden wordt, het is tenslotte een belangrijk onderdeel van je economische voortgang. Het armere noordoosten van Mozambique waar wij in Inhassoro bleven is namelijk bijna volledig afhankelijk van goederen die over de N1 vanuit Maputo in het zuiden of zelfs vanuit Zuid Afrika vervoerd worden... Nou dat soort economische afhankelijkheid is dus blijkbaar geen enkele garantie voor de staat van de weg! Naarmate we verder naar het zuiden afzakte werd het asfaltgehalte steeds minder, en de potholes en gaten steeds groter en dieper. Soms liepen ze zelfs over de gehele breedte van de weg, en ze konden variëren van enkele centimeters tot enkele meters breed – en soms wel tot 20-30 cm diep. Op zich nog wel in een hoop gevallen om heen te rijden maar niet als je tegenliggers ondertussen ook bezig zijn om de potholes te vermijden en al dan niet tegelijkertijd bezig te bellen, met hun bijrijder te kletsen, te eten, of in te halen, het liefst op blinde plekken of vlak voor hellingen! Soms was er dan ook geen andere keuze dan om er tandenknarsend overheen te knallen en te hopen dat de auto en de banden het zou houden en de pothole niet te diep was. De Zuid Afrikanen zeiden dat je vroeger konijnenoortjes uit de potholes kon zien steken, maar dat het nu kudu-oren waren, zo diep... Voor Hans werd het al gauw een soort computerspelletje; het doel, zo goed mogelijk door te rijden (want Douwe scheurt zelf flink door) en zo veel mogelijk potholes te vermijden en tegelijkertijd opletten dat er geen tegenliggers zijn of andere storende factoren zoals wandelaars langs de weg of fietsers als je aan het slalommen bent...


Op een gegeven moment verdwijnen de potholes gelukkig grotendeels – maar het asfalt ook! De laatste honderd kilometer of zo voor Xai Xai is namelijk zó erg toegetakeld geweest door vrachtwagens en zo dat de tweebaans weg inmiddels helemaal versleten is en alleen nog een smalle strook asfalt overgebleven is van nauwelijks een meter breed in het midden van de weg, de rest is gewoon zandweg... Het zand rijdt in ieder geval over het algemeen wel beter dan asfalt vol potholes! Een paar kilometer voor Xai Xai sloegen we van de "asfalt"weg af en namen een "echt" zandpad de duinen in, richting onze camping die zo diep in de duinen ligt dat je de zee kunt zien en er vroeger alleen kon komen als je je banden tot 0,8 Bar leeg liet lopen omdat je anders onherroepelijk vast zou komen te zitten in het diepe mulle fijne zand. Nu hebben ze gelukkig de slechtste delen van de weg opgeknapt, door er meer zand over te storten en dat hard aan te stampen, waardoor we gelukkig niet eens de banden leeg hoefde te laten lopen – maar het was niettemin een indrukwekkend pad, zoals het door de duinen slingerde en omhoog en omlaag ging...


De keukenauto met Matt en Vick was vandaag vooruit gereden dus het kamp stond al klaar en het kampvuur brandde al. Wij kregen ons tentje toegewezen, gelukkig op een redelijk vlak stuk want er waren ook mensen die hun auto heel steil moesten parkeren om bij hun tent te kunnen komen, en we hebben de tent ingericht en zijn bij het kampvuur gaan zitten. Hans was blij want hij kon weer de opblaasmatras van Dave en Lesley lenen, ik maakte mezelf niet zo’n zorgen over op de grond slapen want het zand leek me redelijk zacht. We hebben de avond gevuld met kletsen met verschillende mensen en nog een keer van Vermaak’s kookkunsten genieten.


free counters