Donderdag 12 mei: Johannesburg – Marnitz (Baobab Farm Cottage): 434 km

Vanochtend kwamen we keurig op tijd aan in Johannesburg, en alles verliep vlot: onze bagage was er snel, en we konden snel door de douane. In de ontvangsthal stond iemand van het autoverhuurbedrijf ons al op te wachten, dus hebben we even onze bagage bij hem gelaten terwijl we gingen pinnen. Maximaal 3000 Rand (zo’n 300 euro) per keer, en maar zo vaak mogelijk proberen om zo veel mogelijk cash te pakken te krijgen! Nou, met de visa konden we 3 x 3000 Rand pinnen, en met ieder van onze ING-pasjes ook nog eens 3000 Rand erbij. Samen dus totaal 15.000 Rand, een klein godsvermogen hier, zo’n 1.500-1.600 euro... Tuurlijk, dat is ook veel geld maar we moeten er een paar weken van leven in Zimbabwe dus dan is het eigenlijk nog maar weinig – we hadden gehoopt op zo’n 20.000 Rand... Maar goed, we zien wel!

Ook de rit naar de autoverhuurder ging vlot, net als het afhandelen van de administratie. We krijgen dit keer een gloednieuwe Toyota Landcruiser mee, dat is hier (volgens Toyota-eigenaren) de enige auto die er toe doet in Afrika, en het is ook wel waar dat zeker ¾ als niet meer van wat je buiten de steden ziet rijden wel een of andere vorm van Toyota is... Er zit wel een tent op het dak maar daar betalen we niet voor, want we hadden specifiek om een auto zonder kampeergerei gevraagd, en er zit een koelbox en twee campingstoeltjes bij, zoals gevraagd. De koelbox lijkt alleen zo groot maar goed, we zien wel.

Nadat we klaar waren bij de autoverhuurder konden we wegrijden, en de shopping mall inplannen op de garmin. Lang leve de gps! Hans had de routes van te voren allemaal uitgestippeld en nu hoefde we ze dus alleen maar in te plannen en ze leidde ons er recht naar toe. Wel via een kleine omweg toen we zelf verkeert reden; om zo snel mogelijk terug te rijden probeerde onze garmin ons een arme zwarte wijk in te sturen waar de stoep vol zat met mannen met bordjes met “ervaren timmerman”, “goede elektricien”, enz. erop... Oeps, toch maar niet dus. We zijn zo gauw mogelijk omgedraaid, de wijk uitgereden en weer terug op onze route geraakt. Geen plekken voor blanke toeristen in een huurauto met huurbedrijfstickers erop... Tja dat kan die gps natuurlijk ook niet weten, die kijkt alleen naar de snelste manier om weer terug op je route te komen! Na een uurtje rijden in de stad (wat is het stedelijk gebied hier enorm, en wat is het druk!) kwamen we aan bij de shopping mall. Hier wilde we lunchen, een beetje boodschappen, shoppen (schoenen en kleren zijn hier een stuk goedkoper dan in Nederland), en wat geld wisselen...

Nou, wat betreft geld wisselen in Zuid-Afrika, dat gaat héél lastig... We hadden ongeveer 160 Pula nodig om de grens over te steken (een of andere belasting die je moet betalen om Botswana binnen te mogen) – dat is nog geen 20 euro. Maar we konden op zich wel wat Pula’s gebruiken dus besloten we 50 euro te wisselen. Bij de grens is geen (officiële) geldwissel-mogelijkheid, dat moet dus daarvoor, want je moet al aan de Botswaanse grens een en ander cash in Pula kunnen betalen. Ze zeggen wel dat je er misschien ook met visa kan betalen maar dat is zo’n lastige lijdensweg in zulke plekken (als het al inderdaad kan!), liever cash als je het kunt regelen dus. We wisten al van de vorige keer in 2008 dat het lastig was om geld te wisselen: vreemd geld naar Randen is geen probleem, maar met Randen vreemd geld kopen? Dat is moeilijk! Om te beginnen doet al lang niet iedere bank of bankfiliaal dat, dan moet je al het geluk hebben dat ze over Pula’s beschikken om te verkopen (zelfs in de grensstreken met Botswana is dat nog maar 1 op de zoveel filialen), en als je eenmaal een bankfiliaal gevonden hebt die wil wisselen en Pula’s te verkopen heeft, dan begint de ellende... Voor vandaag hadden we ons een beetje voorbereid op internet, we wisten dat het lastig was om te wisselen en hadden onder andere daarom deze mall uitgezocht omdat er minimaal één bank met een forex-filiaal in zat. Gelukkig bleken dat er uiteindelijk dus meer te zijn, die stonden alleen niet op internet. We vonden na 4 wisselkantoren en banken binnen te stappen eindelijk eentje die Pula’s in kas had, en toen konden we beginnen met wisselen...

We moesten de Randen in cash overleggen, inclusief de kaart die gebruikt was om ze te pinnen en het bonnetje van de automaat waarmee met die kaart het geld uit de muur was getrokken. Maar ja, we hadden met visa gepind en om de een of andere reden stond er op de bonnetjes voor de visa dat de transactie niet gelukt was (terwijl dat wel zo was). We hadden wel een bonnetje van de opnametransactie met de ING-kaart bij een andere bank die wel “succesvol” weergaf, maar daar hadden we weer niet de kaart van bij, die lag nog in de auto. Het was in ieder geval niet duidelijk genoeg en het was dat de vrouw achter de balie heel erg aardig was maar eigenlijk wilde ze er al van afzien omdat ze geen voldoende bewijs had dat die Randen met die kaart en dat bonnetje opgenomen waren en niet op criminele wijze verkregen waren... Maar wij natuurlijk smeken en domme toerist uithangen, dus uiteindelijk besloot ze met enige tegenzin dan maar door te gaan. Toen moesten we een formulier invullen met naam, adresgegevens, aankomstdatum, paspoortgegevens, vertrekdatum, verblijfduur en verblijfplaats in Botswana, en zelfs het kenteken van de auto waarmee we de grens over zouden steken. Op zich geen probleem, alleen het was de eerste dag dus ik kende het kenteken nog niet uit mijn hoofd (na een paar dagen gaat dat vanzelf, die moet je namelijk overal waar je komt invullen)... En het kenteken stond niet op de sleutelbos (dachten we), dus Hans is gauw teruggelopen door de mall, naar de parkeerplaats, gauw het kenteken noteren en weer terug. Later bleek dat het kenteken wel op een klein labeltje van de sleutelbos stond, oeps! Gelukkig was de vrouw redelijk efficiënt of wilde ze van ons af want ze bood aan dat ik alvast alles verder kon invullen en betalen, dan zouden we zodra het kenteken ingevuld was de Pula’s krijgen... pffff wat een gedoe! Voortaan dus meenemen: paspoort, cash, kaart waarmee gepind is, bonnetje van kaart waarmee gepind is en waarop duidelijk te lezen is dat de opnametransactie een succes was, en natuurlijk je kenteken noteren. En dat voor een paar tientjes. De vrouw van de bank viel haast steil achterover toen ik haar vertelde dat we thuis gewoon vreemde valuta konden pinnen bij het postkantoor en verder niets invullen of zo...

Opgelucht dat we in ieder geval genoeg geld hadden om de Botswaanse grens over te kunnen zijn we maar gelijk naar de Ocean Basket gegaan om te lunchen, waar we ons voor zo’n 30 euro helemaal ongans hebben gegeten aan heerlijke grote garnalen, calamari, friet en vis. Lekker! Daarna hebben we nog een tijdje door de mall geslenterd, op zoek naar kleren en schoenen, maar we konden niets naar onze smaak vinden dus uiteindelijk zijn we maar naar de supermarkt gegaan om water en wat blikjes fris in te slaan, en weer op pad te gaan richting het noorden. De koelbox die we mee hebben gekregen is een onding, veels te groot en onhandig. Hij kan niet open zonder hem helemaal uit de auto te halen (en als ie vol is, is ie bijna niet te tillen want dan til je boven je macht), en hij is zo groot dat wij nooit ons water koel kunnen krijgen zonder er gelijk ook 50 kilo ijs bij te storten... En dat hebben we natuurlijk niet overal voorhanden! Wij zaten eigenlijk aan een kleinere, Europese koelbox te denken, niet zo’n Zuid-Afrikaans monster dat ze zelf waarschijnlijk helemaal volproppen met bevroren vlees en zo voor de braai... Ach ja. Volgende keer dus gewoon een koeltas meenemen van thuis of ter plekke kopen!

Lang leve de garmin gps en vooral natuurlijk de T4A kaarten die we gekocht hebben, waardoor we nou relatief stressloos overal vandaan kunnen rijden en overal naartoe... Ze weet altijd de weg! Maar wat was het druk op de wegen, we verbaasde ons erover hoeveel verkeer en met name goederenvervoer we zagen... Pas ver buiten Pretoria werd het wat rustiger op de weg.

We hadden ons een beetje verkeken op onze aankomsttijd bij Baobab Farm Cottages en in hoeverre het nog licht zou zijn dan: we hadden berekend dat we daar 7 uur ‘s avonds aan zouden komen, en hadden allebei verwacht dat het misschien nog wel een beetje zou schemeren of hoogstens pas een kwartiertje donker zou zijn rond die tijd. Maar in werkelijkheid ging de zon klokslag 6 uur onder, waardoor we een uur in het donker hebben moeten rijden. Dat was niet de planning maar het was niet anders, Hans heeft uitstekend gereden en we zaten allebei gespannen te letten op wild langs de weg. We hebben heel veel wrattenzwijnen en wat duikertjes in de berm langs de weg gezien (we reden inmiddels al weer op een provinciale weg in plaats van de tolwegen om Johannesburg zelf), maar gelukkig niets dat de weg over wilde steken vlak voor de auto! Toen we eindelijk bij een hek stonden dat volgens ons en de garmin van Baobab moest zijn, was het donker en was het hek gesloten met een groot hangslot. Zo laat waren we toch niet, waren ze ons vergeten? (we hadden een mailtje gestuurd voor vertrek juist om dat te voorkomen). Er klopte iets niet, maar ja, hoe kom je daar achter? We hadden het bord gevolgd langs de teerweg die ons op deze zandweg had geleid, en volgens de gps was dit hek, een kleine kilometer van de hoofdweg vandaan, de toegang naar Baobab. De zandweg is donker en gaat god weet waarheen, en wij gaan nou eenmaal niet zomaar een onbekende zandweg uitrijden in de hoop dat we het juiste gebouw alsnog tegenkomen, zeker niet in het donker! Bovendien staan alle gebouwen (allemaal landelijk, boerderijen en zo) hier een eind van de weg vandaan achter grote hekken... Dus ik heb maar gebeld naar de eigenaar (gelukkig hadden we zijn nummer), en bleek dat we inderdaad nog zo’n 7 kilometer moesten doorrijden...

Gelukkig, iets na 7 uur reden we dan eindelijk het erf van Baobab Farm Cottages op! Ons huisje was keurig, alleen zéér safari-Afrikaans ingericht. We hebben het vermoeden dat de boerderij ook wel dienst doet als “game farm” (om op te jagen), of dat ze dieren fokken voor game farms. In ieder geval is de eigenaar duidelijk een enthousiaste jager en trots op zijn trofeeën. Want in de woonkamer lagen zebra, slangen, koeien en andere huiden, er stonden twee kleine opgezette poema’s, en op de muren hingen hoofden van kudu (en dat zijn grote hoofden van zo dichtbij!) en wrattenzwijnen. En er lagen hier en daar schedels van wrattenzwijnen en andere dieren. Tja, niet onze smaak maar dat is hier nou eenmaal veel meer en veel gewoner. Het eten stond binnen een half uurtje op tafel, zelfgemaakte kipschotel met bietjes en sla, en druivensap om te drinken. We zaten nog een beetje vol van de lunch maar het was best lekker dus we hebben onze best gedaan om ze niet te teleur te stellen... En we waren doodop, Hans vooral natuurlijk, dus nadat we gegeten en gedoucht hadden lagen we al gauw te slapen!

Donderdag 12 mei: Johannesburg – Marnitz (Baobab Farm Cottage): 434 km

free counters