NOVEMBER 2016: VULKANISCH ETHIOPIË

Er waren vannacht een paar groepen die pas laat boven waren, en deden veel asociaal hard praten. De kamelen waren daarentegen juist wel erg rustig, er werd vannacht maar een klein beetje gemopperd! Om 1 uur ’s nachts werden we wakker en was de vulkaan zo mooi aan het overstromen aan de linkerkant dat ik even eruit ben gegaan om wat foto's te maken, en om 2 uur maakte onze gids ons wakker om te kijken want hij was zelf net wakker geworden; de overstroming was dus al ruim een uur bezig! Er was nu ook aan de rechterkant iets bezig, een grote rode bel lava die volgens Enku waarschijnlijk ondergronds aan het vloeien was.

Er was veel drukte vannacht van lawaaiige groepen, maar ook wat consternatie want gisteravond was een groep Japanners in het donker de caldera ingelopen rond het verse lavaveld naar het heuveltje, en midden in de nacht was een groep Italianen stiekem zonder militairen naar het heuveltje gelopen, terwijl dat onder deze omstandigheden in het donker levensgevaarlijk is en de groepen de militairen ook niet geïnformeerd hadden over hun plannen (en in een geval zelfs hun dringend advies om het niet te doen genegeerd). En van een andere groep waren twee mensen kwijt, waarschijnlijk zonder iets te zeggen al naar beneden gelopen, maar er was dus veel beroering. Wij hoorde (slapen was bijna onmogelijk want onze hut grensde aan het pad dat de caldera inleidt dus iedereen stond vlak buiten onze hut luid te kwebbelen) een lokale gids zijn toeristen proberen wat extra fooi af te troggelen als zijnde betaling voor de militairen.


Pffff, tussen het geklets door hebben we wel een beetje geslapen maar echt geweldig zijn de omstandigheden natuurlijk al niet, en echt uitrusten doe je dus ook niet! Voor het ontbijt had Meski vers traditioneel brood gemaakt, een beetje zoals Indiaas naan-brood, in een pannetje bereid. Best lekker! Enku vertelde dat twee Japanners ‘s nachts moesten gaan plassen en bijna de rand van de klif afgelopen waren, ze konden nog net op tijd tegengehouden worden door een oplettende militair! Ongelofelijk. En schijnbaar was er vorig jaar ook echt een Duitser van de rand afgevallen en overleden vanwege plassen in het donker. Onvoorstelbaar in onze beleving, je weet toch ongeveer welke kant je oploopt als je uit je hut stapt, zelfs in het donker? Maar aan de andere kant, als jij hier in het donker de helling op komt lopen, en niet zo oplet, weet je misschien niet zo goed wat de ene of de andere kant is. Toch blijft het een beetje onvoorstelbaar, je let toch op in zo’n gevaarlijke plek en neemt toch een lampje mee?

Een tijd geleden was van een andere groep de kok vooruitgelopen, en verdwaald geraakt, hij had in het donker de verkeerde berg beklommen, en het heeft 2 dagen geduurd voor hij gevonden werd. Wij denken dat hij van geluk mag spreken dat hij überhaupt gevonden is! Enku vertelde lachend dat hij vandaag moet bellen met de radio naar het Base Camp om te vertellen wat we hier vandaag nog doen, omdat niemand zo lang blijft op de berg als wij! Het langste dat andere groepen blijven is twee dagen, het overgrote merendeel gaat in dezelfde nacht op en neer, en sommige groepen doen twee nachten en een dag. Wat ons betreft hoefde de 4 dagen ook niet echt, 2 dagen was voldoende geweest en als de vulkaan niet zo mooi actief was geweest als nu zouden we ons waarschijnlijk een beetje ongelukkig hebben gevoeld om hier zo lang te blijven; maar nu waren we er wel blij om, het is toch iets heel bijzonders om een paar dagen op de rand van een levende, uitbarstende vulkaan te verblijven! Vandaag waren we ook nog eens helemaal alleen op de berg, alle nieuwe en nog aanwezige groepjes waren vanochtend voor zonsopkomst weer naar beneden gegaan, en we zaten hier nu alleen nog met de militairen. Ook dat is wel bijzonder natuurlijk!


De commandant had schijnbaar al een tijdje geprobeerd wat mondvoorraad los te krijgen van Enku, naast alle maaltijden die zij hier al van Meski verorberen, maar Enku had zijn poot stijf gehouden dat hij dat maar aan Base Camp moest vragen, en vanochtend was het dan eindelijk zo ver en kwam er een kameel uit Base Camp met nieuwe voorraad voor de militairen. Geen echte vetpot natuurlijk, dus Meski mocht alsnog nog weer heel de dag koken en militaire monden voeden!


Vanochtend na het ontbijt zijn Hans en ik rond een uur of 8, in de relatieve “koelte” (we zitten al weer dik in de 30 graden zo ’s ochtends vroeg), alleen even de caldera ingelopen naar de verse lava van vannacht. De militairen geloofde het denk ik wel en keken vanaf het kamp op de kraterrand toe terwijl we naar beneden klommen, niemand ging mee. Op gegeven moment kwam er wel een van onze eigen politieagenten meelopen, met een vriendelijk knikje naar ons toe. Er is natuurlijk een gigantische taalbarrière, en het is zichtbaar dat men niet echt geïnteresseerd is in ons, maar ze zijn zeker niet onvriendelijk en een knikje of een (haaientand)glimlach kan er meestal wel af. We voelen ons hier deze reis overigens geen seconde onveilig.

We hadden de gasmaskers meegenomen die we bij hebben, voor de zekerheid – Enku drukte ons op het hart om ze mee te nemen want de wind was hard vandaag. Inderdaad, toen we in de wind onder de vulkaan kwamen werden de zwavelzuur-dampen op gegeven moment zo sterk dat we onze gasmaskers op moesten zetten. Je voelde het zuur gewoon al licht in je keel en longen branden. De politieagent was inmiddels bij ons en liep er gewoon zo bij, het leek hem niet te deren. De gasmaskers waren verrassend comfortabel om door te ademen en te dragen, maar het zijn dan ook industriële, die bedoeld zijn om een hele dag tijdens het werk te dragen. We waren er via via aangekomen en ze werden ons door iemand die bij de brandweer werkt echt aangeraden als zijnde de beste. Inderdaad, je vergat gewoon bijna dat je ze droeg!

Het was zoals steeds leuk om vlakbij de nieuwe lava te komen, overal lagen plukken goudbruin glas-haar (Pele’s hair), zo fijn als zijde, soms nog met een druppeltje glas eraan (dan waren het “Pele’s tears”), heel mooi maar gevaarlijk om vast te pakken want het glas versplinterde zo gemakkelijk dat je huid ermee vol kwam te zitten en dat is pijnlijk. Een graadje fijner en het was asbest-achtig geweest! De vulkaan zelf was redelijk rustig, los van het constante gesis en gerook, en de verse lava waar we langsliepen leek net zwart fiberglas of gesmolten plastic, niet echt iets "natuurlijks". En de hitte die er nog vanaf komt is ongelooflijk! De patronen van de lavastromen zijn prachtig; soms lijkt het net balen stof op elkaar gestapeld, soms gevlochten touwen, soms net vers geploegde aarde, soms een versteend riviertje, allerlei vormen!

Het was erg warm vandaag, zoals steeds, en in de warme wind van de vulkaan zelf nog een tandje warmer. Na een half uurtje zweten zijn we terug naar boven gelopen en hebben we de rest van de ochtend in de schaduw en wind zitten of liggen rusten en lezen, want vandaag was de heetste dag tot nu toe! Rond de 42 graden in de schaduw... De vulkaan had de laatste dagen veel kracht verbruikt en hield zich vandaag rustig, er was bijna geen activiteit te zien. We vonden een plekje achter onze eigen hut in de schaduw en een heel licht warm briesje, waardoor het enigszins uit te houden was. De rest van het kamp was ook rustig, veel meer dan zitten of liggen en de hitte uitzitten kun je hier niet doen. Het is toch echt wel bijzonder om hier een paar dagen te zijn naast zo'n ademend, bewegend, actief monster – maar comfortabel is het niet. Dit is qua omstandigheden gerust onze zwaarste reis ooit!

Er zat een grondeekhoorn op een muurtje vlakbij te eten van de restjes die de militairen weggooide, en na een tijdje zagen we er meerdere. Die zullen hier ondanks de hitte waarschijnlijk toch wel redelijk kunnen vertoeven, want ze kregen dankzij het kamp genoeg te eten en er was zo te zien geen roofdier of roofvogel in de omgeving waar ze bang voor hoefde te zijn. Los van wat kleine vogeltjes zijn ze eigenlijk het enige levende wat we hier zien aan dieren.

De wind was in de ochtend gaan liggen en rond 11 uur was de schaduw bij ons plekje ook zo goed als weg, dus het werd te warm! We besloten weer eens op stroopwafels te trakteren, maar Enku was nergens te bekennen, Demis sliep in zijn hut, alleen Meski was gekluisterd aan haar keuken-hut, druk bezig traditioneel brood voor de lunch te maken. Zij liet zien hoe handig zij dat deed en vond de stroopwafel zoals iedereen heerlijk – ze waren goed zacht door de hitte! Wij zijn daarna een uurtje op onze veldbedjes gaan liggen maar de vliegen waren hinderlijker dan anders – waarschijnlijk omdat de wind nu weg was uit het kamp. Zo erg als West-Australiëgelukkig niet, deze zijn hinderlijk maar niet zo irritant als dat gelukkig.

Het was niet uit te houden van de hitte dus na een onrustig uurtje zijn we om 12 uur even gaan plassen buiten het kamp en op zoek naar een plekje om buiten te zitten. Omdat het midden op de dag was, was er helemaal geen schaduw meer, dus toch maar weer terug in de hut, niet dat dat zo lekker was, pfffff! Het is echt vandaag de allerheetste dag tot nu toe, in de 40 graden in de schaduw. Je drinkt 4-5 liter op een dag en merkt het nauwelijks, je hoeft maar 2-3 keer per etmaal te plassen; de rest zweet je uit! Onze mobieltjes hebben we op vliegtuigmodus staan of uit om de accu’s te sparen, we hebben hier toch geen enkel bereik.

Met de lunch vertelde Enku over eerdere vulkanische activiteit in 2010, maar die was niet te vergelijk met hoe actief de vulkaan nu was; dit was echt bijzonder! Het lavameer was zeker 15 m gestegen vanaf zijn normale gat-vorm, en Enku had niet verwacht dat hij zo constant over zou lopen als hij de afgelopen dagen doet.

Na de lunch zijn we weer buiten gaan zitten op de stoeltjes met uitzicht op het lavameer, want er was daar nu een minuscuul beetje schaduw gekomen dat in de loop van de middag gelukkig steeds meer werd. Er landde een vlieg op Hans zijn ereader, en de druk van zijn pootjes deed de bladzijdes laten verspringen! En dat stomme beest bleef terugkomen dus Hans moest constant opletten dat hij niet opeens op de verkeerde plek verder ging lezen! Na een tijdje zijn we weer op onze veldbedjes gaan liggen en de middaghitte uitliggen, het was niet te harden en je kunt geen kant op om het te vermijden dus het enige wat je kunt doen is je verstand op nul zetten, je rustig houden en het uitzitten. Meski was ondertussen in de keukenhut naast ons druk aan het koken want we zouden vroeg eten vanavond, en het rook heerlijk!

De Afar militairen hadden zich in de middaghitte ook teruggetrokken, maar werden opeens rond 15 uur weer actief en begonnen geanimeerd te kletsen en sommige deden zelfs een beetje zingen. Ze zijn ten alle tijden vriendelijk en beleefd, maar niet geïnteresseerd in ons, en toiletbezoek lijkt iets volledig natuurlijks te zijn; al kun je hier overdag niet een plekje vinden waar je je echt kunt terugtrekken uit het zicht, het is duidelijk dat ze ook totaal niet geïnteresseerd zijn als het duidelijk is dat ik een plekje ga opzoeken. Bewakers aan de rand van het kamp zullen zelfs wegkijken tot ik weer terugkom. Ze doen wel steeds rochelen en spugen, brrrrrr.

Rond 15:30 voelde wij onszelf ook weer een beetje bij de levenden horen, het was nog altijd bloedheet, maar er kwam eindelijk weer een beetje een warm briesje, wel uit de richting van de vulkaan dus af en toe een zwavelluchtje erbij, of zelfs een zweem van scherpe zwavelzuur – maar niet erg genoeg om een gasmasker aan te hoeven. Zoals Enku zegt, een beetje zwavelzuur brandt je longen schoon. Euh, ja natuurlijk, als jij het zegt! Rond 16 uur kwam lieve Meski al weer met de thermos kaneelthee aanzetten, en wat koekjes en nootjes om te knabbelen. We nemen hier consequent altijd suiker in de thee, want je voelt je energie gewoon uit je gezogen worden door die hitte! Enku ging na de thee even op de klif kijken hoe het stond met “zijn” vulkaan, en kwam rapport uitbrengen dat het lavaniveau wel een halve meter onder de rand gezakt was; de vulkaan was dus wel actief maar niet zichtbaar omdat het onder de rand bleef; hij verwachtte weer een overstroming vanavond.

Rond 17 uur begrepen we waarom de militairen zo vrolijk waren vanmiddag; het was wisseling van de wacht, want er waren nieuwe soldaten gekomen om ze af te lossen! Ze deden spelen, door stenen te werpen in de caldera alsof ze eentje van hen die net naar beneden gelopen was proberen te raken, en deden lachen en waren duidelijk relaxed; zij waren nog vers en vrolijk want ze komen net uit het Base Camp – alsof dat zo’n comfortabele plek was om te vertoeven! Maar in verhouding tot deze post natuurlijk wel…


Meski had om 17:30 het avondeten klaar, en toen iedereen klaar was met eten heeft zij de keuken zo veel mogelijk ingepakt en is naar beneden gaan lopen. Wij zijn met Enku in de relatieve koelte van de avond nog even naar de klif vlakbij gelopen om op het lavameer neer te kijken in de schemer, die erg rustig leek, voor we rond 20 uur ook vroeg naar bed gingen.

Drie kwartier later was er schijnbaar een overstroming geweest, die Enku door de kieren tussen de stenen van zijn hut had kunnen zien; hij heeft ons er niet voor wakker gemaakt, maar een uurtje of wat later kwamen wat lawaaiige toeristen aan in het kamp vanuit Base Camp en hebben de keuken-hut naast ons, die inmiddels leeggeruimd was, geclaimd en met veel lawaai ingericht om te gaan slapen. Heel fijn!

free counters