De hutten zijn erg klein, de matrassen dun, de bedden wiebelen, de waterpomp lawaaiig en de muren zijn ook flinterdun, dus vanochtend stond iedereen min of meer gelijk op, rond half zeven, want als je nog niet wakker was werd je het wel! Pfffff. En waarom sommige mensen per se iedere dag moeten douchen zullen we nooit snappen. Af en toe moet je in onze beleving gewoon een keertje denken, vandaag sla ik over en ik wacht wel op de volgende gelegenheid. Maar goed mogelijk dat sommige mensen op deze trip gedacht hadden een iets luxere soort reis te zullen maken, en sowieso had iedereen (wij ook) denk ik van tevoren wel een wat luxer beeld van hoe deze houseboat zou zijn. Maar goed, we hadden dus in ieder geval geen wekker nodig vanochtend!


De zon kwam mooi op boven het riet toen we opstonden en naar boven gingen om te gaan ontbijten; je ligt hier wel prachtig midden in het midden van niets, hoewel als je goed kijkt op de horizon er een grote mast te zien is en ik gezien had op de garmin dat we eigenlijk relatief dichtbij een klein dorpje leken te liggen. Maar hier zo midden in het riet leek dat allemaal heel ver weg!

Na het ontbijt stapte we om 7:45 in de metalen schuit die ons in een klein half uurtje met wat fotostops onderweg naar een aanlegsteiger bij het nabijgelegen Seronga bracht, waar een open vrachtwagen met bankjes stond te wachten op ons.

Daarmee werden we door het plaatsje Seronga (overwegend stofwegen, modderhutjes en vrolijk zwaaiende kinderen) gebracht naar een waterkant die vol lag met glasvezel mokoros: lange, smalle traditionele kano’s van de Okavango Delta die vroeger uit een hele boomstam gehakt werden. Dat is al vele jaren verboden omdat het ten koste ging van de oude woudreuzen. Glasvezel is daarbij vergeleken een veel minder ingrijpende oplossing en maakt nog voor lichtere boten ook. Ze worden donkergrijs geverfd, de kleur van een oude houten mokoro, en zijn een prima praktisch alternatief. De bestuurder staat achterop met een lange houten stok met een v aan het einde waarmee hij meer grip in de bodem heeft, en er kunnen twee passagiers in iedere mokoro, op plastic stoeltjes zonder poten en naar voren of meer naar het midden afhankelijk van het gewicht. Passagiers moeten niet te wild of plotseling bewegen, anders zou de bestuurder weleens zijn balans kunnen verliezen en heel de mokoro omslaan. En een nat pak is niet zo’n ramp, en het is meestal nauwelijks een meter diep, maar er zit van alles in het water waar we liever geen kennis mee maken!

Onderweg naar de aanlegplaats voor de mokoro’s kwamen we door een wat dichter begroeid gebied waar de bestuurder van de truck opeens wat rustiger ging rijden; er waren olifanten gespot, vlakbij! Het leek in ieder geval niet alsof ze naar onze mokoro’s zouden komen, ze stonden rustig in de bosjes te grazen.

We hebben een hele mooie 3-uur durende tocht gemaakt, met halverwege een klein half uurtje pauze om de benen te strekken op een eilandje. We gleden bijna doodstil door het water, tussen riet en papyrus door, overal waterlelies in bloei en andere waterplanten, die soms samen kleine drijvende eilandjes maakte. Sommige van de waterplanten hadden echte luchtkussentjes om te blijven drijven, zoals een geel bloemetje met daaronder een groene bobbel waar je in kon knijpen, vol lucht. De waterlelie-bloemen deden heel elegant als er een golfje langskwam netjes dichtvouwen met de druk van het opkomende water, en weer automatisch openvouwen als het water weer zakte. Echte aarden eilandjes werden gevormd door eeuwenoude termietenheuvels die zorgde voor droge grond tussen de waterplanten, riviertjes, kanalen en moerassen. Daarop groeien planten en bomen, die soms zelf ook al eeuwenoud zijn. Een mooi landschap dus, en vol met vogels! Zeearenden en andere roofvogels, ganzen en eenden, allerlei ooievaar-, reiger-, aalscholver- en ibis-soorten, jacana’s, de grote ijsvogels, felgekleurde bijeneters, te veel om op te noemen!

Op gegeven moment kwamen de elf mokoros bij een wat bredere en diepere rivier, waar net daarvoor een nijlpaard zijn snuit boven water had laten zien en weer weggedoken was. Oeps! De mokoro bestuurders deden de mokoros tegen elkaar aanleggen in het riet en gingen wachten. Zodra het nijlpaard weer opdook om te ademen en bleek dat hij nu niet meer voor ons maar naast ons was, schoten de mokoro bestuurders ons naar de overkant van de rivier. Een nijlpaard zou zo’n grote groep samen niet zo gauw aanvallen, hopelijk!

Een einde verder hoorde we het typische gesnuif en gebrom van nijlpaarden in het riet, dus de bestuurders gingen heel voorzichtig op onderzoek uit en duwde de mokoros door het riet; 11 vrouwtjes zaten lekker in een diep vijvertje te poedelen, een mooi gezicht! De mokoros werden weer in een groepje gelegd op een veilige afstand en we konden kijken en genieten. Tot er opeens een nijlpaard-achtig kabaal uit het riet schuin achter ons kwam! De mokoros stoven naar achteren en een groot mannetje rende vlak voor ons uit door het ondiepe water naar de vrouwtjes in de poel! Hij keek wat naar ons maar was het meest geïnteresseerd in de vrouwtjes gelukkig en dook samen met ze in de poel waarna het weer rustig werd.

Toen zijn we weer uit het riet gevaren, staken we de wat bredere rivier weer over (geen nijlpaard meer te verkennen, die lag nu lekker bij zijn vrouwtjes te poedelen) en hebben we onze pauze op een eilandje gehad, in de vorm van een kleine wandeling langs nuttige en belangrijke bomen voor de lokale mensen en wat er mee gedaan wordt. Bijvoorbeeld de takken van een bepaalde struik waar ze tandenborstels en tandenstokers van maakte; door het kauwen op zo’n stokje deed je je tanden mooi schoon maken. Ook konden we jackalberry fruit rapen en proeven, een kleine ronde gele vrucht met vruchtvlees dat de textuur heeft van een dadel en een lekkere zoete smaak. Schijnbaar waren olifanten er ook dol op (die zijn volgens mij dol op alles wat zoet is) en er was dan ook oude olifantenmest te vinden vlakbij de boom.

Op de terugweg naar de aanlegplaats zagen we een hoop vogels, waaronder een hele mooie bijeneter die prachtig poseerde in het riet. Iedere keer als ik mijn fototoestel richtte deed onze mokoro-bestuurder de mokoro stilleggen of afremmen, en duidelijk dacht hij dat we vogelaars waren, want hij wees iedere vogel aan. Opeens zagen we op de rivieroever olifanten uit de bush komen: een familiekudde, 17 volwassenen en jonge dieren, die gingen drinken. We hebben er op een veilige afstand van mogen genieten, tot het echt tijd was om terug te gaan naar de aanlegplaats.

Het was inmiddels 12 uur en gloeiend warm, zeker 30 graden als niet veel meer. Pieter gaf het hoofd van de mokoro-bestuurders geld voor de vaartocht, en opeens waren de mannen nog maar in een ding geïnteresseerd; de fooi moest geteld worden en verdeeld! Het was wel een mooi gezicht al die mannen met hun lange stokken nog in de handen bij elkaar om erop toe te zien dat de fooi eerlijk verdeeld werd. De vrachtwagen rit terug naar de steiger waar de metalen boot ons op zou halen was ook warm, en in het boottochtje terug naar de huisboot bakte we weg in de zon en sukkelde ik een beetje in slaap op het laatst!

Rond 13 uur waren we terug op de houseboat en was het tijd voor de lunch. Rond 14:30 ging de houseboat een eindje verplaatsen, en om 16 uur toen we op onze overnachtingsplaats lagen gingen de professionele filmmakers in een bootje met hun drone overzichtshots van de Delta maken. Na een lekkere lunch en een beetje rusten en kletsen met de rest bovenin de houseboat besloten Hans en ik om 17 uur mee te gaan met een tweetal fanatieke vissers die zich al dagen aan het verheugen zijn op het vissen naar “tigerfish”, grote monstervissen met flinke tanden. Met hun, hun vrouwen en onze gids hebben we heerlijk een uurtje of anderhalf gedobberd op het spiegelgladde water terwijl de zon onderging.

Pieter sneed een stuk papyrus open zodat we de witte binnenkant konden proeven. Het had de smaak van karton, de textuur van piepschuim in je mond maar bevatte wel water, in geval van nood kun je er wel wat vocht uit halen maar lekker is het niet echt! Hans heeft mee gevist en ik heb het ook een paar keer geprobeerd, maar niemand ving iets ondanks dat de tigerfish wel op gegeven moment in de buurt kwamen. Tot een van de vissers beet had: een grote baars van wel 80 cm lang, die na het poseren voor de foto aan de bestuurder van de boot gegeven werd als dank voor de goede visstek! In de schemer voeren we rond 18:30 terug naar de huisboot om te eten, lekker geroosterde ham met van alles erbij, en nog wat te kletsen en grappen voor het tijd was voor bed. Ik heb Hans weer eerst ingestopt in zijn klamboe tegen de muggen, de grote spleet aan de onderkant van de deur ingespoten met Peaceful Sleep en heb daarna nog wat aan het blog gewerkt onder mijn klamboe, maar heb duidelijk tegen het net zelf aangezeten want ik voelde op een gegeven moment dat ik dwars door het net gestoken werd! Rotzakken…

free counters