03/2: Monkey Mia - Carnarvon, 372km

We hadden de wekker op 7 uur gezet vanochtend, want we wilden zeker niet te laat komen bij het dolfijnen voederen. We besloten pas daarna te badderen en het nu bij een kattewas te laten. Rond half acht liepen we het strand op. Alleen natuurlijk, ja hoor wij weer die weer veel te vroeg waren natuurlijk. Maar nee toen we meer in de buurt van de voederplaats kwamen zagen we al meer mensen staan en stond er een ranger uitleg te geven over de dolfijnen. Waarvan er een paar achter haar een beetje aan het dobberen waren en toen we nog dichterbij kwamen zagen we dat er zelfs twee op hiel diepte in het water lagen mooi te wezen voor de toeristen. Wow een dolfijn op armlengte naast me. Ik moest gelijk aan mijn dochter denken die zou hier zeven weken niet meer wegkomen denk ik. Enne dit waren niet van die kleine dolfijnen zoals ik voor de kust van Namibiëgezien had maar echt van die reuzen van toch dik 2 meter lang. Terwijl de ranger allerlei wetenswaardigheden over dolfijnen en vaak over het specifieke dier dat zich op dat moment in de picture stelde stond te geven. Genoten wij van het rustige zwemmen en gewoon de nabijheid van deze mooie beesten. We kregen er geen genoeg van. We stonden zelf ook tot ongeveer onze hielen in het water en op een gegeven moment maakte een van de rangers die steeds het water in de gaten hield de uitlegranger er op iets attent en gelijk werd gezegd dat we het water uit moesten iedereen terug op de vloedlijn. Wat was het geval? Er was een vis gesignaleerd, de naam ben ik vergeten natuurlijk maar volgens Joos een Pufferfish. En dat schijn een zeer agressieve vis te zijn iets kleiner dan een arm en zeer giftig. Hij valt ook mensen aan en daarom moeten we echt uit het water omdat tie weinig water nodig heeft om te zwemmen. Het schijnt de vis te zijn waarvoor je in Japan een speciaal diploma nodig hebt om hem te mogen bereiden en er een aantal mensen per jaar aan overlijden omdat hij illegaal is klaargemaakt.


Goed, toen op een gegeven moment de vis verdwenen scheen (wij hebben hem nooit gezien hoor) kwamen er vier mensen met emmers vis voor de dolfijnen. Er stonden inmiddels zo’n 50 toeristen te kijken naar de dolfijnen en de vier visvoerders kozen steeds iemand uit om een vis aan een dolfijn te mogen geven. Totaal mochten 12 mensen een vis voeren. (dit drie keer per dag overigens) Op het moment dat de juffrouw die bij ons stond haar ogen langs de groep liet dwalen en langs Jooske ging gaf ik Jooske een heel klein duwtje waardoor die automatisch een voet naar voren moest zetten om haar evenwicht te houden. De juffrouw trapte er in en zei Ja kom maar. En zo mocht Jooske de dolfijn voeren. Ik laat dat verder aan haar om te vertellen. Maar ik vond het een mooi cadeautje voor het examen. Whahahahahah, kom ik weer goed weg he. Toen de voerders hun emmer uitspoelden verdwenen de dolfijnen gelijk naar dieper water. We hadden gezien dat we met een catamaran een zeiltocht konden maken waarbij we de marinelife konden bekijken, dolfijnen, dungoons, en schildpadden. We schreven ons in en kregen een compliment voor het feit dat de mensen op het bureautje aan ons engels niet konden horen dat we Nederlanders waren. Nou is dat bij Jooske niet zo gek, maar ik vond het toch wel leuk om te horen.


Om 10.15 uur scheepten we in en het bleek dat we in totaal met zes mensen aan boord waren. Drie bemanningsleden en drie gasten HEERLIJK. Zo’n hele boot voor ons zelf. Het was een vroegere wedstrijdzeiler die schijnbaar veel records op zijn naam had. We hebben er twee heerlijke uren op doorgebracht al viel de verscheidenheid in dieren wat tegen. Maar we hebben behoorlijk veel dolfijnen gezien en een stuk of drie schildpadden op afstand en ik zag er een vlak onder de boot doorzwemmen. Ik heb zelfs zijn schaduw op de foto gekregen, Jooske was helaas net water aan het pakken op dat moment.


Weer terug aan de wal zijn we uitgebreid gaan douchen en hebben we de camper weer gereed gemaakt voor vertrek. Rond 14.30 zijn we vertrokken. We moesten een stuk van zo’n 135 km langs dezelfde weg terug als gisteren. Dan konden we weer tanken en konden we na zo’n 75 km weer slapen bij een roadhouse. We reden echter super rustig en het was bloedheet buiten (lekker in de auto dus met de airco) dat we in een keer door gereden (met stops hoor) naar Carnavon wat na de tankstop nog zo’n 200 km was. Totaal dus zo’n 378 km gereden gisteren. We vonden snel een camping en omdat we gebakken aardappelen aten met een soort van (niet echt lekker, zo bleek) platte slavinken van lamsvlees met een brood/brintamix ertussen. Heel apart was het ook om gebakken aardappelen te eten die weigerden bruin te worden. Maar omdat ik het gemaakt heb was het natuurlijk weer uitzonderlijk lekker. ;-)


We gingen afwassen in de centrale afwaskeuken en al snel kwam daar een wat ouder Nederlands echtpaar hun afwas doen en na even gepraat te hebben regelde ik, als tweede cadeautje voor Jooske, een gloednieuw afwasborsteltje dat die mevrouw toch niet gebruikte. Zeg nou nog maar eens dat ik geen lieve man ben!!!


Nou ga ik stoppen voordat jullie zelf spugend het bijltje er bij neer leggen.

Liefs Hans.


Ik mag weer :) het meemaken van het voeren van de dolfijnen was iets heel bijzonders. Je moet bedenken dat dit wilde dieren zijn, ze hadden alleen een goede manier gevonden om makkelijk aan hun eten te komen. Wij hebben op een gegeven moment iets van tien dolfijnen geteld, allemaal naar het strand gekomen om vis te halen! Los van de verhalen van de rangers zag je ook wel dat de dolfijnen hun eigen karakter hadden. Diegene die het meeste en het dichtst bij ons kwam was ‘Nicky’, en zij hield ervan om in het hele ondiepe te komen en op haar zij te liggen zodat iedereen haar kon zien, en een beetje naar de mensen toe drijven voor de close-ups. Ja het is een dier en is niet bewust van het feit dat mensen foto’s maken maar Nicky was toch behoorlijk aan het showen voor de camera! Een andere had een speciaal trucje waarbij ze met staart op de bodem en het lijf gekromd met kop boven water kwam en de bek opendeed… En dat keer op keer zodat iedereen het goed kon fotograferen! Er lopen een aantal pelikanen rond op strand – totaal niet bang van je, ik ben op twintig cm afstand gelopen van een – en als het voedertijd is komen die ook een graantje meepikken. En waarschijnlijk zodat ze niet de vis van de dolfijnen weggrissen krijgen ze speciaal van een ranger ver weg het strand op vis uit een eigen emmer! Geen wonder dat die dieren ook constant rondhangen…


Zoals Hans beschreef mocht ik een visje gaan geven, aan Nicky, en al deed ik nog zo mijn best om het langzaam te doen zodat Hans het goed kon fotograferen, Nicky greep zo de vis uit mijn hand! Ik had haar aan kunnen raken, maar dat mocht natuurlijk niet. Maar ik heb toch maar mooi eventjes vlak naast zo’n dier gestaan! Het was echt heel bijzonder, ik heb haar helemaal kunnen bestuderen – en stond er misschien maar een minuut maar het voelde toch wel langer. Nee ik ben niet bekeerd maar ik vind het wel prachtig bijzonder mooi om zo dicht bij zo’n mooi dier te hebben mogen staan! Dank je Hans :)


Zoals Hans beschreef zijn we daarna op een boot een tochtje gaan maken – een prachtige grote catamaran, wel 18 meter lang en misschien nu een toeristenboot, maar ooit een raceboot geweest. Nou hebben we weinig echt varen gedaan – vaak stond stiekem heel zachtjes de motor nog te pruttelen – maar het is toch wel een heel lekker zeiltochtje geweest! Wat Hans vergeten is te vertellen is dat ondanks dat we onszelf helemaal met zonnebrandcrème hadden ingesmeerd (nou ik mezelf helemaal en Hans wilde maar een klein beetje) we vreselijk verbrand zijn! Echt helemaal gloeiend rood… Dat wordt nog wel een mooi bruin kleurtje, zeker bij Hans die nu al heel stoer donkerbruine armen heeft, maar die nacht was het wat gevoelig – en als je op je schouders en armen en rug en bovenbenen bent verbrandt slaapt het wat moeilijk en is omdraaien een crime… Maar in ieder geval, als we al niet genoeg verwend waren geweest op het strand wat dolfijnen betreft, we hebben er ontelbare op zee gezien! Het mooiste vond ik op een gegeven moment een stuk of 12 die op een rijtje lagen te ‘mediteren’ zoals de kapitein uitlegde…net sardientjes in een blikje!


Bij terugkomst op het strand was het het heetst van de dag, en dat hebben we geweten! Het was net een oven! We zijn snel teruggelopen naar de camper maar pfffff wat was het bloedheet… Al waren we eerst van plan om een dagje te rusten in Monkey Mia, nu hadden we zoiets van, laten we toch maar doorrijden – dus vandaar dat we na een lekkere douche en opruimen weer op pad zijn gegaan.


Ik had bij het uitstippelen van de route gezien dat er zo’n 120 km vanaf Monkey Mia (op de route dus dat was makkelijk) een baaitje was waar stromateolieten leven. Ja had ik ook nog nooit gehoord maar dat is dus een superoude levensvorm en er zijn maar twee plekken ter wereld waar ze nog voorkomen, en een daarvan is dus in Hamelin Pool Marine Nature Reserve… Dus wij naar de stromateolieten kijken. Nou ja, echt erg veel stelt het niet voor, een strandje met allemaal zwarte stenen champignons in het ondiepe water… Maar indrukwekkend is het wel als je beseft dat die gemaakt zijn door cyanobacteriën (?) en het waren deze bacteriën die 3,5 miljard jaar geleden zuurstof uitscheidde en daarmee het zuurstof percentage op de aarde boven de 20% bracht waardoor het mogelijk werd dat andere soorten levensvormen ontwikkelde (die zuurstof nodig hebben)… hehe zo maar in ieder geval dus wel indrukwekkend! De champignons zelf zijn een paar duizend jaar oud, maar de levensvorm bestaat dus al veel langer.


We hebben zo vreselijk veel dode kangaroes gezien tot nu toe, je wordt er een beetje depressief van… Maar vandaag hebben we voor het eerst langs de weg een levende gezien! Een echte heuse Big Red, die opeens langs de weg tevoorschijn sprong! Toch echt wel tegen de twee meter hoog, en vlak bij! Hans had willen stoppen om te fotograferen, maar er zat iemand vlak achter ons – heel de dag zie je misschien maar tien auto’s, maar net als er iets moois is wil er eentje natuurlijk inhalen… Het allerergste was dat een paar meter verderop twee prachtige grote roofvogels bezig waren een dode kangaroe op te vreten! Het waren denken wij adelaars, echt enorm groot – ze zaten vlak bij de weg en waren zeker wel een halve meter hoog – en toen de ene opfladderde strekte hij zijn vleugels en pffffff wat een groot beest! Wij baalden allebei als een stekker dat er net iemand achter ons zat – anders hadden we kunnen stoppen en goed kijken en foto’s maken… maar ja! We hebben ze in ieder geval gezien.


Ik heb de middag geprobeerd om een roadtrain goed op de foto te krijgen, maar als je zelf met zo’n 100 km rijdt en zo’n monster daar een tikje overheen zit, dan is het heel moeilijk om ze op de foto te krijgen! Dus heb ik geprobeerd ze te filmen, ik kan tenslotte hele kleine filmpjes opnemen op mijn fototoestel… nou, helaas komen er dan natuurlijk geen echt mooie grote meer langs – de meest indrukwekkende die we tot nu toe gezien hebben zijn diegene met drie zeecontainers of drie tankerwagens in sleeptouw… Omdat we geen zin hadden om wild te kamperen vandaag zijn we doorgestoomd naar Carnarvon, waar we tegen halfacht aankwamen. En aangezien hier rond acht uur de zon ondergaat en wat later het pik en pik donker wordt, was dat maar goed ook! Ten eerste zie je echt helemaal niets meer en ten tweede vertienvoudigd dan de kans dat je op minder prettige manieren kangaroes ontmoet… ik heb in een foldertje gelezen dat 50% van de ongelukken hier tussen voertuig en dier zijn. Ik geloof het graag als je de hoeveelheid dode kangaroes, emoes, en op de plekken waar vee graast kalfjes en geiten ziet.


De camping in Carnarvon was oké, maar misschien omdat het dicht bij een ‘grote’ stad lag of omdat het een beetje afgetrapt was en veel door permanente bewoners bevolkt wordt waren we een beetje voorzichtig. Het voelde gewoon anders dan het toch wel idyllische plekje in Monkey Mia. Het verhaal van de afwasborstel is als volgt… er was geen afwasborstel inbegrepen bij de inrichting van de camper, en we waren vergeten om er eentje te kopen bij de grote boodschappen. Dus ik was al een paar dagen aan het afwassen met blote handen! We waren al een tijdje op jacht bij de afwasbakken op campings voor een vergeten afwasborstel, want het is hier nu niet echt zo dat er elke honderd kilometer een volledig voorziene supermarkt is… we hebben er tot nu toe misschien drie of vier gezien, want je gaat nu ook weer niet snel omrijden voor zoiets! En we hadden goed ingekocht in Perth dus hoefde niet bij te vullen… maar goed, er stond een ander Nederlands echtpaar af te wassen en de rest van het verhaal heeft Hans verteld :)


Snachts zijn we samen naar het toiletblok gelopen – we waren toch een beetje voorzichtig, dit was voor het eerst dat Hans echt vroeg of hij mee zou gaan toen ik wilde gaan – en die zijn behoorlijk fel verlicht wat echt geen overbodige luxe is in deze donkerte… Maar licht, dat weet iedereen, trekt insecten aan. Nu ben ik heel stoer, opgegroeid in de tropen en ik ben niet snel bang van insecten (spinnen misschien een iets ander verhaal, zeker giftige)… Maar toen Hans in de mannenwc verdween en ik de twee meter in het donker langs de muur naar de vrouwenkant liep schoot er opeens iets wild knisperend en krijsend alle kanten op! Ik schrok me dood! In het licht van de deur zag ik twee vreemde krekelachtige diertjes, misschien een soort cicaden? Wel drie centimeter lang en als ze schrokken schoten ze wild krijsend alle kanten op. Ik ben langs de muur naar binnen geschuifeld want ik weet wel dat zo’n ding niets doet, maar ik hoef hem niet in mijn haar te krijgen en je hebt gewoon geen idee waar ze heen schieten als ze opvliegen, het zijn dan net gek geworden stuiterballen… maar een van de twee schoot mee naar binnen en verdween luid knisperend in een van de twee hokjes. Dus ik snel in de andere geschoten – shit, daar zat er ook eentje! Ik ben supersnel en supervoorzichtig naar de wc geweest om al die beesten vooral niet te laten schrikken en toen ik buiten kwam zag ik dat Hans een vergelijkbare ervaring in de mannenwc had gehad… We hebben nog gekeken of er geen de camper mee ingeslopen was…

free counters