Maandag 12 mei: Twizel – Waimate, 229 km

Inderdaad, we waren vannacht gebeld; om 00:19 onze tijd! (14:19 Nederlandse tijd)… Pffff, blij dat we daar dus niet wakker van geworden zijn! We waren vandaag een beetje lui (ja, we zijn met vakantie) dus we zijn eens niet om half 8 opgestaan om tussen 8:15 en 8:30 aan het rijden te zijn (wat we helemaal niet erg vinden hoor). We zijn pas om 8:15 opgestaan en hebben uitgebreid de tijd genomen om op te staan, te ontbijten, te toiletteren, en op te ruimen, en zaten pas om 9:10 weer op de weg…



Er stond niet echt veel op de planning vandaag, behalve een (hopelijk) mooie route. Eerst wel langs Lake Tekapo, waar twee veels te beroemde en veels te toeristische attracties te zien waren… Het kerkje van The Good Shepherd (de goede herder), en daar vlakbij het monument voor de border collie. Beiden op een prachtige plek aan het meer van Tekapo, en toevallig was de lucht ook nog eens heel erg mooi met ruige wolken en af en toe een zonnestraaltje, dus het was een mooie rit en een mooi toeristisch uitstapje. Want het is dan wel laagseizoen maar bij deze twee attracties was toch nog om een uur of 10 toen wij er aankwamen al een buslading, een aantal campers en een aantal auto’s en busjes vol mensen aan het kijken! We zien de laatste dagen trouwens heel veel Aziaten; niet alleen in bussen, maar ook met zijn tweetjes in de auto of camper.



Het monument voor de border collie was leuk om te zien, maar we hebben de indruk dat het op een hoger voetstuk gezet is dan dat het vroeger was. Want op wat oudere foto’s en de beelden van 3opreis leek het alsof je er gemakkelijk bij kon, en kon je zien dat de snuit en oren glimmend geaaid waren. Nou, en nu moest je echt de moeite nemen om überhaupt in de buurt te komen van de poten van het beest, de snuit was al helemaal niet meer te doen! Ik ben er uiteraard even opgeklommen om een foto van wat dichter bij te maken… En we hebben gelijk ook een foto met ons mobiel gemaakt, zodat we bij de volgende wifi-gelegenheid Hans zijn dochter en een vriendin die schapen heeft een foto ervan kunnen mailen – die vinden dat soort dingen leuk.



Wat het kerkje bijzonder maakt, en dus zo veel gefotografeerd, is dat het niet alleen op een hele mooie plek staat, maar vooral ook dat het in plaats van een altaarstuk, 3 eenvoudige rechthoekige ramen achter het altaar heeft, die uitkijken op Lake Tekapo. Erg mooi dus! We hebben ook een beetje buiten rondgekeken, en hier stonden om het kerkje veel uitgebloeide koningskaarsen, ook een plant die ik graag in de tuin wil hebben, dus daar heb ik ook wat zaadjes van verzameld… Souvenirtjes van Nieuw Zeeland zullen we maar denken! Geeneens exotische planten, die hebben we thuis ook, maar thuis kan ik ze niet zo gemakkelijk vinden…



We zijn na Lake Tekapo rustig richting Timaru gereden. We hadden geen haast, het was mooi landschap en de weg was rustig, dus het was lekker rijden. Onderweg bij het gehuchtje Albury zagen we opeens een klein geel bordje (die worden vaak gebruikt om kleinere zijweggetjes aan te duiden, maar ook bezienswaardigheden) met “Te Ngawai oorlogsmonument 8 km”. Nu worden de wereldoorlogmonumenten bijna nooit aangegeven, en dit opeens wel? We hadden verder niets op het programma staan, en een gps die ons wel weer op het goede pad brengt, dus we besloten maar eens te gaan kijken. Hans was het bordje al voorbij gereden dus hij keerde de camper iets verderop, en we gingen terug naar de afslag. En inderdaad, na 8 km landweggetjes doorgereden te hebben stond er opeens een geel bordje met “monument” die een veldje in wees. Daar stond een kleine obelisk zoals we ze al heel vaak gezien hebben; een monument voor een aantal lokale jongens die gesneuveld waren in de beide wereldoorlogen…



Tja, altijd wel leuk zoiets maar om er voor om te rijden? En waarom het aan de hoofdweg als “attractie” aangegeven was? Geen idee… En toen we weer terug op onze route waren en net voorbij het punt waar Hans gekeerd was, zagen we opeens nog een monument! Die moest min of meer onder onze neus gestaan hebben zonet bij het keren, en we hebben het totaal niet gezien!



Iets later, zo rond 11:45, kwamen we bij het hele klein plaatsje Cave, waar de gehele middenstand van het dorpje zo’n beetje vertegenwoordigd werd door een café en een tankstation, en zijn even gestopt om te kijken of het tankstation/minisupertje/cafétje iets van broodjes of zo verkocht… Inderdaad, er lagen twee homemade saucijzenbroodjes in de vitrine en daar hadden we wel trek in! Dus na een praatje met de uitbaatster zijn we met de nog handwarme lekkernijen naar een dichtbij gelegen stroompje gereden waar Hans de camper geparkeerd heeft en we een kopje koffie gezet hebben, de broodjes opgepeuzeld en als toetje een appel voor mij en een banaan voor Hans. Lekkere lunch!



De rest van de rit naar Timaru was lekker rustig en naarmate we dichterbij de kust kwamen verdwenen de bergen volledig, totdat we weer in plat boerenland reden. Ik heb onderweg wat mailtjes alvast klaargezet voor als we weer wifi vinden. We hebben vandaag weer veel roofvogels gezien, sommige zelfs terwijl ze naast de weg een prooi op zaten te eten of in het veld te mantelen; mooi hoor! Het wordt onderhand bijna gewoon, we zien er zo veel! Nu is er ook wel veel voor ze te eten denk ik, aangezien de konijnen en possums hier regelmatig aangereden worden. We zien zelfs weleens een roofvogel een prooi van het wegdek oppakken en ermee wegvliegen! Helaas gaat dit soms voor de roofvogel ook mis…



In Timaru zagen we een grote Pak&Save, de grote discount supermarktketen in Nieuw Zeeland. En omdat we nog wat verse boodschappen wilden en moesten pinnen, besloten we eens binnen te kijken. Wat een enorme supermarkt en wat een enorme keuze! Alleen al voor voorverpakt brood was wel een aantal meters schappen gereserveerd…



De Pak&Save heeft ook gratis wifi; dat betekent dus dat de New World en de Pak&Save supermarkten in ieder geval wifi bieden… Dat is mooi voor ons! We hebben de post binnengehaald en de net geschreven mails allemaal verzonden, en nog even op de bankrekening gekeken (gelukkig, we kunnen nog even doorreizen…). En toen door naar Waimate, het volgende routepunt.



Onderweg zag Hans opeens een tankstation met een waanzinnig lage dieselprijs; op het moment ligt de gemiddelde dieselprijs in deze omgeving op 1,479, maar deze kostte 1,449! En geen rare voorwaarden dat je een kortingskaart of zo moest hebben… Dus gauw even tanken! In Waimate is niets te beleven, het is gewoon een oriëntatiepunt voor onze route, maar het zou zo rond 14:15 zijn wanneer we daar aankwamen, dus ik stelde voor om daar een slaapplaats te zoeken en eens een vroege stop te houden. Ik had in het boekje met campings een adres gevonden dat niet door een grote keten gerund leek te worden, en die ook nog eens 24 dollar kostte in plaats van over de 30, dus we besloten daar maar eens te kijken. Maar eerst even in Waimate zelf nog eens naar de supermarkt om een nieuwe straalkachel te kopen; daar zoeken we nu al een paar dagen naar want we worden gek van ons ding. De allereerste dag, toen we nog niet wisten wat voor een rammelaar we gekregen hadden, zagen we in de Countdown dezelfde straalkachels te koop staan maar natuurlijk verder niet naar omgekeken. Sindsdien hebben we geen Countdown, en al helemaal geen straalkachel, meer gezien. Sinds een paar dagen zijn we er naar op zoek maar we komen ze nergens tegen…



Het was nog even zoeken naar de supermarkt zelf, we konden er geen vinden en die zou in zo’n plaatsje als dit er toch zeker moeten zijn, en toch aan de hoofdstraat moeten liggen? Onze gps kan alleen zoeken op supermarkt als je weet hoe hij heet, en dat zou hier in Nieuw Zeeland wel 4 verschillende namen kunnen zijn, minstens. Gelukkig zag Hans opeens een vrouw met een New World boodschappentas lopen, dus dat kon ik opzoeken. Inderdaad, de gps bracht ons terug naar de hoofdstraat, maar wij konden maar geen supermarkt zien! Totdat we opeens een doorkijkje hadden; de supermarkt lag in het straatje erachter… Pffff! En gelukkig had deze supermarkt inderdaad twee straalkachels staan, erg stoffig maar goed, als ze het maar doen. Dus Hans heeft eentje gelijk in de winkel even laten testen, want je weet maar nooit… We hebben ook voor het eerst deze reis gezondigd en chips gekocht; om straks lekker vanmiddag op te peuzelen. En de supermarkt had wifi dus terwijl Hans de boodschappen deed heb ik gauw weer even de mail binnengehaald.



De camping was inderdaad geen grote keten; bij verre niet! We konden hem al amper vinden, aangezien er geen blauw bordje op de weg was met een tentje en een campertje om aan te geven dat we de goede richting op gingen. Standaard is dat wel, namelijk; gelukkig wist ik welke straat het aan lag dus de gps kon het vinden, en hoe het heette, en toen we opeens “Knottingley Park” aangegeven zagen, de naam van de camping, is Hans het terrein opgereden. Maar er was nergens een receptie, en ware het niet dat er al wat caravans stonden, kon je zelfs amper zien dat het een camping was… Het was blijkbaar vroeger ooit een landgoed geweest, maar het huis zelf was gesloopt, en de tuinen en het park waren in een provisorische camping veranderd… En een schapenweide!


Nadat Hans een rondje gereden had en we nergens een receptie of kantoortje zagen los van een wc-gebouwtje en een keukentje, besloot hij een plekje te gaan zoeken bij een stroomkastje; we zouden wel zien wat er op ons afkwam, of niet! Maar er stond toch een manoeuvrerende auto van een van de permanente bewoners de weg te blokkeren, dus ik dacht ik kan het net zo goed vragen, dan trap je ook niet op iemand’s tenen. Toevallig bleek de baardige bejaarde in de auto de plaatsvervangende vrijwillige manager te zijn: hij wees ons na een klein praatje met mij een plekje tussen twee van de permanente bewoners waar we konden staan, en legde uit waar de voorzieningen waren en dat de “joker” die de eigenaar was weleens langskwam om te kijken of alles liep, maar dat hijzelf in principe alles regelde. Alleen geld dat nam hij niet aan. Dat moest in de “honesty box” gedaan worden die aan de muur van het wc-gebouwtje hing.



We hebben ons geďnstalleerd; dit was wat ons betreft een prima plekje zo in zo’n rustig park! Van de permanente bewoners zouden we geen last hebben, dat waren duidelijk allemaal een beetje van hetzelfde slag als de bejaarde baardman; mensen die graag alleen zijn… Hij was dan nog de meest spraakzame; ik heb nog een andere bewoner ontmoet (ook bejaard en beBaard) die stond te praten met de eerste baardman, waarop de windhond van de tweede baard met mij kennis kwam maken. Ik heb de hond even geaaid en er interesse in getoond, maar tweede baard zei niets behalve iets mompelend in de zin van dat het “een goed beest was”.


Eerste baard was de kletskous van de camping (vandaar natuurlijk dat hij verdwaalde gasten zoals ons ontving), dus die heeft nog even staan kletsen met mij waar tweede baard en hond bijstonden. Hij vond mij wel aardig geloof ik en bood heel stout aan om mijn rug in te zepen als ik vanavond ging douchen, mocht ik niemand anders vinden om het te doen… Ik lachte en legde uit dat die vacature al vervuld was en wees op onze camper waar Hans in zat; geen probleem, maar mocht mijn man er geen zin in hebben dan bood hij zich niettemin graag als vrijwilliger aan. En het zou erg koud worden vannacht, dus hadden we wel genoeg dekens en zo? Ach maar er zijn natuurlijk ook andere manieren om warm te blijven met z’n tweetjes… knipoog knipoog… Tweede baard zei helemaal niets, lachte zelfs niet eens, en verdween op gegeven moment gewoon, dus toen ben ik ook maar gauw richting wc-gebouw gegaan! Het klinkt nu heel erg ranzig maar dat viel best mee; ik denk dat eerste baard gewoon een beetje te blij was dat hij wat verse aanspraak had – snap ik ook wel als ik zijn campinggenoten zag. Een derde persoon heb ik alleen een glimp van opgevangen in zijn caravan voordat de gordijnen dichtgingen, en ’s avonds was ook een vierde caravan verlicht. Wij waren echt de enige doorreizende gasten, dat was wel duidelijk!



We hebben lekker een paar uurtjes zitten lezen en computeren en chips eten (soort van kroepoek met BBQ-smaak, hmmmm!). En natuurlijk de nieuwe ventilator uitgetest; nou hij deed het prima – het werd goed warm in de camper! Toen Hans en ik eten gingen maken in de “keuken” (de ruimte bevatte naast een boekenplank, tafel, stoelen en een washok twee magnetrons waarvan eentje met kookplaten, en een gootsteen) beseften we ons dat er weinig vrouwelijke invloed was op deze camping, zowel niet van de eigenaar als van de permanente bewoners. Maar voor een mannelijk domein was het toch netjes opgeruimd, redelijk schoon, en enigszins functioneel… Onze maaltijd was geen enorm succes; kippensoep die wat waterig bleek (we hadden dit keer alleen het pakje gebruikt en niks extras ermee gedaan), en een omeletje met tomaat, ham en ui, erg lekker maar de helft bleef aan onze fijne onpraktische koekenpan plakken. Toetje terug in de camper was wel lekker; rijstepap uit blik met vanillesmaak, even in onze magnetron opgewarmd – we hadden de jam en zo al klaarstaan om het aan te kleden, maar dat was helemaal niet nodig, het smaakte van zichzelf al!


free counters