Woensdag 14 mei: Haast – Greymouth, 325 km

Vanmorgen zijn we redelijk rustig opgestaan; het was niet zo koud als anders, gelukkig, maar we hadden moeite om op te staan dus het kacheltje moest toch even aan om te helpen! Uiteindelijk waren we echter nog altijd om 8:50 al onderweg, en hadden we zelfs nog even de watertank gevuld voor vertrek… Toen we bij vertrek achterom keken zagen we dat de Haast Highway vandaag al om 16 uur sloot!



Het was best een mooie rit tot Fox Glacier, door bossen en velden en af en toe met een glimp van de zee. Het was in Haast best druk geworden op de camping (en bij de backpackers), maar vandaag reden we weer zo goed als alleen, met alleen af en toe een tegenligger. Heerlijk!



Bij Knight’s Point lookout was een mooi uitzichtspunt, tenminste, volgens de literatuur. Het platform dat het uitzichtspunt vormde over een rotsachtige kust was afgesloten, omdat het te onveilig zou zijn. Pffff, die Nieuw Zeelanders zijn echt wel panisch wat betreft veiligheid zeg, beetje overdreven toch zeker? Nou, toen we er omheen liepen bleek dat er misschien toch wel iets inzat in dit geval; er liep namelijk een grote scheur door het asfalt van het parkeerterrein richting het platform… We konden dan wel niet zien wat er onder ons gebeurde, maar we vermoeden dat de klif waar het platform op staat aan het afkalven is. Oef!



Onderweg kwamen we opeens bij een stukje zee, en we waren echt verbaasd over de enorme hoeveelheid (grote stukken) hout die op het strand lagen; het strand lag helemaal vol, soms met halve boomstammen! Ook zagen we vanochtend overal uit de bossen de waterdamp opstijgen in het zonnetje; een mooi gezicht – bij sommige struiken hing gewoon een wolkje boven de struik. En het asfalt en de zee waren ook aan het dampen.



Bij Fox Glacier aangekomen was er een weggetje “Glacier View Road” waar we in konden slaan; alleen stond er al bijna gelijk een bordje dat het niet aangeraden werd voor campers… Hmm, zo te zien ging dat om de hoogte, en wij paste waarschijnlijk wel net onder de maatstok, maar ja, die camper is toch nog altijd 5,5 meter lang en wat minder manoeuvreerbaar dan een gewone auto, en het weggetje zag er wel heel ruig en smal uit, door een bos… Toch maar niet dus! Gelukkig bleek er aan de andere kant van de gletsjerrivier een andere weg te zijn, die ook naar de gletsjer leidde; en deze was meer gemaakt voor vervoer zoals campers en busjes. Prima dus!



We reden 4 kilometer tot aan een parkeerplaats bij een meertje gevormd door de gletsjer en een grote rotslawine zo’n 17 jaar geleden – toen hebben ze het parkeerterrein moeten verleggen omdat die precies onder de rotslawine lag! Vanuit het parkeerterrein was het nog eens een uur heen en weer lopen naar het uitzichtspunt van de gletsjer. De gletsjer zelf lag dan nog eens 200 meter verderop… Pffff! Je kon ook naar het eerste ijs zelf lopen maar dat moest met een gids. Dus wij zijn gewoon lekker zelf gelopen.



De wandeling was op het laatste stuk redelijk pittig, we moesten weer tegen een steile rotsmorene opklimmen. Maar eenmaal boven hadden we wel een mooi uitzicht over het ijs. Het ijs was redelijk vuil omdat er natuurlijk al een tijdje weinig tot geen verse sneeuw gevallen was (het is hier herfst). De gletsjerrivier leek klein maar was wel degelijk groot, en stroomde onder een grote ijsboog door die toch zeker 20-30 meter overspanning geweest moet zijn, even los van hoe dik hij wel niet was; dat was al helemaal niet in te schatten vanuit deze afstand!



Onder ons in de vallei stond een groepje mensen ijzers aan te doen om hun wandeling-met-gids over de eerste stukjes ijs te doen, en boven ons was het een komen en gaan van helikopters die mensen naar het hoger gelegen gedeelte van de gletsjer brachten om daar een ijswandeling te gaan doen (á 4 uur, á 400 euro voor ons tweeën… Hmmm, nee laat maar!).



Op de terugweg kwamen we bij een rotswand waar we eerder langsgelopen waren, en zagen nu opeens recht uit de rotswand een stroompje water spuiten. Alsof er ergens een lekkage was, het was eigenlijk geen gezicht! Maar het geeft aan dat zo’n massief-lijkende rots dus helemaal niet zo massief hoeft te zijn…



De wandeling in zijn geheel, met fotostops (en wij zijn meestal erg snel), heeft ons 5 kwartier gekost. En dan hebben we stevig doorgelopen en korte fotostops gemaakt. Dus 1 uurtje heen en terug moet wel haast op marstempo geweest zijn! Is in ieder geval goed om te weten voor andere wandelingen; meestal in andere landen gaan ze bij zo’n inschatting uit van de langzaamste wandelaar, hier in Nieuw Zeeland dus van de snelste!



Terug op de parkeerplaats was het bijna 12 uur, dus hebben we lekker een kopje koffie gezet en wat crackers genomen als lunch… Toen was het op naar het “dorpje” Fox Glacier. Meestal tanken we als we zo’n 300-400 km gereden hebben, hoewel de camper waarschijnlijk zo’n 700 km kan rijden op een volle tank. Maar nu waren we de Haast Pass overgestoken en hadden we wat meer verbruikt, tegen de 500 km. Daarmee zouden we het net wel of net niet naar Greymouth redden, een grotere stad waar de diesel waarschijnlijk schappelijk geprijsd zou zijn. Dus moesten we onderweg tanken. In Haast zelf hadden we geen zin om erg uitgebreid te gaan zoeken (er was ook weinig om te zoeken eigenlijk, het was een soort backpackersverzamelplaats), dus de eerstvolgende mogelijkheid was Fox Glacier. Daar was de diesel echter schrikbarend duur (1,779) dus we hebben maar zo’n 30 dollar getankt om zeker te weten dat we het comfortabel zouden redden tot Greymouth!



Onderweg naar Franz Jozef Glacier reden we af en toe op behoorlijk slingerende wegen door bossen, erg mooi! De bossen hier zijn bedekt met mos en varens, en varenbomen, en hebben iets onwerelds, soms prehistorisch.



Bij de afslag naar de Franz Josef gletsjer was duidelijk dat deze wel iets toeristischer was; de weg was uitstekend, nog beter dan de goede weg naar Fox. We kwamen na een paar kilometer door varenbos rijden bij een parkeerplaats, waarbij je in de verte de gletsjer al zag liggen. Er waren een aantal wandelmogelijkheden maar we hadden geen zin in weer een uur/anderhalf lopen, dus we besloten om voor de korte 20 minuten wandeling naar Sentinel Rock te gaan; deze was dan wel steil, maar ons leek dat je meer kans had op een goed uitzicht vanuit een hoger punt in de vallei dan vanuit de vallei zelf.



Sentinel Rock was inderdaad een pittig kleine wandeling, maar wel door een heel mooi mos- en varenbos, waarbij je soms op een paar tientallen vierkanten centimeters ontelbare verschillende korstmossen, mossen, kleine plantjes en varens zag… En iedere boom en plantoppervlak was bedekt met mossen en korstmossen, lianen en varens. Met daartussen echte varenbomen, sommigen wel een paar meter hoog met de dunne varenbladeren als een parasol boven ons om het zonnetje te filteren. Erg mooi en sprookjesachtig!



We hadden bovenop de rots inderdaad een mooi uitzicht over de gletsjervallei, de gletsjerrivier en in de verte de gletsjer zelf. We konden ook het einde van de tweede wandeling zien die we wilde doen, naar de rand van het bos; we kregen echter het idee dat we vanuit daar weinig meer zouden zien dan dat we vanuit dit hoge punt deden… Maar toch maar even er naar toe lopen, voor de zekerheid!



De wandeling naar de rand van het bos voegde inderdaad niet zo heel veel extra’s toe aan de mooie vergezichten die we vanuit Sentinel Rock gezien hadden. We overwogen nog heel even het uurtje extra te lopen naar de rand van de morene zelf, maar dat hebben we gauw afgewezen als optie; het was al 13:45 en een uurtje wandelen hier zou evengoed anderhalf uur wandelen zijn, om uiteindelijk nog altijd niet aan de rand van het ijs zelf te staan… Niet de moeite waard! Dus besloten we door te rijden richting Greymouth als einddoel voor vandaag, een rit van nog zo’n 2 uur.



De rest van de rit was mooi en zonnig, en afwisselend met stukken door boerenland, langs de kust, slingerend door bergen en door donkere tunnels van (varen)bossen en zonnige stukken ertussen. Onderweg in een groter plaatsje vonden we een benzinestation die diesel aanbood voor 1,489, dus we hebben de tank volgegooid!



In de buurt van Greymouth reden we een tijdlang langs het spoor, en hebben we ons verbaasd over de creatieve constructies om spoor en weg te combineren… Zo zijn we twee hele ingewikkelde rotondes tegengekomen waar het spoor dwars doorheen liep; geen flauw idee wie er nog voorrang heeft als de trein aankomt! En nog ingewikkelder, een een-baans brug (zijn ze hier in Nieuw Zeeland dol op) die tegelijkertijd een spoorbrug was… Er vanuit gaande dat de trein altijd voorrang heeft, waren we heel benieuwd hoe dat hier zou werken… We waren in ieder geval blij dat we het niet hebben hoeven uitvinden!



6 kilometer voor Greymouth had ik een campsite van een grote redelijk geprijsde keten gevonden, dus zijn we daar op af gegaan. Het bleek een kleine groene campsite te zijn langs de hoofdweg, met weinig vaste bewoners en het zag er redelijk netjes uit. Goed genoeg voor ons dus! We kwamen rond 16:15 aan en hebben onszelf geïnstalleerd, de keuken en wc-gebouwtje geïnspecteerd, en toen nog even een uurtje gerust voor we aan het eten begonnen. In die tijd hebben we wat mailtjes klaargezet, want we hebben hier bij het inchecken een half uurtje gratis wifi gekregen! Niet dat we het zo slecht doen met wifi hier, sinds we in een aantal supermarktketens terecht konden… Maar het is toch altijd meegenomen, zeker omdat we de bankzaken nog even wilde checken en ik wilde kijken of ik reactie had gekregen over mijn snipperuren.



Het avondeten was haast een “echte” maaltijd; varkenschnitzeltjes, gebakken krieltjes (uit blik, ideaal), en ratatouille (uit blik, erg lekker overigens). Klaargemaakt in de campingkeuken, uiteraard; ze hadden goede koekenpannen dus de krieltjes en schnitzels zijn zelfs bijna zoals thuis uit de pan gekomen en niet een aangekoekte massa geworden… We hebben ook alvast eitjes gekookt voor de maaltijd van morgen. Terwijl Hans wachtte op de eitjes en het laatste restje afwas deed heb ik de camper avondklaar gemaakt en onze douchespullen gepakt; we hebben één fles shampoo dus Hans is eerst gaan douchen. Daarna was ik; tijdens het douchen ging het licht opeens uit in de doucheruimte. Ik en een vrouw in het andere hokje stonden net allebei onder de douche, dus we hebben volledig machteloos tandenknarsend in het donker moeten douchen. Ik was als eerste klaar en heb nog maar half afgedroogd even gauw het licht weer aangedaan, waarop mijn lotgenoot in het andere douchehokje dankbaar reageerde!



Allebei terug in de camper hebben we om 19:30 ingelogd voor ons half uurtje wifi; gauw alle klaargezette mails wegdoen en nieuwe mails binnenhalen, de whatsapp stond ondertussen te tingen als een gek met binnenkomende whatsappjes, even gauw op de bank kijken, de koers en het weer binnenhalen, en toen heeft Hans nog bijna 20 minuten kunnen whatsappen met zijn dochter… Fantastisch dat dat zo kan! Ze stuurde foto’s van bloemen uit haar tuin en een paar schoenen die ze gekocht had voor een bruiloft, wij stuurde wat van de foto’s die ik af en toe speciaal met de mobiel maak zodat ik keuze heb als ik het blog bijwerk. En op een gegeven moment vroeg ze om een foto van de omgeving (ze was vergeten dat het bij haar 9:45 uur ’s ochtends was, maar bij ons 19:45 uur ’s avonds en al donker!)… Dus Hans pakte het apparaat en maakte in plaats daarvan een filmpje van ons coconnetje; de gordijnen dicht, wij beiden op het bed met de apparatuur om ons heen (tablet, ereader, laptop, opladers) de was voor de straalkachel om te drogen… Ongelofelijk, zij kon het filmpje binnen een minuut nadat wij het gemaakt hadden aan de andere kant van de wereld bekijken. Echt te gek!



Ik heb mijn route ook nog eens bekeken vanavond; dat doe ik de meeste avonden wel eventjes, maar voor morgen is er een mogelijk beslissingsmoment dus heb ik er iets meer tijd aan besteed. Volgende punt op de route is namelijk een klein en niet erg toeristisch nationaal park, Kahurangi National Park in de Oparara Basin, 26 ten noorden van Karamea, wat al zo’n beetje het meest noordelijk is wat je fatsoenlijk kunt rijden op de westkust. Omdat het redelijk afgelegen ligt en er wat opmerkingen over de kwaliteit van de weg er naar toe waren op internet, wil ik morgen en route in Westport (volgende grote plaats na Greymouth) bij de iSite oftewel VVV na gaan vragen of we er kunnen komen en of het überhaupt verstandig is om het te willen doen met de camper. Zo ja, kunnen we het stuk naar Karamea rijden. Zo nee, dan is het eigenlijk ook niet echt de moeite om helemaal naar Karamea te rijden en moeten we de route iets aanpassen en bijvoorbeeld een grotere lus het binnenland in nemen vanuit Westport terug naar Greymouth om daar de route 73 op te pikken terug naar de oostkust… En we kunnen dan gelijk ook even navragen of Arthur’s Pass op de route 73, de laatste hoge pas die we op het Zuidereiland willen doen, open is; dat scheelt eventueel stress mochten we ervoor staan en blijken dat hij dichtgesneeuwd of -gelawined is!


Hoe dan ook, we nemen de tijd die we nodig hebben voor het Zuidereiland en ik schat dat dat nog zo’n 4-5 dagen zal zijn, misschien iets langer. Dan een dag voor de oversteek naar het Noordereiland, en dan zijn de highlights die wij willen zien in een paar dagen óf efficiënt te combineren, of we spreiden de highlights meer uit en vullen de overgebleven tijd met meer heen en weer rijden zoals we op het Zuidereiland doen… Nadat ik Hans even verveeld had met mijn bevindingen en conclusies was het onderhand tijd om naar bed te gaan; Hans hoort het aan maar onthoudt al die plaatsnamen meestal maar half, en dat geeft ook niet natuurlijk – zolang ik maar weet waar we heengaan, de gps goed inplan en Hans duidelijk vertel waar hij heen moet rijden!

free counters