Vrijdag 30 augustus: Pyongyang – Beijing, 70 km

Vanochtend vertrokken we om 9 uur uit het hotel om richting de Korean Film Studios te gaan. Het was een eindje de stad uit, en volgens Hwang was het totale oppervlakte van de Studio’s wel een miljoen vierkante meters. Tussen 1960 en 1970 werden er hier zo’n 60 films per jaar gemaakt, tegenwoordig nog maar zo’n 2-3 per jaar. Zelfs dat leek ons nog een beetje veel eerlijk gezegd... We reden de poort binnen en als eerste viel de grote hoofdweg op, met aan de rechterkant een langgerekt gebouw met twee enorme mozaïeken, en links een parkje met een grote beeldengroep in het midden. We stapten uit bij een van de mozaïeken, en liepen toen naar de beeldengroep toe... En ja hoor, wie stond er in het midden? Kim Jung Il, de middelste – dus we mochten weer eens buigen. Zucht... Na de plichtplegingen mochten we naar het tweede mozaiek lopen, en toen werden we weer opgehaald door onze bus – dus het uitstapje was eigenlijk alleen om Kim te begroeten leek het wel! In de bus werden we verder het terrein opgebracht, naar een heuvelachtig bosachtig deel waar allerlei permanente decors gebouwd waren. We begonnen in de zogenaamde traditionele Koreaanse straat, waar we ons konden verkleden als karakters uit de Koreaanse geschiedenis. De kostuums waren erg eenvoudig en lelijk gemaakt, maar het idee was wel grappig. Zo was mijn helm een beschilderde plastic helm, en het zwaard een zilver geverfd stuk hout... Maar we hebben wel gelachen terwijl Hans, ik en Yvonne en Richard zich verkleedde voor de foto!



Vanuit de Koreaanse straat liepen we naar de Chinese straat uit 1930, en van daaruit naar de Japanse straat, ook uit 1930. De Japanse straat ging naadloos over in de Zuid Koreaanse straat uit 1950 (het is maar goed dat het steeds gezegd werd, want we hadden het anders nooit geweten), en alles zag er netjes uit, maar toch wel een beetje verlept, gedateerd (ja zelfs voor “oude” straten) en ook wel bevreemdend. We konden ons niet voorstellen dat hier na de jaren 60 nog veel films gemaakt werden! Als klapstuk liepen we naar het stukje “Europese” straat, en daar moest iedereen toch wel een beetje lachen – het waren villa’s in een soort bos, en met de beste wil in de wereld kon je niet zeggen wat voor stijl ze waren; een beetje van alles en niets tegelijk. Maar Hwang vertelde bloedserieus dat ze naar het buitenland waren geweest om de stijlen in Europa te bestuderen, en die hier nagebouwd hadden. We zijn maar niet in discussie gegaan… In een van de villa’s konden we wat drinken als we wilde, en ik wilde wel binnenkijken want de villa’s waren zogenaamd allemaal ook nog eens ingericht. Maar het stelde weinig voor en was weer zo’n rare mengemoes aan stijlen door elkaar.



Er was ons beloofd dat als er tijd was na het bezoeken van de straten we nog naar de bewerkingsstudio zouden gaan, maar dat ging niet meer door blijkbaar, want in een zijstraatje van de Zuid Koreaanse en Japanse straten stond onze bus ons op te wachten, en die bracht ons terug naar de entree van het complex. We reden dit keer niet voor langs de beeldengroep zoals we waren komen lopen, maar achter de beeldengroep langs. En dan kun je het niet helpen om te denken dat je niet voor het beeld langs mag rijden zonder te stoppen en te buigen – net zoals in Haeju, waar de fietsers afstapte? Nu reden we achterlangs en reden we gewoon door namelijk...



We werden na de film studio’s naar een vrouwenziekenhuis gebracht. Iets bijzonders, want het stond niet op het officiële programma en was een speciaal verzoek geweest van een aantal mensen uit onze groep, dat Tjué ook voor ons had weten te regelen. Tjué is een van de ergste sjacheraars die ik ooit heb meegemaakt, hij probeert overal iets aan te verdienen, maar iets bijzonders regelen doet hij graag en dan zal hij echt zijn best doen – ik moet er tenslotte toch niet aan denken wat voor een bureaucratische rompslomp hij wel niet door moet om zoiets spontaans te kunnen regelen!



In de centrale hal van het ziekenhuis moesten we onze schoenen in een soort open koffer zetten, en werden er keurig netjes plastic zakjes over onze schoenen geschoten – de Koreanen zelf deden hun schoenen uit en droegen slippers of liepen op kousenvoeten. We kregen ook witte jassen aan, en een van de dokters was onze gids. Een van de stellen in onze groep bleef buiten bij de bus, aangezien ze het niks vonden om in zo’n ziekenhuis rond te kijken, maar wij vonden het wel interessant. We werden best wel uitgebreid rondgeleid door het ziekenhuis, en hebben de nieuwe borstkankervleugel uitgebreid bekeken. Daar waren de nieuwste apparaten en mooiste kamers, maar ach, dat doen we in Nederland natuurlijk ook – je bent trots op zoiets en dat laat je graag zien. Toch hebben we ook veel van de rest van het ziekenhuis gezien, en ondanks dat het best gedateerd is natuurlijk kregen we er toch een redelijke goede indruk van. Of ze echt veel kunnen doen als je echt ziek bent weten we niet, en het was onmogelijk om te vragen naar de sterftecijfers van borstkanker in Noord Korea, want die waren er blijkbaar niet – de Noord Koreanen zijn zo alert dat ze de borstkanker al in een zeer vroeg stadium vinden en laten weghalen dus er zijn geen sterftecijfers. Aha, tuurlijk. Ach ja, zo’n dokter gaat natuurlijk ook niet de waarheid vertellen, zij wil ook haar baan behouden!



Wel moesten we lachen om de vele verwijzingen naar Kil il Sung. Naast briljant staatshoofd, strateeg, dammenbouwer en weet ik veel wat nog meer, is hij blijkbaar ook een briljante architect en psycholoog... Want hij heeft toen hij de nieuwe borstkankervleugel bezocht bepaald dat, om de bange patiënten tot rust te brengen, de muren niet wit maar crème geschilderd moesten worden, en de balustrade van de trap niet roestvaststaal maar marmer moest zijn... Plus hij heeft de bedden persoonlijk getest om te kijken of ze wel comfortabel genoeg waren – we mochten een luxe privékamer bekijken, en op een van de bedden stond een klein plaatje geschroefd; het bed dat hij persoonlijk getest zou hebben... Ook wel leuk waren de kroonluchters in de centrale hal van deze vleugel – die waren blijkbaar op de vrouwelijke vormen gebaseerd, op borsten, omdat het om een borstkankervleugel ging. Onze vraag hoe de lampen in de mannenafdeling er uit zagen werd door Hwang en de vrouwelijke dokter (na vertaling) met gegiechel beantwoord...



Nadat we rond het ziekenhuis gekeken hadden werden we naar een soort van conferentiekamer gebracht, waar ons een glaasje water aangeboden werd en de directeur ons kwam bedanken voor ons bezoek en ons een dvd aanbood van het ziekenhuis. Hij zei dat het niet vaak gebeurde dat toeristen zijn ziekenhuis bezochten, en hij hoopte dat we een goede rondleiding hadden gehad. Wij hebben hem en de vrouwelijke dokter bedankt voor hun goede zorgen en voor het feit dat we zo mochten rondkijken. Hans en ik vonden de dvd wel leuk om te hebben, en ze hadden er duidelijk veel moeite in gestoken en sowieso veel tijd en moeite in de rondleiding, dus wij kochten er eentje.



Met de laatste lunch in Noord Korea gingen we vandaag dan eindelijk een Noord Koreaans culinair hoogstandje proeven: “Hot noodles”! Ik had al regelmatig gezien dat onze gidsen en andere gasten noodles aten, en wij kregen ze maar niet, maar voor deze laatste maaltijd hier was het dan toch eindelijk geregeld; we gingen naar een noodle restaurant... Er was geen keuze in de kaart, want Tjué bood ons enkel een gewone of kleine portie noodles aan, “Hot” of “cold”, en dan kon je er nog een bordje vlees bij krijgen als je wilde. Ondanks dat Jessica probeerde te achterhalen wat alle andere gerechten waren op de zo te zien uitgebreide kaart, waren dit onze opties... Na 2 weken koud eten koos iedereen behalve Jessica voor de hete noodles, en omdat de porties vlees schijnbaar erg groot zouden zijn, nam ieder stel samen een bordje vlees. We kregen eerst het bordje vlees, wat heerlijk gekruid was maar een klein beetje schoenzool-taai, en een kleine portie natuurlijk. Daarna kregen we grote stalen schalen zoals we al vaker gezien hadden, met daarin een laag bouillon, een hoopje noodles in het midden en daarop een torentje van vlees, pittige kimchi, groente en een eitje. Je roert alles door elkaar, en kruidt het geheel met chilipoeder, sojasaus, azijn en zout en peper. Blijkbaar is echter de noord Koreaanse definitie van “heet” in werkelijkheid “net een half uurtje geleden uit de koelkast gehaald”. Brrrrrrr! Er heeft ooit warmte in de bouillon gezeten, dat kon je wel voelen, maar met de ijskoude bijgerechtjes die je erdoorheen roerde was die warmte gauw weg en was het gewoon koud. Later legde Hwang uit dat dat altijd zo is omdat als de bouillon echt zoals we gehoopt hadden bloedheet was geweest, de noodles al het vocht op hadden genomen en waren blijven opzwellen. Jammer... We hadden toch zo gehoopt op een hete portie noodles!



Na de lunch zijn we op ons verzoek onderweg terug naar het hotel nog even langs de boekwinkel van de eerste dag geweest, om nog wat meer zijden tasjes te kopen. De dames in de boekwinkel waren dolblij om nog wat tasjes te kunnen slijten aan ons en haalde enthousiast alle kleuren die ze in huis hadden tevoorschijn voor ons. Terug in het hotel hebben we ons omgekleed naar reiskleren – iets warmer want in het vliegtuig is het altijd koud – de tassen ingepakt en de souvenirs veiliggesteld, en nog even gerust en gecomputerd voor het tijd was om te vertrekken richting het vliegveld.



Onderweg naar het vliegveld moesten we echter nog voor een of andere onbegrijpelijke reden in een winkel van sinkel gaan shoppen. Misschien om ons aan te moedigen om nog een laatste keer de Noord Koreaanse staat te steunen? Er werd in ieder geval niet veel gekocht. Daarna was het door naar het vliegveld, een piepklein gebouwtje waar het ten strengste verboden was om te fotograferen. In de bus ernaartoe had een van onze groep de enveloppen voor de Koreaanse gidsen en chauffeur alvast uitgedeeld met een korte speech. Bij de douane en bagagecontrole namen we hartelijk afscheid van onze chauffeur Tjo, van Tjué en natuurlijk van Hwang. Tot onze enorme verrassing vertelde Jessica later dat iemand haar vlak voor de douane een klein kaartje had toegestopt met een adres in Nederland erop en de vraag deze te posten. Er lijken dus mensen te zijn die weten dat de post gecensureerd wordt en dit proberen te omzeilen.



Uiteraard waren er ook in de vertrek/aankomsthal van Pyongyang International Airport (ahum) twee portretten van de geliefde leiders. Een andere toerist kreeg op zijn kop van een soldaat omdat hij foto’s maakte, ik heb er ook een of twee gemaakt maar werd niet gezien. Toch handig zo’n klein en snel toestelletje! We vlogen gelukkig niet met Koryo airlines, wat blijkbaar een avontuur is op zichzelf, maar met een Chinese maatschappij. In Beijing aangekomen zouden we naar het hotel gaan om onze verrekijker op te halen, en naar een echt Chinees restaurant, want we hadden zat tijd tussen onze aankomst rond 18 uur en ons vertrek rond 01 uur. In de praktijk was onze vlucht echter om de een of andere onverklaarbare reden al een dik half uur later aangekomen dan verwacht, terwijl we wel op tijd vertrokken uit Korea... En de chauffeur die ons zou oppikken kwam maar niet, Jessica liep dan ook rond te ijsberen en continu te bellen. Jessica had zelfs voor ons weten te regelen dat de verzendkosten voor de verrekijker vergoed zouden worden door het bedrijf, als compensatie voor de vertraging van de chauffeur.



Eindelijk kwam de chauffeur met zijn minibusje dan opdagen, maar tijd om naar het hotel te gaan was er echt niet meer, en tijd om Bejing in te gaan naar het restaurant dat Jessica in gedachte had ook niet. Sommige mensen in de groep waren inmiddels zo zenuwachtig dat ze de Kentucky Fried Chicken op het vliegveld ook wel een optie vonden, maar aangezien we toch naar een andere terminal moesten rijden voor onze andere vlucht, stelde Jessica voor om toch te gaan eten, maar dan vlakbij, op nog geen 10 minuten van het vliegveld vandaan. Zij bestelde voor ons in een met tl-buizen verlicht restaurantje dat je zelf niet zou uitzoeken, maar het was echt heerlijk eten, we hebben er allemaal van genoten en vielen als uitgehongerde wolven aan op alles wat op tafel gezet werd!



Toen de ergste trek gestild was, was het tijd om afscheid te nemen van Jessica, en hebben we haar ook een fooienenvelop gegeven en bedankt voor de goede zorgen. Hans en ik hadden nog 2 repen chocola bewaard, omdat we al gauw hadden begrepen hoe dol Jessica was op chocola, en die gaven we nu ook nog. Ik weet eerlijk gezegd niet waar ze blijer mee was, de envelop of de chocola! Ik heb emailadressen verzameld en Jessica, die om muntgeld voor haar volgende reis naar Noord Korea vroeg, werd nog bedolven onder al onze overgebleven muntjes. We hebben uiteindelijk geloof ik als hele groep zo’n 60 euro aan (fooien)briefjes geruild voor muntgeld! Dat is wel een paar kilo kleingeld!



Terug op het vliegveld begon het lange wachten weer eens. Helaas hadden Hans en ik geen plek aan het raam weten te bemachtigen, maar we zaten in ieder geval bij elkaar en aan het gangpad, dus ok, jammer dan. We hebben onze laatste yuans uitgegeven aan pistachesnoepjes en chocolaatjes, en gewacht tot we aan boord konden... Op zich ging de tijd wel redelijk snel gelukkig, er was veel te zien. Het viel ons op hoe je overal op het vliegveld heet en gekoeld drinkwater fonteintjes had – heet water voor thee, koud water om je flesjes bij te vullen. En er waren oplaadpunten voor allerlei soorten elektronica. Wat een service!


free counters