Maandag 10 november: Hiroshima – Kyoto, 7 km + 380 km trein

De ergste jetlag lijkt onderhand voorbij gelukkig. Het valt ons op dat als we bij de lift staan te wachten, bijvoorbeeld op de 12e verdieping van een 13 verdiepingen hoog hotel, en we willen naar beneden maar de lift die eraan komt gaat omhoog, dan zal er geen een Japanner instappen; ze wachten tot hij weer naar beneden gaat. Wij Nederlanders doen dat wel, omdat we dan redeneren “de ligt gaat nu omhoog maar over enkele ogenblikken weer naar beneden, en dan staan we er maar vast in”. Dustin vertelt dat de Japanners ontzettend goede experts zijn op hele kleine gebieden, en niet zo breed probleemoplossend als wij Europeanen. Typisch!


Het ontbijt was uitgebreid Japans, zag er ook erg aantrekkelijk uit, en daarnaast lagen er ook schalen met geklutste eieren, omeletjes, gebakken stukken ham en worstjes – het is wel grappig om te zien hoe de Japanners de Westerse en Japanse ontbijtproducten combineren. Voor ons is het nog altijd erg lekker en vooral leuk om van alles te proeven, maar een bakje yoghurt of geroosterde boterham met pindakaas is onderhand ook wel weer eens lekker! Bij de yoghurt en fruitsla lagen kleine blokjes aloë vera: ik wist niet eens dat je dat kon eten, ik dacht dat het eigenlijk alleen in schoonmaakproducten en eventueel in gezondheidsdrankjes gedaan werd. Ik heb er een stukje van geproefd, een beetje zoet en glibberig, met een zepige nasmaak, niet echt mijn ding…


Toen we vanochtend vertrokken uit het hotel stonden de dames van de receptie ons uit te zwaaien! Ook weer iets dat opvalt, geld wordt met twee handen aangegeven, net zoals alles eigenlijk; ook weer typisch Japans, het is deel van de zorg die ze aan alles besteden. En Hans en ik hadden een vraag aan Dustin (hij vindt het heerlijk al onze vragen, deelt ze ook vaak savonds met zijn vrouw “moet je horen wat ze nu weer vragen!”): het viel ons al gelijk de eerste dag op dat veel vrouwen met hun voeten overdreven naar binnen gekeerd lopen; dat komt traditioneel gezien door het vele knielen, maar tegenwoordig is het meer een schoonheidsideaal geworden onder jongen vrouwen.


We moesten in de bus naar het Hiroshima Peace Park rijden, maar in de praktijk hadden we ook kunnen lopen, het was maar twee of drie kilometer van het hotel vandaan… De bus zette ons af bij de brug vlak bij de ruïne van de A-dome, een van de drie gebouwen die niet volledig vernietigd waren door de atomische bom. Het silhouet is een bekend beeld geworden van Hiroshima, al dachten Hans en ik dat het op een plein stond en niet zoals nu in een mooi groen park bij het water. Vanaf de brug liepen we naar de A-dome, waar Dustin en Thomas een introductiepraatje hielden en uitlegde dat ze met ons nu gauw door het park zouden lopen tot het ontmoetingspunt, het museum, en dat we daarna een paar uur de tijd zouden hebben om op eigen gelegenheid alles te verkennen. We zouden hier de hele ochtend hebben en dan in de vroege middag met de shinkansen vertrekken richting Kyoto. Hoog op de muren van de ruïne van de A-dome zaten blauwe reigers te doezelen – ons nieuwe fototoestel is wel heerlijk, met die 30 x optische zoom trek je ze in de zoeker zo vlakbij!


Onderweg naar het museum kwamen we natuurlijk al langs een aantal monumenten, zoals het monument voor Koreaanse slachtoffers, een schildpad met een pilaar erop, en een monument omringd met glazen kasten vol duizenden origamikraanvogels, ter nagedachtenis aan het meisje die leukemie kreeg en er duizend vouwde in de hoop dat ze zou genezen. Die papieren kraanvogels zijn het symbool geworden van de slachtoffers en overlevenden van de twee atoombommen. Toen we er langs liepen werd er net een vrachtwagenlading vol nieuwe kraanvogels geleverd; die komen vanuit scholen en gemeenschappen vanuit heel het land, maar ook vanuit de rest van de wereld.


Vlak bij het museum was een monument met eeuwige vlam, met in een stenen sarcofaag de lijst met namen van overledenen. Als je er doorheen keek zag je achter de vlam de A-dome staan in de verte. We zijn in het museum begonnen, dat weergaf wat voor verwoesting en gevolgen de ontploffing van de atoombom had voor de stad en de mensen. Alles was natuurlijk indrukwekkend, maar de maquette die weergaf hoe groot de verwoesting was, met de rode bol van het epicentrum erboven, was toch wel heel indrukwekkend. Ook de massa’s verwrongen staal, gesmolten glas en tegelwerk, en verpulverde steen was indrukwekkend, om niet te spreken van het menselijke leed. Sommige van de oorspronkelijke piepkleine kraanvogels die het meisje van het monument gevouwen had lagen er ook tentoongesteld.


In een lange gang met hoge glazen ramen was een mooi uitzicht over het park, en kaarten die je kon ondertekenen als petitie om nooit meer een atoombom te gebruiken. Het museum had er begrijpelijkerwijs al enorm veel verzameld over de jaren! Op een heel ander niveau was in het damestoilet een heus kastje waarmee je “doortrek” geluiden kon laten maken terwijl je op het toilet zat!


Na het museum zijn Hans en ik het park op ons gemak gaan verkennen. We zijn langs de rivier teruggewandeld naar de A-dome. Onderweg kwam je overal monumenten tegen en bordjes en uitleg over de verwoesting van de atoombom; hoe ver het betreffende gebouw van het epicentrum vandaan geweest was, en hoe erg het verwoest was. Het is een bruisende stad en een mooi park, maar als je goed om je heen keek en oplette op alle bordjes en monumenten overal zag je gewoon een groot uitgestrekt monument in dit deel van Hiroshima! Hiroshima lijkt in zekere zin, in ieder geval hier in de omgeving van het epicentrum, pas begonnen te bestaan bij het exploderen van de atoombom, alles wat daarvoor gebeurde was eigenlijk niet zo relevant meer…


We hebben een tijdje rondgekeken bij de A-dome, eigenlijk op zoek naar het monument voor het epicentrum dat volgens Dustin hier vlakbij moest zijn. Op een foldertje dat we gekregen hadden van Thomas stond een piepklein schematisch kaartje van de omgeving erop, met een grote stip bij het epicentrum. Dus we zijn terug langs de rivier gelopen, op zoek. We kwamen het ene monument na het andere tegen, bijna alles stond in het Japans, en we twijfelde af en toe vreselijk of die ene het dan misschien was, maar dan werd toch ergens duidelijk dat het het niet was. We stonden eigenlijk al op het punt om het op te geven toen we bij een verkeersknooppunt bij een brug kwamen die op het schematische en onduidelijke kaartje toch wel echt vlakbij het epicentrum moest zijn, dus we besloten van de rivier weg te lopen en te kijken of we in die straat misschien iets zouden vinden.


We liepen een zijstraatje in dat helemaal niets meer met het Hiroshima Peace Park te maken had, en zagen midden op de stoep een klein onopvallend monument staan. Dit was het daadwerkelijke epicentrum, eindelijk! Dit kleine monument markeerde de plek waar de bom op 600 m hoogte boven de grond ontplofte - dit monumentje was opgericht door de familie van een dokter wiens praktijk op die straathoek lag, maar die toen toevallig niet in Hiroshima was en het dus overleefd heeft. Dat vertelde een lokale gids die een paar Japanners aan het rondleiden was en ons graag even hielp met de teksten op het monument. We waren blij dat we het gevonden hadden, het maakt – samen met de grote maquette in het museum – dingen meer visueel.


We wandelden terug naar het park, dat echt erg mooi was, vol bomen in herfstkleuren – rode esdoorns en groengele ginkgo’s – en kwamen drie kleine jongetjes tegen, met een begeleidster, moeder of juf, die naar ons toe kwamen met een kaart. Ze wilde weten waar we vandaan kwamen en deden dat op hun kaart markeren, plus ze wilde weten welke vlag ons land had. Als dank kregen we ieder een origamikraanvogel!


Hans en ik hebben nog een tijd door het park gewandeld, de vele monumenten nog eens op ons gemak bekijkend, en bezochten als laatste de memorial hall en mediatheek. Via een ingetogen ronde ruimte met op de muren een gestileerde skyline van Hiroshima na de bom kwamen we bij de mediatheek. Eigenlijk is het ongelofelijk hoeveel foto's er ook toen gemaakt zijn, zelfs van de ontploffing zelf. Het was onderhand lunchtijd dus overal zaten schoolkinderen lekker rijst, sushi en dergelijke uit hun “bento-boxen” te eten, en vrolijk te zwaaien naar ons als ze ons oog pakte.


Rond 12:30 gingen we naar Hiroshima treinstation waar we een uurtje of wat de tijd hadden voor we de trein zouden nemen. Hans en ik hebben die kans gegrepen om nog even in een van de stationsrestaurantjes een noodlemaaltijd te nemen; Hans udon noodles met curry, ik soba noodles met tempura: beide erg lekker. We deden in de etalage het gewenste plastic voorbeeldgerecht aanwijzen en kregen binnen een gratis kopje thee en water. Alles werd vliegensvlug geserveerd, het is tenslotte een stationsrestauratie, maar ze hadden het wel iets minder gloeiend heet mogen maken… We hebben onze monden verbrand aan de gloeiend hete bouillon en saus, want zo heel veel tijd om te eten hadden we niet en het waren enorme schalen met vocht! Maar wel erg lekker, en erg goede kwaliteit… Dat is wel consequent in Japan, iedereen lijkt er belang aan te hechten dat dingen van goede kwaliteit zijn…


Toen we weer als groep bij elkaar verzameld waren (Hans en ik hadden uiteindelijk nog best 10 minuten langer kunnen blijven zitten in het restaurantje) konden we naar het perron. Op het perron kwam de Shinkansen (hoge snelheidstrein) net aan, dus we zochten alvast onze plek op. In alle shinkansen krijg je een plaats toegewezen, al zijn er op de langere treinen zoals deze (16 rijtuigen) soms wel 2-3 rijtuigen met vrije plaatsen waar je overal mag gaan zitten. We hadden nog alle tijd want dit was het eindstation (normaal stopt ie maar anderhalve minuut), dus we zijn nog even naar de neus gelopen om te kijken en foto's te maken. Iedereen ging netjes in de rij staan om over het hekje te kunnen hangen om net die goede hoek te pakken; we beginnen ons al aan te passen!


In een uur en 36 minuten deden we de 380 km naar Kyoto overbruggen; de shinkansen leek niet zo heel snel te gaan, behalve als je in de trein ging rondlopen, dan voelde je het wel! Een groot gedeelte van deze route was in tunnels, wel zagen we nog net het spierwitte Witte Reiger Kasteel langs flitsen. Weer dankzij onze 30 x optische zoom konden Hans en ik er nog net een goed shot van nemen; volgens Dustin hadden we geluk, want het was net uit de steigers na een grote restauratie; alleen de binnenkant was nog gesloten voor restauratie. De conducteur en de vrouw die lekkers verkocht deden bij het binnenkomen van het treinstel netjes buigen, de conducteur nam de kaartjes met twee handen aan en de vrouw het geld als mensen iets kochten, en bij het verlaten van het treinstel deden ze allebei ook weer even omdraaien en buigen. Niemand behalve Hans die aan het kijk was zag dat laatste, want de stoelen stonden met de ruggen naar hen toe, maar toch…


In Kyoto lag ons hotel aan het station, wat hier een keurig schone prettig lichte plaats is vol prima restaurants: het viel ons gelijk al op dat er veel vrouwen in alledaagse kimono’s rondliepen. We kwamen rond 16:30 uur aan in de kamer. Dat was een keurige kamer, maar helemaal doorrookt, bah. We werden er een beetje onpasselijk van en hebben het raam opengezet in de hoop dat de kamer een beetje zou luchten. We moeten hier namelijk nog een paar dagen doorbrengen!


Vandaag zijn we, met name Hans, moe! We hebben dan ook een rustig middagje gehouden en zijn om 18:30 met zijn tweeën in het winkelcentrum naast het hotel gaan kijken voor een eettentje; we hadden behoefte aan een enigszins westerse hap, liefst ook niet te lang natafelen, dus we zijn met z'n tweeën in een Japanse pub gaan eten. Lekker, eenvoudig en snel: bordje friet, spaghetti carbonara en aubergine ovenschotel, en iets waar we gewoon nieuwsgierig naar waren: een "uienbloem". Het bleek een opengesneden, in beslag gedoopte gefrituurde ui te zijn; best lekker! Daarna hebben we nog door het winkelcentrum geslenterd – op zich best leuke kleren en niet duur, maar onmogelijke maten... Rokjes bijvoorbeeld in maat XXXS. Of mannenbloezen waarbij Japanse L Nederlandse XS zou zijn... helaas dus niks gekocht. De mooie mannenkimono (geen idee eigenlijk hoe je dat noemt) die eerst maar zo’n 25 euro leek te kosten en waar we echt wel in de verleiding waren om hem te kopen bleek bij nadere inspectie wel een heel stuk duurder te zijn; dat prijskaartje bleek alleen voor de yukata te gelden, op de mannequin waren als je dichtbij stond nog verschillende prijskaartjes voor alle andere onderdelen van het pak, en al met al samen begon je toch richting de 100 euro te gaan, voor wat voor ons een “hebbeding” zou zijn dat we misschien, maar misschien ook niet, op de muur zouden willen hangen. Jammer maar helaas dus! Op de kamer hebben we nog lekker een kopje koffie gezet en zijn redelijk op tijd gaan slapen.


free counters