September 2015: Turkmenistan, Oezbekistan en Kirgizië

Woensdag 16 september: Khiva

Hans en ik hebben vannacht slecht geslapen; dan kun je een keertje een normale nacht slapen met normale tijden, en dan lukt het niet… Het bed had een springverenmatras, waar de springveren een beetje lam van leken. En ons kamertje was zo benauwd (geen raam, dikke muren) dat kort nadat Hans de airco uitzette, we al weer lagen te puffen. Ik ook, terwijl ik daar meestal goed tegen kan, want mijn verkoudheid had doorgezet en ik kreeg vannacht dus zelfs een beetje koorts. Maar airco heel de nacht aan was ook niet zo ideaal, dus het was steeds aan en uit doen en vooral veel wakker worden.


We mochten, na twee keer een hele vroege start en hele lange dag, vandaag gelukkig wel uitslapen tot 8 uur. Het ontbijt was in een kleinere madrassa naast het hotel-madrassa, waarbij de normaal open binnenplaats met een mooi licht dak in een bijzondere ontbijtzaal was omgetoverd. Om ons niet te belasten met saaie dingen had onze lokale gids gisteravond voor heel de groep alvast ons geld gewisseld, dus vanochtend werden pakketjes geld uitgedeeld. Wij hadden 140 euro gewisseld, dat werd 685.000 “som”, in briefjes van duizend, dus we voelde ons heel erg rijk! Wat een pakket geld…


Om 9 uur begon de wandeling door de oude binnenstad. De souvenirstalletjes waren net aan het opengaan, het is hier merkbaar meer toeristisch dan Turkmenistan maar de producten die verkocht worden lijken kwalitatief redelijk goed, in ieder geval van een afstandje dus de vele stalletjes zijn best wel een leuke levendige toevoeging aan het straatbeeld! Het leukste waren echter de lokale mannen met hun mooie petjes en vrouwen met hun kleurrijke en vaak glitterende Perzische-stijl kleding die rondliepen. We begonnen de wandeling met een bezoekje aan de stadspoort vlakbij het hotel waar we (uiteraard) een fotopermit moesten kopen voor de stad. Hoe zoiets ooit gehandhaafd wordt is ons een raadsel (waarschijnlijk niet) maar Hans en ik hebben ook maar braaf eentje gekocht… Bij een tegel-versie van de stadskaart heeft onze gids een beetje over Khiva uitgelegd en wat er allemaal zoal te zien was. Heel de oude stad “Itchan Kala” binnen de oude stadmuren was in feite een openluchtmuseum, en als zodanig ook op de Werelderfgoedlijst geregistreerd, al sinds 1991!


We hebben de ochtend besteed aan rondwandelen van binnenplaats naar binnenplaats, met hier en daar een klein museumpje waar je in kon, prachtige oude houten deuren met deurkloppers die soms gewoon net bronzen armbanden leken, en overal waar je keer mooie bakstenen gebouwen en blauw/groene tegelpatronen! De korte afgestompte minaret van ons hotel was misschien wel het mooiste, met alle kleuren blauw en groen erin. Ook Oezbeken zelf kwamen hier duidelijk weleens in groepsverband rondkijken, want terwijl onze lokale gids een verhandeling aan het geven was in een van de binnenplaatsen (ze kon wel heel erg gedetailleerd vertellen, pffff) kwam een groep mannen met petjes en vrouwen met zwarte jurken met bonte patronen erop langs.


We bezochten een zomerpaleis en zomermoskee; eerst het zomerpaleis en na de stadstoren de zomermoskee. Beide bouwwerken lagen vlakbij elkaar en leken op een soort hoog toneel aan een kant van een open binnenplaats, met een overkapping over het toneel, waarvan de zijwanden en achterwand volledig bedekt waren met prachtige blauwe tegels, de hoge kolommen vaak mooi versierd met houtsnijwerk, en het plafond in alle kleuren van de regenboog geschilderd is. Erg mooi allemaal!


Vlakbij was een stadstoren waar je, tegen betaling van een fooi, naar boven mocht klimmen voor een mooi overzicht over de stad. Hans had geen zin om omhoog te klauteren, ik ben wel gegaan. Onze lokale gids onderhandelde met het vrouwtje die de kaartjes verkocht dat we allemaal gratis ‘s middags nog een keertje mochten, omdat sommige van de fotografen in de groep klaagde dat het licht nu niet goed was. Mooi, kon Hans alsnog mee vanmiddag als hij wilde! Hans was natuurlijk de wijste geweest, want bovenin de toren was niet zo heel veel bijzonders te zien los van een aardig uitzicht over de stad. Maar ik was er maar mooi geweest!


In een klein museumpje in een van de zijruimtes bij de zomermoskee zagen we oud geld dat op zijde gedrukt was; best apart en mooi om te zien. Toen liepen we door naar een van de vele madrassa’s, waarbij de ruimtes om de binnenplaats heen ook in een soort museum waren veranderd. De oude foto’s van belangrijke mannen in hun prachtige grote schapenvacht-hoeden waren erg leuk om te zien!


We liepen inmiddels al 2 uur rond, het was nu elf uur, en het was onderhand warm geworden in de zonnige binnenplaatsen, dus het was tijd voor theepauze. Onze gids bracht ons naar een typisch theehuis met lage platforms bekleed met tapijten en de grote “buiten-bedden” waar je op kon zitten – maar er waren gelukkig ook gewone tafels en stoelen natuurlijk. Het dak van rieten matten over het binnenplaatsje zorgde voor schaduw en er was een zacht briesje dus het was erg aangenaam. Je moest hier in Oezbekistan heel duidelijk aangeven als je gewone zwarte thee wilde, want anders kreeg je vruchtjesthee of groene thee – en meestal kreeg je dan een grote theepot (of meerdere als er te veel mensen waren). Thee kost ook meestal bijna niets en is vaak ook gewoon gratis bij de maaltijd.


Na een half uurtje pauze wandelde we naar de Djuma moskee vlakbij die stamt uit de 10e-11e eeuw, en 212 houten kolommen heeft. Het is een vrijdagmoskee, wat aangeeft dat het een belangrijkere moskee is dan een “gewone” moskee – net zoals onze kathedraal belangrijker is dan een kerk. De moskee was met de eeuwen meerdere keren vernield en hersteld, en steeds werden de nog bruikbare oude kolommen teruggezet; de alleroudste 21 kolommen kwam nog uit de 10e tot 12e eeuw! Deze stemmige grote donkere ruimte vol houten kolommen met mooi houtsnijwerk en met twee kleine binnenplaatsjes had enorm veel sfeer.


Vlak bij de ingang van de moskee was een van de bont-verkopers van de stad, en hij verkocht iets wat onze lokale gids uitlegde dat heel erg begeerd werd vroeger; de huid van ongeboren lammetjes, die schijnbaar het zachtste leer en bont leverde… Brrrrr! We moesten gelijk aan de “gelukbrengende” lamafoetussen van de sjamannenmarkt in La Paz, Bolivia denken… We hebben even gekeken naar de bijzondere grote schapenvacht-hoofddeksels die hier traditioneel zijn; mooie dingen!


Het stadje was toeristisch maar gelukkig was het ook heel mooi en niet heel erg storend – een bijzonder buitenmuseum – en overal vond je verkopers maar die waren vriendelijk en totaal niet opdringerig. Het volgende punt op het programma was weer een lokaal museumpje in een oude madrassa – bijzonder was dat Hans en ik voor het eerst echt duidelijk de “aardbeving-strook” zagen die veel gebouwen hier hebben. Een strook van hout, of in dit geval gevlochten stromatten, die op zo’n halve meter hoog boven de grond in heel het gebouw meegemetseld is en als een soort van horizontale dilatatievoeg dient die het gebouw laat meebewegen met een aardbeving…


Via nog wat omzwervingen kwamen we bij de oostpoort uit die nu diende als een soort kleine overdekte bazaar en waar men vroeger slaven hield in wat nu de kleine winkeltjes zijn.


Toen weer terug de stad in en naar weer een madrassa die weer anders was dan de vorigen. Deze had nog de oude put die vroeger in meer binnenplaatsen te vinden was; een overdekte trap naast een stenen koepel op de binnenplaats liep naar beneden en leidde naar de onderkant van de koepel die een waterreservoir bleek te zijn. Best mooi allemaal!


Toen was het lunchtijd dus zijn we teruggegaan naar het theehuis voor een lekkere lunch van in ons geval de grote ravoli-achtige gevulde pasta met een kwak zure room die ze in deze regio’s vaak serveren. Erg lekker! De verschillende soorten traditionele soepen van de rest van de groep zagen er ook goed uit. Onze serveerster had al haar boventanden verguld, en lachte ze regelmatig bloot. Ze moest ook erg lachen toen we haar vroegen om het geld van iedereen te tonen voor de foto – wat een pakket geld!


Na de lunch liepen we langs allerlei oude huizen, en een mooie begraafplaats waar ieder graf op een klein gebouwtje leek en vanwege ruimtegebrek tegen elkaar aangebouwd waren, naar weer een andere madrassa, de “Islam-Khodja Madrassa”, een mooie betegelde madrassa met minaret, die nu een museum voor kunstnijverheid was. Deze madrassa had in de met bomen beplante binnenplaats een put zoals wij die kennen, en een vrouw haalde een emmer water op zodat we konden proeven. Het was heel licht ziltig water, wat volgens onze lokale gids normaal was. De aardbeving-strook was hier zo te zien van hout, of misschien waren de stromatten wel afgedekt met houten platen om ze te beschermen tegen de elementen.


Via nog wat omzwervingen kwamen we bij een steegje dat naar een houtbewerkings-workshop leidde, in een kleine madrassa waar de binnenplaats voor de koelte gedeeltelijk met rieten matten was afgedekt. Hier kregen we een demonstratie “koran-houder-vouwen”; de volledig uit één blok gesneden houders konden in allerlei standen gezet worden. De kleinere in wel 4 standen, en de grotere 9 standen. Heel apart om te zien!


Nadat we rond 15 uur klaar waren met de stadswandeling kregen we een paar uur vrije tijd tot het avondeten dus zijn Hans en ik nog een keer naar de stadstoren gegaan om te kijken of het licht inderdaad beter was. Maar in onze lekenogen maakte het weinig uit! Daarna hebben we nog wat rondgezworven in de oude stad.


Maar het bleek al gauw dat we een behoorlijk complete stadswandeling hadden gehad dus er was weinig nieuws meer te ontdekken, los van een “gewone” markt een eindje buiten de stadsmuren. Mooi om al die traditioneel geklede mannen en vrouwen te zien! Helaas was de markt aan het afronden en men was aan het opruimen, plus we waren al sinds 9 uur vanochtend op pad dus we vonden het onderhand wel weer welletjes en zijn met moeie voeten terug naar ons sprookjeshotel gestrompeld.


Rond 16:30 kwamen we terug in ons hotel waar we nog wat gerust hebben in de kamer en gewhatsappt in de binnenplaats (wifi reikte net niet ver genoeg om in onze kamer bereik te hebben!) voor het avondeten. Het avondeten was in een restaurantje net buiten de stadsmuren, in een madrassa-binnenplaats. In het donker zijn we terug naar de oude binnenstad gewandeld, waar ons hotel-madrassa van buiten vrolijk verlicht was in allerlei kleuren.


free counters