September 2015: Turkmenistan, Oezbekistan en Kirgizië

Woensdag 23 september: Bishkek

Vandaag was een dagje Bishkek; onze vriendelijke lokale Kirgizische gids (net als in de vorige twee landen een vrouw) had al gelijk opgepikt dat Hans en ik van oorlogsmonumenten houden en besteedde daar dus wat extra aandacht aan. In de bus wees ze de vele dichtgebouwde balkonnetjes in de sovjetflats aan, en legde uit dat dat “schoonmoeder’s slaapkamer” genoemd werd; een piepklein beetje extra ruimte bij je woonruimte…


Eerst moesten we naar de bank, om geld te wisselen; Hans en ik hadden geen paspoort bij de hand, maar dat leek geen probleem te zijn (meestal is dat erg lastig in het buitenland). Gek genoeg kon iemand anders na ons die ook zijn paspoort niet bij had niet ruilen, die moest het via onze reisbegeleider laten doen!


Toen iedereen genoeg geld had voor de komende dagen in Kirgizië bracht onze lokale gids ons naar een van de vier grote bazaars in de stad; de “West Bazaar”. Er was er schijnbaar eentje voor iedere windrichting! Onderweg op straat zagen we af en toe creatieve initiatieven om wat bij te verdienen. Zo stond er iemand met een weegschaal; voor een paar dubbeltjes kon je je laten wegen!


We kregen in de bazaar wat tijd om rond te wandelen en Hans en ik hebben lekker genoten van de levendige marktbeelden. Het is een ander land, dat merken we duidelijk; de gelaatstrekken gaan meer richting het Mongoolse en Chinese, en tegelijk is er ook meer variatie in de gelaatstrekken – alles van West-Europees tot Japans om te zien. Ook het karakter; de Oezbeken waren open en nieuwsgierig, de Kirgiezen meer gesloten en afhoudend. Zo vermeden deze verkopers onze ogen en keken strak door ons heen als we glimlachend groette – een beetje zoals we in Rusland ervaren hadden. Het is niet onvriendelijk bedoeld, maar is gewoon nog een restje van de voorzichtigheid uit de Sovjettijd vermoeden we. De bazaar zelf was lekker druk, kleurrijk, vol geuren en mooi – alles wordt zo mooi uitgestald, of het nu rijst, koekjes of appels zijn!


Vlakbij de bus was een oorlogsmonument voor de jongeren van de Komsomol-beweging (een communistische jongerenorganisatie in de Sovjet-Unie) dus daar bracht onze lokale gids ons en andere geïnteresseerden naar toe. Vanwege het feit dat de oorlog dit jaar 70 jaar geleden was, stonden overal in de stad plakkaten met foto’s en namen en omschrijvingen van al dan niet vergeten Kirgizische helden.


Onze gids vertelde ons dat Bishkek een universiteitsstad is, en dat er veel Indiërs, Turken, Chinezen en andere nationaliteiten komen studeren, en vaak ook blijven wonen. Los daarvan natuurlijk de Russen die in de Sovjettijd al dan niet verplicht hier kwamen wonen, maakt een veel diverser stadsbeeld dan tot nu toe. Men kleedt zich ook over het algemeen moderner, hoewel de mannen wel graag de traditionele vilten hoedjes dragen – of een moderne variant: een basebalpetje-model van vilt met de traditionele patronen erop!


Als volgende bezochten we het grote Manas plein, genoemd naar een nationale 9e eeuwse held uit een traditioneel episch gedicht met een half miljoen regels… Dit plein was een centrum voor studenten en het operagebouw, toneelgebouw en de filharmonie grensde eraan. Ze hebben hier de kunsten per taal verdeeld; zo hebben ze twee operagebouwen, een voor Russische stukken en een voor Kirgizische stukken. Bishkek lijkt ons een moderne, westerse stad, toch gaf onze lokale gids aan dat de Kirgiezen een trots volk is die ook trots op zijn tradities is; daardoor kunnen ze ook snel aangebrand zijn, schijnbaar, omdat hun trots zo belangrijk is voor ze.


Lunch was in een hip en modern restaurant waar we echt heerlijk gegeten hebben! Hans baalt een beetje tijdens deze rondreis want, naast thee en koffie, kennen de meeste eettentjes en restaurants alleen maar cola en bier om te drinken… Hier stond op de menukaart “citroenlimonade” – nou ja, dat is meestal gewoon 7-up tot nu toe, al was deze wel redelijk aan de prijs, een paar euro. Maar ja, dat kan nog, het is een hippe tent... Dus uit ellende neemt Hans maar weer eens “citroenlimonade” en verwachtte weinig. Nou, hij werd verrast met een hele karaf van de heerlijkste frisse vers gemaakte citroen/limoen/muntlimonade die hij ooit gehad heeft! Ik denk dat hij daar haast nog meer van genoten heeft dan van het eten zelf!


Het afrekenen was erg ingewikkeld want het restaurant had de rekening voor heel de groep gemaakt maar iedereen wilde natuurlijk individueel afrekenen. We zagen al gebeuren dat het een puinzooi zou worden maar de serveersters verzekerde onze reisbegeleider dat het goed zou komen. Bij iedereen werd geld ingezameld en genoteerd wat ze precies verbruikt hadden, en na een tijdje rekenen en puzzelen, werd voor iedereen keurig netjes een pakketje met wisselgeld gemaakt met een briefje erop wat we betaald hadden en wat ons wisselgeld was! En het klopte tot op de cent…


Na de lunch zijn we naar het “oude” en “nieuwe” plein gegaan, waar we een aantal monumenten zouden bekijken, maar eerst even doorreden naar een klein parkje waar een beeld van Lenin stond. In Kirgizië kun je schijnbaar nog relatief veel Lenin-beelden vinden, omdat Kirgizië als enigste Centraal-Aziatisch land zijn communistisch verleden accepteert als zijnde “gewoon” een deel van zijn geschiedenis. Dat beaamde onze lokale gids ook.


Vanuit Lenin wandelde we langs het stadhuis en een veldje met een paar “balbal” beelden erin. Dat zijn mensachtige beelden die vroeger gemaakt werden om bijzondere gebeurtenissen te herdenken; we zouden die deze week nog uitgebreid te zien krijgen beloofde onze lokale gids, die overigens in tegenstelling tot de andere twee lokale gidsen een relatief jonge vrouw is die Hans en mij een beetje aan een rockster doet denken, in haar overwegend zwarte kleding en opzichtige t-shirts en zwart haar! Maar ze is wel grappig en enthousiast.


We hebben bij de nationale vlag (en een ander beeld van Manas, waar men echt gek op is hier!) gekeken naar de wisseling van de wacht – de mannen stonden in de volle zon maar hadden wel airco in het hokje waar ze wacht moesten staan! We waren een beetje te vroeg voor de wisseling dus zijn eerst even doorgelopen naar een monument voor een grote opstand tegen de corruptie, die verbeeld werd als een zwart blok dat door de burger weggeduwd werd van het witte geheel. Zoiets begreep ik er tenminste uit.


Toen bezochten we het overwinningsmonument op een ander plein, ook weer een monument voor de Tweede Wereldoorlog. Dit was een enorm plein met aan het einde op een verhoging een grote krans die bovenop drie van de vier bogen van een “jurt” of nomade-tent lag. Het jurt-symbool vind je overal terug als je erop let, van tuinhekken tot wandversieringen of bedrijfslogos, ook in de nationale vlag: een cirkel met vier keer drie spaken erin – het houten frame van boven gezien. Net toen wij er waren kwam er een bruiloftsstoet aan, om foto’s te nemen onder het monument – een traditie uit de Sovjettijd, om langs een aantal belangrijke monumenten van de stad te gaan voor foto’s.


Onderweg terug naar het hotel stopte we nog even voor een foto van het operahuis: in 1954 gebouwd door Japanse en Duitse dwangarbeiders. Die waren in de oorlog gevangengenomen, hebben dit moeten bouwen, en zijn waarschijnlijk nooit meer vrij gekomen…


We waren lekker redelijk op tijd terug in het hotel, rond 16:30, en hebben nog eventjes een dik uurtje in onze keurige kamer kunnen rusten voor het tijd was om naar het eten te gaan. Dat is toch wel best vermoeiend aan deze reis, dat je eigenlijk bijna iedere dag buiten de deur eet ‘s avonds, vaak ook nog wel een kwartier of half uur rijden, je bent dus constant op pad. Gisteravond was dan ook zo’n welkome afwisseling dat we gewoon in het hotel konden blijven voor het avondeten!


Het avondeten was weer in een hip restaurant dat duidelijk heel populair (want druk) was, en mooi versierd met allerlei traditionele dingen zoals tapijten, keramiek en zijde maar dan op een originele manier. Zo zweefde de tapijten ondersteboven (zodat we ze konden zien) van het plafond en waren de kolommen van de grote zaal omringd door kleurrijke aardewerken borden op stellages gemonteerd. Drie mongools-uitziende muzikanten maakte traditioneel muziek (de mondharp was niet echt aan ons besteed, de rest ging wel) en we hebben best lekker gegeten. Het restaurant heette “navat”, wat ook de naam is voor de grote brokken goudkleurige kandij die we overal op bazaars zien in deze streken, en Hans en ik konden een paar brokjes scoren om te proeven; heerlijk, een snoepje op zich!


free counters