September 2015: Turkmenistan, Oezbekistan en Kirgizië

Vrijdag 25 september: Issyk-Kul – Karakol

Toen we wegreden van het resort vroegen we de gids en chauffeur even te stoppen bij een aantal containerwoningen langs de weg; het was een grappig gezicht en leuk om te zien want er waren verschillende woningen in verschillende fases van gereedheid, gemaakt van echte zeecontainers!


We bezochten vanochtend het etnografisch museum van het stadje; etnografisch hield eigenlijk gewoon in, alles wat ze konden verzinnen om te laten zien van de regio om het meer… Zoals wel vaker moest er een “fotopermit” betaald worden als je foto’s wilde maken – vaak gewoon een wassen neus en extra bron van inkomen aangezien niemand controleert. Hier was het schijnbaar zo dat als je met je mobiel fotografeerde je geen fotopermit nodig had, en als je je fototoestel gebruikte wel vanwege de flits?? Tja…


We reden verder langs het meer, de bergen bleven prachtig en het uitzicht veranderde constant. Het begint meer te lijken op het Kirgizië dat Hans en ik verwacht hadden – we missen tot nu toe een beetje de natuur hier, daar is weinig nadruk op in het programma terwijl Kirgizië daar juist om bekend is. Maar goed, vandaag was dus een mooie rijdag, nog mooier dan gisteren. De hoge, grote berkenbomen beginnen al goudkleurige bladeren te krijgen en overal om ons heen waren enorm hoge bergen en lagere heuvels. En het meer natuurlijk – erg mooi, maar Hans en ik houden vooral van de bergen! Om het meer waren veel standbeelden te vinden; onduidelijk waarom soms, zo te zien vooral bedoeld om de natuur een beetje mooier te maken… Een zilveren panter of bronzen adelaar is dan echter wel een beetje een kitscherige keuze in onze ogen!


Voor Kirgiezen zijn paarden vanuit hun nomade-achtergrond nog altijd erg belangrijk, en dat zie je want in de velden grazen kuddes paarden of ze drinken bij de riviertjes, en regelmatig zien we dan ook ruiters op de weg of in de velden. De bus moest ook regelmatig afremmen voor paarden die overstaken, hoewel er ook vaak koeien en soms zelfs ganzen overstaken…


We hebben in Karakol geluncht, en dat was een logistieke ramp… Zo’n restaurant weet van tevoren altijd dat we komen als groep, vaak is er maar een beperkte kaart om de bereiding te stroomlijnen, maar het lijkt toch regelmatig alsof ze dan voor het eerst in hun leven in de bediening zitten. Hier waren een aantal bonnetjes niet geprint wat tot hilariteit leidde omdat het eten dus mondjesmaat uit de keuken kwam, dan ook vaak heel de bestelling tegelijk, en van alles vergeten werd! Dus de ene zat nog zielig te wachten op zijn eten en de andere had alle drie de bestellingen al voor zijn neus en was al bijna klaar…


Na de lunch bezochten we nog de oude Russisch orthodoxe kerk, 120 jaar oud en een mooi houten gebouwtje met groen en gouden koepels dat van binnen mooi pastelblauw en wit geschilderd was, en de oude houten moskee er vlakbij, die door lang geleden gevluchte Chinese Oeigoeren gemaakt was. Die moskee was dus gek genoeg in de stijl van een Chinese tempel gebouwd, heel apart!


Toen was het door naar het Przewalski (oftewel Prezhevalsky…) museum en parkje. Schijnbaar was Przewalski een 19e eeuwse Poolse ontdekkingsreiziger, en is het bekende paard naar hem genoemd. Hij is hier aan het meer ziek geworden en overleden, en het was zijn laatste wens om aan de oever van het meer begraven te worden. Daaraan konden we goed zien hoeveel het Issyk-Kul meer gekrompen is in de loop der tijd, aangezien zijn grafmonument nu zeker 300-500 meter van de waterkant af ligt!


Het grafmonument had een groot levendig beeld van een adelaar bovenop, en schijnbaar was dit de reden dat het nooit schoongemaakt hoefde te worden, want de duiven durfde er niet in de buurt van te komen! Lachen… Er waren twee bruidsparen bezig foto’s te maken in het parkje, dat inderdaad ook wel een erg mooie locatie was, zeker nu met de laatste bloemen en de beginnende herfstkleuren.


Als laatste hebben we nog een beetje langs oude houten huisjes gewandeld, waar Karakol schijnbaar ook bekend voor is. Klinkt meer dan het was, je verwacht dan prachtige houten huisjes mooi versierd met houtsnijwerk en zo, maar er was niet heel veel aan te zien in de meeste gevallen aangezien de meeste huisjes gestukt, vervallen of opgeknapt waren, soms zelfs met praktische plastic schrootjes op de buitenkant! Als eerste het oudste houten huisje van de regio, 170 jaar oud met een lief bloementuintje ervoor.


Toen wat verderop in het stadje naar nog een straatje of twee met houten huisjes. Een huis van een rijke koopman was dan wel mooi, met twee verdiepingen (uniek voor deze bouw) en de massieve boomstammen waarmee de muren gemaakt zijn en die op de hoeken een beetje uitsteken slim verstopt achter elegante kolommen van stucwerk. Wij vonden de huizen tijdens onze boottocht door Rusland, met name in Pylos, het dorpje met de acht kerken, vele malen mooier!


Ons kleine hotel was flink aan het verbouwen geweest; alles was kraaknetjes, maar je rook het bouwstof nog licht en in het trappengat stonden nog bouwsteigers! Ook de meubels in de kamer leken er pas vandaag ingezet te zijn… We hadden een mooi uitzicht op de bergen in de verte vanuit ons raam, en de tuin stond vol met appelbomen boordenvol fruit. We moesten bij het betreden van het hotel onze schoenen uit, om de een of andere reden, en ‘s avonds viel de stroom twee keer eventjes uit.


free counters