MEI 2016: RONDREIS INDRUKWEKKEND IRAN

Hans en ik hebben slecht geslapen vannacht; er was gisteravond een groepje Iraanse gasten in de binnenplaats van het hotel vlak onder ons raam erg gezellig en een beetje luid geweest, tot een uur of 23, en daarna hadden we zelf ook nog eens een slechte nacht gehad met veel wakker worden. Na het ontbijt was het tijd om de spullen in te pakken en op te ruimen, en zijn we op ons gemak door de bazaar naar de straat gelopen; onze bagage werd op een wagentje achter ons aan gereden en na een paar minuten kwam onze vriendelijke rustige chauffeur met de bus aanrijden.

Hans en ik denken te zien dat de Perzisch cultuur duidelijk een andere cultuur is dan de Arabisch; Iran is een Perzisch eilandje in een Arabische zee, ondanks dat het voor het Westen misschien allemaal een pot nat lijkt. Onder het bovenste laagje Islamitische leefnormen schuilt een veel oudere en toch wel andere cultuur. Als we interactie zien tussen mannen en vrouwen, lijkt dat gelijkwaardig met elkaar om te gaan ondanks de ongelijkwaardige leefregels. En weliswaar zien we een hoop jonge vrouwen met chador lopen, zo’n lange zwarte doek die je over je hoofd slaat en tot je enkels valt, maar het valt ons op dat ze daaronder vaak erg modern gekleed zijn; de chador komt in dit geval op ons over als een soort uniform of masker dat ze opzetten als ze de deur uit gaan, om geen gezeur te hebben, en omdat het gemakkelijk is want daaronder kunnen ze dragen wat ze willen. Ze hoeven alleen die doek om te slaan zoals wij een jas aan zouden trekken om de deur uit te gaan, en dan zijn ze klaar.


Vandaag zijn we naar Kerman gereden, weer langs hele mooie bergen en door woestijngebied. Onze theepauze ‘s ochtends was bij een kleine oude caravanserai die ooit een verlaten ruïne was, maar een paar jaar geleden helemaal opgeknapt, en weer terug in gebruik genomen was waar hij oorspronkelijk voor bedoeld was: als motel! Het was een mooi gebouw en apart ontworpen: als een volledig ronde versterkte burcht, met ronde torens en een ronde binnenplaats. We hadden nog nooit zo’n goed verdedigbare caravanserai gezien, maar het leek ons wel logisch dat je zo helemaal alleen in de woestijn tussen de bergen, als pleisterplaats voor karavanen vol kostbaarheden, een aantrekkelijk doelwit kunt zijn voor rovers… De meeste kamers van de caravanserai waren ook zo authentiek mogelijk gemaakt met gordijnen als afscheiding, tapijten en kussens op de grond, en dus ook slapen op de tapijten. Leuk om te zien maar Hans en ik waren wel blij dat we gewoon in een modern hotel sliepen!

Toen wij aankwamen bij de caravanserai stond er een bus, die bleek van een andere Nederlandse groep te zijn van een rondreis van SRC. Hans en ik keken nog of we Sven zagen lopen, onze Nederlandse Russisch Orthodoxe priester-en-reisbegeleider van de mooie Oezbekistan, Turkmenistan en Kirgiziërondreis die we vorig jaar met SRC gedaan hadden. We wisten dat hij ook Iran-rondreizen deed, en dat was wel leuk geweest als we hem hier nu tegen zouden komen, maar helaas, hij was duidelijk niet de begeleider van deze groep! Onze lokale gids had de afgelopen dagen in Yazd in een vrij moment nog even een doos koekjes gehaald van die lekkere bakker waar we hadden mogen proeven, en die waren nu erg welkom bij de thee, heerlijk! De doos was enorm, dus Hans en ik en een paar andere lekkerbekken hebben nog lekker van verschillende soorten koekjes kunnen proeven, er waren meer dan voldoende voor iedereen!

Na een mooie stop bij de caravanserai zijn we weer op pad gegaan. Dicht bij de weg wees onze lokale gids nog op een hoopje leemstenen; zo had de opgeknapte caravanserai er ook uit gezien vroeger, toen het nog een ruïne was! Er was dicht bij deze caravanserai een klein bosje bomen, en dat kwam omdat daar een bron was. In de bus vertelde de lokale gids dat er in Iran dankzij het onderwijs veel kansen waren voor vrouwen om goede banen te vinden of onderzoekers te worden of zo, een vreemde paradox want tegelijk is er zo’n repressie van vrouwen.

Naarmate we in de buurt van de provincie Kerman kwamen begonnen we steeds meer pistachebomen te zien, Kerman is dan ook de provincie waar de meeste pistachenootjes vandaan komen. Schijnbaar kunnen pistachebomen alleen goed groeien op een grondsoort die onder andere magnesium, ijzer en zout bevat, wat ook wel een beetje verklaart waarom ze zo duur zijn, want alleen Iran kan ze dus op grote schaal telen. Onze lokale gids gaf ons in de bus rijdend langs de pistacheboomgaarden een lezing over welke soorten pistache het beste waren. Van de “korte dikke” soorten noemde hij iets dat klonk als “kabalou” als de beste, bij de “lange dunne” soorten was “achbalie” de lekkerste. Pffff in Nederland moeten we het doen met wat we vinden, daar hebben we toch echt weinig keuze!

Onderweg in het plaatsje Rafsanjan zocht de chauffeur naar een rustige lunchplek, en zijn we uiteindelijk gestopt voor de picknicklunch in een stadspark, waar we zoals altijd nieuwsgierig bekeken werden door mensen die langs kwamen (en soms een ommetje liepen om speciaal langs ons te kunnen lopen). Hans en ik merken dat een deel van de groep nooit meehelpt bij het klaarzetten van de spullen voor de lunch, en een paar mensen (waaronder wij dus) altijd helpen, maar dat die wachters wel klaar staan om gelijk aan te schuiven zodra alles klaar staat. Ach ja, dat gaat altijd zo in een groep. De lokale gids en de chauffeur knikken altijd dankbaar als Hans of ik of een van de andere paar mensen die meehelpen een zware tas pakken of het tafeltje of helpen poten en blikken open te maken.

Tijdens de lunch vertelde we de lokale gids dat wij in Nederland gek op kaas zijn, allerlei soorten hebben, maar ook graag oude kaas eten, en dat die in de verste verte niet lijkt op de natte zachte witte kaassoorten (een beetje feta-achtig brokkelig, of ook wel smeerbaar zoals Philadelphia) die ze graag in Iran eten. Hij kon het nauwelijks geloven toen ik vertelde dat we onze kazen soms jarenlang laten rijpen, tot wel 2-3 jaar, en dat die zo duur zijn, dat er door Oost-Europeanen onlangs zelfs duizenden kazen gestolen zijn bij kaasboeren op het platteland om in Rusland te verkopen! Hij vond het een geweldige mop, wie steelt er nou toch kazen! Terwijl we daar stonden kwamen wat kinderen bedelen voor eten, de lokale gids bevestigde dat dit Koerdische kinderen waren en gaf ze tegen het einde van de lunch wat te eten en zijn zakenkaartje.

Om 15:30 reden we Kerman binnen. Ons hotel was van buiten een van de vele onopvallende, oninteressante, stoffige en enigszins verlopen gebouwen in een zijstraatje van een zijstraatje, maar je moet in dit soort landen niet op de gevel afgaan, want daarachter lag een keurig, nieuw, modern hotel. Hans en ik waren erg blij, het hotel zag er goed uit, hopelijk de kamers ook! Maar voor we naar de kamers konden was er eerst weer een kleine crisis. Het was heel de dag goed gegaan met onze reisbegeleidster Anna en tussen haar en de lokale gids, maar opeens bij de balie van het hotel plofte het weer. De lokale gids wilde even snel de sleutels verdelen zodat iedereen naar zijn kamer kon, maar Anna wilde de kamers op haar manier verdelen, en dat botste natuurlijk weer tussen die twee. De lokale gids liep op gegeven moment naar buiten zodat hij niet zou ploffen, om de eer aan zichzelf te houden, en Anna ging verder met de sleutels, op haar manier… En wat ging dat omslachtig!

Ze deelde de sleutels uit maar vertelde niet wat het verdere programma was, dus mensen met sleutel moesten blijven staan wachten. Hans vroeg op gegeven moment wanneer we weer beneden moesten zijn voor de rest van het programma, zodat die mensen die de sleutel al hadden alvast op de lift konden gaan wachten, want die was piepklein en zou voor enorme opstoppingen zorgen. Maar daar raakte Anna helemaal van over de rooie, en verstoord, en ze wilde eerst de sleutels afmaken. Maar Hans legde diplomatisch uit dat dat niet handig was en ze eerst moest zeggen wanneer men terug in de lobby moest zijn zodat er doorstroming kon zijn, en op gegeven moment riep ze dat aangezien Hans het zo goed wist, hij van nu af aan de reisbeleider was en we het maar aan hem moesten vragen!


Dat schoot Hans in het verkeerde keelgat, natuurlijk, maar hij slikte drie keer en bleef bijzonder diplomatisch. Boos worden heeft toch geen zin. Toen ze EINDELIJK klaar was met de sleutels verdelen en eindelijk verteld had wanneer iedereen weer terug beneden moest zijn bleven wij een beetje achter (de lift was de komende 10 minuten toch volledig bezet door de grote file die er nu voor stond), en we hebben even heel rustig op haar ingepraat dat ze niet zo vijandig moet doen tegen iedereen, niemand wil haar voor gek zetten of openlijk afvallen, maar af en toe moet je gewoon een beetje handiger te werk gaan. En we hebben haar vriendelijk duidelijk gemaakt dat niemand erop zit te wachten dat deze reis in de soep valt door een karakter-botsing tussen haar en de lokale gids, en dat ze zich zo professioneel mogelijk moet opstellen en zich niet gek laten maken maar gewoon samenwerken en geven en nemen. Pfffff wat een gedoe allemaal!


Met Anna weer even gesust (we zijn ook heel even naar buiten gestapt om eventjes met de lokale gids te praten) zijn Hans en ik gauw naar onze kamer gegaan om nog even op te frissen. Wat een nette moderne kamer, prima! Om 16:15 stond iedereen weer beneden, en zijn we met de bus nog even de stad ingegaan naar een complex van een aantal binnenplaatsen, bazaars, een kleine madrassa (koranschool) en verschillende badhuizen/hammams die nu museums of theehuizen geworden waren. Erg leuk om daar rond te kijken naar de mooie versieringen en gebouwen, en de winkels en mensen. Er was in de grote binnenplaats een muziekfestival bezig dus het was druk met mensen, leuk!

We zijn eerst naar de madrassa gelopen, die opgeknapt werd, en hebben daar in de binnenplaats gekeken naar de mooie betegelde bogen. Het viel ons op dat er gezichten en engelen afgebeeld werden, en een zon met een gezicht erin – terwijl in de islamitische kunst geen mensen weergegeven mogen worden naar ons weten.

We liepen door de bazaar en genoten van de geuren en kleuren terwijl af en toe muzikanten hun entree maakte voor het muziekfestival. We hebben twee hele mooie oude badhuizen bezocht, waarbij de eerste een klein museumpje geworden was met beelden van badgangers, en de andere in een theehuis was veranderd. Daar hebben we thee gedronken; piepkleine glaasjes hete thee met een naar verhouding enorm kandijstokje met honing erin – ongeveer alsof je zes klontjes suiker in je thee doet, maar wel erg lekker! Erbij een vijgenkoekje en live traditionele muziek, en voor wie het aandurfde in de groep een trekje van een waterpijp, geregeld door onze lokale gids die er zelf ook een paar trekjes van nam om hem op gang te brengen.

Na de theepauze zouden we nog naar het geldmuseum dat grensde aan het grote plein gaan, maar bij het weglopen uit het theehuis was Anna achter een paar mensen aangelopen die de andere kant op gingen, en de rest van de groep liep met de lokale gids mee naar het museum, dus we stonden een beetje te wachten en te kijken naar de muzikanten en dansers. Maar het duurde een hele tijd en onze lokale gids werd ongeduldig, duidelijk dat het programma uitliep en hij zich afvroeg waar Anna was. Ze was ook niet te bereiken op haar mobiel, pas na een hele tijd verscheen ze weer uit de bazaar. Wij hadden zelf eigenlijk liever naar het muziekfestival gekeken, maar we moesten het muntenmuseum bezoeken, dus iedereen ging braaf naar binnen toen de groep weer compleet was. Gelukkig was het een piepklein museum, dus we zijn er iets van een half uur of drie kwartier mee bezig geweest. Toen was het weer terug naar het hotel om even op te frissen.

Om 19:30 deden we weer verzamelen voor het avondeten, en na een klein stukje met de bus gereden te hebben wandelde we nog iets van een kwartier tot het restaurant. Dat was in een weelderige groene binnenplaats aan tafels en stoelen die speciaal voor ons gezocht moesten worden want het restaurant had normaal gezien eigenlijk alleen dagbedden om op te zitten… Maar we hebben er gesmuld van lekkere kebab en kip in hangop gemarineerd (schijnbaar ligt de kip een hele nacht in de hangop), en een onvoorstelbare grote berg rijst. Iraniërs zijn duidelijk dol op rijst, onze lokale gids schepte zelf een grote berg op. De rijst hier is ook heel erg lekker, met bovenop de witte rijst als contrast een paar scheppen gele saffraanrijst, en óf gesmolten boter erover, of, heel praktisch, kleine boterkuipjes in de hete rijst gedrukt. Eerst snapte ik niet waarom ze dat deden, dan smolt de boter toch! Maar dat bleek dus precies de bedoeling te zijn natuurlijk, zodat je hem zo over de rijst op je bord kon uitgieten…

Terug in het hotel hebben Hans en ik heerlijk gedoucht in onze moderne kamer. Ik was al klaar en Hans stond nog onder de douche toen ik opeens water hoorde lopen; het bleek dat onze airco geen afvoer had gekregen tijdens de bouw, en dus nu aan het overlopen was – over de flatscreen tv en bedrading die er precies onder hing. Daarvan heb ik dus maar de stekker uit het stopcontact getrokken! En een van de hotelhanddoeken onder de druppels van de airco om het geluid een beetje te dempen… We hadden een goede internetverdieping en hebben wat foto’s met vrienden en familie thuis gedeeld, en we kunnen ons er nog altijd over verbazen dat je zo gemakkelijk foto’s duizenden kilometers verderop kunt appen!

free counters