APRIL 2019: RONDREIS WEIDS KAZACHSTAN

Onze kamer met mooi glimmend groen plastic spanplafond, groengouden gordijnen en groengoud krullenbehang had helaas niet zulke goede matrassen: Hans hoefde maar diep in te ademen of zijn matras kraakte iedereen op de gang wakker! Een beetje een onrustige nacht dus. Wel was het met kamelenhaar gevuld dekbed lekker warm…


We zijn om 8:30 opgestaan, en hebben douchen overgeslagen want het bad stond een beetje wankel op zijn poten en vertrouwde we niet 100% - later bleek er ook geen druk op de douchekraan te staan en nauwelijks water eruit te komen. Ontbijt stond voor 9 uur gepland en vertrek om 10 uur lokale tijd, het is hier een uurtje eerder dan in de rest van Kazachstan. Het duurde even voor het eten kwam, en toen het kwam kregen we ieder 3 eitjes – wel wat veel, maar ze waren erg lekker!

Toen we om 9:50 naar buiten gingen hadden de andere drie (het oudere Belgische echtpaar en de oudere Nederlandse vrouw) al de beste auto ingepalmd. Ach, die van ons zag er wat minder sjiek uit maar was ook prima. We moeten wel lachen om die drie, want zoals je ze van een afstandje bezig ziet lijkt het alsof de man met de Nederlandse getrouwd is en de Belgische alleen reist; hij lijkt zijn eigen vrouw amper te zien staan, kijkt ook geeneens of ze mee komt – je zou nooit zeggen dat ze getrouwd zijn, en daarentegen lijkt hij altijd gefascineerd te kletsen met de Nederlandse alsof hij haar al jaren kent. Om 10 uur vertrokken we en we merkte dat Zadra zich bewust leek te zijn van het feit dat we tegen het einde van de reis komen en er een fooi aankomt, want opeens begon ze vandaag de reisleidster uit te hangen en vooral ook ONS vieren dingen te vertellen! Altijd lachen zoiets…

In andere delen van Kazachstan zie je veel schapen, geiten, koeien en paarden langs de weg, hier zijn het vooral koeien, paarden en kamelen, heel veel paarden en kamelen! We reden in twee 4WD auto’s en gingen al gauw van de asfaltweg af op zandwegen. Onderweg zag ik een vos die zijn wintervacht nog had: hij was nog helemaal in winters grijswit maar al wel met een beetje zomers oranje in snuit en poten, een leuk gezicht! En we zagen verschillende bijzonder grote roofvogels op de grond – als ze stonden reikte ze tot voorbij je knie!

Het landschap was weids, groen maar ook zanderig, dit is al praktisch woestijn. We hielden onderweg een fotostop voor een van de vele groepen (half?) wilde paarden, velen hadden ook al een paar veulentjes in de groep. Toen we weer gingen rijden deed ik aan iedereen in onze auto een mini-marsje uitdelen, voor het lekker.

We kwamen na zo’n anderhalf uur rijden aan bij een van de vroegere oevers van het Aral Meer, dat schijnbaar 88% gekropen is sinds halverwege de 20e eeuw. Hier was een hete bron, per ongeluk ontdekt toen ze een pijp aan het boren waren, en het water dat van 1200 meter diepte kwam was zo’n 62 graden heet en spoot constant uit de grond. Zadra en de twee chauffeurs dichtte er heilzame krachten aan toe, volgens een bordje dat erbij stond waren 2 baden van 30 minuten goed voor allerlei kwaaltjes… Zadra had vanochtend een dik oog en baadde dus haar oog in het water – ’s avonds was haar oog minder dik en dat kwam natuurlijk dankzij het water…

In de verte zag je de huidige oever van het Aral Meer, en achter ons een prachtige bergketen van zandbergen in mooie plateaus – de eerdere oevers en zijkanten van het meer.

We reden een eindje langs deze zandbergen naar twee scheepswrakken. Bij scheepswrakken bij het Aral Meer denken we aan een hele haven van schepen triest en verlaten in het zand, maar schijnbaar worden de schepen nu de laatste tijd aan de lopende band tot schroot gezaagd en verkocht als oud metaal door de lokale bevolking, en zijn er dus steeds minder te vinden. Deze twee lagen heel triest half in het water, donkerbruin verroest, eentje half opgezaagd de ander een hoopje verwrongen metaal. Niet precies zoals ons beeld was maar misschien is dit het beste wat je in dit gedeelte van het meer kunt vinden aan scheepswrakken! En de bergen waren prachtig dus daar hebben we zeker van genoten.

We reden terug naar de hete bron waar we rond 13 uur lunch kregen (vroeg voor de laatste tijd, we beginnen onderhand te wennen aan pas rond 15 uur te lunchen): ieder kreeg twee stukken gebakken vis van gisteravond – Zadra verkondigde gisteren toen we net voor middernacht aankwamen namelijk vrolijk dat er nog een avondmaaltijd op ons stond te wachten en zowel Zadra als guesthouse eigenaresse waren stomverbaasd dat niemand meer wilde eten maar gelijk naar zijn bedje wilde! Die vis was koud nog best smaakvol, zeker het stuk dat leek op een vettige vis zoals makreel. Er was nog wat brood en komkommer bij maar een substantiële lunch was het niet echt, plus Kazachen lijken er principieel iets op tegen te hebben om je een mes te geven bij het eten, we krijgen altijd alleen maar vork en lepel en daar moet je alles mee doen – en een hard stukje vis fileren met een plastic lepel terwijl je probeert je bakje vast te houden en hurkend te schuilen voor de harde koude wind in een krakkemikkig hokje is nog niet zo gemakkelijk!

We hebben opgegeten wat we lustte en nog wat komkommer en brood als vulling gegeten, en toen onze handen gewassen in de bron. Ondertussen deden de chauffeurs en Zadra flesjes bronwater vullen en ging een van de chauffeurs zelfs een bad nemen.

Toen iedereen uitgebadderd en uitgegeten was reden we weer terug naar Aralsk, met onderweg af en toe nog een fotostop voor de paarden en kamelen. Bij de rand van een klein stoffig dorpje liepen kamelen zo tussen de huizen, en terwijl we er stonden te kijken kwam een kameel over de weg aangelopen en kreeg opeens de kolder in zijn kop en begon letterlijk te huppelen, wat bij koeien die na de winter weer de wei in mogen al een leuk gezicht is, maar bij zo’n kameel al helemaal grappig! Sowieso zijn de kamelen hier prachtig, ze zien er goed verzorgd uit met dikke vachten, lange baarden en soms nog een mooie kuif half over de ogen. En allerlei kleuren van vuil wit via geel naar bruin en donkergrijs, heel mooi.

Hans en ik waren een beetje verbaasd over hoe groot Aralsk was; bij de guesthouse heb je het idee dat die midden in de woestijn ligt met wat verdwaalde huisjes eromheen, maar het ligt dus aan de rand van een relatief grote stad. We reden in het stadje Aralsk naar een “museum” waar zo te zien alleen een paar schepen lagen, en Zadra d’r opleving als gids vanochtend was alweer voorbij, dus we kregen er verder ook geen uitleg over, konden sowieso niet naar binnen en hebben dus maar een beetje op de schepen ernaast gestaan en gewacht tot Zadra weer in beweging kwam.

Toen reden we naar een supermarkt, waar Hans en ik wat tucs en mini-muffins gekocht hebben voor morgen, en natuurlijk een beetje rondgekeken in het supermarktje, altijd leuk.

Onderweg naar de supermarkt zagen Hans en ik een mooi oorlogsmonument en vroegen of we daar even onderweg terug naar konden gaan kijken. Zadra reageerde eerst zo van prima, maar kun je dan wel zelf naar het hotel terug komen? Ze was dus niet van plan om het programma, dat nu klaar was, hiervoor aan te passen. Maar de Belgische dames wilde ook wel mee dus toen sprak ze af dat alleen onze auto zou gaan, en instrueerde onze chauffeur waar hij ons naar toe moest brengen. Uiteindelijk bleek de oudere Belgische man ook wel nieuwsgierig, dus kwam uiteindelijk iedereen mee, dus dat werd een mini-excursie! Hans berekende dat er wel 6000 namen op het monument moesten staan, van mannen uit de omgeving van het Aral Meer. Ongelofelijk altijd zulke aantallen.

Toen iedereen uitgekeken was reden we terug naar onze accommodatie, waar we om 17:15 aankwamen. Iedereen had hetzelfde idee en installeerde zich in de lobby waar we geďnternet hebben tot het etenstijd was, en Hans en ik ondertussen een van onze twee kostbare zakjes suikerpindas opgesnoept hebben. We zijn tot 18:45 uur blijven zitten, toen nog even gauw naar boven om de spullen achter te laten en ons geld te tellen, en toen weer naar beneden om te eten.

Het eten was eenvoudig maar smaakte beter dan verwacht, borsjt soep en grove manti’s maar gelukkig eens niet met schaap maar rund gevuld. Het waren eigenlijk de beste manti’s die we hier in Kazachstan op hebben. We hebben lang nagetafeld en gekletst met de Belgische dames tussen de schalen half opgegeten manti’s (ze zullen NIET de tafel afruimen al zit je er nog zo lang), tot we weggekeken werden, en hebben ’s avonds lekker een kopje koffie gezet en als toetje een mini-muffin genomen voor we naar bed gingen.

free counters