20 juni 2007: Geysir – Reykjavik, 160 km

We zijn vandaag op tijd vertrokken vanaf de camper slaapplaats richting de geisers, waar we op het parkeerterrein voor de verandering als ontbijt eens een heerlijk gebakken eitje met spek op beschuit gegeten hebben… Sinds we hier zijn eten we eigenlijk alleen nog maar beschuit in plaats van brood, omdat we dat allebei lekkerder vinden en brood zo snel oud wordt. Enne, een beschuitje met gebakken ei is heerlijk hoor! Daarna gingen we nog even kijken bij de geisers, want we hadden de modderpotten nog niet gezien en wilde nog even kijken bij de Strokkur. Nou die modder viel tegen want er was niets te zien of het was niet te zien vanaf waar we stonden bij het hek; dat hek was wel nodig want overal stoomde de grond en waren er grote en kleine gaten in de grond met borrelend kokend water! Bij de Strokkur hebben we nog gekeken naar een paar uitbarstingen om daarna toch maar weer op pad te gaan. Het is echt fascinerend om naar die geiser te kijken, we hadden er allebei nog uren kunnen zitten.


Onderweg naar het volgende punt op het programma reden we door een erg mooi heuvelachtig boerenlandschap, met als grappig detail af en toe in de buurt van de boerderijen een kleine constructie van pijpen en beton uit de grond stekend waar enorme hoeveelheden stoom van af kwamen…heet water gratis en voor niets, zo uit de grond!


We reden vandaag naar Reykjavik, met als stop onderweg het Thingvallir, wat vroeger het IJslandse parlement was en nog steeds een hele belangrijke plek heeft in het gevoel van de IJslanders. Thingvallir ligt op de rand van het breukvlak tussen de continentale platen en is sinds de kolonisatie van IJsland in de 10e eeuw tot ver in de 18e eeuw de plek geweest waar jaarlijks alle notabelen samenkwamen om wetten te maken en te delen, parlement te voeren en waarschijnlijk ook flink te feesten. Naast dit is het ook gewoon een spectaculair natuurgebied waar de diepe kloven en scheuren in de grond, gevormd door het uit elkaar bewegen van de ondergrond, letterlijk overal te zien zijn. We hebben in een metersdiepe kloof gestaan die blijkbaar zo’n 3 mm per jaar breder wordt, en in de auto langs metersdiepe scheuren gereden die zo door het landschap snijden. Heel bijzonder om te zien. Helaas geen borrelende roodgloeiende magma onderin de scheuren zoals ik me deze plek als kind voorstelde, maar toch erg leuk om te zien!


In Reykjavik zijn we nog even een supermarkt ingedoken en hebben voor IJslandse begrippen goedkoop een en ander in kunnen kopen, en daarna zijn we onherroepelijk verdwaald geraakt op zoek naar de camping. Uiteraard. Hans en ik zijn wat dat betreft best handig in kaarten lezen maar vreselijk onhandig in onze weg vinden in grote steden. Zeker als de straten andere namen hebben dan op de kaart! Maar goed, het is gelukt en uiteindelijk viel het allemaal reuze mee. We zitten nu op een eenvoudige camping met als enorme luxe onbeperkt bloedheet water voor afwassen en douchen – zo uit de grond volgens mij want er staan overal waarschuwingsborden dat het hete water wel 85 graden kan zijn en dus voorzichtigheid geboden is! De lichte zwavelgeur nemen we voor lief, het is heerlijk om eens gratis, lang en onbeperkt te kunnen douchen – gemiddeld tarief op de campings tot nu toe zo’n 3 euro per 5 minuten. Wat we uiteraard niet betaalden, dan gingen we gewoon in de camper eventjes douchen… We moeten toch ergens op besparen niet waar?!


free counters