Dinsdag 7 april: Lairg - Fort Augustus; 303 km gereden

De eigenaresse van de B&B had ons verteld dat er in de buurt van het plaatsje Lairg een waterval was waar de zalmen goed zichtbaar waren als ze uit het water sprongen terwijl ze tegen de stroom in zwommen. Dus daar ging onze route vandaag in ieder geval beginnen! De waterval, Falls of Shin, was meer een serie cascades maar heel erg mooi tussen de rotsen gelegen – helaas geen zalmen natuurlijk – ook zagen we een enorm kasteel/landhuis in de buurt van het plaatsje, echt wel zeker 6-7 verdiepingen met ramen!

Ik had een route uitgestippeld die onderweg naar Fort Augustus, aan het uiteinde van het beroemde Loch Ness gelegen, nog zo veel mogelijk van het omringende landschap via kleine weggetjes zou meepikken, maar die nog wel via Ullapool ging; helaas is het soms onvermijdelijk om dubbele wegen te rijden, er zijn hier niet zo veel wegen in ieder geval niet in de gebieden waar wij willen rijden! Nadat we op voor ons “nieuwe” wegen terechtkwamen onder Ullapool richting Inverness en Loch Ness werd het geleidelijk aan weer steeds drukker op de weg. Ook werd het landschap weer steeds glooiender en liefelijker – wel nog vaak erg mooi, maar niet meer zo ruig als het hoge noorden. In Inverness werd mijn geplande snelle route via de ringweg waarbij we nauwelijks de stad in zouden gaan meer een uitgebreide stadstour (en “toer”) aangezien er wegwerkzaamheden waren en omleidingen. De routeplanner is zijn gewicht in goud waard! Heerlijk...

We hebben in de regio Loch Ness eerst de eerste helft van de verplichte weg langs het Loch gereden – een vreselijk drukke weg langs een loch die niet speciaal mooi of bijzonder is maar toeristisch vreselijk uitgemolken is natuurlijk... daarna zijn we voor een korte adempauze via een aantal mooie en een stuk rustigere binnendoorweggetjes gereden in het Glen Affric gebied, om daarna weer de rest van de toeristenroute te volgen... Uiteraard geen monster gezien, wel een hoop monsterlijke toeristische attracties, zoals boottochtjes op het loch om het monster te zoeken, het enigste Loch Ness hotel (en verder zagen we ook de enigste camping, hostel, B&B, cafe, restaurant, bar, enz..., de Loch Ness Monster visitors centre, en de mooie maar niet spectaculaire ruďne van het kasteel Urquhart die, vanwege zijn prachtige ligging halverwege het loch monsterlijke toegangsprijzen vroeg! Eenmaal in Fort Augustus aangekomen, een piepklein plaatsje die vooral teert op zijn locatie aan de zuideinde van het Loch Ness en het feit dat 6 van de 29 sluizen van het Caledonian Canal midden in het dorpje liggen, zijn wij natuurlijk eerst even naar de sluizen gaan kijken! Er kwamen net een vijftal pleziervaartuigjes aan dus we hebben toegekeken hoe ze de eerste van de zes sluizen opereerde; de andere 5 geloofde we wel dat dat ongeveer hetzelfde zou gaan! Wel leuk om te zien en indrukwekkend om midden op de sluisdeuren te staan en ze te voelen trillen van de kracht van het water erachter... Het Caledonian Canal strekt van oost naar west over Schotland heen, via een natuurlijke scheur in het landschap die voor drie achter elkaar gelegen lochs heeft gezorgd (waaronder Loch Ness). In 1804 is begonnen met de bouw van dit behoorlijk staaltje techniek, om te dienen als een veiliger alternatief voor schepen dan via de stormachtige, ruige en gevaarlijke noordkust van Schotland te moeten varen. De 29 sluizen zorgen ieder voor een stijging van zo’n 2,4 meter, in totaal stijgen of dalen schepen dus zo’n 70 meter over de lengte van het hele kanaal. Dat en meer informatie hebben we in het kleine museumpje opgedaan en heb ik Hans mee mogen vervelen!

Fort Augustus was hartstikke druk (we moeten er niet aan denken om in de buurt van Loch Ness en aanverwanten te komen in de zomer!) dus we hadden al half zoiets van we zoeken in het volgende plaatsje onderweg iets om te overnachten. Maar opeens aan de rand van het dorp zag Hans bij een huisje een B&B bordje zonder sterren – en die goedkope in Lairg had ook geen sterren gehad – dus we besloten toch maar even te vragen. Inderdaad, 40 euro voor ons tweeën en ook weer een prima kamertje – wel moeten we de badkamer delen met de eigenaresse maar goed dat is natuurlijk geen ramp! De eigenaresse is heel lief maar houdt niet zo van stoken, dus het huis is ijzig koud maar ons kamertje is lekker warm, daar zorgen we wel voor... We zijn in het dorp gaan eten, maar dat was niet zo heel spannend – gelukkig compenseerde het heerlijke toetje meer dan ruimschoots voor het enigszins smakeloze hoofdgerecht!


Eigenlijk is de vakantie gevoelsmatig al wel enigszins tot een einde gekomen, want we verwachten de komende 2 dagen niet nog spectaculaire ruige landschappen te zien zoals we een paar dagen geleden hebben mogen zien. Morgen gaan we nog een beetje rondrijden in het middengedeelte van Schotland, zo veel mogelijk via binnendoorweggetjes om de grote drukke snelwegen in dit gedeelte zo veel mogelijk te vermijden, en steken dan overmorgen de grens over om in Northumberland te eindigen, zodat we vrijdag op ons gemak nog langs Hadrians Wall rijden richting Newcastle en de ferry!

free counters