Zondag 25 juli: Alkefjellet – Torellneset – ijsbeer no.1

Ik merk dat ik een beetje het besef van de tijd kwijt begin te raken – het is constant, dag en nacht licht, en je gaat onderhand naar bed omdat het tijd is en je staat op omdat het tijd is maar (ook omdat je heel de dag toch wel in de buitenlucht in de weer bent) je bent niet meer specifiek tegen het einde van de dag moe; dat kan ook ‘s ochtends vroeg al zijn. Het is nu bijvoorbeeld al half tien ‘s ochtends, Hans ligt al een dutje te doen en ik voel me ook slaperig. Tuurlijk kan dat ook liggen aan korte nachten en onrustig slapen met volle dagen en veel buitenlucht, maar je bent je ook gewoon veel minder bewust van de tijd. De maaltijd-tijden houden mij in ieder geval nog een beetje op schema, die zijn gelukkig redelijk vast (en ze zijn de moeite waard, dat scheelt ook...). Ik realiseerde me net waarom we in Antarctica niet zo’n last van de lichte nachten hadden: daar waren we veel minder zuid dan hier noord (we waren daar niet eens over de Antarctische poolcirkelgekomen) en hadden een hut zonder raam diep onderin het schip, waar we dus alleen naar toe gingen als het bedtijd was en verder alleen kwamen om iets te halen of om om te kleden. Hier zitten we amper 1000 km van de Noordpool zelf vandaan, en hebben een hut met een (voor boot-begrippen) mooi groot raam, waardoor je dus ook nog na elf uur ‘s avonds de zon naar binnen kunt hebben schijnen...



We werden vanochtend om kwart voor zes gewekt, omdat we al om half zeven in de zodiacs een cruise zouden maken langs de Alkefjellet kliffen waar letterlijk tienduizenden vogelparen broeden. Het is een schitterende windstille dag met een bleke maar felle zon, het water was dus spiegelglad en de zodiac-cruise heerlijk. We voeren af op een klif van brede donkere doloriet die tussen twee lichte lagen gesandwiched was, met daar bovenop een dikke laag ijs die op sommige plekken eraf kwam “stromen”. De rotswand was verweerd in grillige, dunne hoge getrapte kolommen van steen, en muren van getrapte en gerichelde steen – en ieder vlak dat niet loodrecht verticaal stond zat vol met zwart-witte vogels, guillemots, die constant aan het af en aanvliegen waren en constant aan het roepen. De vogels vlogen ons soms letterlijk om de oren als ze van de klif wegvlogen richting de zee, en soms lieten ze zich gewoon gecontroleerd op het water vallen. In het water zelf zaten ook tienduizenden vogels. Een prachtig gezicht! Maar ook de kliffen waar ze tegenaan genesteld waren, waren prachtig: indrukwekkende rotsen, kliffen, watervalletjes, kolommen en zelfs halve grotten... Vanwege de mineraalrijke vogel-poep vormde zich op richels onder de nesten kleine heuveltjes vol mos en gras – en op plekken dat je je afvroeg hoe het daar gekomen was zag je plukjes oude sneeuw. Echt heel mooi allemaal!



Na de zodiactour hebben we ons gelijk omgekleed (je zit noodgedwongen constant laagjes aan en weer uit te doen, aangezien het aan boord en binnen lang niet zo koud/nat is als het in een bootje buiten kan zijn) en ontbeten, en daarna hadden we tijd vrij want nu moest het schip een redelijke afstand door de Hinlopen Strait afleggen richting de volgende stopplaats. We hebben dus op ons gemak in de hut de foto’s van het eerste uitstapje van de dag gedownload, uitgezocht en de batterijen van de fototoestellen in de opladers gestoken. En Hans heeft gelezen en gedut, voordat we besloten dat het tijd was om weer naar boven te gaan en te gaan kijken.



We hebben ruim 2 uur buiten op het bovenste dek gestaan, kijkend naar de prachtige omgeving... aan beide kanten van ons zwarte bergen met witte gletsjers en ijsvelden, en in het spiegelgladde water (het is echt een prachtige zonnige windstille dag vandaag) witte en blauwe stukjes ijs – van ijsblokje-formaat tot enorme brokken en platen van zeker 10-20 meter doorsnede. Het is hier wel met name zee-ijs – dat is dus ijs dat in de zee zelf vormt, en daarom vaak redelijk plat, niet enorm dik en min of meer schijfvormig is. Grote stukken breken als koekjes in kleine stukjes, terwijl kleine stukjes klonteren en vriezen tot grotere schijven, en wat er nu nog drijft is het restant van afgelopen winter. Een deel hiervan zal uiteindelijk smelten, de rest zal als het kouder wordt als zeepbellen samenklonteren en de basis voor de nieuwe ijslaag vormen. Af en toe zie je ook een ijsberg(je), dat zijn stukken die echt afbreken van gletsjers en gaan drijven – daarvan zagen we er veel in Antarctica, vaak enorme platte platen ijs, of grote grillige bergen – en dat is dus “landijs”. “Zeeijs” zoals dit hebben we in Antarctica nauwelijks gezien.



Het begint met al dat ijs in het water steeds meer echt ijsberenland te worden, en al hadden we nog geen ijsbeer zelf gezien, in de sneeuw op een van de grotere ijsplakken stonden wel overduidelijke berensporen. Stoer! Op een gegeven moment kondigde de expeditieleider door de intercom aan dat sommige gasten een ijsbeer gezien hadden (de gidsen zelf konden het niet bevestigen) en het schip even terug ging varen om uit te sluiten dat het inderdaad een ijsbeer was geweest. Het bleek helaas een rossig stuk ijs in ijsbeervorm te zijn, van een afstandje en als je niet goed oplet best overtuigend, maar vals alarm dus helaas... Hans en ik hopen alleen maar dat we niet dezelfde pech zullen hebben met ijsberen als de flamingo-vloek die ons over heel de wereld lijkt te achtervolgen.



We hebben lekker geluncht, moeten vanwege de detour naar de roze ijsbeerijsberg en de hoeveelheid ijs in het water nog een behoorlijk eind varen voor de middaglanding en omdat er naast mij al lekker zachtjes gesnurkt wordt denk ik dat ik het goede voorbeeld ook maar ga volgen en een dutje ga doen...



Ik heb een half uurtje geslapen voordat we wakker gemaakt werden door de expeditieleider over de intercom: er was flink veel drijfijs en absoluut de moeite waard om te kijken hoe het schip de laatste mijlen naar onze landingsplaats door de ijsbrokken en -platen ploeterde... dus we hebben ons weer warm aangekleed en zijn weer een uurtje boven op dek gaan staan; en het was inderdaad schitterend mooi! We hebben net een briefing gehad in de lounge, over de landing die we zodirect gaan doen bij de walrussen, en over de (vrijwillige) ijsduik die straks gaat plaatsvinden! Brrrrrrr... En nu zitten we in onze hut om ons klaar te maken voor de landing en ondertussen drijft er vlak buiten ons raam een walrus op een ijsschots langs... Heerlijk, we genieten met volle teugen van alles!



Er was zo veel ijs en een toch wel behoorlijke stroming bij de landtong waar de walrussen lagen dat het erg veel moeite kostte om iedereen aan land te krijgen in de zodiacs – op een gegeven moment hadden ze een groep aan land gekregen, en dachten ze dat ze een gaatje hadden voor de rest. Ze riepen dus om dat iedereen tegelijk naar de mud-room moest komen, maar dat gat werd vliegensvlug gedicht door kruiend ijs... Tegen de tijd dat wij er stonden, als eerste van de volgende groep, moesten ze zelfs de trap omhoog takelen om te voorkomen dat hij door het ijs geraakt zou worden, en konden de zodiacs het schip niet meer benaderen. Pas na een hele tijd en een beetje draaien van het schip om een (tijdelijk) gat te creëren in het langsdrijvende ijs konden wij in een zodiac stappen en naar land gebracht worden. Het landschap zo op zo’n kalme zee tussen de ijsschotsen is fabelachtig mooi, en wat het nog mooier maakte was dat we onderweg naar het strand langs een walrus op een ijsschots kwamen! En hij lag lekker te luieren dus kon even poseren voor de foto terwijl wij én hij in tegengestelde richtingen langs elkaar dreven. We landden op het kiezelstrandje, een eindje van de walrussen vandaan, maar moesten nog een tijdlang wachten omdat er maar maximaal 50 mensen tegelijk bij de walrussen mogen komen, en de eerste groep eerst terugmoest. Maar uiteindelijk mochten wij ook walrussen kijken!



De walrussen lagen op een hoopje op het kiezelstrand, te luieren, te krabben, te strekken en meer te luieren... Een gek gezicht en leuk om er zo dichtbij te zijn – er waren ongeveer 15 mannetjes – maar we waren eigenlijk nog blijer met die ene walrus op de ijsschots, dat is minstens zo mooi. Toen wij klaar waren mocht de laatste groep komen kijken, en konden wij weer terug naar het schip gebracht worden. Tegen de tijd dat wij aan boord waren was het al lang vijf uur geweest, en al lagen de handdoeken voor de duik al klaar, we konden ons niet voorstellen dat het vandaag nog ging plaatsvinden, vooral omdat het duidelijk was geworden dat de kapitein en de gidsen niet blij waren met het snel bewegend ijs en de kapitein wegwilde. Na zes uur, wanneer normaal het praatje van de dag is, werd er aangekondigd dat de plannen veranderd waren, dat we pas net ook de laatste groep en de laatste gidsen weer veilig aan boord hadden en de kapitein wegwilde. Er werd dus niet gezwommen vandaag en het praatje werd een half uur uitgesteld.



Schijnbaar was er zo veel ijs in de Hinlopen Strait dat onze oversteek van de vogelrotsen vanochtend naar de walrussen vanmiddag twee keer zo lang had geduurd als gepland, en aangezien dat de condities zouden zijn voor de rest van de Hinlopen Strait, had de kapitein besloten om niet helemaal om het uiterste eiland te varen, maar een tussenweg tussen twee eilanden door te nemen. Niets was echter zeker vanwege de ijscondities, veel was afhankelijk van hoe het varen de komende 6-8 uur zou gaan, en we krijgen daarom ook nog geen definitief programma voor morgen. Wel werd er eerst een omweg gemaakt vanwege een tip van een andere boot: zij hadden ‘s ochtends vroeg in de buurt van waar we nu zijn een ijsbeer gezien. Geen garantie en waarschijnlijk was de ijsbeer al lang weg, maar toch even kijken...



Het eten aan boord is trouwens uitstekend, echt heerlijk en Hans en ik hebben moeite om niet alles te proeven! Het ontbijtbuffet is zeer uitgebreid, met van alles van ontbijtgranen, pap, brood en beleg tot compleet warm Engels ontbijt en fruit. De lunch is ook buffet en is ook altijd erg uitgebreid, met veel salades, brood, kaas en ham, twee of drie soorten warm vlees of vis gerechten met begeleidende groente en rijst/aardappelen, en vaak twee lekkere toetjes. Zoals vandaag hadden we viskoekjes, zoetzuur varkensvlees in een korstje, bonen in saus en dan nog rijst en dergelijke, en als toetje én crepes suzette én cheesecake met bessensaus... heerlijk! Avondeten is een vast menu, waarbij je voorafje, soep, hoofdgerecht en toetje krijgt: bij het hoofdgerecht kun je kiezen tussen twee dingen of vegetarisch, en in plaats van het toetje kun je ook voor kaas met fruit kiezen... We nemen ons voor om onze boorden niet steeds vol te laden maar we genieten er wel van, er wordt vaak met eenvoudige middelen toch iedere keer weer iets lekkers op tafel gezet.



IJSBEER! We hadden net een rondje gelopen op het dek, en waren weer terug in onze hut klaar om te douchen en naar bed te gaan, het was namelijk half tien ‘s avonds en we hadden een lange dag gehad: ik stond net onder de douche toen over de intercom gemeld werd dat er een ijsbeer op een ijsschots voor het schip lag... Hans ging naar boven terwijl ik gauw de shampoo uit mijn haar waste, mezelf afdroogde en kleren aantrok (ik moest natuurlijk wel wat warms aantrekken, dat was niet zo gauw gebeurd zeker niet als je nog klam van het douchen bent en haast hebt!). En inderdaad toen ik op het bovenste dek kwam zag ik niet zo heel erg ver weg een ijsbeer op een ijsschots! Net zoals het hoort...



De kapitein had de motoren bijna uitgezet zodat we dreven en de ijsbeer niet zouden storen, maar die leek erg ontspannen. Af en toe keek hij even op, en een keertje ging hij (tot ieders opwinding) even staan, maar dat bleek zo vermoeiend dat ie een tijdje slaapdronken naar zijn tenen stond te staren voordat hij het zichzelf weer gemakkelijk maakte op de ijsschots. Een geweldige ervaring om zo dichtbij een echte ijsbeer te zijn! De stroming bracht ons redelijk dichtbij, al liet de kapitein dat niet uit de hand lopen en stuurde of vaarde hij een stukje bij zodat we nooit gevaarlijk dichtbij zouden komen – het schip zou dan namelijk nooit op tijd kunnen reageren mocht de ijsschots opeens onze kant op komen, en dat zou gevaarlijk kunnen uitpakken voor de ijsbeer. We hebben al met al meer dan een uur staan kijken naar de ijsbeer, echt prachtig; met het blote oog kon je zijn gezicht goed zien. Op een gegeven moment deed de stroming de ijsschots langs ons sturen, en besloot de kapitein duidelijk dat het genoeg was en stuurde bij zodat de ijsschots aan stuurboord langs dreef en wij weer verder gingen varen toen de ijsschots veilig uit de buurt van onze motoren was. De ijsbeer trok zich al die tijd niets van niemand aan, leek zich zelf amper bewust van het grote schip vol opgewonden toeristen die al meer dan een uur naar hem hadden staan staren. Zodra hij uit het zicht was vlogen Hans en ik naar beneden naar onze lekkere warme hut om weer op te warmen en in Hans zijn geval om te douchen, want we hadden het inmiddels ijskoud! Ons plan om vroeg naar bed te gaan konden we weer vergeten, en we hadden er inmiddels weer een enorm lange dag opzitten... Maar wat een prachtige dag!

free counters