9 okt: Bainbridge – Redcar, 249 km

Om onze authentieke Engelse overnachting compleet te maken hebben we lekker een compleet Engels ontbijtje genomen, worstjes, bacon, eitjes, bloedworst, gegrilde tomaat en toast, maar wel zonder bonen in tomatensaus… We waren de enige gasten in het hotelgedeelte (de pub was gisteravond wel wat drukker geweest), en de kokkin vertelde dat het een paar weken geleden nog erg druk geweest was. De Tour de France was door dit gebied gekomen en toen zat alles nog voller dan anders in de zomer!


Wij vinden het, ondanks dat het nu laagseizoen aan het worden is, nog altijd erg druk op de wegen, maar dat is ook denken we omdat er weinig snelwegen zijn in dit deel van het land; eigenlijk alleen de M1 en M6, en die gaan alleen noord-zuid dus oost-west is er niets behalve provinciaalse wegen. Het is dan ook vooral druk met lokaal verkeer, die de wegen als hun broekzak kennen (of toch in ieder geval die indruk wekken), en dat is dus erg inspannend rijden voor Hans op de kronkelende wegen met slecht zicht in de verte…


We zijn vandaag verder door de Yorkshire Dales gereden, wat gelukkig wel meestal redelijk rustig was, en toen door de Lake District National Park, wat ENORM druk was! Vooral ook met toeristen; alle toeristen die nu nog in Yorkshire waren leken zich daar te bevinden! We moeten er niet aan denken om hier in het hoogseizoen te zijn, dan rijd je echt in de file. Het landschap was wel heel erg mooi. In de Dales: glooiende, met hei en andere lage struiken bedekte heuvels, stenen muurtjes, mooie ruwstenen gebouwen en onmogelijk kronkelende weggetjes, met in de valleien colakleurige riviertjes. In de Lake District waren de heuvels steiler en ruiger met (uiteraard) mooie meren ertussen; wel dus heel veel toeristischer!


Van daaruit reden we richting de oostkust, waar ik van te voren een goedkoop hotelletje had gevonden in Redcar aan de kust. Het was nog vroeg, 14 uur, maar het plaatsje zag er niet slecht uit, we waren stijf en moe, en de kamer kostte maar 50 euro – de uitbaatster moest daarvoor wel een permanente bewoner verplaatsen, maar dat vond ze geen probleem. Het interieur was een beetje ouderwets Engels Fawlty Towers-achtig, met bont behang, en in de eetzaal was er bingo bezig, maar de uitbaatster was een vriendelijke, vrolijke behulpzame dame, buiten werd er geklust en boven werd er druk gepoetst dus ik had er wel een goed gevoel bij…


Onze kamer was uitstekend; ruim, schoon, licht, pas opgeknapt, heerlijk! Dat hebben we dan toch uiteindelijk veel liever dan een kleine muffe oude stoffige kamer, weliswaar in een 600-jaar oud pand… We hadden zelfs een schuin zicht op de zee!


We zijn de winkelstraat ingewandeld en vonden na een tijdje een Indiaas restaurant die er erg goed uitzag, en ook vonden we gratis wifi bij een bank. Het regende een beetje, eigenlijk wisselde het al heel de dag tussen zon en regen, dus wij hebben even onze bankzaken gecheckt, de post binnenhalen, wat mails verstuurd en gewhatsappt in de miezerregen. Terug op de kamer ontdekte we dat het hotel gratis wifi had; hadden we niet in de regen en wind hoeven staan zonet!


Savonds zijn we naar de Indiër gewandeld, waar we voor 32 pond / 40 euro echt HEERLIJK hebben gesmikkeld. We namen ieder een gerecht en deelde die samen; Hans had lam korma uitgekozen, echt ongelofelijk lekker, romig, zacht en rijk van smaak, heerlijk! En vooraf natuurlijk uienbhaji’s, die vinden wij ook altijd erg lekker.


free counters