MAART 2017: GROENLAND HONDENSLEDETOCHT

Vanochtend hebben we bij het ontbijt weer lunchpakketjes gemaakt voor onszelf en onze menner, en onze thermossen en veldflessen bij de keuken laten vullen, wat een eeuwigheid duurde. Wij wilde natuurlijk thee, maar dat is best onhandig om met een zakje in de veldfles te maken, desondanks deed het serveerstertje ze gewoon zonder na te denken met heet water vullen. Hans ging dus heel brutaal in de keuken op zoek naar een kan waarin we de thee konden maken, en de kok moest lachen en hielp hem. Na het ontbijt hebben we afgerekend voor de afgelopen dagen, en hadden een mazzeltje, want het avondeten van gisteren bleek goedkoper dan op het menu had gestaan; we hadden inderdaad gemerkt dat Frank ook niet zo blij was met de kwaliteit ervan, dus hij zal ons wel korting gegeven hebben. En er was een drankje vergeten, bleek later. Prima, het is al geen goedkoop verblijf geweest! Terug op de kamer hebben we de rest van onze spullen ingepakt, en alvast naar beneden gebracht. Toen hebben we alleen onze zeehondenbroeken aangetrokken en onze buitenkleding los naar beneden gedragen, waar we in de wat koelere lobby onszelf helemaal voorbereid hebben om naar buiten te gaan.

Tijdens het wachten deed Hans een boekje lezen “hoe red ik me in de Groenlandse wildernis” (onder andere tips hoe je een ijsbeer wegjaagt, mocht je al in de situatie zitten dat hij zo dichtbij gekomen is…), en ik deed ondertussen de bijna volle SD kaart in het toestel verwisselen voor een nieuwe. Ik liet ze alleen allebei vallen, en heb wel een paar tellen lopen zoeken voor ik ze gevonden had. Oef, dat waren potentieel heel veel foto’s kwijt anders! We hadden eerder deze reis een van onze skibrillen (geleend van Hans zijn dochter en haar partner) uitgeleend aan Anders, die behoorlijk slecht voorbereid op pad was gegaan en geen goede zonnebril bij had. Maar omdat het vanochtend een beetje sneeuwde en winderig was, hebben we hem toch maar teruggevraagd; pech voor Anders! Buiten hebben we gelijk ook maar onze bivakmutsen en de skibrillen aangedaan, want het was toch wat minder mooi weer dan de laatste dagen, en daardoor gevoelsmatig erg koud, ondanks dat het maar -13 tegen het hotel aan was.

Om 9 uur werden we opgehaald door de taxi, 4 man per keer; ik ging eerst en Hans kwam na mij. Het is nog best lastig, om met al je kleren, enorme zware laarzen, en bontpak in een auto te stappen die gevuld is met andere mensen die hetzelfde gekleed zijn: en dan was het ook nog eens een hoge 4WD pick-up dus iedereen worstelde onder grote hilariteit om zijn loodzware benen in de auto te tillen! Eenmaal erin konden we geen centimeter meer bewegen, we voelden ons net Michelin-mannetjes pfffff! Na een kort ritje was het weer even worstelen om uit te stappen, konden we onze bagage uit de achterbak pakken en werden we achtergelaten onderaan de heuvel terwijl de taxi terugreed om de volgende vracht bontjassen op te halen.

Het was op zich niet zo koud, (het blijft inspannend maar goed gekleed wen je wel een beetje aan de kou, en zelf lopen de Inuit hier soms alleen in een joggingpak rond!), maar het was heiig, het miezersneeuwde, en er stond een beetje wind… Dus het was een ijzig half uurtje wachten aan de rand van het bevroren meer tot iedereen er was en de hondensledes de helling af kwamen stormen! De skibrillen en bivakmutsen sloten onze gezichten goed af voor de kou, alleen je neus en mond waren nog blootgesteld maar dat ging wel op zich. Ik had in Nederland nog speciaal vaseline gekocht maar dat hebben we nog geen moment nodig gehad. We hebben natuurlijk wel veel geluk met het weer; als we op de slee in een loeiende sneeuwstorm zitten, waren we daar misschien ook wel blij mee geweest om onze huid te beschermen!

Onze menner hinkte een beetje en keek een beetje schaapachtig toen we er naar wezen; hij wees naar zijn slee, het lijkt erop dat die over zijn voet gegaan is of zo? Rond 9:45 was iedereen geïnstalleerd op zijn slee en vertrokken we weer voor het laatste ritje. Vannacht heeft het zo’n 10-20 cm gesneeuwd, en er zijn vlakke stukken onderweg dat je door het ritmische cadans van de slee haast even een dutje zou kunnen doen, want dan zijn de honden lekker in hun ritme, je hoort alleen het roetsjen van de slee in de sneeuw (die overigens altijd heerlijk knarst en kraakt!) en je bent omringd door een witte wereld. Vandaag konden we de eerste paar uur alleen maar wit zien, de lucht was net zo wit als de sneeuw, en je zag alleen hier en daar zwarte stippen van rotsen of kaal gewaaide hellingrichels als contrast.

De eerste pauze was kort want koud, op een winderige hellingrichel, en was vooral even zodat de zes sledes weer bij elkaar konden komen. Iedereen was blij toen we weer verder konden, en de honden waren sowieso ongeduldig om weer te gaan rennen. Je bent onderweg vaak tijden helemaal alleen omdat de afstanden tussen de sledes flink kunnen groeien – en dan hoor je opeens gehijg naast je en als je je bontcapuchon opzij drukt zie je een paar vrolijke hondenkoppen vlak naast je rennen van de slee achter je!

Ook de lunchpauze was kort vanwege de wind, het was ijzig koud terwijl de wind niet eens zo hard was. Alles is inspannend en koud, mijn vingers zijn constant koud als ik de wanten afdoe – Hans had er iets minder last van maar hield toch wel meeste van de tijd zijn wanten aan. De lunchpauze was weer bij de grote “schuil”- steen, en opeens was er wat commotie: twee honden van een troep waren gaan paren, en zaten een tijdje vast aan elkaar waarbij ze heel schaapachtig keken. Kort daarna ontstond weer een flinke ruzie in die troep (dit is de troep met de nieuwe honden erbij die nog altijd niet gesettled is in een rangorde), en hun menner moest ingrijpen anders waren er gewonden gevallen binnen de troep; hij gaf de aanstichter een flink pak rammel en gooide de ruziezoekers letterlijk uit elkaar, waardoor er weer een beetje rust neerdaalde. Iedere menner heeft duidelijk een andere stijl met zijn honden; de onze is heel relaxed en laat zijn honden vaak hun eigen tempo en route bepalen.

Het valt Hans en mij op dat niemand iets trakteert, alleen wij met drop en stroopwafels. De chocola en koekjes komen altijd van Frank – en de Denen zijn op zich best aardig als je ze aanspreekt, maar niemand betrekt ons over het algemeen bij gesprekken onderling die allemaal in het Deens zijn, en niemand zal echt naar ons toe komen om met ons een gesprekje te beginnen. Behalve het jongste stel, maar ook die zijn wat stug en afstandelijk; het zal wel iets Scandinavisch zijn. En de oudere mensen zijn sowieso heel onzeker in het Engels merken we.

Vanwege de kou doe ik soms de bivakmuts over mijn neus trekken, en het is eigenlijk wel apart hoe zelfs zo’n dunne doek zo veel kan schelen voor de kou! Na de lunch vertrokken we weer voor het laatste stuk van de tocht. Op gegeven moment begonnen we aan een hele mooie afdaling en zagen we Ilimanaq in de verte liggen; de honden ook dus er werd nog een laatste sprintje getrokken! Bij de afdaling vloog de slee over een grote steen, de menner was te laat om in te grijpen en kon niet meer vermijden dat we er overheen zouden gaan, en we vlogen bijna van de slee af! Het is een wonder dat de slee zelf niet beschadigd raakte. Vandaag hebben Hans en ik merkbaar minder last van pijn en stijfheid, je went er toch een beetje aan duidelijk.

Om 13:30 kwamen we aan in de vlakte bij Ilimanaq waar de honden verbleven, en namen Hans en ik afscheid van onze menner die zijn honden gelijk brokken te eten gaf (ze waren inderdaad opvallend minder winderig geweest vanochtend, waarschijnlijk dus omdat ze nog niet gegeten hadden). We gaven hem ook een fooi, die hij verlegen aannam, en liepen met onze bagage naar het lege grijze huisje waar we begonnen waren. Daar hebben we de rest van onze bagage opgehaald, die nog op precies dezelfde plek stond (er is gewoon de afgelopen dagen niemand binnen geweest, dat is duidelijk) en hebben onze zeehondenkleding en laarzen uitgetrokken en ingeleverd; je voelt je dan gelijk een beetje naakt als je in je spijkerbroek, winterjas en eigen “gewone” winterlaarzen naar buiten stapt! De rits van mijn jas (gloednieuw, speciaal gekocht voor deze reis en alleen nog een weekje in Oostenrijkgebruikt) sprong opeens kapot, het kopje leek beschadigd en pakte de tandjes niet goed meer, waardoor het erg moeilijk was om hem weer dicht te ritsen. Balen! Ik heb hem dicht gekregen maar het bleef de rest van de reis prutsen om een dichte jas te krijgen.

We namen bij de helikopter-landingsplaats afscheid van Frank, die vertelde dat de honden gelijk na ons terug naar huis naar Qasigiannguit gaan – dat is dus totaal zo’n 70 km vandaag! Maar de terugweg voor de honden is gemakkelijker want geen bagage of passagiers, en dan krijgen ze wel een dagje of wat rust naderhand natuurlijk. Om 14 uur kwam de helikopter ons al ophalen om ons naar het vliegveld van Ilulissat te brengen. Hans en ik konden nu gewoon samen vliegen. In Ilulissat werden we opgewacht door een Deense stadsgids, Simone, een vriendelijke vrouw, en zij bracht ons in een gammel busje naar het stadje toe. Rond 15 uur kwamen we aan in ons hotel in Ilulissat, de derde grootste stad van Groenland, met zo’n 4000 inwoners en 4500 sledehonden; het is schijnbaar de sledehondenhoofdstad van de wereld! We hadden verkeerd begrepen dat we zouden verblijven in hotel Arctic, maar het bleek een iets minder luxe hotel Isfjord te zijn, uiteraard weer met betaal-internet, maar wel met mooi uitzicht op een ijsberg in het water voor het hotel.

Om 16 uur kregen we een briefing van Simone in de bar van het hotel, zij was van origine een “social worker” uit Denemarken die verliefd is geworden op Groenland en haar partner ontmoet heeft tijdens een hondentocht – hij was de menner, en het klikte gelijk! Ze is hier gebleven op Groenland om bij hem en de honden te zijn, hij is pas overleden maar zij blijft, en heeft zelfs nog de honden. Toen hadden we de rest van de middag vrij om te rusten, en wat thee en een stroopwafel te nemen. Ik moest de stroopwafels op de koppen koffie leggen om een beetje op kamertemperatuur te komen, want ze waren nog altijd keihard van de kou!

Om 18:15 uur werden we opgehaald voor het avondeten; we propte allemaal weer in het busje, dat niet meer de jongste was, en Simone scheurde vrolijk in haar overbeladen busje over de ijswegen door het stadje. Oef, af en toe in de bocht hoopte we dat het busje het zou houden en niet gaan slippen, maar Simone had dit duidelijk al meer gedaan. We werden gebracht naar het luxe viersterrenhotel Hotel Arctic, dat een vijfsterrenrestaurant heeft, Ulo (geen Michelin sterren hoor). En omdat in de reisbeschrijving genoemd was dat we hier zouden gaan eten hadden Hans en ik verkeerd begrepen dat we er ook zouden overnachten (jammer, want ze hadden wel gratis wifi voor gasten!) - maar toen we het later teruglazen zagen we dat het er niet zo gestaan had.

Nadat iedereen zijn spullen in de garderode had opgehangen en zijn plek gevonden aan de grote tafel die voor ons gedekt was, zou de “culinaire ervaring” moeten beginnen – maar helaas kregen we duidelijk het uitgeklede groepsmenu, zonder toetje, totaal niet bijzonder en zelfs behoorlijk zout zodat men meer zou drinken. Het begon al met de broodjes; om ons heen kregen de normale gasten lekker uitziende zelfgebakken broodjes die op een soort cupcakes leken, en wij gewoon een schaaltje boterhammen. De gedroogde-eidereendham-amuse was, niet overdreven, zó klein dat ik de macrostand nodig had om er een scherpe foto van te kunnen maken. De jacobsschelp-tartaar was nog redelijk te doen qua smaak, maar het hoofdgerecht was bremzout. De presentatie van het hoofdgerecht was ook weinig tijd aan besteed; het was een hoopje musk-os pulled pork met daarnaast een oven-geroosterde rode biet, allebei bruinzwart en zeer onsmakelijk uitziend; de rode biet leek wel een drol! Als bijgerecht kregen we een piepklein pannetje aardappelen in roomsaus met spekjes, die gelukkig wel redelijk lekker waren. Al met al een teleurstellende maaltijd; en het was duidelijk dat het restaurant het wel kon, want om ons heen zagen we dat het dagmenu allerlei lekker uitziende gerechten opleverde voor de andere gasten.

We gingen letterlijk rond 20:30 met honger van tafel; ons drankje (niet inbegrepen, natuurlijk) viel gelukkig bij het afrekenen qua prijs mee, maar 28 kronen. In de lobby lag een krant over Wilders en de verkiezingsuitslag (Hans zijn dochter heeft voor ons gestemd omdat wij nu hier in Groenland zitten). Simone had de motor en lichten van het busje aangelaten tijdens het avondeten, want ze vertelde dat ze hem anders niet meer gestart zou krijgen. Ze reed ons vrolijk met stevig tempo terug naar ons eigen hotel, en terug op de kamer hebben we nog een mars gedeeld en wat thee gezeten voor we naar bed gingen, om het idee te hebben dat we de avond lekker afsloten. Iemand zei al bij het verlaten van het restaurant dat ze liever in de jagershut at dan in zo’n tent! Morgen hebben we weer zo’n culinaire ervaring, weliswaar dit keer op eigen kosten en in een ander restaurant… We zijn benieuwd en bezorgd!

free counters