Januari 2017: winters wandelen in Oostenrijk

Donderdag 19 januari: Faistenau, 50 km

Het hotel Zinkenbachmuhle ligt vlakbij een school, en ’s ochtends voor 8 uur horen we de kinderen aankomen om naar school te gaan. Als wij dan later naar buiten gaan staat het fietsenrek vol met slees – een grappig gezicht! Het ontbijt is nog altijd precies hetzelfde als dag een; prima en vers, maar iedere ochtend precies dezelfde producten om uit te kiezen… Het begint dus zoals Hans zegt zijn houdbaarheidstermijn te naderen, je weet eigenlijk niet zo goed meer wat je moet nemen ’s ochtends om een beetje variatie te houden.


We vertrokken vandaag wat later: omdat het maar een half uurtje rijden was naar Faistenau, schijnbaar een langlaufparadijs, en omdat het weer Arctisch koud was vanochtend, dus ieder half uurtje opwarmen was meegenomen. ’s Nachts was het -14 graden geweest hier, en nu vanochtend bij vertrek om 9:30 alsnog -11… Pffff! Het is maar goed dat onze dekbedden hier lekker warm zijn, want voor de frissigheid heeft Hans graag het raam op een kier ’s nachts maar dan wordt de kamer ook behoorlijk FRIS!

Het zonnetje scheen wel lekker vandaag en het zou gauw opwarmen. Hans en ik hebben getwijfeld tussen skibroek en spijkerbroek (allebei wel met thermobroek eronder hoor) maar toch voor de skibroek gegaan vanwege koude start van de dag, en dat was een prima keuze want overdag was het in het zonnetje (zeker als je net met een stijging bezig was) best warm, maar zodra je in de schaduw kwam was het gelijk weer een stuk kouder.

We reden toen we aankwamen bij Faistenau eerst even verkeerd, en moesten keren bij restaurant “Botenwirt” – ik vond dat zo’n typische naam. Eenmaal in Faistenau werd de bus weggezet vlakbij de kerk, en vertelde Trees een beetje warrig dat er maar een restaurantje open was, speciaal voor ons; waar precies was alleen niet echt duidelijk maar dat kwam vast wel goed. We zijn als groep naar de VVV gelopen om wandelkaarten op te halen want die had Trees niet voorhanden, en Hans en ik besloten na een plaspauze bij de keurige openbare toiletten achter het VVV de langste wandeling van 2,5 uur te doen, dan hadden we dat maar gehad! En nu kwam het goed uit dat de naam Botenwirt was blijven hangen, want daar begon de wandeling, en Botenwirt lag toch wel een paar honderd meter buiten het dorp zelf…

Met de stap voor stap beschrijving van de route (de kaart hadden we niets aan) hebben we de 2,5 uur durende “Ramsau” wandeling gedaan, die dus de helling af naar Botenwirt leidde, dan eventjes langs de grote weg en daarna een erg steil weggetje omhoog nam, om uiteindelijk de rest van de tijd tussen de huizen, velden en boerderijen aan de overkant van de weg door te brengen. Best een mooie wandeling al was het natuurlijk het mooist geweest als hij tussen de bossen was geweest. De routeomschrijving was al met al best duidelijk, en na zo’n 2,25 uur kwamen we weer terug in het dorp aan.

Het was inmiddels 12:15 en we liepen richting het restaurantje bij de kerk waarvan we vermoedde dat Trees die bedoeld had; bij de ingang stond een kleine kaart en het leek meer een kroeg te zijn die ook een tosti en iets dergelijks aanbood dan een restaurantje. Hmm, daar hadden we niet zo’n zin in. Dus we zijn naar de VVV gelopen om te vragen of er misschien meer restaurants in de buurt waren; tenzij we bereid waren om te wachten tot 15 uur, of nog een half uurtje te lopen, of de helling weer terug af te lopen naar Botenwirt, eigenlijk niets dus behalve deze! En de bakker, die had wat stoelen waar je kon zitten schijnbaar.


Dus we zijn maar naar de bakker gelopen, daar waren we onderweg ook langsgekomen, en inderdaad die had een piepkleine tearoom waar we konden zitten, en wat belegde broodjes (en natuurlijk heel veel Duitse koeken). Dus we hebben daar een uurtje of wat gebivakkeerd, met thee, hete chocolademelk, belegde broodjes en een lekkere koek en stuk cake toe. Helemaal niet eens zo verkeerd! Achteraf bleek dat ze zelfs wat soorten soep en zo hadden, maar aangezien de serveerster er niet aan gedacht had ons de kaart te geven en toen Hans vroeg wat de mogelijkheden waren in plaats daarvan in rap Duits met dialectaccent de kaart opnoemde, hebben we dat gemist. Ach, het was best lekker wat we hadden en we hebben weer even kunnen zitten en rusten. Tussen 12:30 en 13 uur werd de bakkerij opeens even erg druk, zeker ook met kinderen van de school vlakbij (verklaarde gelijk waarom er zoveel fris en snoep te koop stond, hoewel ze ook gretig broodjes kochten), en daarvoor en daarna was het heerlijk rustig. Toen we om 13:30 weer in beweging kwamen en wilde afrekenen moest Hans de broodjes noemen want die was de vrouw vergeten, en zei hij wel twee keer dat we DRIE thee genomen hadden, maar uiteindelijk bleek er toch maar één thee op de rekening te staan.

We zijn naar de kerk gelopen en hebben daar lekker een half uurtje genoten en rondgelopen; er was een monument bij de ingang van de kerk voor de Eerste en Tweede Wereldoorlog, en er lag heel veel sneeuw op de begraafplaats maar hier was men toch wel zo actief om de graven toch enigszins vrij te maken; dan toch in ieder geval het weerlichtje bij het graf, wat wel een grappig gezicht was!

Op de buitenmuur van de kerk aan de kant van de hoofdbegraafplaats waren allerlei plaquettes bevestigd op de muur; deze bleken bijna allemaal voor mannen te zijn die in de wereldoorlogen gesneuveld waren! We hebben weleens een of twee gezien op de buitenkant van een kerk, maar nog nooit zoveel tegelijk. Nou heeft Hans in zijn boek ook gelezen dat veel jongens uit deze specifieke regio kwamen omdat hier de discipline van nature al hoog was, en ze erg goed waren, bijvoorbeeld als scherpschutter, en in groepen bij elkaar zaten. Dat verklaart misschien waarom ook hier een relatief klein dorp zo enorm veel jongens en mannen verloren heeft aan de oorlog.

De plaquettes waren bevestigd op de muren van de kerk zelf, en van een klein uitbouwseltje, en dat bleek een heus knekelhuis te zijn, vol schedels. Apart! En enigszins luguber misschien, maar op het voorhoofd van iedere schedel was zijn (vermoedelijke) sterfjaar geschreven en zijn naam of initialen. Heel apart! Schijnbaar was er ook zoiets geweest in Hallstatt, maar daar zijn we niet in de buurt van de kerk gekomen dus dat zagen we pas achteraf bij de briefkaarten van een souvenirwinkel.

Na nog even rondgelopen te hebben op de begraafplaats (en bijna een kwak sneeuw in onze nek gekregen van het dak) zijn we naar de achterkant van de kerk gelopen vlakbij de bus en hebben even staan kijken hoe vrachtwagens volgeladen werden met sneeuw uit het dorp en afgevoerd. We denken om de hoeveelheid smeltwater die bij dooi vrijkomt enigszins te beperken; het was zo enorm veel dat de vrachtwagens constant af en aan reden!

We hebben nog een rondje gelopen op de panoramawinterwanderwege, een veldje helemaal bedekt met mooie knisperende sneeuw, heerlijk.

Toen we weer terug bij de kerk waren rond 14:45 kwam een deel van de langlaufers uitgeput aan, die hadden een mooie maar lange en zware tocht achter de rug. Samen met hun zijn we terug naar het kroegje gelopen, en hebben we een tijdje in het zonnetje buiten gezeten tot die achter de kerk verdween. Toen was het binnen een minuut of wat te koud om buiten te zitten dus zijn we binnen gaan zitten met een kopje thee en sap tot het 15:30 was. Hans en ik hebben nog een laatste rondje door het kerkterrein gedaan richting de bus, die toen al bijna helemaal vol zat.

Er is zoals gezegd een hoog gehalte aparte tot botte tot ronduit onaangename mannen in de groep, gek genoeg vaak wel met vriendelijke vrouwen, en dat bleek nu dus ook weer; de onuitgesproken fatsoensregel dat je heel de dag dezelfde zitplaats houdt was geschonden en een van de ergste mannen met zijn vrouw zat op onze plek. Ik ben dus maar op een lege plek gaan zitten naast een vrouw alleen, om voorin te kunnen zitten, en Hans is een paar rijen achter mij gaan zitten omdat er voorin geen plek meer was. Het is allemaal heel apart deze reis! De rit terug was niet zo lang, en rond 16:30 waren we terug in het hotel. De gezamenlijke lunch onderweg naar Nederland gaat trouwens gelukkig niet door, want er was niet genoeg interesse voor. Goed zo!

Eenmaal terug op de kamer was het douchen, rusten en om 18:30 was het etenstijd. Het hoofdgerecht was gebraden kip met friet, echt alleen dat, nog geen blaadje sla op de borden (die hadden we natuurlijk al daarvoor gehad, salade wordt als aparte gang geserveerd). En een grote 1,2 liter mayonaisefles werd op tafel geplonkt voor de Nederlandse mayonaiseliefhebbers… Het werkt, op zich, maar erg sjiek ziet het er natuurlijk niet uit!

Oma kwam tijdens het eten verzuchten dat we al weer bijna weggingen en als je net aan mensen gewend was geraakt, ze al weer weg gingen… En dat terwijl we in het minst persoonlijke hotel van alle vier onze winterwandeltochten zaten, lachen! Na het eten konden we meedoen aan een fakkeltocht door het dorp maar Hans en ik zijn lekker naar onze kamer gegaan voor een kopje koffie en een halve roze koek.

free counters