Januari 2017: winters wandelen in Oostenrijk

Vrijdag 20 januari: Abersee, 0 km

We zouden vandaag eigenlijk naar Postalm gaan, maar Hans en ik hadden zin om hier te blijven. Sowieso was gisteren niet echt een wandelgebied, vandaag is ook weer een skigebied, je moet 8 euro per persoon betalen om naar Postalm te kunnen komen (tolweg) en voor de lift, en wij willen nog een laatste keer naar de ijspegels gaan kijken en een beetje een rustig dagje houden. We hebben ook nog nooit zoveel afvallers gehad per dag als deze reis; veel mensen gaan niet met de bus mee om in de buurt van het hotel te wandelen of om een dagje naar Salzburg te gaan. Eergisteren naar Abtenau/Au waren er zelfs 7 van de 22 in het hotel gebleven, terwijl dat eigenlijk het mooiste gebied was waar we deze week geweest zijn!


Ook vanochtend waren er in ieder geval 7 mensen bij het hotel gebleven; de kapitein (loods eigenlijk maar wij vinden het net zo gemakkelijk om hem “de kapitein” te noemen) en zijn vrouw, wij tweetjes, een stel die naar Salzburg wilde gaan en de man van een ander stel waar zij fanatiek langlaufster is en hij niet zo (plus hij was vannacht een beetje ziek geweest dus wilde het vandaag rustig aandoen). We hadden de wekker op 8:15 gezet maar zijn eigenlijk al heel de week een kwartiertje voor de wekker wakker, zijn op ons gemak opgestaan en aangekleed, hebben ontbeten en zijn toen terug naar de kamer gegaan om onze spullen te halen – sinds dat grapje met die “korte” wandeling die 2 uur enkele reis duurde in 2014 in St. Koloman neem ik maar gewoon altijd iedere keer de rugzak met een liter water, wat sesamekoekjes, pepermunt en drop mee.


Al met al waren we iets na 9 uur op pad, het zonnetje scheen al maar kwam nog niet over de bergtoppen heen; de bergen in dit gebied zijn niet hoog, ik denk zelfs amper 1000 meter, maar ze zijn zo ruig en steil en grillig als de hoogste Alpen, en nu natuurlijk allemaal met sneeuw bedekt alsof ze heel hoog zijn; heel erg mooi dus! Toen we bij de stuwen kwamen waren die al bezig dicht te vriezen; nog een paar daagjes strenge vorst en er zou geen water meer stromen; nu groeide er overal dikke plakken ijs onder, over en door het water, erg mooi.

We hebben al met al anderhalf uur gedaan over de wandeling naar de kruising, terwijl dat nog geen 1,5 km is; zo vreselijk mooi was het nu geworden! Overal zagen we dat het ijs flink gegroeid was, de ijspegels waren dikker en langer, het riviertje lag vol plakken ijs en was in langzamer stromende delen gedeeltelijk of helemaal van boven dichtgevroren, en het was weer flink koud. Tegen het hotel aan was het -8 graden maar hier in deze beschutte vallei toch zeker een paar graadjes kouder… Het was afgelopen zondag en maandag al mooi om hier te wandelen, maar nu was het echt sprookjesachtig.

En het hoogtepunt, het ijsorgel, was nog veel groter dan zondag. Een complete wand van ijs, zo ontsnapt uit Game of Thrones, ongelofelijk! De schaal is moeilijk te zien maar Hans heeft de ijswand afgepast, en daaruit bleek dat het ijsorgel 20-25 meter lang is, en zo te zien zeker 10 meter hoog. Ongelofelijk wat een massa ijs! We hebben er een hele tijd staan genieten en kijken naar dit ijswonder. En over een paar weken of maanden is het weer verdwenen… Maar wat een enorme hoeveelheden water moeten er dan door deze vallei stromen.

Vlakbij was de lange stalactiet van ijs, waar we zondag onder gestaan hadden, ook flink gegroeid; Hans kon nu de punt vasthouden terwijl die 5 dagen geleden nog ruim een meter boven ons hoofd torende… Wel heel voorzichtig en snel poseren, het is toch een onwennig idee om zo dicht bij die massa ijs te staan die boven je hangt…

We hebben genoten van de wandeling en kwamen toen we bij de splitsing op het bruggetje stonden de kapitein en zijn vrouw tegen. Zij gingen het bospad in waar wij maandag ingeslagen waren, kijken hoe ver ze kwamen, wij besloten een nieuw geruimd pad naar links in te slaan, als dat ergens naar toe leidde dan zouden we misschien een rondje kunnen lopen.

Het geruimde pad bracht ons naar een veldje waar bomen gekapt waren, daar hebben we even op wat boomstammen gezeten – we missen heel erg een bankje onderweg, die zijn er hier niet of nauwelijks – en als ze er zijn, liggen ze bedolven onder een meter sneeuw! Na de pauze zijn we doorgelopen op het houthakkerspad, maar die boog op een gegeven moment steil af naar rechts, weg van de richting waar het hotel in lag. Dat was niks dus zijn we terug naar de splitsing gelopen.

We hebben de prachtige wandeling (zeker geen straf, wat zijn we blij dat we vandaag thuisgebleven zijn en dit nog een keer gedaan hebben!) terug naar de weg gewandeld, en daar kwamen we weer de kapitein en zijn vrouw tegen die ook duidelijk omgedraaid waren.

Ons plan was om een kilometer naar rechts richting een supermarkt te lopen die Hans op internet gevonden had, een Adeg, langs de doorgaande weg, om wat broodjes of koeken voor morgen te kopen. Maar de kapitein en zijn vrouw zeiden dat er op 250 meter lopen naar links een winkel was, Lagerhaus, waar je van alles kon kopen (hij had er schoenen gekocht, want zijn schoenen waren kapot gegaan. De dure wandelschoenen van zijn vrouw hadden nu net trouwens hetzelfde gedaan als mijn schoenen in Ethiopië, de zool kwam helemaal los!). Maar je kon er dus ook eten kopen schijnbaar. Hans had van te voren op internet het idee dat Lagerhaus meer een soort groothandel was, daar zou toch niets te vinden zijn? Maar ze waren heel stellig, dus we besloten er maar heen te lopen – is tenslotte toch dichterbij!

Lagerhaus was een allegaartje van van alles; nog het beste met een Boerenbond of Welkoop te vergelijken. Ik vond er mooie zaadjes voor in de tuin, maar qua eten waren er alleen wat dingen zoals heel veel alcohol, bakspullen, kaas en worst, eieren, snoep en wat individuele dingen. Maar niets wat wij zochten. Dat was balen! Dus met bloemenzaadjes op zak maar geen eten voor morgen zijn we toch maar de inmiddels 1,25 km naar de Adeg gelopen. Die konden we niet vinden, wel liepen we langs een gebouw dat bij nader inzien ooit een supermarkt leek te zijn geweest maar nu verbouwd werd. Jeetje wat balen! Met een flinke kater zijn we terug naar het hotel gelopen, onderweg kwamen we ook niets tegen. Dan maar morgen op de snelweg iets kopen en kijken hoe ver we komen met onze roze koeken, dropjes, thee en nootjes.

We kwamen iets na 12:30 terug in het hotel en besloten gelijk iets te eten. Maar het hotel heeft niet zo heel veel keuze voor tussen de lunch als je iets kleins wilt (behalve de soep van gisteren) en het is hier naar ons idee net als in de rest van dit gebied erg duur. Alleen de bakkerij in Faistenau gisteren was heel redelijk geprijsd, maar dat was natuurlijk ook de lokale bakker. Hans had uiteindelijk een goed idee en stelde voor om een pizza te delen; de eigenaresse leek het maar vreemd te vinden dat we zo weinig wilde eten, maar toen de (overigens lekkere) salamipizza kwam waren we dolblij dat we hem gingen delen, wat een joekel! We kregen hem samen maar net op, pffff…

We hebben nog een hele tijd zitten nakletsen met de kapitein en zijn vrouw die kort na ons binnenkwamen en de man van de langlaufende vrouw die wat later binnenkwam, en zijn pas om 14:15 uur naar de kamer gegaan, waar we ons omgekleed hebben, een half uurtje gezwommen, gedoucht, en lekker een kopje koffie met een halve roze koek genomen, om daarna de middag te rusten. We hadden warmtepacks meegenomen, die vloeibaar zijn maar als je erin drukt door een chemische reactie warm worden, en deze week maar niet uitgeprobeerd, dus die heb ik even te voorschijn gehaald en die hebben we ingedrukt; gelijk na activatie waren ze bijna heet, en na anderhalf uur waren ze nog altijd lauwwarm, dat werkt goed dus! Die gaan dus mee naar Groenland in maart…


Om 18 uur kregen we een appje van Hans zijn dochter dat de inauguratie van Trump begonnen was, dus Hans zette ook gauw de televisie aan. Om 19 was het etenstijd en hebben we best gezellig gekletst met onze tafelgenoten over onze Japanreisen de vrachtschipreis, altijd leuk! Het eten is hier trouwens niet slecht, maar van de vier winterwandelreizen die we gedaan hebben, Brandenberg(hotel Neuwirt), St. Koloman, Bischofsmais en hier Zinkenbachmuhle is Zinkenbachmuhle toch wel de slechtste. Brandenberg was echt het allerbeste, daarna Bischofsmais (zeker qua vlees en het vieruurtje), en St. Koloman was gewoon lekker. Hier was het eten meestal niet heel bijzonder, en waren ook steeds de porties precies afgepast, wat prima is normaal gezien (je eet toch teveel) maar bij het boerenbuffet een beetje zonde was.

De man van de reisbegeleidster Trees is mee als gast want zij blijven hier twee weken, en had schijnbaar gesuggereerd aan zijn tafelgenoten dat het gebruikelijk was om de fooi voor chauffeur en reisbegeleidster in één envelop te doen. Dat hebben wij nog nooit meegemaakt, het wordt juist altijd gescheiden gehouden omdat over het algemeen de reisbegeleidster meer “doet” voor de groep en je zo wat extra’s kunt geven mocht ze iets speciaals voor je gedaan hebben (bijvoorbeeld naar het ziekenhuis meegaan en helpen als je daarheen moet, zoals op onze eerste winterwandelreis toen iemand zijn enkel verzwikt/gebroken had). Maar goed, we doen mee met de groep zoals ze het willen, dus er was vanavond het gebruikelijke mandje voor het hotel en daarin één envelop.

Na het eten, afscheid van het hotelpersoneel en het geven van de fooien – omdat Trees er morgen niet bij is naar Nederland toe en er maar één envelop was moest die ook nu gegeven worden – zijn Hans en ik naar de kamer gegaan voor een laatste kopje koffie en heb ik op mijn gemak de koffer ingepakt voor het tijd was om naar bed te gaan.

free counters