Dag 1: maandag 26 januari 2015: vertrek Zeebrugge

We hebben vannacht iets beter geslapen dan de afgelopen nachten, gelukkig, maar we zijn nog altijd erg moe. Nog even volhouden dan hebben we (letterlijk) zeeën van rust! Ik heb om 9 uur nog even de lokale agent gebeld om te vragen of de gisteren doorgegeven vertrektijd nog steeds klopte, en dat was inderdaad het geval; de Columba zou vanavond om 18 uur vertrekken vanuit Zeebrugge. Hij vroeg gelijk nog even hoe laat we in de haven dachten te zijn zodat hij de beveiliging op de hoogte kon brengen, en wenste ons een goede reis. Hans was ondertussen even naar de winkel gegaan om broodjes voor ons ontbijt en de lunch te halen, en aangezien we alle tijd hadden hebben we lekker een croissantje en een kopje koffie als ontbijt genomen. Er werd nog wat ge-appt en ge-sms’t om ons goeie reis te wensen. Ik had vrijdag afscheid genomen van mijn werk en een kleine verrassing voor mijn directe (ex)collega achtergelaten; een kleine survivalkit, met allerlei grapjes erin om het werk nu alleen te overleven – zoals cupasoep, relax-thee, chocola, en een kalender met de dag dat ik weer zou kunnen beginnen erop omcirkeld… Deze vond ze vanochtend dus in haar la en ze appte dat ze helemaal ontroerd was. Leuk!

Na de koffie hebben we nog op ons gemak de allerlaatste dingen in huis gedaan zoals de verwarming uitzetten en de stroom van de televisie en computers halen, en keurig op tijd werden we opgehaald door de taxi. We kwamen zo rond 13:30 aan in Zeebrugge in de haven, en doordat de lokale agent ons het kaai-nummer 205 doorgegeven had konden we de juiste afslag eigenlijk gemakkelijk vinden. Het was even kijken hoe we bij het enorme schip konden komen, die ondanks alle kranen er om heen goed te zien was, maar uiteindelijk besloten we het even na te vragen bij een soort controlekamer. Dat bleek inderdaad de beveiliging te zijn om dit terrein op te mogen (en we werden verwacht); we moesten onze spullen meenemen naar het kantoortje, onszelf even identificeren met paspoort en de ticket voor het schip, en er werd gelijk een busje opgeroepen om ons naar het schip toe te brengen.

Toen we met het busje tot aan het schip gereden werden zagen we al gauw hoe groot het wel niet is; 363 meter lang en 46 meter breed, maar dus ook tientallen meters hoog… Er stonden grote kranen naast het schip, het meeste laden en lossen leek al ver gebeurd te zijn, en het busje zette ons af vlak bij de loopbrug van het schip, een steile trap met afgeronde treden zodat je zowel bij hoog als laag water naar boven kon. Wel even oppassen voor de behoorlijk diepe geul waar de rails van de kranen in zaten! Tja, daar stonden we dan met onze bagage tussen de enorme kranen op de kade en de steile wand van de Columba. We zijn nog nooit zo dichtbij zo’n groot schip geweest! En voorlopig was het ook niet direct duidelijk of wij die toch wel 3-4 verdiepingen hoge afstand tot het dek op deze wiebelende loopplank alleen omhoog moesten klimmen of dat onze bagage misschien op een gemakkelijkere manier naar boven kon… Ik liep “even” naar boven om te kijken of ik iemand kon vinden en toen stak een Filippijns bemanningslid zijn hoofd over de rand – hij zou wel iemand naar beneden sturen om te helpen met de bagage. Met zijn drieën kregen we de twee loeizware koffers, loeizware sporttas, twee kleine tasjes en rugzakje naar boven. Daar werden buiten op dek al alle details van ons paspoort opgeschreven in een boek, en toen konden we met bagage naar binnen de “woontoren” in.

Een Roemeense officier vroeg bij het scheepskantoor dat zich op deze verdieping bevond om onze paspoorten in te leveren, plus de ticket en het vrijwaringbewijs voor alle mogelijke situaties aan boord. Dat laatste hadden we helemaal niet bij! Die hadden we keurig opgestuurd naar The Cruise People (die ons overigens nog altijd de details van de Rickmers door moeten sturen) en er was ons niet gezegd dat we deze bij moesten hebben om aan boord te mogen! Dus wij zeiden ook, die liggen bij het reisbureau dat dit voor ons geregeld heeft, die hebben wij niet bij. Ok, prima, laat maar komt in orde (of zoiets bromde hij toch in ieder geval), en hij stuurde ons achter de twee Filippijnse bemanningsleden aan die al met onze koffers aan het sjouwen waren. De lift deed het niet…

De woontoren (hoe moet je het anders noemen? Hierin bevinden zich o.a. de vertrekken van de bemanning, de recreatieruimtes, de eetruimtes en natuurlijk de brug zelf bovenop) heeft 9 verdiepingen. Wij kwamen op de “Upper” deck de toren binnen, daarna heb je A tot en met G, en helemaal bovenop het Nav. (navigatiedek) wat de brug zelf is. Onze kamer is op dek F, dat is dus de 7e laag van de toren. En zelfs met de twee bemanningsleden die onze twee koffers droegen was het een lijdensweg om die hoge steile trappen op te klimmen met de rest van de bagage! Er lijkt wel een lift te zijn maar die doet het niet helaas. We zijn trappen helemaal niet meer gewend, en dan zijn deze trappen ook nog eens net iets steiler en hoger dan gewone huistrappen… Pffff we waren nog niet helemaal boven en al helemaal gebroken; ik had dan nog het geluk dat de Filippijnen al de koffers boven hadden en even terugkwamen om van mij een tas over te nemen, maar Hans moest het alleen doen. De laatste treden gierde mijn hart in mijn keel en trilde onze benen, maar we waren er, pfffff!

Helemaal gebroken kwamen we rond 14:15 onze kamer binnen, aan de bakboord kant van het schip. Het is een ruime, lichte kamer met twee brede ramen aan bakboord en twee smalle ramen recht vooruit. Twee grote bedden, haast twijfelaars zo groot, een bureautje + bureaustoel, bankje, twee stoelen en een koffietafel, koelkast en klerenkast en een grote plantenbak vol nepbloemen voor de sier. De badkamer is voor een schip heel redelijk qua formaat, en er zijn overal kastjes en lades voor je spullen. We hebben gelijk kennis gemaakt met de “mess-man”, die zoals het lijkt niet alleen in de eetzaal werkt en schoonmaakt en opruimt, maar ons ook min of meer zal verzorgen. Hij heette ons welkom, en kwam gelijk een doos met flessen mineraalwater brengen voor ons.

Hans en ik waren gebroken van de steile klim aan boord en de snelle martelgang in het trappenhuis (die mannen zetten een stevige pas in de trappen op), dus we hebben even de kamer verkend en vooral even gezeten om bij te komen. Terwijl we zaten kwam de Roemeense officier naar onze kamer (niet buiten adem na 7 trappen, maar hij zal het wel gewend zijn) met de mededeling dat de Belgische douane onze bagage wilde inspecteren. En hij leek eigenlijk te bedoelen dat we de bagage wel even mee terug naar beneden moesten nemen, of in ieder geval hij had er nog niet over nagedacht; maar wij riepen al dat we die spullen niet meer naar beneden kregen en dat de douane van harte welkom was in onze kamer! Pffff gelukkig drong hij niet aan…

We hebben dus even gewacht met uitpakken en ondertussen wat sms’jes gestuurd, en naar buiten gekeken; een van de kleine ramen kan open en het was behoorlijk warm in de kamer dus die hebben we lekker open gezet want buiten was het niet koud. Na een half uur kwamen drie enigszins oververhitte douanebeambten onze kamer binnen; niet zozeer van de trappen, die zijn ze denk ik wel gewend, als wel van de trappen lopen met kogelvrije vesten aan(en heel de toren werd bloedheet gestookt door de luchtinstallatie)! Maar ze waren erg aardig, wilde even alle bagage zien, moesten lachen om het snoep, en legde uit dat ze met de verhoogde terreurdreiging tegenwoordig moesten oppassen, vandaar de kogelvrije vesten. En ze wilde weten wat we nu precies gingen doen op deze reis en of het een vakantiereis was of dat we gingen wonen in Singapore of zo; dus wij legde uit over de wereldreis en dat we gingen overstappen in Singapore.

We hebben er een tijdje mee gekletst en toen ze weg waren ben ik begonnen met uitpakken en opruimen; het lijkt maar een korte reis, maar we gaan toch zeker 3.5 weken met dit schip varen! Dus alles uitpakken en netjes opruimen, ik heb het toch zo weer ingepakt aan het einde… We hebben trouwens genoeg snoep bij om ons eigen winkeltje te starten! Ondertussen was Hans aan het worstelen om onze 14-jaar oude laptop op gang te krijgen; hij had het gisteravond nog prima gedaan maar was duidelijk wat van slag geraakt door het heen en weer hossen vandaag, want hij wilde maar niet normaal opstarten. Na een hele tijd lukte het opeens, gelukkig maar: deze laptop gaat namelijk (hopelijk) met de oude gps-zender die we hebben de route globaal bijhouden. Zo hopen we onze gewone handheld gps te sparen, want 5 maanden lang aanstaan lijkt ons een slijtageaanslag voor zo’n apparaat… Hij is vooral mee om de manoeuvres in havens in kaart te brengen, daar is de oude laptop/gps-constructie weer niet precies genoeg voor.

We hadden begrepen dat we om 18 uur zouden vertrekken, en de messman had ons verteld dat ontbijt om 7 uur, lunch om 12 uur en avondeten om 18 uur was, dus we hadden nog een uurtje of twee over tot vertrek en het avondeten. We hebben lekker ons eerste kopje koffie gezet van de reis, met een stroopwafel om het te vieren; Hans had op ons dek even een kleine ronde gelopen en de gemeenschappelijke ruimte voor de passagiers gevonden, waar al een andere passagier zat en waar de koffie en thee faciliteiten zijn. De koffie was Nescafé dus we zijn blij dat we ondanks onze twijfels 15 pakken koffie en een koffiezetapparaatje meegesleept hebben… Dan hebben we tenminste 5 maanden lang lekkere koffie!

Tussen de kopjes koffie door (rantsoen; maximaal 2 x 2 kopjes koffie ieder per dag) zijn we even naar dek C gelopen om het zwembadje en de gymzaal te bekijken; het zwembad is ongeveer 4 bij 6 en verrassend diep, het zag er goed uit. Er zat alleen geen water in, ben benieuwd wanneer en of dat gebeurt en of we dat misschien zelf moeten doen? Aan de andere kant van de toren zat het gymzaaltje, met een aantal fitnessapparaten, gewichten, boxbal en tafeltennis. We zijn terug op onze verdieping naar buiten gestapt om via de buitentrap de kleine balkonnen op onze verdieping en de twee verdiepingen boven ons te verkennen (de brug mogen we niet in als het schip in de haven ligt); we ontdekte dat we min of meer een privébalkon hebben, aan de zijkant van het schip – iedereen kan er op zich wel komen maar het ligt uit de route, en is voor ons ideaal want je schiet zo even naar buiten om te kijken. We denken dat we het hier wel naar ons zin zullen hebben, lekker varen, heerlijk!

Rond 18 uur lag er al wel een sleepboot langszij maar leek er verder nog weinig te gebeuren qua vertrek, dus zijn we naar de eetzaal gegaan. We kwamen een van onze medepassagiers tegen, een enigszins zonderlinge Zwitser die ongeveer een week geleden in Le Havre was opgestapt, weinig Engels leek te spreken en sowieso niet heel erg coherent leek. Hmmm, ok? In de eetzaal gekomen kwamen er al gauw een jonge Griekse vrouw en Italiaanse man bij, die waren zoals ze zelf zeiden min of meer passagiers; nautische architecten, pas afgestudeerd en voeren nu als onderdeel van een project een paar dagen mee. En weer iets later kwam een Duitser de eetzaal binnen, dat was de vierde “echte” passagier.

Wij zessen werden aan een tafel gezet die zo vol met eten en servies stond dat er bijna niets meer bij kon, en tijdens het eten druppelde af en toe een officier binnen die aan de andere tafel ging zitten en geconcentreerd zijn eten naar binnen werkte. We denken dat dit schip niet zo heel persoonlijk zal zijn en verwachten eigenlijk dat het aan boord van de Rickmers iets persoonlijker aan toe zal gaan. Maar goed, we zijn nog maar een paar uur aan boord, dus er valt sowieso niet veel over te zeggen nog! Het eten werd in rap tempo gebracht, ieder individueel, zodra je je bord leeg had kreeg je het volgende onafhankelijk van hoever je buren waren. Voor de officieren begrijp ik het, voor ons was het vooral een beetje grappig dat Hans nog met zijn soep bezig was terwijl ik al aan het hoofdgerecht zat en de Griekse al aan haar toetje.

De zonderlinge Zwitser had bij binnenkomst tegen de messman gezegd dat hij twee broodjes wilde, mompelde iets aan tafel, en vertrok weer zodra hij zijn broodjes had. Ziek, misschien? De Duitser had 30 jaar geleden op een bananenboot naar Ecuador gevaren, een paar jaar terug op een vrachtschip in de winter langs de Finse kust, en dit was zijn derde vrachtcruise. Hij ging het complete CMA CGM rondje varen, dat is dus vanaf Hamburg naar en inclusief China en Zuid Korea en dan weer terug, 11 weken in totaal. Hij was stikjaloers toen Hans vertelde dat wij in Singapore gingen overstappen om een rondje om de wereld te varen; hij had dat ook willen doen met Rickmers maar had begrepen dat dat niet meer kon met Rickmers, en ze hadden hem dus ook niet verteld dat hij het zoals wij kon doen, dus met verschillende rederijen.

We hebben tijdens het eten een beetje gekletst dus over vrachtschepen en hoe we er op kwamen om zoiets te doen. Het eten was een beetje flauw van smaak maar op zich niet slecht; groentesoep vooraf, als hoofdgerecht polentapuree met paprika uit de oven gevuld met gehakt, groente en rijst, en toe een appeltaartje, weliswaar ijskoud en nog bevroren uit de diepvries. Op tafel stond verder brood, kaas, vleeswaar, salades, allerlei sausflessen, flessen mineraalwater, en je kreeg als je wilde een glaasje wijn bij het eten (Franse rederij hé!!!). Tijdens het eten vertrok het schip eindelijk, en toen we aan de passagierstafel met elkaar bespraken hoe laat we morgen dachten in Southampton te zijn viel een van de Oost-Europese officieren (overigens, die lopen gewoon in hun dagelijkse kloffie rond hoor) ons bij en vertelde dat we nog altijd vertraging hadden en dus pas om 11 uur in Southampton aan zouden komen, en vertrek dus ook opschoof naar laat ‘s nachts. Klinkt prima; Hans en ik moeten nog zien dat we veel van boord gaan, zeker de komende paar weken! Als dat het schema blijft denken we morgen tot na de lunch aan boord te blijven om de aankomst en het lossen een beetje te volgen, en dan ‘s middags proberen een ommetje te lopen langs de monumenten die we in Southampton zouden moeten kunnen vinden. Het wordt nog wel een uitdaging denken we om iedere keer van het schip, maar met name ook weer terug naar het schip te komen!

Hans heeft nog een beetje zijn Duits geoefend op Manfred de Duitse passagier, nadat de twee studenten weg waren, en rond 19:15 zijn wij terug naar onze kamer gegaan om te kijken hoe we de haven uitvoeren. Zeebrugge is niet zo’n hele grote haven, en de Columba was gewoon normaal vooruit naar binnen gevaren, en met behulp van de sleepboten naar de juiste kade geleid, maar moest nu eerst een eind achteruit varen voor ze kon draaien en weer verder vooruit de haven uitvaren. Het was inmiddels gelukkig een stuk afgekoeld in de kamer, en we hebben ons toen we op open zee waren getrakteerd op wat lekkers en onszelf lekker geïnstalleerd; Hans met de tablet en externe harde schijf om een James Bond film te kijken en ik met de “gewone” laptop om te typen en naast me de oude laptop die druk bezig is de route te traceren. Weliswaar doet de USB-poort het opeens niet meer op het moment (ook een kuur die het oude beestje weleens heeft) en kan ik dus geen datafiles overzetten naar de gewone laptop, maar zolang hij de datafiles maar weg blijft schrijven moet dat uiteindelijk wel goed kunnen komen hopelijk. We voelen het schip nu wel bewegen tijdens het varen terwijl het redelijk rustig weer is, en we horen de containers af en toe bewegen. Als het dus flink stormt, zullen we dat zeker merken denk ik!

Toen we rond een uur of 22 naar bed gingen viel het me op dat de oude laptop na 20:30 vanavond niets meer weggeschreven had en contact met de gps-zender verloren had. Dus ik heb de garmin even een kwartiertje aangezet om een stukje route vast te leggen terwijl ik mezelf klaarmaakte voor bed en de oude laptop nog een keertje probeerde opnieuw op te starten. Toen we een kwartiertje later gingen slapen had de gps-zender nog altijd geen satellieten gevonden maar ik heb hem maar aangelaten in de hoop dat dat op gegeven moment wel weer zou lukken.

free counters