Dag 2-3: dinsdag 27 - woensdag 28 januari 2015, aankomst en vertrek Southampton

Dag 2 dinsdag 27 januari 2015: aankomst Southampton – aan land, 383 km

De bedden zijn keihard, dat wordt nog wel even wennen. Plus we zijn beurs en stijf en moe van de laatste dagen en de trappenmarathon gisteren, dus de nacht was nog niet echt geweldig. Maar het zachte gebrom van de scheepsmotor en het licht deinen van het schip is heerlijk, daar kun je lekker op slapen! Midden in de nacht werd ik wakker van een licht ratelend geluid; de oude laptop naast mijn bed was volledig vastgelopen, alsof de schijf zelf vastliep. Uit ermee, dit wordt niks, het is duidelijk te veel gevraagd!

Vanochtend om 7 uur ging de wekker, pfff dat wordt ook nog even wennen! We hoeven natuurlijk niet te ontbijten maar het kan geen kwaad om op tijd op te staan. We hebben ons aangekleed en zijn naar B dek gelopen (5 verdiepingen omlaag) om te ontbijten in het officierenzaaltje; er was een klein buffet van spiegeleitjes, worstjes en geklutste eieren, en je kon brood, ontbijtgranen en broodbeleg pakken. Er stond ook een schaaltje met fruit en aan tafel kon je vruchtensappen uit pak pakken. De Zwitser hebben we niet gesignaleerd, de twee studenten hadden al of moesten nog ontbijten, en Manfred kwam vlak na ons binnen. De messman vroeg nog of alles naar wens was en of we nog iets nodig hadden in onze kamer, dus we hebben hem gevraagd de asbak mee te nemen en Hans gaf aan dat we twee kopjes geleend hadden van de gemeenschappelijke ruimte, dus of we eigen kopjes mochten hebben. Allemaal geen probleem! Bij het ontbijtbuffet hing de prijslijst van de “slop chest”, zeg maar de scheepswinkel; deze is alleen open op open zee en niet in de havens, maar je kunt ten alle tijden je bestelling (drank, chocola, chips, zelfs redelijk veel toiletartikelen) achterlaten op een klein briefje bij het ontbijtbuffet en dan wordt bij de eerstvolgende gelegenheid je bestelling geleverd, ik denk af te halen in het eetzaaltje.

Na het ontbijt zaten we in onze kamer een beetje moed in te zamelen om te gaan sporten, toen we gebeld werden door het scheepskantoor (7 verdiepingen onder ons, op Upper dek, slik…). Of we over een half uurtje, om 9 uur alsjeblieft even naar beneden wilde komen voor een veiligheidsuitleg. Twee Roemenen stonden ons op te wachten; diegene die ons gisteren aangesproken had – hij ging vandaag in Southampton van boord na een contract van 4 maanden en een week – en naast hem stond een nieuwe, die ging zijn taken overnemen. Samen liepen ze met ons naar de zwemvestenkamer op dek A en liet de huidige officier even zien hoe een zwemvest aanmoest; ik mocht geen foto maken want hij was niet in uniform en dat kwam niet representatief over (en waarschijnlijk wilde hij ook gewoon niet op de foto). Maar mijn opmerking naar de nieuwe officier dat HIJ (wel in uniform of in ieder geval bedrijfsketelpak) dan ook maar even een zwemvest aan moest trekken voor de foto werd lachend afgewezen, écht niet! Bij alarm moesten we hier verzamelen, bij het “muster” (verzamel)punt. Bij oefeningen hoefde wij dat niet, als passagiers zijnde, maar ze waren niet duidelijk of we dan in onze kamer moesten blijven, naar de brug moesten gaan of op dek A mochten komen kijken naar de oefeningen… Dat moest nog even uitgezocht worden, ze zouden er op terug komen! In principe mochten we altijd kijken natuurlijk, zolang we maar niet in de weg liepen, maar wat nu onze taak was bij alarm was even onzeker; de ene zei dat we opgehaald zouden worden door de messman of zijn maat en naar de brug gebracht worden, de andere zei dat we zelf naar de muster-point moesten komen. Ach ja we horen het vanzelf wel uiteindelijk!

We hebben nog even met de Roemenen staan praten totdat duidelijk was dat ze weer aan de slag wilde, en toen zijn we op dek A nog even gaan kijken bij de reddingsboten die boven ons hingen. We waren welkom om buiten op het Upper dek te gaan wandelen (dan kun je heel het schip rond lopen namelijk, onder de containers door) maar dat moesten we wel even telefonisch melden bij de brug. En niet ‘s nachts of in havens want dat was te gevaarlijk. De “balkons” aan beide kanten van de woontoren en de buitentrap waren we altijd vrij om te gebruiken (behalve bij storm waarschijnlijk), en er werd ook aangegeven dat we ten alle tijden vrij waren om op de brug te komen, zelfs als er een loods aan boord was – uiteraard wel uit de weg blijven van iedereen! De Roemenen konden maar niet begrijpen waarom iemand zou willen betalen om hier aan boord te mogen zijn, maar ja, dit is hun werk natuurlijk en voor ons is het anders; zien werken is anders als doen werken…

Terug boven op F dek heeft Hans nog even de gemeenschappelijke ruimte laten zien, die er best netjes uitzag (alleen, onze kamer is net zo comfortabel denk ik voor ons tweetjes). Toen zijn we nog even naar buiten gestapt op het balkon aan stuurboord voor een frisse neus (je waait uit je jas als je uit de windschaduw van de woontoren stapt!), en hebben we een tijdje met Manfred staan kletsen. Duits en Engels door elkaar; ik heb al tegen Manfred gezegd dat ik 80-90% versta van wat ze zeggen maar dat ik in het Engels zal antwoorden omdat ik zelf geen Duits spreek, en dus dat als ze willen hij en Hans vooral gewoon Duits moeten spreken.

Rond 10 uur hebben we onze jassen in onze kamer achtergelaten, want het schip is zo warm dat je echt geen trui of vest of jas nodig hebt als je binnenblijft. Via de binnentrappen zijn we twee verdiepingen omhoog gelopen naar de brug. Ik ben stijf in mijn kuiten van de trappen! Maar ik moet zeggen, 2 verdiepingen valt al best mee vergeleken met de rest… De brug is altijd een leuke plek om te zijn, het is er rustig en overal zie je schermen, wijzers, kaarten en sonar, er is zo veel te zien. Wij kwamen op de expeditieschepen waar we mee naar Antarctica, Spitsbergen en West-Afrika voeren ook graag op de brug. De officieren liepen gewoon in hun dagelijkse kloffie rond en we waren vrij om overal rond te kijken en op ieder scherm te turen. Soms werd iets aangewezen of uitgelegd maar meestal lieten ze ons gewoon zelf rondneuzen. Ik vind het altijd leuk dat er qua navigatie toch nog zo veel op zo’n schip van 363 meter lang overeenkomt met het zeilschip waar ik vroeger op meevoer van amper 13 meter lang… Ze gebruiken ook hier zelfs nog papieren kaarten. Dat hebben we al meer gehoord, ook op de MS Expedition waar we mee naar Spitsbergen en West-Afrika geweest zijn, dat er ondanks alle elektronica nog altijd het liefst ook met papieren kaarten gewerkt wordt omdat dat toch meer overzicht geeft dan een computerscherm, en als alles uitvalt je toch een back-up hebt. Er is trouwens aan boord van een schip ook een “zwarte doos” die alles registreert, en natuurlijk het papieren logboek waarin alles opgeschreven wordt wat er gebeurd en gedaan wordt.

Terwijl we op de brug stonden werd een vissersbootje in de verte scherp in de gaten gehouden – het is heus wel een schip van formaat, maar leek wel een mier vergeleken met ons! En opeens kwam er van achteren de woontoren witte rook omhoog vanaf dek E – dat gaf even kort consternatie terwijl er uitgezocht werd waar het vandaan kwam. Het bleek echter niets serieus te zijn gelukkig. Op de brug kwam op gegeven moment de derde stuurman naar ons toe met de vraag om even een formulier te tekenen voor binnenkomst in Southampton, mochten we tabak en alcohol bij ons hebben dan konden we die zo declareren. Verder vroeg hij ook nog of we nog even de gelekoorts-bewijzen, onze medische formulieren en de verzekeringsverklaring wilde indienen? Weer iets wat we naar de Cruise People gestuurd hadden en waarvan ze niet gezegd hadden dat we die ook nog apart bij moesten hebben, zucht! We zeiden al, dat moet je aan the Cruise People vragen; maar we zeiden ook dat we zouden kijken of we het nog digitaal hadden voor ze.

Onderweg terug naar de kamer kwamen we de kapitein en Chief Officer nog tegen – volgens hen kwam de loods rond 13:15 aan boord en waren we welkom om dan te kijken hoe we door de redelijk moeilijke vaargeul de haven ingeloodst zouden worden (reken op iets van 3-4 uur varen!). We zijn dus benieuwd of we nog voor donker in Southampton zijn! Iedereen is trouwens erg aardig en informeel: het gereserveerde dat we gisteren dachten te zien bij de Roemeense officieren heeft misschien ook iets met de landsaard te maken, want op zich als je ze aanspreekt zijn ze best aardig.

Terwijl Hans rond 11 uur ons eerste bakje koffie zette van de dag heb ik even de benodigde bestanden (samen met de vrijwaringbrief waar gisteren om gevraagd werd) even op een usb gezet en naar de brug gebracht. Die twee verdiepingen omhoog valt best mee eigenlijk, ahum! Het uurtje tot de lunch hebben we lekker op ons bankje doorgebracht met films kijken en typen en zo. De oude laptop is eigenlijk naar de knoppen; we proberen hem nog opgestart te krijgen maar er zit weinig leven meer in lijkt het. Jammer.

Als we in onze kamer zijn laten we de deur altijd openstaan overdag, er loopt namelijk wel niemand langs want we zitten aan het einde van de gang maar het is iets uitnodigender dan altijd maar een dichte deur, en het is ook standaardbeleid op een schip (in ieder geval bij de officieren), het geeft namelijk aan dat je gestoord mag worden. Wil je niet gestoord worden dan doe je je deur dicht. Plus je blijft zelf ook iets meer in contact met wat er op de gang gebeurt. Als we de kamer verlaten trekken we op zee de deur gewoon dicht; er zal niet gauw gestolen worden want het is zo’n kleine gemeenschap (Hans heeft 33 namen bemanning geteld aan boord, bij de trappen hangen kleine pasfoto’s van iedereen) dat de kans dat je gepakt wordt heel groot is. Liggen we aan de kade dan wordt je wel aangeraden om, als je niet in je kamer bent, de deur steeds op slot te doen want tijdens laden en lossen loopt er van alles rond op zo’n schip.

Het was met de lunch redelijk druk aan de officierentafel; er zaten wel 6 man tegelijkertijd en kwamen tijdens onze lunch nog twee anderen binnen. De zonderlinge Zwitser was nergens te bekennen; Manfred wist te vertellen dat hij inderdaad ziek was. Hij was toch niet te verstaan als hij er wel was geweest, want hij sprak alleen Zwitser-Italiaans volgens Manfred. Lunch was soep, een heerlijke vleesstoofpot met aardappelpuree en een gebakken eitje, en druiven toe. Kaas en salade stonden op tafel om te pakken als je wilde, en de fruitschaal bij het ontbijtbuffetje was bijgevuld met appels, sinasappels en perziken. In de stoofpot zaten onder andere stukjes worst die van het ontbijt overgebleven waren; de kok houdt dus niet van restjes weggooien, goed zo!

Na de lunch merkten we dat we in de buurt van de kust begonnen te komen; we zagen een ander CMA CGM schip in de verte varen en als we er helemaal op inzoomde met de camera (30x optische zoom) konden we net de naam min of meer ontcijferen; de Christopher Colombus geloof ik. Daar voer een loodsbootje vandaan, en rond 13:15 ben ik naar de brug gegaan en was de loods al aan boord. Hij was het schip door de vaargeul aan het loodsen, en omdat de kapitein en officieren nog niet geluncht hadden en een dienblad kregen werd hij ook lunch aangeboden, wat hij niet afsloeg. Het was wel lachen om te zien dat de kapitein eerder op de dag nog in zijn oude kloffie rondliep en nu samen met de dienstdoende officier keurig in uniform waren! Vermoedelijk is de dresscode op zee dus gewoon praktisch, en aan land of met buitenstaanders aan boord wordt door officieren en kapitein wel uniform gedragen worden om representatief over te komen.

De loods zat in de stoel van de kapitein en gaf richtingen aan die gelijk herhaald werden en zo te voelen aan de reactie vanuit het schip ook gelijk uitgevoerd werden. Ik heb een half uurtje gekeken terwijl we het begin van de vaargeul invoeren maar aangezien dit schijnbaar nog wel een paar uur gaat duren ben ik daarna weer naar de kamer gegaan. Hans zat ondertussen lekker een serie te kijken en de oude laptop is voor de zoveelste keer vandaag een schijfcontrole aan het doen… Tijdens de paar uur die het kostte om naar Southampton te varen langs the Isle of Wight, en de redelijk smalle Solent-riviermond in, heeft Hans een broodnodig dutje gedaan; we zijn nog erg moe van de laatste maanden en dat moet even bijgeslapen worden!

We kwamen rond 16 uur aan in de haven van Southampton, en voeren onderweg naar de haven langs het Mayflower monument, hier is namelijk het schip de Mayflower langsgekomen onderweg naar Amerika. De twee sleepbootjes die ons aan de ingang van de haven lagen op te wachten brachten het schip heel voorzichtig naar de kade, waar nog een derde sleepbootje erbij kwam, en het allerlaatste stukje werd gedaan door de kabels aan te spannen en het schip zo naar de wal te trekken. Het duurde toch nog drie kwartier vanaf het de haven binnenvaren totdat we volledig stil en aangemeerd lagen!

Dus iets voor 17 uur zijn Hans en ik naar beneden gegaan naar het scheepskantoor op Upper dek, met onze jassen en rugzakje bij en de £12,58 die we nog van onze reisje naar Engeland in oktober 2014 over hadden. We wisten niet precies hoe het zou gaan allemaal, maar aangezien het kantoor onze paspoorten had, leek ons dat een goed begin! De dienstdoende officier gaf aan dat het nog wel een tijdje zou duren en dat we ondertussen konden gaan zitten en zelfs een kopje koffie pakken als we wilde. We hebben er uiteindelijk een uur gezeten maar die tijd ging snel voorbij want er was veel bedrijvigheid en veel te zien. Zo kwam er een planner aan boord om met deze officier de indeling van de vracht door te nemen, met behulp van een planningprogramma waar alle containers per verticale doorsnede in kaart gebracht waren.

En de officier liet ons een diagram op een schermpje zien met daaronder een grote rode knop; dit was de automatische stabilisator. In de haven tijdens het laden en lossen worden constant containers van het schip afgetild en op het schip neergezet, waardoor continu het gewicht en middenpunt van het schip verandert. Die stabilisator compenseert dat constant automatisch door water tussen twee ballasttanken aan stuurboord en bakboord te pompen. Als we varen staat deze stabilisator uit, want dan is het levensgevaarlijk – door het compenseren zou dan overcompensatie kunnen ontstaan met kapseizen als gevolg…

Het werd ons na een tijdje duidelijk dat we moesten wachten op de lokale CMA CGM agent om aan boord te komen en de laatste checks te doen, en ondertussen liep er van alles rond. De kapitein kwam ook naar beneden om met de lokale agenten de procedures door te nemen, een Engelse veiligheidscontroleur kwam aan boord en gaf aan onze officier een korte instructie wat de lokale regels waren aan land, de twee studenten kwamen naar beneden omdat zij vanuit hier aan land gaan en terug naar huis, en ondertussen liep er van alles rond, van iemand die een nieuwe computermuis voor de brug zocht tot iemand die zijn walkietalkie niet aan de gang kreeg. Leuk om te volgen allemaal!

Opeens waren de agenten klaar en onderweg naar buiten belde ze nog even een taxi voor ons en de twee studenten; de taxi zou de studenten naar het treinstation brengen en ons daarna naar het Titanic monument daar vlakbij. Toen kwam buiten op de kade een busje van de havenbeveiliging ons ophalen, kregen we onze paspoorten van de officier, en bracht het busje ons naar de beveiliging bij de poort (DP World kade 207 security lodge, ik heb het opgeschreven voor de zekerheid, dat wordt altijd aangeraden). Daar moesten we onze paspoorten laten zien en stond de taxi al klaar. Hij was niet erg spraakzaam en drukte de meter in die behoorlijk doortikte tot aan het station, maar daar merkte de Griekse studente op dat de rederij toch betaald had voor het ritje? Ja bromde hij. Hans en ik spitsten onze oren natuurlijk, mooi zo… Toen we alleen waren in de taxi wezen we hem nog even erop dat we niet naar het museum wilde zoals de agent voor ons had ingevuld, maar naar het monument in het park. Hij moest even nadenken waar het was en even was ik bang dat hij zou zeggen dat dat niet in de prijsafspraak zat, maar uiteindelijk was het geen probleem.

Hij zette ons af bij Watts (oftewel West) Park en gaf ons een kaartje zodat we als we klaar waren een taxi terug konden bellen. De meter stond inmiddels op 11,60 pond maar het was dus een gratis ritje, een meevaller! We zijn gelijk naar de Cenotaph gelopen, het monument voor de Eerste Wereldoorlog, en hebben daar even rondgekeken. Het was inmiddels al lang donker maar het park werd goed verlicht. Alleen de glazen platen met namen rondom het monument kon je nu dus niet zo heel goed meer lezen; die glazen platen waren een paar jaar geleden neergezet omdat de namen op het monument zelf zo verweerd waren geraakt dat je ze niet meer kon lezen. Maar het is onze reishobby om dit soort monumenten op te zoeken op reis, dus we hebben er uitgebreid rondgelopen.

Toen was het op naar het monument voor de ingenieurs van de Titanic, die hun post niet verlaten hadden maar doorgepompt hadden tijdens het zinken zodat zo veel mogelijk passagiers gered konden worden. Maar als gevolg daarvan zijn ze natuurlijk wel allemaal zelf verdronken… Er moest in de buurt ook nog een plaquette zijn voor de muzikanten van de Titanic die doorspeelde tot het einde. Maar die konden we niet vinden, ik vraag me af of hij misschien weggehaald is want er waren in de straat waar we hem hadden moeten vinden eigenlijk alleen maar nieuwe winkelfronten. Het kan zijn dat het zich inmiddels in het Titanic Museum bevindt dat vlakbij staat. Dus uiteindelijk hebben we maar een taxi gebeld via het nummer op het kaartje.

De taxi schoot niet op en op een gegeven moment stopte er een taxi voor ons; hèhè! Het was bij nader inzien dan wel niet de taxi die we besteld hadden maar we hadden geen zin meer om te wachten. Ja hoor, we waren amper een paar minuten onderweg of ik werd gebeld; de taxi die we besteld hadden stond op ons te wachten. Sorry, wij domme buitenlanders wij niet snappe… We hadden er al zo’n 10 minuten staan wachten en drie andere taxi’s aan ons voorbij laten gaan, het was wel goed onderhand! De taxichauffeur had gezegd dat hij wist waar hij moest zijn maar naarmate we dichter bij de haven kwamen werd hij onzekerder. Uiteindelijk, al op het haventerrein, moest ik uitstappen om het te vragen aan een andere automobilist – terwijl voor mijn gevoel we gewoon nog een eindje door moesten rijden. Gelukkig herkende ik het opeens op het laatst, want de taxichauffeur begon ernstig te twijfelen of we nog goed zaten maar ondertussen tikte de meter maar door… We moesten eenmaal bij de security lodge aangekomen 11 pond afrekenen terwijl we 12,58 op zak hadden; dat is nog eens strak gepland!

Bij de security lodge moesten we weer naar binnen om onze paspoorten te laten zien en ons af te melden, en konden we binnen 5 minuten in een busje stappen naar het schip toe. Dat lijkt in deze haven wel redelijk geregeld te zijn, van die busjes of bussen die je vanaf een schip naar de uitgang brengen – die komen op afroep aangereden. Terug bij het schip werden we zo naar binnen gewuifd door het bemanningslid dat bij de loopbrug registreert wie van boord of aan boord het schip komt – hij herkende ons wel! We hebben onze paspoorten netjes afgegeven bij het kantoor en het was dan wel 19:15 inmiddels maar de dienstdoende officier dacht wel dat er nog eten voor ons over zou zijn (hij zei zelfs “er is altijd tijd voor eten”). We zijn dus maar gelijk naar boven gelopen en inderdaad, Manfred was nog aan het eten; hij had aangenomen dat we 18 uur Engelse tijd zouden gaan eten, maar de scheepsklokken waren (bij uitzondering) niet aangepast voor deze stop in Engeland en hij had daar niet op gekeken alleen op zijn eigen horloge, dus hij kwam een lege eetzaal binnen om 19 uur scheepstijd! We waren dus niet de enigste late eters… Het was weliswaar een beetje koud maar koud eten is nog altijd beter dan geen eten!

Na het eten zijn we op het balkonnetje bij onze kamer gaan kijken naar het laden en lossen; heel de haven, de kranen en het schip zelf waren fel verlicht, en er was vlak voor de woontoren, recht onder onze ramen naar voren, een groot en vooral diep gat ontstaan waar ze containers gelost hadden. En nu waren ze dat gat aan het vullen met nieuwe containers. Dus wij zitten op de 7e verdieping van de woontoren, en onder ons was op het upper dek (de dekplaten lagen op de kade) dus een gat van nog eens zeker 8 containers diep het schip in ontstaan. Totaal praat je dus over een afstand van ons raam naar de bodem van ongeveer 15-16 verdiepingen. Oef, wat een afstand!

Er stond vlak naast de toren een grote kraan te laden, en dat was een schitterend gezicht want de containers “vlogen” vlak langs ons raam (en ons gezicht als we buiten stonden) op ooghoogte langs, om dan voorzichtig maar snel op de juiste plek in het gat te zakken. Op de kade reden overal “kleine” wagens rond die heel hoog op hun wielen stonden zodat ze een container konden oppakken en verplaatsen of onder de kraan zetten, en zelf konden ze de containers op het terrein tot 4 containers hoog stapelen. Ik heb een zo’n vlucht gefilmd vanaf het neerzetten van de container onder de kraan door de wagen, tot het oppakken door de kraan en met een vloeiende beweging het schip in te tillen, even passen en meten om precies de juiste plek in het dek te vinden, en dan in het ruim te laten zakken. Het duurde 2,5 minuut voordat de kraan klaar was voor de volgende container, wow… Als we binnenzaten met de gordijnen open zag je regelmatig in je beeldscherm de reflectie van een container die langsvloog. Het was een leuk gezicht!

Uiteindelijk zijn we om een uur of 21:30 koffie gaan drinken en douchen, en heeft Hans nog een serie gekeken; ideaal, hij kijkt vanaf de harde schijf op zijn tablet met koptelefoons en ik merk amper dat hij een film zit te kijken. Soms schudt heel het schip door elkaar als een container iets te hardhandig neergezet wordt, maar het tempo wordt hooggehouden. Ik hoorde de planner vanmiddag in het kantoor zeggen dat hij hoopte dat het laden en lossen tussen 4-6 vanochtend klaar was, en de officier zeggen dat we om 6 uur wilde vertrekken. Dat kan betekenen dat dit een onrustige nacht wordt, laten we hopen dat ze gauw het gat gevuld hebben en opschuiven!


Dag 3 woensdag 28 januari 2015: vertrek Southampton

We hebben vannacht verrassend genoeg weinig last gehad van het laden vlak voor ons raam; maar toen we vanochtend opstonden en naar buiten keken was er net naast ons raam, in het gat van gisteravond, nu een toren van 6-8 containers hoog ontstaan. Aan bakboord, een eind van ons raam vandaan, was er op een stuk dek dat vanuit Zeebrugge bijna helemaal vrij was, nu ook een hoge toren ontstaan. Wow dan hebben ze flink doorgewerkt! We hebben nog steeds vrij zicht recht voor het raam, maar het schip is wel een stuk voller geladen dan toen we uit Zeebrugge vertrokken. Vertrek was gepland om 6 uur (Engelse of scheepstijd was niet duidelijk), maar uiteindelijk zijn we pas echt van de kade losgekomen rond een uur of 8 scheepstijd. Drie sleepbootjes waren nodig om het schip met de punt los van de kade te krijgen en terug het kanaal in te draaien, zonder dat de achterkant in de draai tegen de kade aan zou gaan.

Toen we goed en wel vrij van de haven waren en onderweg naar open zee toe in de riviermond, zijn Hans en ik gaan sporten; hij op de hometrainer ik op de loopband, een half uurtje. We hadden onszelf gisteren vrij gegeven omdat het de eerste dag was (en we twee keer 8 trappen op en af geweest zijn), maar willen het toch wel iedere dag proberen te doen. In combinatie met de trappen op en neer moet je toch je dagelijkse conditie op peil kunnen houden lijkt ons!

Het is een beetje grijs grauw weer vandaag, het regende bij het opstaan en waait ook wel redelijk, en toen we rond een uur of 11 vrij van het vasteland waren en het Noordzeekanaal begonnen over te steken merkte we voor het eerst ook beweging in het schip. We deinen weliswaar rustig heen en weer; maar gisteren voelde we eigenlijk niets. Je hoort de containers ook een beetje bewegen, en natuurlijk de geluiden van het schip zelf. Op zich is de zee rustig maar we zitten hier in onze kamer op een grote afstand van zeeniveau dus dan is een kleine deining al gauw voelbaar natuurlijk! De officier die we gistermiddag spraken over de geplande vertrektijd zei al dat hij hoopte dat we met het vertrek ‘s ochtends vroeg een storm zouden kunnen vermijden die zich op dit moment in de Baai van Biskaje bevond, en dan hopelijk voorbij zou zijn tegen de tijd dat wij er komen. Echter ook goed kans dat we daar nog een restje van gaan voelen.

Met de lunch was het verrassend druk in de eetzaal; we moeten lachen om hoe snel je bediend wordt, en de officieren onderling (allemaal Roemeens) praten wel wat met elkaar maar het is meer wat gebrom tussen de happen door terwijl het eten in rap tempo naar binnen geschoven wordt dan iets anders. En daar zitten Manfred, Hans en ik dan bij aan een apart tafeltje (gek genoeg kwamen vandaag opeens twee van de officieren bij ons zitten, al zeiden ze geen woord tegen ons en amper tegen elkaar). En wij tafelen lekker met een wijntje erbij voor Manfred en eten langzaam, voor zover dat mogelijk is met de nieuwe gang die verschijnt zodra je je bestek neerlegt – hoewel het wel zo is dat je ook gewoon kunt vragen om even te wachten.

Ik heb voor de lunch en na de lunch twee van mijn kettingen opnieuw geregen; ik heb een reeks kettingen meegenomen die ik wilde her-rijgen of repareren, en 5 maanden op zee leek me een goede tijd om dat soort dingetjes te doen. Ik twijfelde nog de week voor we vertrokken of ik ze wel mee moest nemen maar Hans drong aan en nu ben ik er wel blij om, je hebt nu de rust en de tijd voor dit soort projectjes. Hans heeft zichzelf als projectje gegeven om tussendoor, als hij zin heeft, door onze vele honderdduizenden reisfoto’s te bladeren en alle missers weg te gooien; de bewogen foto’s, of de 500 foto’s van zee zonder iets erin toen we op zoek waren naar die ene dolfijn, of van de 20 identieke foto’s van die rots de meeste weggooien… Pfffff dat is pas een flink project! Ook probeert hij de oude laptop aan de gang te krijgen, het lijkt onbegonnen werk maar hij geeft het nog niet op.

En we hebben vanmiddag lekker een middagdutje gedaan, en zijn even naar de brug geweest. Hoewel de oversteek naar Le Havre niet zo lang is neemt de Columba er de tijd voor, we varen maar zo’n 9-10 knopen (ongeveer 16-18 km/uur), terwijl de maximumsnelheid van het schip 23 knopen kan zijn. Dat betekent dat we pas morgen in de loop van de ochtend in Le Havre aan de kade liggen, en er 24 uur over gedaan hebben. We zijn benieuwd, we nemen aan dat we na Le Havre wel wat meer snelheid gaan maken, dit is tenslotte een snel containerschip!

Het is lekker dat we zo gemakkelijk vanuit onze kamer naar buiten kunnen stappen, en we doen dat ook regelmatig; even kijken, even uitwaaien en even een foto maken. De golven zijn vandaag lange rollende golven, van deze hoogte lijken ze klein maar Hans schatte ze vanmiddag wel rond 3 meter hoog. Dat moet ook eigenlijk wel, want het schip rolt mee met de golven dus mij lijkt dat ze dan wel redelijk hoog moeten zijn om zo’n kolos als dit in beweging te krijgen! Ik vind dat nooit zo’n fijne beweging dus het middagdutje was een goeie gelegenheid om even lekker rustig stil te liggen. Maar inmiddels ben ik er ook weer wat meer aan gewend denk ik.

De zonderlinge Zwitser heeft zich sinds vertrek uit Zeebrugge in zijn kamer opgesloten en niemand heeft hem sindsdien eigenlijk nog gezien; ik denk dat hij de messman af en toe iets te eten laat brengen of zo, of misschien eet hij wel helemaal niets. Wij horen hem heel af en toe kuchen, dus we weten in ieder geval dat hij nog leeft! Hij was vandaag iets actiever dan de afgelopen dagen en inderdaad, hij zat bij het avondeten. Hij spreekt niets behalve Frans en Zwitser-Italiaans, en ik vraag me zelfs af hoe vloeiend hij Frans spreekt, want er viel gewoon niet mee te communiceren. We probeerde hem te vragen hoe het ging met hem maar hij snapte niets, zelfs geen gebaren (mij lijkt het niet zo’n vreemde vraag als je al twee dagen van de aardbodem verdwenen bent), maar met heel veel moeite en dankzij de grote kaart die in de eetzaal hangt hebben we wel zijn route grotendeels in elkaar weten te puzzelen. Hij vaart naar Singapore, stapt dan over op een schip dat hem in een maand tijd naar Papua Nieuw Guinee en Australië brengt en weer terug naar Singapore, en stapt dan (denken we) op een Rickmers schip ergens in maart om de rest van het rondje te doen, aangezien hij het over ver dezelfde route had als wij. Wel stoer!

Het avondeten was trouwens heerlijk; we denken niet dat de kok een echte kokstraining heeft gehad, maar vanavond was voor herhaling vatbaar… De soep was dezelfde lekkere bonen-met-worst soep als vanmiddag (alleen iets ingedikt door het lange koken), het hoofdgerecht varkensvlees uit de oven, spinazie met knoflook en olijven en gebakken aardappels. Maar het toetje was het lekkerst; zacht, smeuïg vochtig bananencake, heerlijk! We hebben de kok een complimentje gedaan na het eten (in de hoop dat we hem daarmee aanmoedigen…).

De 3e Officer die ons gisteren vroeg om het douaneformulier voor tabak en alcohol te tekenen probeerde tijdens het avondeten nog met de Zwitser te communiceren over het feit dat hij uit de slop chest een fles wijn besteld had maar deze niet gedeclareerd had en dat eigenlijk wel moest doen omdat de fles nu in zijn bezit was en we morgen in Le Havre zouden aankomen. Het was niet te doen! Uiteindelijk rolde de 3e Officer zijn ogen een beetje en zei vriendelijk dat het wel ok was, laat maar, komt goed. Hij zou het duidelijk wel even regelen: ik heb dat gisteren ook gehoord toen we in het scheepskantoor zaten, toen had een van de bemanningsleden vergeten te tekenen, en stond hij al op het punt om zelf een krabbeltje te zetten toen diegene alsnog op kwam dagen…

We zagen vandaag regelmatig kopjes op de golven, en denken dat het rond windkracht 4-5 is. Het weer is voor een groot gedeelte afhankelijk of je in de luwte van de woontoren staat of niet; vanmiddag leek het heerlijk rustig lenteweer maar toen we op de brug kwamen regende het fors – maar op ons balkonnetje merkte we daar niets van. En vanavond na het eten stapte we nog even naar buiten en toen ik de hoek om kwam liep ik gewoon tegen een muur van wind aan, we konden er echt in hangen zo hard woei het! Tot nu toe vliegen de dagen voorbij, en gaat de tijd snel; Manfred zegt hetzelfde, je doet niets maar de tijd vliegt. Heerlijk, we moeten er nog een beetje aan wennen en onthaasten maar het is wel lekker hoor. En we zijn met ieder kopje koffie dolblij dat we onze eigen lekkere koffie bij hebben, heerlijk! We mogen van onszelf ‘s ochtends een kopje (vanochtend lekker na het sporten) en ‘s avonds om 19:30 na het eten…

We waren net klaar met ons eerste kopje koffie toen ik nog even de gps aanzette; die gaf een positie aan die ACHTER de positie van vanmiddag rond 16 uur was; alsof we dus een rondje aan het varen waren? En terwijl we daarover aan het puzzelen waren ging de telefoon. Iedere ruimte in het schip heeft zijn eigen telefoonnummer (ons telefoonnummer is 66, kamer A op dek F), en dit was dus de kapitein die belde, of we zo even een momentje hadden om langs te komen? Er was namelijk iets over onze retourticket. Wij hadden al gelijk zoiets van dat is The Cruise People die ons proberen te bereiken; ze hebben ons namelijk nog niet de papieren gestuurd voor onze Rickmers-route, en zouden dat doen naar het scheepsadres. Zucht, het zal fijn zijn als ze hun zaken wat meer op orde hadden zodat je dit soort dingen gewoon thuis kon regelen…

Maar we gingen dus naar dek G naar het administration kantoor, tegenover de zo te zien zeer comfortabele kamer van de kapitein. Hij zat achter een van de computers en bevestigde dat the Cruise People contact met ons wilde maken, dus hij heeft gelijk een e-mailadres voor ons gemaakt voor gebruik aan boord, en wees ons welke computer we konden gebruiken om onze mail te checken. Je kon met het programma zelfs korte sms’jes sturen, gaat allemaal via de satelliet; en de mail wordt om de 3 uur ongeveer verzonden en binnengehaald, hoewel de kapitein de mogelijkheid heeft om het vaker te doen als hij wil. Wow, maar ja, we hebben al meer gehoord dat je een soort tikkenkaart moet hebben voor email en internet aan boord, dus hartstikke mooi en zo, maar wat kost dat ongeveer? Helemaal niks! Alleen de grote van je bijgevoegde bestandjes is beperkt tot 2-3 MB, maar voor de rest lijken er geen beperkingen te zijn… Wat een service! En zo blijkt ook de scheepvaart niet zonder internet te kunnen. We zijn erg blij met de mail want zo kunnen we nog weleens in contact met thuis blijven, maar we gaan niet elke dag mailen denk ik, dat is nu ook weer niet nodig.

Nu we hier toch waren heb ik gelijk maar gevraagd over de rare manoeuvre die ik dacht te zien; de kapitein zou het toch zeker moeten weten als er iets raars gedaan was! En hij ging inderdaad lachen, het klopte we waren rondjes aan het varen. We hebben namelijk morgen pas om 14 uur een afspraak met de loods voor Le Havre, en we kunnen niet voor anker gaan vanwege de enigszins ruwe zee dus we moeten blijven varen, maar ja, de afstand is niet zo groot dus varen we steeds stukken heen en weer. En dat zijn we dus al sinds ongeveer 17 uur aan het doen, en zullen we waarschijnlijk tot rond de middag morgen blijven doen! Pfffff, wat moet dat wel niet kosten aan brandstof; maar het verklaart in ieder geval waarom we zo langzaam varen dat we lijken te dobberen (op het moment zelfs maar 15 km per uur), want we hebben heel wat uurtjes te vullen… Rond 22 uur zijn we weer omgekeerd en varen nu met 10 km per uur terug naar Engeland… We waren zo dicht bij Frankrijk gekomen dat we de vuurtorens op de kust konden zien en een sms’je van Hans zijn zoon binnenkwam; maar tegen de tijd dat Hans een antwoord getikt had en we wilde verzenden waren we al weer bezig terug naar Engeland te varen en was het bereik weg. Jammer, maar waarschijnlijk hebben we nog wel een paar keer de kans om het te proberen voor we in Le Havre aankomen!

De bedden zijn trouwens zo hard dat ze niet zouden misstaan in een Noord-Koreaanshotel, pffff… En het zijn toch wel echte matrassen volgens mij, maar kei- en keihard.

free counters