Dag 6-11: zaterdag 31 januari - donderdag 5 februari 2015, op zee (Straat van Gibraltar)

Dag 6 zaterdag 31 januari 2015: op zee, 719 km

Vandaag is de eerste volle zeedag van de reis, en toen we bij het opstaan vanochtend de gps aanzette bleken we in ieder geval nog de goeie kant op te gaan, gelukkig! Het ontbijt is altijd wel heel erg vroeg om 7:30 (en dan gaan we zelfs wat later, we kunnen vanaf 7 uur terecht), maar het is wel goed om op tijd op te staan.

Na het ontbijt zijn we even naar buiten gestapt bij de buitentrap om uit te waaien; dat is nooit zo’n probleem, wat een wind! We zijn blij dat we ons thermisch ondergoed meegenomen hebben, dat komt goed van pas als je buiten in die ijswind staat; nu alleen nog eraan denken om ze aan te doen voor we naar buiten stappen!! We zijn rond 9:45 gaan sporten, de verleiding is namelijk ‘s avonds te groot om een keertje over te slaan als de gymzaal bezet is, en ‘s ochtends is er weinig kans dat er iemand is. Na het sporten was het tijd voor de koffie, en daarna douchen, en toen was het al weer haast tijd voor de lunch… Wat een druk leven pfff! Ik heb in de tussentijd nog een ketting gerepareerd en Hans heeft zijn serie uitgekeken.

Bij de lunch kregen we zoals altijd verse soep; vandaag was het groentesoep met Chinese groente-dumplings erin, heerlijk! Meestal krijgen we ‘s avonds nogmaals dezelfde soep. En er wordt iedere dag keurig een briefje op alle tafels gelegd met het menu van die dag voor lunch en avondeten. Het was druk bij de lunch; 2-3 Chinezen, een Roemeen die vroeg klaar was en weer aan het werk ging en 8 Roemenen die wat later samen vanuit de relaxruimte voor de officieren naar beneden kwamen, en dan natuurlijk Manfred en ons tweetjes. We kregen als hoofdgerecht kip in tomatensaus; je kunt merken dat de kok Aziatisch is want de kip wordt altijd met scherp hakmes dwars door de botten heen in stukken gehakt en je krijgt gewoon een stuk kip op je bord, botsplinters en al. Wel lekker hoor, daar niet van.

Na de lunch was het tijd om uit te buiken en te rusten; Hans is languit op het bankje een hele film gaan kijken en ik rommelde wat aan met de laptop. We deinen heen en weer, de zee is wat ruwer en af en toe kwam er een regenbui langs. Ik had bij de lunch nog even die ene Roemeen, die als eerste aan tafel was en alleen at, gevraagd of we bij de brug mogen als de deur dicht is, en dat was geen enkel probleem, ze deden altijd de deur dicht ‘s avonds maar je was gewoon welkom. Wij zijn uiteindelijk een dutje gaan doen; het bewegen van het schip maakt ook een beetje slaperig – en werden rond 15 uur wakker. De gps stond nog aan en we voeren met zo’n 28 km/uur (het is een land-gps dus geen knopen maar km) rond de punt van Frankrijk. Omdat het mooi ruig buiten was, met donkere wolken en zon en rollende golven waarvan de spray in de wind over de containers blies, besloten we even naar de brug te gaan.

We zijn een uur op de brug geweest, hebben af en toe iets gevraagd (of iemand legde uit zichzelf iets uit), en we zijn aan beide kanten van de brug op het balkon geweest om flink uit te waaien. We varen redelijk door maar ze kunnen niet te hard douwen vanwege de golven en de wind; heel het schip vervormt schijnbaar licht door de druk van de golven, maar de dekplaten liggen los en vervormen niet, dus dat schuiven horen we. En we horen de containers zelf natuurlijk. De Chief Officer (een Roemeen met een enge donkere blik die best aardig is), min of meer derde in rang op het schip na de kapitein en Chief Engineer, legde uit hoe de radar werkte en dat we 3 dagen achter op schema liggen voor Beiroet – ze hadden er 5 februari moeten aankomen maar het wordt nu pas 8 februari, vanwege het slechte weer. En die 5 februari is al twee dagen later dan het schema toen wij uit Zeebrugge vertrokken... Er is natuurlijk wel een schema waar je je aan moet houden maar het schip is kostbaar en je wil je motoren niet doorbranden; we voeren op het moment zo’n 15 knopen (26 km/uur), en wilde ze 5 februari halen dan zouden ze de komende dagen volcontinu 23 knopen moet varen op rustige zeeën… Dat gaat niet lukken!

Terug in de kamer haalde we rond 17 uur eindelijk een klein containerschip in die al een paar uur vlak voor ons voer. En terwijl ik er foto’s van maakte hebben we een praatje gemaakt met een jonge Chinese officier die ook naar buiten gekomen was voor foto’s. Volgens mij was hij nog in opleiding, hij heeft tegenover ons een kamer. Hij was erg aardig, vertelde dat hij er deze reis gelukkig niet zo’n last van had maar vorige keer dat hij meevoer redelijk zeeziek was geweest, en we denken dat hij verteld had over ons aan zijn collega’s, want bij het avondeten waren de Chinese officieren toen ze aan tafel kwamen nog hartelijker dan anders! We werden trouwens verwend bij het avondeten; niet alleen soep, maar ook nog eens een voorgerechtje; een lekkere rijpe avocado met garnalencocktail erin. Het fruit aan boord is altijd erg lekker rijp, het lijkt soms alsof het in de tropen gekocht is en koel gehouden, zo rijp en zoet. Als hoofdgerecht kregen we lam, en voor het eerst was de groente niet doorgekookt maar nog behoorlijk knapperig. Ach de kok is Filippijn en doet zijn best om te koken zoals hij denkt dat westerlingen willen eten!

De zonderlinge Zwitser was er weer; hij doet geen enkele poging om te communiceren dus ik voel me ook niet meer geroepen om hem bij het gesprek te proberen te betrekken, en Hans en Manfred ook niet. Hij vond duidelijk dat het serveren te snel ging maar kon dat niet overbrengen op de messman, tot zijn frustratie. En in plaats van dat hij probeert te vragen om de wijn (wat we heus wel zouden snappen) doet hij opstaan en hem zonder iets te zeggen zelf pakken. Tja, zo krijg je ook geen interactie met anderen hé…

Tijdens het eten bewoog het schip al wat meer heen en weer (en in het eetzaaltje op verdieping B zitten we tussen de containers dus die hoorde we ook kraken en knarsen!), maar ‘s avonds toen Hans en ik in onze kamer zaten rolde het schip echt van kant naar kant. We maakten ook behoorlijke snelheid, tot wel 40 km/uur op een gegeven moment (21-22 knopen). Duidelijk dat ze proberen de verloren tijd in te halen! We hebben de 2 kopjes koffie per persoon over 3 keer verdeeld, want we rolde zo heen en weer dat de koffie er anders uitgelopen was. De toiletartikelen waren tijdens het eten al gevallen dus die liggen nu in de wasbak, en her en der hebben we in de loop van de avond in de kamer wat dingen zoals glazen, flessen water, de verrekijker – en natuurlijk de koffiekan – maar preventief op de grond gezet, want het schip rolt behoorlijk. Volgens de waterpas op de telefoon minstens 11 graden naar beide kanten. We genieten er wel van, maar je hoort zo af en toe boink als er iets in een kamer naast ons niet stevig genoeg staat! En je hoort het schip kraken en wringen en knarsen, best wel indrukwekkende geluiden af en toe van metaal op metaal…

Rond 23 uur zijn we nog even naar de brug gegaan, daar zijn we nog niet in het donker geweest; de deur was dicht maar van het slot dus we konden inderdaad naar boven. Het trappengat was onderaan een beetje verlicht, en bovenaan bij de brug zelf hing een groot zwaar verduisteringsgordijn en als je daar doorheen stapte stond je even helemaal in het donker. Maar de mannen op de brug (een van de Chinese officieren en een Filippijns bemanningslid) waren al gewend aan het donker dus die herkende ons gelijk en groette ons hartelijk. Wij zagen nog niet direct zo veel!

Er was een halve maan en de lucht was deels bewolkt, deels helder dus de maan kon op de zee en het schip schijnen, wat een mooi gezicht was. De apparatuur was allemaal in nachtmodus, zodat het niet te storend zou zijn voor het zicht. Want ondanks alle apparatuur moeten er ook altijd menselijke ogen meekijken! De mannen waren wel vrolijk (blij dat ze even afleiding hadden zeker) en vroegen of we niet konden slapen of ziek waren. Nee, we kunnen er wel tegen maar wilde even op de brug komen kijken in het donker. De Chinese jongen waar we eerder mee hadden staan praten was een neef van deze officier, en hij moest lachen dat de arme jongen zo zeeziek was geweest; we hebben een tijdje staan kletsen en de officier liet ons zien waar we konden zien hoe schuin het schip ging. Er was een wijzerplaat waarop de helling naar bakboord en stuurboord gemeten werd, en tegelijk ook de maximum helling aan beide kanten vastgelegd werd; inderdaad 11 graden! Nu is dat op zich niet zo veel maar we staan zo ver van zeeniveau vandaan dat je het flink voelt… We hebben nog een tijdje staan kletsen en kijken en zijn toen maar naar bed gegaan.


Dag 7 zondag 1 februari 2015: op zee, 971 km

We hebben vannacht eigenlijk geen oog dicht gedaan; we zijn niet ziek geweest, maar door het kreunen en rollen van het schip werden we constant wakker of kwamen gewoon niet eens in slaap. We zijn dan ook gebroken! En we hebben een beetje een hongergevoel vanochtend; niet echt van de honger natuurlijk, maar wel beter om er aan toe te geven en een stevig ontbijt te nemen, want dat rollen met een lege maag is het recept voor zeeziekte… Volgens de gps zijn we nu vlakbij de bovenste hoek van Spanje, er is stevig doorgevaren vannacht. Ze gaan duidelijk proberen om de achterstand weg te werken. Bij het ontbijt zei de messman dat iedereen slecht sliep met dit soort beweging, en de Chinese officier die ook net was komen ontbijten beaamde dat lachend; het werd nog even volhouden… Manfred zag er ook niet echt uitgeslapen uit, pfffff, dat wordt wel een dutje of twee vandaag (als het lukt!).

We hebben vanochtend geprobeerd ons eerste dutje van de dag te doen, en zijn gewoon een beetje lui en brak van de slechte nacht; de beweging van het schip is wat minder, maar nog altijd soms zo veel dat je weinig kunt doen. Lezen is al bijvoorbeeld lastig, hoewel een film kijken Hans wel redelijk goed af gaat. Misschien omdat het bewegende beelden zijn? We zijn in de loop van de ochtend weer even naar de brug gegaan om te kijken en op dat dek uit te waaien, en kregen een hand van de kapitein toen hij ook naar boven kwam. We varen nog altijd stevig door, en inmiddels lijkt de routeplanner (aan boord gebruiken ze in feite ook een routeplanner, met punten waarop koers gewijzigd moet worden) niet meer 7 februari als verwachtte aankomsttijd aan te geven, wat hij gisternacht deed, maar 6 februari. Ben benieuwd of ze dat vol weten te houden! Een beetje vertraging vinden we niet zo erg, dan hoeven we niet zo lang in Singapore te wachten…

We hopen over een dag of twee bij daglicht door de Straat van Gibraltar te varen, we zijn benieuwd! In de tweede helft van de ochtend werd de deining wat minder; we zagen op de brug aan de apparatuur en de golven ook dat de wind veel minder was dan gisteren. Er hing bij de kaartentafel trouwens een briefje dat bij een helling van meer dan 10 graden de kapitein geroepen moest worden; er liggen daar vaak dat soort briefjes van de kapitein, hij kan er natuurlijk ook niet 24 uur zijn en normaal gezien is dat ook helemaal niet nodig. Onderweg naar onze kamer hebben we nog even de mail gecheckt. Manfred wist trouwens gisteravond bij het eten te vertellen dat de bemanning 1 dollar betaalt voor een megabyte aan data, die kunnen dus internetten zoveel als ze bereid zijn te betalen. Dat is geen slechte prijs, het komt tenslotte via de satelliet!

De lunch vandaag was de lekkerste maaltijd tot nu toe aan boord; lekkere krokante dunne frietjes met heerlijke steak en pittige knoflooksaus. Alleen de soep was niet onze smaak: pens-soep, een eng lichtgele zurige soep met grote hompen pens erin, brrrrr. Er waren deze keer geen officieren bij de lunch, die hadden het waarschijnlijk druk met andere dingen. Bij het avondeten kregen we weer dezelfde soep, en bijna alle officieren reageerde enthousiast en namen grote borden vol. Ieder zijn ding, brrr!

We waren vanmiddag loom en moe van de slechte nacht dus hebben een rustige middag gehouden en een beetje gedut. Af en toe rolde het schip weer flink, maar op zich was het weer een stuk rustiger en scheen zelfs het zonnetje op gegeven moment. We kregen vandaag onze scheepspassen; een pasje dat officieel aangeeft dat wij op dit schip zitten, vooral voor in havens van belang. We hebben ‘s middags koffie gezet, en Hans heeft wat antwoorden geschreven op de mails die we gehad hebben, en die hebben we vanmiddag verstuurd. Voor de rest hebben we nog weer eens een keertje geprobeerd leven in de oude laptop te krijgen, die bij schijfcontrole steeds blijft hangen. We varen nog altijd stevig door en varen onderhand langs Spanje/Portugal naar beneden; vanmiddag voeren we op een gegeven moment zelfs snelheden van 44 km/uur.

Tijdens het avondeten ging het schip weer rollen, zodat de soep van de mannen bijna uit de borden liep! En de zonderlinge Zwitser is nu al drie avondmaaltijden op een rij verschenen, een record – hij draagt overigens al sinds Zeebrugge dezelfde kleren. Voor de rest lijkt er echter geen leven in te zitten; vanmiddag heeft de derde officier namelijk een tijdje op zijn deur staan kloppen om af te rekenen voor de slopchest, wat aan het einde van iedere maand moet gebeuren, maar hij kreeg geen gehoor. En wij weten bijna zeker dat hij gewoon in zijn kamer zat. Het is ons nog altijd niet duidelijk of hij nu ziek is of niet. In ieder geval lijkt hij alleen maar de avondmaaltijd te eten, hoewel hij wel dingen van de slopchest koopt.

Rond 19:45 zijn wij weer even naar de brug gegaan. De dienstdoende officier was de tweede officier, een grote Roemeen die tegen het einde van zijn wacht van 4 uur lang aan zat en wel zin had in een praatje. Hij liet zien dat we, als alles zo mee bleef zitten als vandaag, morgen rond 16 uur bij Gibraltar zouden zijn, dus bij daglicht. Dat zou mooi zijn! En hij vertelde dat gisternacht voor iedereen een ramp was geweest, ook voor de ervaren zeelui zoals hij; hij raadde aan om dwars te gaan liggen, op het bankje, dat dat nog de beste manier was om het rollen tijdens de nacht te doorstaan. Blijkbaar had het schip rond middernacht wel 16 graden gerold! Geen wonder dat we niet konden slapen!

Ik heb een beetje met hem gekletst over mijn zeilervaring van vroeger en over mooie kanalen om door te varen (hij raadde Corinthië aan, en natuurlijk het Panamakanaal), en hij vertelde dat zelfs zo’n kolos als de Columba, die toch niet bepaald wendbaar is, voorrang moet geven aan zeilboten en vissersschepen. Met name in de Aziatische landen is dat dus een nachtmerrie, met duizenden vissersbootjes voor je… Ongelofelijk eigenlijk! Opeens gingen een aantal oranje knoppen knipperen, en hij tikte ze gauw aan; dodemansknoppen, die na 12 minuten menselijke inactiviteit op de apparatuur oplichten; reageert er niemand, dan gaat er een alarm af (en staat de kapitein binnen een paar tellen op de brug). Om 20 uur kwam de Chinees van gisteravond hem aflossen en toen de overdracht klaar was zijn wij naar beneden gegaan om koffie te zetten.


Dag 8 maandag 2 februari 2015: op zee, Straat van Gibraltar, 1.018 km

We hebben vannacht wat beter geslapen; het schip rolde wel wat maar niet zo heel veel meer dus je kon redelijk stabiel in bed blijven liggen. Toen we vanochtend de gps aanzette (die zetten we een paar keer per dag eventjes aan zodat hij punten kan vastleggen die ik dan later tot de route maak) zagen we dat we bij het uiterste puntje van Portugal waren. Mooi, dan moeten we het wel redden om langs Gibraltar te varen bij daglicht! Helaas hadden we geen bereik op de mobiel; dat had op zich wel gekund gezien hoe dicht we bij land waren, we zagen zelfs een vuurtoren, maar helaas dus. We hebben gisteren 971 km gevaren; het schip heeft dus gemiddeld 40,5 km/uur gevaren wat een hoge snelheid is voor dit schip. Als ze dit blijven volhouden komen we inderdaad rond de 6e aan in Beiroet, en hebben ze 2 van de 3 dagen vertraging goedgemaakt (van ons mogen ze wel een paar dagen vertraging houden, we hoeven niet per se een week in Singapore in een hotel te zitten…)!

Na het ontbijt hebben we even gerust om bij te komen van het vroege opstaan en de trappen (nog altijd niet helemaal gewend, vooral die laatste paar treden!) en zijn toen gaan sporten. Hans stelde na ons vaste half uurtje voor om nog even te tafeltennissen, en we hebben nog zeker een kwartiertje erg leuk getafeltennist. Ik had dat nog nooit echt gedaan en Hans heeft het heel lang geleden wel veel gedaan maar die was gelukkig nog een beetje roestig. Heel het sporten werd trouwens wel iets uitdagender gemaakt doordat het schip een beetje rolde; ik voelde tijdens het lopen af en toe alsof ik bergopwaarts ging. En het had vast ook invloed op het tafeltennissen…

Na de sport was het tijd voor de koffie, douchen, omkleden en toen was het al bijna lunchtijd! We zijn op de gps bijna in de buurt van de overwinterplaats van vrienden van ons, Monte Gordo; jammer genoeg zijn ze er nu toevallig eens niet en hebben we geen bereik, anders hadden we ze misschien een smsje kunnen sturen! De messman kwam vanochtend de badkamer schoonmaken en het vuilnisemmertje legen; dat doet hij ongeveer om de 2 dagen. 2 dagen geleden hadden we nieuwe handdoeken gekregen, en vandaag kregen we nieuwe flessen water aangezien die bijna op waren. Je bed moet je zelf wel dagelijks even rechttrekken (geen probleem natuurlijk!) en de messman sprak met ons af dat hij morgen het beddengoed zou verschonen, we zijn nu inmiddels namelijk meer dan een week aan boord. Op zich meer dan prima verzorgd dus!

Met de lunch kregen we rode bonen soep met de restjes worst van het ontbijt (erg lekker!), en op het menu stond als hoofdgerecht varkensnek. Het klonk een beetje als de pens-soep, maar het was een heerlijk stukje vlees. De Chinese officier die we al eerder gesproken hebben bevestigde tijdens de lunch dat de verwachte aankomst in de Straat van Gibraltar nog altijd rond 16 uur was. Na de lunch heb ik een lastige ketting afgemaakt en daarna een dutje gedaan; Hans was me al voor en was al eerder gaan dutten. We schrokken min of meer wakker rond 15 uur, en aangezien de gps aangaf dat we al aardig in de buurt waren van de Straat van Gibraltar zijn we kort daarna naar boven gegaan. Manfred was er ook, en er kwamen steeds meer officieren en bemanningsleden naar boven; op een gegeven moment telde Hans 7, waaronder 4 officieren en de kapitein. Allemaal extra ogen, wat ook wel nodig was want het was er erg druk met schepen.

Manfred vertelde dat hij nog niet eerder op de brug was geweest; ongelofelijk eigenlijk, tenminste in onze beleving. De vrolijke Roemeen van gisteravond was er ook en wees weer allerlei dingen aan; er voer op een gegeven moment een zeilschip recht in onze route, en deze werd door zeker 3 man continu in de gaten gehouden. We zijn iets van koers veranderd om hem te vermijden, maar zo te zien besloot het zeilschip ook eieren voor zijn geld te kiezen en er vandoor te gaan, ondanks dat ze voorrang hadden! Ook was er een klein vissersbootje, waar zo’n 4 man op zaten, en we redelijk dicht langskwamen; dat was echt een mier vergeleken met ons…

We voeren in hoog tempo, boven de 44 km/uur, door de Straat, en toen we op de vlakke Middellandse Zee waren gingen we zelfs nog iets sneller, 47-48 km/uur. Dat gaat wel wennen worden op de veel langzamere Rickmers… sowieso, zelfs al weten we dat we voor een schip snel varen, het voelt alsof we heel langzaam gaan. In het smalste gedeelte van de Straat was het een drukte van jewelste met vrachtschepen, ferry’s en naar ons idee ook wat cruiseschepen. Hans kon op gegeven moment 23 schepen tellen, en dat waren alleen degene die hij op dat moment kon zien. We kregen van de officieren een verrekijker te leen en mochten thee of koffie pakken als we wilde; er is een klein aanrechtje achterin de brug, en daar staan zeker 6-8 verschillende soorten thee en 2-3 soorten koffie, plus iedereen die op de brug moet zijn heeft zijn eigen mok. Ook voor de loods zijn wat mokken. Hans heeft twee mokken zonder naam weten te vinden en wat muntthee gemaakt voor ons. We hadden wat smsjes klaargezet in de hoop dat we bereik zouden hebben, en terwijl we door de Straat voeren konden we ze verzenden; we kregen zelfs op een aantal gelijk antwoord. Leuk!

Op een gegeven moment kwam de Rots van Gibraltar in beeld, net ook mooi opgelicht door wat zonnestralen door het wolkendek heen. Aan de overkant lagen mooie ruige bergen van Marokko, en wij voeren dus precies tussen het Europese en Afrikaanse continent door. Dat zijn toch van die bijzondere dingen die wij leuk vinden; zo hebben we in IJsland ook op de brug tussen het Noord Amerikaanse en het Europese continent gestaan, en gaan we in het Suez Kanaal tussen Afrika en Azië door varen, en in Panama tussen Noord en Zuid Amerika... Rond 17 uur waren we door de Straat heen en zijn we naar beneden gegaan. We hebben onderweg nog even naar de mail gekeken en hadden een hele leuke mail van vrienden gekregen, daar gaan we van de week nog wel een antwoord op schrijven. Onze deur is zoals gezegd vaak open, en opeens stond de zonderlinge Zwitser in de deuropening; of het “5 o’clock AM of 5 o’clock PM” was? (5 uur ‘s ochtends of ‘s avonds?) euh, nou, ‘s avonds dus… Hij leek nog verdwaasder dan anders. Maar goed, hij was weer blij dat hij wist hoe laat het was!

Iets na 20 uur zijn we weer even naar de brug gegaan; mijn vriend de grote Roemeen was net klaar met zijn wacht en liep naar beneden toen wij naar boven kwamen, maar wij hebben hem gemist want we gingen eerst even het mailtje van vanmiddag op een usb zetten zodat we een antwoord konden maken. Op de brug was het nog donkerder dan anders want het was bewolkt, maar geleidelijk aan zag ik wat meer; Hans heeft daar minder moeite mee en ziet gelijk veel meer maar ik moet echt wennen aan het donker. Op gegeven moment kwam de maan achter de wolken vandaan en toen was er opeens veel licht; morgen is het volle maan (kon je allemaal op de apparatuur opzoeken), en de maan scheen tussen de wolken door wat een apart effect gaf op het water – alsof er een schijnwerper op stond. Heel apart en mooi om te zien! We hebben er een tijdje staan kijken en omdat de zee bijna glad was heb ik geprobeerd wat foto’s met langere sluitertijd te maken, maar je krijgt het magische effect gewoon niet goed op beeld. Het schip trilt daarvoor te veel, echt stil kun je het toestel niet.

‘S avonds hebben we koffie gedronken (lang leven de koffie, wat zijn we blij dat we al die pakken en het koffiezetapparaat al die trappen opgesleept hebben!) en tv gekeken totdat het bedtijd was; ik op de laptop een serie die Hans had gekeken en mij aanraadde, en hij op de tablet een mooie film over de oorlog. Ieder met onze eigen koptelefoons (die van mij van Brussels Airways en van Hans van China Southern Airlines, ahum…), ideaal! Ik haalde bij de koffie het doosje after eights te voorschijn die ik nog voor mijn verjaardag van Hans gekregen had in Japan, maar die heeft wel veel geleden van het op en neer vliegen naar Japan en daarna nog halverwege de Middellandse Zee varen… De mintvulling was uit de chocolaatjes gelopen en had de chocolaatjes in hun papiertjes gelijmd, en de papiertjes tegen elkaar en tegen het doosje. Een grote plakkerige kliederboel dus; hoewel ze nog wel lekker zijn natuurlijk!


Dag 9 dinsdag 3 februari 2015: op zee, 938 km

Om 03:15 schrok ik wakker omdat het schip opeens weer flink aan het rollen was. Er was nog niets gevallen maar uit voorzorg heb ik toch maar even alles op de grond gezet want we hadden vanwege de gladde zee gisteravond alles op tafel laten staan. Hans werd ook wakker en samen hebben we alles veiliggesteld en zijn weer naar bed gegaan. Ik heb daarna echter bijna niet meer geslapen, alleen op de momenten tussendoor dat de zee weer rustig was, ik werd iedere keer wakker van het rollen en kon maar geen lekkere manier vinden om te liggen zonder voor mijn gevoel constant heen en weer te rollen. Pffff! Hans heeft gelukkig voor hem wel iets beter geslapen. Hij kreeg wel op een gegeven moment smsjes van de telefoonmaatschappij van Algerije, “welkom in Algerije”! We zijn vandaag vroeg gaan sporten, om 9:45, zodat de messman rustig de kamer kon doen; we hebben daarna weer even getafeltennist.

We hebben koffie gezet, gedoucht en ons verkleed en zijn rond 11:30 even naar de brug gegaan waar we aan de praat raakte met de derde officier, een jonge Roemeen die eruit ziet alsof hij pas 25 is en een beetje verlegen lijkt. Maar de vrolijke Chinese officier (die staat echt altijd te lachen) wees hem ons aan zo van die lui kunnen je wel overtuigen als je niet naar mij wil luisteren… Het ging er om dat de Roemeen graag naar de Chinese Muur wilde als ze in China waren, en de Chinees hem ervan probeerde te overtuigen dat dat nauwelijks te doen was qua tijd (het kan 5 uur duren om er te komen per auto vanaf Xingang, maar ook 8 uur). Dus raakte we een beetje aan de praat met hem over China, vrachtschipreizen en reizen in het algemeen tot het lunchtijd was en einde van hun wacht.

Na de lunch hebben we een dutje gedaan en heeft Hans wat emailtjes geschreven, die we rond 16 uur wilde versturen. Alleen het administration kantoor was bezet door de kapitein en een van de officieren dus zijn we naar de brug gegaan, waar de grote Roemeen en wat Filippijnen en een Chinees rondliepen. Er zijn vier nationaliteiten onder de bemanning; Roemenen en wat Chinezen als officieren, Filippijnen en wat Chinezen en zelfs 4 Indiërs als bemanning. Als men dienst heeft is de verplichte voertaal Engels (hoewel de Roemenen onderling veel Roemeens spreken), voor de rest is het een mengelmoesje dus. We hebben er lang gestaan, tot wel 17:15, er is namelijk altijd wel iets te zien op de brug. Alleen al de apparatuur, daar staat zo enorm veel informatie over alles om ons heen. En buiten op zee ook, het is namelijk erg druk met ander vrachtverkeer. De golven waren mooi en zagen er ruig uit, alsof er veel wind was. Die wind veroorzaakte ook het rollen wat we af en toe vandaag voelen; na lang zoeken heb ik eindelijk bij de kaartentafel een lijstje gevonden met de windsnelheden en windkracht, vandaag was 16 knopen, dat is dus op de grens van windkracht 4-5. De bijbehorende golfhoogte is 1,5 – 2,5 meter hoog. Hoppa!

We hebben uitgebreid gekletst met de Roemeen die altijd wel bereid is voor een praatje (de meeste officieren eigenlijk wel, al zijn sommigen een beetje verlegen soms), en met de Chinese bemanningsleden die bezig waren met de kaarten en de aankomst in Beiroet over een paar dagen. De Roemeen zocht onze woonplaats op op de digitale nautische kaart, waar alles op het water enorm gedetailleerd weergegeven wordt (ook live de schepen in de buurt), maar waar land zeer summier weergegeven wordt. Het viel me nog mee dat de contouren van onze woonplaats überhaupt weergegeven waren eigenlijk!

De mannen vertelde dat we wat langzamer voeren omdat we oorspronkelijk ‘s ochtends vroeg aanwezig moesten zijn in Beiroet, maar daarna een plekje om 13 uur, om 18 uur en nu dus pas om 21 uur op 6 februari gekregen hebben; we moeten er om die tijd buiten de haven zijn en mogen dan voor anker gaan daar, en wachten tot we de haven in gevraagd worden en mogen gaan lossen en laden. Maar dat, volgens de Roemeen, kon dus wel een dagje of meer gaan duren… Dat was net zoals bij “zijn thuisland” (hij noemt nooit het woord Roemenie, het is altijd “zijn thuisland”), wat ze zeggen en wat ze doen zijn twee verschillende dingen. Nou ja, we zijn benieuwd dus!

Tijdens het avondeten ging het schip weer flink rollen; de flessen water op tafel en het glas wijn van Manfred rolde over tafel en de messman leek af en toe ook heen en weer te rollen. In de keuken hoorde we ook opeens iets vliegen en een gillende keukenmeid; of het nu de Chinese kok was of het hulpje van de messman, een vrolijke timide jongen die altijd mijn bord plotseling weggrist als ik net klaar ben, weten we niet! De Zwitser is tegenwoordig trouwens bij iedere avondmaaltijd. Na het eten liepen we door de gang van dek B naar de trap toen we vrolijk gezang hoorde. Op dek B heb je van bakboord naar stuurboord gezien de officiereneetzaal, de spoelkamer, de keuken, en de bemanningseetzaal. Tegenover de bemanningseetzaal ligt aan de achterkant van de woontoren aan stuurboord de relaxruimte van de bemanning; en daar kwam het geluid vandaan. De deur stond open dus we keken even naar binnen, en een stel Filippijnen en een Indiër zaten uit volle borst karaoke te zingen!

Ze reageerde enthousiast toen ze ons zagen en gaven aan dat we binnen moesten komen; iedereen was op blote voeten of kousenvoeten dus wij ook bij de deur onze schoenen uit natuurlijk. En we kregen een stoel en het keuzemenu van de karaoke in de handen gedrukt; kies maar wat uit! Pfffff help, karaoke hebben we tot nu toe altijd vakkundig vermeden! Maar Hans en ik hebben ieder twee liedjes gezongen, en tussendoor terwijl wij uit het enorme menu van liefdesliedjes, religieuze, inspirerende, en andere zoete liedjes probeerde wat uit te kiezen dat we kende zongen zij uit volle borst verder. Er zaten best wat geoefende stemmen bij! De kerstboom stond er trouwens nog, en je kon ook verschillende zoete kerstliedjes kiezen. We hebben er denk ik bijna een uur gezeten, en zagen toen kans om weer weg te gaan; en tot onze verrassing vonden we het best leuk om te doen! De kapitein kwam tussendoor met een huishoudelijke mededeling, moest lachen dat wij in het hol van de leeuw terecht waren gekomen en beloofde gauw weer weg te gaan voor ik moest gaan zingen. Wat de bemanning betreft hadden we langer mogen blijven zitten maar dit is hun relaxtijd en we willen onszelf niet al te veel opdringen. Hoewel ze zich wel leken te vermaken; tijdens Hans zijn vertolking van Bohemian Rhapsody kreeg hij zelfs begeleiding van een stel die de gitaarpartijen nazongen!


Dag 10 woensdag 4 februari 2015: op zee, machinekamer, 830 km

Vannacht heeft het schip niet zo veel gerold dus hebben we redelijk goed kunnen slapen; Hans is echter wel twee keer wakker geworden van “welkom in Tunesië” smsjes! Onze twee zijruiten aan bakboord zijde zijn onderhand behoorlijk bedekt met zout van de spray die omhoog waaide op de ruwere zeeën van de afgelopen dagen. En omdat ze redelijk beschut gelegen zijn onder het balkon van de verdieping erboven komt er dus ook bijna geen regenwater bij om ze schoon te spoelen. Dus vroegen we vanochtend bij het ontbijt aan de messman of hij misschien wat oude poetsdoeken had voor ons. Eerst dat hij dat we vroegen of hij het wilde doen (hij heeft vroeger op een cruiseschip gewerkt en is heel erg servicegericht, maar dit was beter werk en beter behandeld worden) maar toen hij snapte dat we alleen de doeken wilde zou hij het regelen als hij weer op onze verdieping moest zijn. De zonderlinge Zwitser verscheen vanochtend trouwens voor het eerst bij het ontbijt!

We waren na het ontbijt gelijk even naar de brug gegaan omdat we het idee hadden dat we vlakbij Lampedusa moesten zijn, aangezien we tussen het smalste stuk tussen Tunesië en Italië voeren. We waren er inderdaad net voorbij maar er viel met het blote oog niets van te zien. Het is ons nu trouwens al een paar keer opgevallen hoe dichtbij schepen lijken te zijn terwijl ze eigenlijk nog ver weg zijn. Zo voeren we gisteren langs een schip dat echt maar een paar honderd meter van ons vandaan leek te varen, maar volgens de radar en scheepslijst (van alle dichtbijzijnde schepen), lag het schip op 0,8 nautische mijl van ons vandaan, dat is dus 1,5 km! Er lag trouwens op de kaarttafel een briefje van de kapitein dat de ISPS security-level van het schip opgeschroefd werd van niveau 1 naar niveau 2.

Aangezien we daar toch stonden en de Chief Officer net met de reus stond te praten, besloot Hans om te vragen of we een keertje naar de machinekamer konden gaan (je mag daar niet zonder begeleiding komen) en of we misschien ook meer van de rest van het schip konden bezoeken zoals de koelcellen van de keuken en zo. De machinekamer was geen probleem, de Chief Officer zou het regelen, dat kon zelfs vandaag rond een uur of 10 als we wilde. Zeker, graag! We hebben nog even Manfred gezocht (die wilde ook graag mee namelijk) en aangezien hij nog geen plannen had gemaakt voor vandaag(!!!) zou hij er ook zijn om 10 uur.

De messman kwam nog even wat poetsdoekjes brengen op zijn ronde, en wilde al eigenlijk zelf de ramen gaan poetsen, maar we drongen aan dat dat echt niet hoefde, we deden het zelf wel! Hans heeft de ramen aan bakboord gepoetst en het raam naar voren toe dat open kan, en het scheelt toch wel veel! Ik heb ondertussen nog twee kettingen van Afrikaanse kralen (uit Ghana en Nigeria) opnieuw geregen en draagbaar gemaakt; ik heb er nog maar eentje te gaan, sommige van deze kettingen wilde ik al jaren aanpakken en het kwam er maar niet van, en nu ben ik in een week of wat al klaar. Ik ben blij dat Hans er, toen ik op het laatst twijfelde, toch op aandrong om naar de handwerkwinkel te gaan en de benodigde spullen te halen en ze mee te nemen…

Om 10 uur stonden we in het scheepskantoor op de begane grond; de reus was net druk bezig en gaf aan dat we pas om 10:30 terecht konden want 10 uur was eigenlijk pauze van de mannen in de machinekamer. Natuurlijk, geen probleem wij hebben alle tijd, jullie moeten tijd vrijmaken! Ondertussen was de reus bezig met een Chinese cadet de trainingshandleiding bij te werken; hij zag dat we een fototoestel hadden, en vroeg of hij die misschien even mocht lenen? Want het fototoestel van het schip lag in de hut van de kapitein en die sliep nog dus die wilde ze niet storen.

Ze hadden een nieuw beschermingspak voor biochemische en andere bedreigingen, maar deze was groen, terwijl in de handleiding een rode gebruikt was. En dus moesten de foto’s bijgewerkt worden; en de cadet was laag in rang en dus de pineut, want hij moest model staan… De reus moest lachen, hij had het ook al eens moeten doen op een ander schip en was dolblij dat het nou niet hoefde; de Chinees keek een beetje bezorgd, hij had het nu al warm laat staan met zo’n pak aan!

Alles werd klaargelegd, en stap voor stap werd de Chinees in het pak, zuurstofmasker en zuurstoftank gehesen en gesjord, en van iedere stap foto’s gemaakt. De Chinees was redelijk klein, en het pak was natuurlijk voor alle maten bestemd, dus het leek net alsof hij een tent droeg! Maar er was van binnen een riem die hij kon gebruiken om het om zijn middel een beetje vast te maken. Toen hij het zuurstofmasker opkreeg wilde de reus eigenlijk liever niet kostbare zuurstof verspillen voor de foto, maar omdat de Chinees een beetje blauw werd, werd hij toch maar aangesloten op de zuurstoffles; “niet te veel ademen hoor” zei de reus nog! Maar de Chinees trok zich daar volgens mij niet zo heel veel van aan, het moet ook heel benauwd zijn in zo’n pak!

Toen de foto’s klaar waren en het pak weer netjes opgeborgen wilde de reus ze eigenlijk gelijk downloaden, dus zocht naar een geschikt kabeltje; ik bood al aan om de onze te halen, maar dat was niet nodig hij had er eentje in zijn kamer en daar kon de cadet wel even om gaan. Dat was natuurlijk het verkeerde kabeltje, dus ik ben toch maar even 7 trappen op en af gerend om ons kabeltje te halen. De reus was blij (hij is echt erg vriendelijk, net zoals eigenlijk iedereen aan boord) want hij kon zijn handleiding bijwerken, de cadet was blij dat hij weer normaal kon ademen en uit dat rubber en plastic geval bevrijd was, en wij konden inmiddels de machinekamer in want het was 10:30. We kregen helmen en gehoorbescherming mee, en konden achter iemand aan de machinekamer inlopen.

Eerst moesten we door de deur met allerlei waarschuwingen erop, en stapte we met zijn vieren in een kleine luchtsluis. Met enige moeite kon de volgende deur open (er was namelijk niet zo veel ruimte), en konden we een voor een naar binnen stappen. Via een steile trap liepen we langs grote buizen twee verdiepingen omlaag naar de controlekamer, waar we na een blik op het moederbord van de machinerieën en een korte uitleg over allerlei zeer technische specificaties van het schip (ik hoorde alleen hele hoge getallen!) van de hoofd-operator werden overgegeven aan de 2de operator en handschoenen meekregen tegen het vuil. Deze jongen (ook een Roemeen maar zo blond dat hij ook zo Scandinavisch zou kunnen zijn) was duidelijk dol op zijn werk en heeft ons in een uur tijd trap op, trap af, gangetje door en tussen de machines door in zijn terrein rondgeleid, overal uitleg bij gevend. Het was behoorlijk warm (zeker 25-30 graden op plekken) maar overal waren grote ronde koelbuizen bevestigd, gericht op de machines om het toch iets te kunnen koelen.

Het is er echt een fabriek, voor alles hebben ze machines, en ze zijn ook een eco-schip dus alle afval wordt gescheiden, uitgezocht en verwerkt. We zijn langs ontelbare machines gekomen die de brandstof schoonmaken vlak voor het de motor ingaat, die zeewater in drinkwater purifiëren (we drinken aan boord allemaal mineraalwater maar het kraanwater is eigenlijk gewoon drinkwater), een vuilverbrander voor datgene wat aan boord verbrand kan worden, een complete installatie om zwart water uit de wc’s schoon te maken, machines waar afvalwater nog een laatste keer schoongemaakt wordt voordat het min of meer als drinkwater overboord gaat (of als het te vuil is, zoals uit de motorkamer, in speciale opslagtanks), verder verschillende installaties om zo veel mogelijk roet en rotzooi uit de uitlaatgassen te krijgen (en die eventueel weer als energie te verbranden). Het enige wat eigenlijk van boord mag zijn etensresten (alleen in daartoe toegestane stortzones zoals op open zee) en schoon water.

Je kon elkaar alleen verstaan als je op 10 cm van elkaars oor hard praatte, en de operator was constant alles aan het uitleggen, dus het was een beetje moeilijk om te horen – maar er kan bij volle snelheid (24 knopen oftewel 44,5 km/uur is de maximumsnelheid die het schip op eigen kracht zonder behulp van stroming kan generen) 200-230 ton brandstof verbruikt worden per 24 uur. Afhankelijk van de zee en weersomstandigheden zelfs meer. Om al die brandstof overal doorheen te pompen is een heel pompennetwerk nodig, net zoals voor het waternetwerk in het schip (alleen al om het water de woontoren in en weer terug uit te krijgen), en er zijn koelmachines om de lucht te koelen in het schip, om de koel- en vrieskamers van de keuken te koelen, om het drinkwater te verwarmen, om het drinkwater door hitte te steriliseren, en om de brandstof op te warmen. Om al die stroom op te wekken staan er twee complete generators; eentje produceert de benodigde stroom voor de motor, en de andere voor de rest van het schip, en ieder onderdeel heeft een reserveonderdeel erbij staan die zo kan overnemen bij mankementen.

Er is alleen al een heel netwerk van machines die stoom genereert: stoom wordt op twee manieren gegenereerd. Een installatie wordt onderweg gebruikt om, als ik het goed begreep, door middel van de energie en uitlaatgassen die vrijkomen van de motor stoom te genereren, en de andere installatie produceert elektrisch stoom voor als we niet genoeg vermogen hebben om het andere systeem te gebruiken, zoals als bijvoorbeeld in havens of tijdens manoeuvreren. Stoom was duidelijk belangrijk, ik denk dat een derde van de machines rondom de motorkamer zelf betrokken waren bij stoomproductie. De stoom werd voor verschillende zaken gebruikt, in ieder geval was de belangrijkste reden om de druk in de motor op te voeren en de verbranding efficiënter te maken.

Alle bovenstaande machines bevonden zich in grote hoge ruimtes die wel 5 verdiepingen omlaag gingen vanaf upper dek. De motorkamer zelf was een gewelf van zeker 3-4 verdiepingen hoog die zich nog eens twee verdiepingen lager bevond. Het “motorblok” zelf, dat onderaan in het midden van dit gewelf zat, was een metalen kolos van 5-6 meter hoog, zeker 25 meter lang en 5 meter breed, met aan iedere kant 12 injectiekoppen, 24 in totaal dus. Alleen al de injectiekoppen waren bijna een mens groot. Er was bij het motorblok een bedieningspaneel waarmee de motor ook handmatig bediend kon worden vanuit de machinekamer, mocht er bijvoorbeeld brand uitbreken in de brug – er was zelfs een telefoon waarmee instructies gegeven konden worden.

Het lawaai was zelfs met de gehoorbescherming enorm, je voelde ook de grond vibreren. Rondom het motorblok waren koelinstallaties, stoominstallaties en extra machines en filters om de brandstoffen te verhitten en schoon te maken voor ze de motor ingingen, en vanaf het motorblok omhoog het gewelf in, en de 5 verdiepingen erboven, kwamen grote buizen af om stoom op te vangen waarvan de energie dan weer terug in de motor gestopt kon worden, uitlaatgassen die op de dezelfde manier omgevangen werden, en uiteindelijk wat er ook echt de schoorsteen uit gaat bovenin het schip. Het was een indrukwekkend gezicht!

De operator was ondertussen ook gewoon zijn ronde aan het doen, iedere machine even bekijken en voelen of alles nog naar wens verliep. Hij bracht ons uiteindelijk om het motorblok heen naar de as die de schroef aandreef. Die schroefas heeft een doorsnede van 98 cm, en liep onder ons door naar de achterkant van het schip. Het was hier al een stuk nauwer geworden, we konden de binnenwanden van de buitenwand zien. Die draaiende schroefas is natuurlijk even indrukwekkend of misschien wel indrukwekkender om te zien dan de motor zelf!

Onze enthousiaste gids wilde zijn controleronde gelijk even afmaken en vroeg of we naar de CO2 opslag en de transmissie (waar geschakeld werd) wilde kijken? Ja hoor, zeker, laat alles maar zien! De boegschroef vond hij vandaag een beetje ver lopen (dat is zo’n 270 meter vanaf de woontoren vandaan!) maar dat beloofde hij ons wel een andere keer te laten zien. We liepen trap op, trap af (Manfred had het behoorlijk zwaar) en gingen op gegeven moment zelfs door onderhoudsgangen. We kwamen ook door de werkruimte, waar de karaoke-ster van gisteravond naar ons grinnikte (sowieso kwamen we wel een paar Filippijnen tegen die erg vrolijk waren vandaag toen ze ons zagen).

De CO2 opslag is een brandblusinstallatie; heel de machinekamer staat onder overdruk, en kan binnen 30 seconden gevuld worden met CO2 in geval van brand. Er is in het smalste gedeelte achterin bij de schroefas een speciale vluchtroute voor mensen die daar van de gewone vluchtroute afgesneden worden en anders niet op tijd weg kunnen komen. Die speciale vluchtroute is volledig van metaal gemaakt zodat er niets brandbaars in zit. Ook de laaddeks in de romp kunnen individueel met CO2 gevuld worden; er stonden omrekentabellen zodat je kon inschatten hoeveel je nodig had, want bij een volgeladen dek is er minder ruimte en heb je dus minder nodig dan bij een leeg dek. Hans telde ongeveer 430 CO2 flessen, die allemaal verbonden zijn met een heel netwerk aan buizen, waarmee eigenlijk iedere ruimte van het schip individueel geblust kan worden – of in het ergste geval, heel het schip tegelijkertijd. Het was ons niet precies duidelijk of deze installatie ook in de woontoren zat, maar ons leek eigenlijk van wel; alleen de machinekamer is natuurlijk het grootste risicogebied.

De transmissie besloeg een ruimte van zeker 20-30 vierkante meter, en stond eigenlijk een beetje verloren in een nog veel grotere ruimte die ook deels als opslag diende voor van alles. Als laatste in de rondleiding bracht de operator ons naar een basketbalveldje ergens diep in het schip verborgen, ik zou het echt niet meer terug kunnen vinden, en dit was in noodgevallen in het geval dat er piraten aan boord konden komen ook de laatste verzamelplaats voor alle bemanning van het schip. Dit wordt de “Citadel” genoemd, oftewel het Fort. Hier waren er ratsoenen, luchtbedden, een satelliettelefoon, nog wat andere benodigdheden en dus ook een basketbal en zelfs een monopoliebordspel, om een piratenaanval uit te zitten. Als het moest kon vanuit hier ook alle stroom, in heel het schip, uitgedaan worden zodat, in het pikkedonker, alleen de bemanning nog hun weg in het schip weten te vinden – er waren ook verschillende verborgen uitgangen. Sowieso was het wel duidelijk dat zeker de mannen in de machinekamer hun weg blind kennen tussen alle machines, trappen, ruimtes en gangenstelsels.

Het was een erg leuke en interessante rondleiding; het viel ons trouwens op hoe netjes, licht en schoon alle ruimtes eigenlijk waren – ons stoffen handschoentjes zijn amper vuil geworden, terwijl we overal relingen moesten vasthouden! Heel de rondleiding heeft wel iets meer dan een uur geduurd; we kwamen pas 11:40 weer op upper dek. Gezien vanuit de machinekamer is “upper dek” inderdaad een goede naam; we zijn vandaag wel minstens 7-8 verdiepingen daaronder geweest – waarschijnlijk meer want de ruimtes waren hoger dan gewone verdiepingen… We waren wel alle drie behoorlijk bezweet van de hitte en de trappen, en arme Manfred had het erg zwaar gehad. Hans en ik waren al lang blij dat we deze rondleiding op dag 10 van onze reis doen en niet dag 1, we merken namelijk dat we toch al wel een stuk fitter zijn van het dagelijks trappenlopen!

Hans en ik zijn weer terug de 7 verdiepingen naar onze kamer gegaan, nadat we ons nog even meldde in het scheepskantoor om de geleende helmen, handschoenen en gehoorbescherming terug te geven, maar die mochten we houden, dat was handiger. Manfred besloot om maar even een rondje buiten te lopen zodat hij straks gelijk naar de lunch en dus maar 2 verdiepingen omhoog hoefde… Bij de lunch vertelde de kapitein dat de klok vandaag om 17 uur een uur vooruit ging naar 18 uur; we eten vandaag vroeg dus! Hij dacht er gelukkig ook nog aan om het aan de kok zelf te vertellen! We zijn er trouwens, denken we, achter waarom er altijd twee van de Roemenen aan onze tafel komen zitten zelfs als er nog plek is aan de grote tafel; het zijn namelijk (nog) geen officieren maar cadets.

Wij waren ‘s middags moe – we hebben niet meer gesport vandaag, die beweging hebben we wel gehad! – en hebben lekker een beetje films gekeken en gedut. We horen de klok in onze kamer iedere minuut zachtjes tikken, echt storend is het niet; maar daardoor merkte we het gelijk toen de klok van 17 uur naar 18 uur gezet werd, want opeens schoof hij iedere seconde een minuut op (met bijbehorende tik). Alle klokken in het schip worden namelijk centraal geregeld – het zou anders ook niet te doen zijn en voor te veel verwarring zorgen, omdat we de komende tijd soms iedere dag de klok vooruit zullen moeten zetten. Voor de zekerheid stond het ook nog vermeld op de prikborden bij de eetzaal, waar ook stond dat we een stapje omhoog gegaan zijn in security, van 1 naar 2. Het is waarschijnlijk ook niet helemaal toevallig dat we dicht langs Italië varen en dus ver van Libië vandaan, daar is het natuurlijk nog altijd niet echt rustig!

Voor het avondeten kregen we zeebanket; tijgergarnalen, inktvis, en gegratineerde mosselen; er had ook knoflookrijst bij moeten zijn volgens het menu maar daar heeft de kok helaas toch gewone rijst van gemaakt. We hebben na 19 uur de post gecheckt; er is namelijk denken we rond 18 uur oude tijd een verzend- en ontvangmoment, het kon zijn dat dat niet mee ging met het uurtje vooruit. We hebben nu al van verschillende mensen gehoord dat ze foutmeldingen bij het versturen van mails krijgen, alsof de mail niet verzonden is. En iedere keer krijgen wij toch iedere poging binnen. Wij denken dat het ligt aan het feit dat de mail niet gelijk afgeleverd wordt (omdat ie pas over een paar uur binnengehaald wordt door de server) en dat de versturende server daarom een foutmelding geeft.

Na de koffie besloten we even naar de brug te gaan, omdat de maan net voorbij vol was en de hemel helder, het zag er erg mooi uit dus. Op de brug hadden de vrolijke Chinees en zijn jonge Roemeense collega weer eens dienst, en we hebben bijna een uur over reizen gesproken; de Roemeen was blij met een praatje want het was een saaie dienst, in dat uur kwam er maar een schip in de buurt (en dan niet dichter bij dan 10 km) en voor de rest was de zee rustig en niets te zien behalve de maan en wat sterren. Wij vinden dat altijd erg mooi! De Roemeen liet ons wat instellingen van de gps zien, en we zagen onder andere de totale afstand dat het schip gevaren heeft, of toch tenminste vanaf de laatste keer dat de gps gereset is (wat een enkele keer wil gebeuren bij grote storingen). Het schip is jong, van 2010 en opgeleverd begin 2011, en heeft al meer dan 3,52 miljoen nautische mijl op de teller staan… Dat is meer dan 6,5 miljoen kilometer!

Vooral de Chinees was onder de indruk van onze reisverhalen en wil, zodra zijn kind groot genoeg is (nu nog 2 maanden oud) met zijn gezin gaan reizen. Afrika sprak hem wel aan, zeker na onze verhalen over de Kalahari Woestijn en Namibië en Botswana… Hij had duidelijk nog wel door willen kletsen terwijl de Roemeen snakte naar een sigaretje en dat uiteindelijk maar buiten is gaan opsteken, en het is dat je geen licht mag gebruiken op de brug maar anders had hij dolgraag onze foto’s willen zien. We moesten ze dus maar een keer tijdens een dagdienst laten zien! Het voelt trouwens niet alsof de klok een uur vooruit gezet is, maar 2 uur achteruit.


Dag 11 donderdag 5 februari 2015: op zee, 925 km

Vanochtend was een rustige dag waar we niet echt veel gedaan hebben maar die wel omgevlogen is… We hebben redelijk goed geslapen maar dromen gekmakend veel. Bij het ontbijt was de messman enthousiast, vanavond kwam dan eindelijk de lang verwachtte barbecue, op dek D waar voldoende ruimte is buiten om iedereen kwijt te kunnen. Iedereen die bij het ontbijt kwam was blij, een hoogtepuntje!

Wij hebben ‘s ochtends gesport en koffie gedronken, en toen kwamen een paar bemanningsleden langs om de overlevingspakken te controleren. Dat moet zo af en toe gebeuren, maar de onze waren voor de komende 5 jaar blijkbaar nu goedgekeurd. Helemaal goed kon ik het niet verstaan, de Roemenen zijn af en toe best lastig te verstaan. Daarna hebben we gedoucht en ons omgekleed en zijn op ons gemak naar de lunch gegaan, waar er op het menu voor vanavond “party” stond. We zijn benieuwd! Helaas kwam de messman met slecht nieuws; het woei toch nog te hard dus de party moest uitgesteld worden. Jammer. Toen de officieren later kwamen lunchen bevestigde ze het, helaas – de Chinezen die altijd vroeg eten hadden het er ook constant over; ze spraken wel Chinees maar je hoorde steeds de woorden barbecue en party…

We varen vandaag langs Kreta (weliswaar op een afstand van tussen de 50-100 km, en het was hartstikke heiig dus je zag sowieso al bijna niets, maar toch, we waren in de buurt…). Wij zijn in de middag nog even naar de brug geweest en ik stapte naar buiten voor een foto – en kon het toestel niet stil houden vanwege de wind! Zo hard leek het toch echt niet te waaien; op de windmeter stond dat het 36 knopen woei, dat zou weliswaar windkracht 8 betekenen volgens het spiekbriefje op de kaartentafel, maar dat kan gewoon niet, we hebben er geen verstand van en moeten het verkeerd gelezen hebben! Maar later bij het avondeten bevestigde de kapitein dat het inderdaad vandaag windkracht 7-8 gewaaid had. Pffff… Terwijl we op de brug waren gaf een van de 4 grote displays opeens een foutmelding; de dienstdoende officier kreeg het niet weg en deed uiteindelijk uit ellende het display opnieuw opstarten. En tot onze verrassing verscheen er een bekend opstartscherm; het programma van de radar, sonar, windsnelheid en -richting, nautische kaart enzovoorts draaide op Windows! Dat niet alleen, maar ook nog eens op het inmiddels niet meer ondersteunde Windows XP… Oeps! Laten we hopen dat er niet vaak een “fatal error” voorkomt…

We hebben mails gehad van Hans zijn dochter en van haar moeder, en van the Cruise People die ons nu opeens ongevraagd op de hoogte houden van de vertrekdata van de Rickmers Seoul. Wat gebeurt er zeg! Minder blij zijn we met het feit dat de Seoul al weer een dagje vertraagd is en nu tussen 24-26 februari in Singapore is… De Columba gaat namelijk ongetwijfeld ergens tussen 18-20 februari al aankomen. Terwijl we de mail aan het checken waren was de heel jong uitziende 3de officier ook nog bezig in het administratiekantoor. Hij had net zijn rapport over de ballasttanks afgerond en vroeg opeens spontaan of wij wat foto’s wilde zien van de tanks. Ja natuurlijk, graag!

Hij liet ons foto’s zien van een aantal tanks die ze altijd leeg houden, in de boeg van het schip, de zijkant en ook in de ronde knobbel voorop het schip net onder het wateroppervlakte. Dit zijn in feite kreukelzones die de echte watertanks erachter moeten beschermen bij aanvaringen. En verder liet hij ook nog wat foto’s van gewone ballasttanks zien die al een tijdje leegstonden en schoongemaakt waren; volgens hem is het een vreselijke stinkende smurrieboel in sommige van die tanks want met het zeewater komen ook allerlei kleine beestjes, modder en verontreinigingen mee, en door het constant vol en leegpompen ontstaat er ook veel roest. Het ventilatiesysteem van het schip komt niet in deze tanks, maar om toch wat zuurstof toe te laten zijn er natuurlijke ventilatiekanalen die op dek uitkomen – hoe dan ook zal het er waarschijnlijk redelijk bedompt zijn. En natuurlijk aardedonker, zonder koplamp zul je er helemaal niets kunnen zien!

‘S middags heb ik de laatste afleveringen van een hele mooie serie gekeken waar we helaas alleen maar seizoen 1 van hebben, Marco Polo, en Hans wat films maar hij worstelde met de tablet en kon het laatste half uur van een goeie film niet uitkijken omdat het vastliep. Toen is hij uiteindelijk een dutje gaan doen tot het etenstijd was. Waarvan weten we niet, maar we zijn nog altijd veel moe.

Het eten was goulash met aardappelen (ik snak onderhand naar pasta, het is hier driekwart van de tijd aardappelen en de rest rijst!), en toe fruit uit blik. Het vers fruit tot nu toe aan boord is altijd heerlijk en goed rijp, alleen de ananas om de een of andere reden niet, daar springen de tranen van in je ogen zo zuur! Maar dit blikfruit was voor het eerst deze reis wel met zoete ananas… Manfred stelde tijdens het eten voor dat we misschien zouden mogen kijken naar het voor anker gaan op de boeg zelf; dat lijkt Hans en mij ook zeker een leuk idee maar dat mag hij gaan vragen, wij vragen volgens mij al genoeg aan die mannen!

Na het eten hebben we nog even de brug bezocht en wat gespeeld met een sterrenapp op mijn mobiel want de maan was nog niet boven de horizon en we konden dus voor het eerst goed veel sterren zien buiten. Het woei nog te hard om echt comfortabel buiten te staan, dan hadden we er ongetwijfeld nog meer gezien. We kregen op een gegeven moment door hoe het werkte, ongelofelijk eigenlijk hoe de app precies kon “zien” waar wij naar keken, ondanks dat het een app is die de camera niet gebruikt. Ook wel enigszins zorgwekkend dat, ondanks dat ik geen wifi heb en het mobiel netwerk uitgeschakeld is, deze app toch precies weet dat we langs de kust van Kreta varen, richting het oosten… Dat zit dus allemaal in het apparaat, via gps en kompas, en kan dus ongetwijfeld ook communiceren met veiligheidsdiensten en zo… We keken in ieder geval tegen Jupiter aan, en Castor en Pollux. Leuk!

Volgens de vriendelijke reus trouwens, die dienst had, was nu het laatste plan dat we niet voor anker zouden gaan bij Beiroet maar toch gelijk de haven ingeloodst zouden worden. Maar dat was allemaal speculatie, we zouden het pas echt zeker weten als het zo ver was. We noemde onze wens om een keertje te kijken hoe het schip voor anker ging en hem leek dat zeker geen probleem zolang we maar helmen droegen en uit de weg en buurt bleven – niet alleen omdat het een hele gevaarlijke operatie is, maar ook omdat er stukjes roest van de ketting afspringen en in je gezicht kunnen vliegen. Alleen, hij ging daar niet over dat was wel een vraag voor de kapitein. Logisch, dat moet de kapitein of Chief officier beslissen. We moeten trouwens helmen dragen als we op dek zijn en tussen de containers wandelen, want er willen weleens stukken steen of andere rotzooi op de containers blijven liggen, en dan heb je tenminste enige bescherming als ze naar beneden vallen; dat vertelde de Chief officier toen we naar de machinekamer gingen. Op een van de containers waar we op neer kijken vanuit “ons” balkon liggen inderdaad twee redelijk grote keien…

‘S avonds hebben we na de koffie films gekeken tot het bedtijd was; Hans wilde wat dingen afkijken op de laptop die het niet deden op de tablet, dus ik heb op de tablet een reeks Fawlty Towers achter elkaar gekeken, en lag op een gegeven moment te huilen van het lachen, heerlijk!

free counters