Dag 37-44: dinsdag 3 - dinsdag 10 maart 2015: op zee en voor anker Shanghai

Dag 37 dinsdag 3 maart 2015: op zee, 527 km

Vandaag is de eerste van zeker 7 vaardagen richting China. We hadden het er bij het ontbijt over dat met name Hans nog niet echt zijn draai gevonden heeft op het schip (ik heb met de wereldsite, Japan en alvast de website van deze reis maken, als ik wil, hele dagen werk dus merk dat iets minder). Dat komt ten dele omdat we ons ochtendritueel kwijt zijn; er kan hier helaas niet gesport worden en dat vinden we niet alleen allebei zonde van onze conditie, maar het betekent ook dat heel je ochtend opeens op losse schroeven staat. Maar ook komt het omdat er we op dit schip voorlopig de officieren zelfs nog minder lijken te zien als op het andere schip.

De bemanning is altijd heel erg open en hartelijk maar met de meesten kun je niet meer dan een kort en eenvoudig gesprekje voeren vanwege de taalbarrière (en omdat ze door moeten want ze hebben het druk), en de officieren zie je echt nauwelijks. Sowieso zijn er ook veel minder; op de Columba waren er onder andere drie 3e officieren, hier maar eentje, en dan waren er ook nog twee Roemeense en twee Chinese cadets, hier geen een. De kapitein is niet bepaald de vriendelijkste, de Chief Officer ook niet bepaald, en voor de rest zien we alleen de 2e officier en de Chief Engineer soms eventjes bij de maaltijden of omdat de laatste ook onze andere buurman is (wij denken echt een hele aardige, nette man), en de 3e officier op de brug. Tja dan zitten we er eigenlijk al doorheen, veel meer zijn er niet geloof ik! We zijn al bijna een week aan boord en ik weet nog altijd niet wie mijn directe buurman is aan tafel… Voor de rest zit alleen de 3e officier aan onze tafel en zijn er twee stoelen vrij nu de twee Litouwse monteurs van boord zijn. Aan de andere tafel zijn er ook zes plaatsen waarvan er maar vier gedekt worden.

We zijn vanochtend rond 10 uur eerst even naar de brug gegaan om uit te waaien, en toen naar beneden om een wandeling op het dek te gaan maken. We stapte net de gang in van de begane grond toen we de Chief Officer buiten zagen staan, driftig bonzend op de deur; hij was buitengesloten – toen we opendeden voor hem was hij vrolijk en dankbaar; heel anders dan de eerste paar dagen toen we af en toe echt het idee hadden dat hij vond dat we niets te zoeken hadden op zo’n schip. De wandeling om het schip was wel leuk, en ook ontnuchterend; er was een stevige kooiconstructie om de ingang naar de woontoren, en dezelfde hekken over de buitentrappen die we ook op de Columba gezien hadden. Toch zag het er hier allemaal wat serieuzer uit en voelde de woontoren meer kwetsbaar ondanks de maatregelen. Op het achterdek lagen nog grote rollen kippengaas en een klein leger aan dummy’s, wel 4-5 stuks met nep-kalasjnikovs! Het achterdek was ook erg laag bij het water; ik denk dat we, als we op de Rickmers door de Rode Zee gevaren waren, ons toch iets minder veilig gevoeld hadden wat betreft de piratendreiging – op de Columba was men prettig zelfverzekerd dat ze geen risico liepen en hadden ze ondanks dat toch de maatregelen genomen.

We zijn langs bakboord naar voren gelopen, en liepen onderweg langs vele bakken met koppelstukken, hijskabels, hijskettingen en hijsbanden. Op het voorste dek waren eerder op de ochtend mannen bezig geweest om roest te bikken en te verven, maar toen wij er liepen was het duidelijk net koffiepauze want er was niemand. We hebben even gegluurd op het dek; de verf- en schuurspullen lagen er nog. Het viel ons op dat dit schip wel iets minder schoon en milieubewust is. Het is niet zoals de Columba een “groen schip”! Er lag onderweg naar de boeg hier en daar afval zoals sigarettenpakjes, waterflesjes en piepschuim warmhoudbakjes voor eten, nog rotzooi van de Vietnamese stuwadoren, en we hebben al een of twee keer iets in het water zien drijven wat volgens mij van het schip komt…

Eenmaal op de boeg gekomen vlogen de grote zeevogels die we eerder vanuit de brug gezien hadden nog altijd rond; het leken wel een soort van bruine albatrossen, of neven van de “blue-footed boobies” zoals we in de Galapagos gezien hadden. Het varende schip deed vliegende vissen opjagen uit het water, we zagen ze af en toe springen: de zeevogels deden daarop jagen, en doken constant op het water af in de buurt van de boeg. Het was een mooi gezicht en ze leken niet erg bang van ons dus scheerde af en toe vlak langs ons!

We zijn via stuurboord terug naar de woontoren gelopen. Onderweg kwamen we allerlei hijsmiddelen tegen, en wat is dat allemaal groot van dichtbij! We zien alles vanuit pilotdek of de brug gebeuren en dan lijken dingen zo klein, maar van dichtbij zie je hoe groot de “kleine” hijsbalken zijn, hoe dik de houten balken en hoe breed de hijsbanden wel niet zijn… Vlakbij de woontoren lag nog een flinke stapel hijsbanden die waarschijnlijk nog netjes opgeruimd moeten worden, de berg was wel een meter hoog! Ondanks dat het nog maar 10:30 was, was het al gloeiend heet buiten, en toen we bij de woontoren kwamen gingen de Filippijnen net weer aan de slag, al lopend hun gezichten met doeken of oude T-shirts weer inpakkend tegen de zon. Ze bevestigden dat het warm werk was! We hebben onderweg naar binnen nog even een kijkje genomen in de gymzaal/recreatieruimte, maar dat wordt echt niets. Waarschijnlijk is dit ook de enigste plek waar de Filippijnen zich samen kunnen terugtrekken, want het was helemaal ingericht op de Filippijnen, met een computer met de klok op Filippijnse tijd en shortcuts naar Filipijns nieuws. Daar moeten wij niet gaan sporten; waarschijnlijk zouden ze het prima vinden en ons de ruimte geven, maar dat willen we nu ook weer niet. Dan maar trappenlopen dus…

Om 16:30 gingen we even naar de brug om te kijken, en de Chief Officer had wacht. Hij kwam onverwachts naar ons toe en had zichtbaar zin in een praatje. Hij lijkt sinds vandaag opeens helemaal ontdooid te zijn – dat had dus vooral tijd nodig, en waarschijnlijk heeft onze fotoreportage van de hijsbandendiefstal ook geholpen, want hij was erg vriendelijk en zelfs geïnteresseerd in ons. Zoals velen wilde hij weten waarom we dit wilden doen, op een vrachtschip meevaren, maar op zich snapte hij het wel eenmaal uitgelegd – voor hem is het werk maar hij ziet ook wel wat wij erin zien. En hij bleek als tiener een jaar in Kenia gewoond te hebben, dus dat was leuk om over te kletsen. Nu is hij eenmaal ontdooid en blijkt dat hij over twee weken in Shanghai van boord gaat, damn… De kapitein gaat ook van boord, al over een week, ook in Shanghai. Want schijnbaar gaan we dus toch twee keer Shanghai aandoen; zoals het programma er nu uitziet (als wij het allemaal goed begrepen hebben) wordt het Shanghai, Xingang (toegangshaven tot Beijing), Shanghai, Ulsan en Kobe. En waarschijnlijk komende zaterdag een barbecue, voordat de kapitein van boord gaat begin volgende week.

De Chief Officer had de foto’s gezien van de hijsbandendiefstal en feliciteerde ons ermee; mooier kon niet, op de ene foto had de stuwadoor echt het gezicht van een dief op heterdaad! En we hebben er een tijdje mee over de slechte loods in Ho Chi Minh City (schijnbaar was de loods op de terugweg minstens even erg) en over Arabische landen gesproken; zoals eigenlijk iedereen die we tot nu toe op beide schepen gesproken hebben, heeft hij het daar niet zo op, en dat komt natuurlijk door de ervaringen die ze ermee gehad hebben. Hij wist ons trouwens te vertellen wat de betonnen torens voor waren; vogelnestjes! Ik vermoed van zwaluwen, die maken met spuug nestjes en die zijn honderden dollars waard in Aziatische landen – die laten ze in die torens nestelen en dan verzamelen ze de nestjes. Dat verklaarde ook de hele plaatselijke vogelgeluiden die ik gehoord had!

Vanavond was het eten een klein dieptepuntje; een lekker visje, daar niet van, maar vol graten dus een marteling om te moeten eten… De appels die we voor de lunch als toetje gekregen hadden waren melig, dus ik heb van de ene die we nog hadden geprobeerd een appeltoetje te brouwen; in schijfjes gesneden in de magnetron met honing, aardbeienjam en wat suiker. De appel was er op vooruitgegaan in ieder geval, maar echt geweldig was het niet, daar heb je toch echt ook een kruimeltopping voor nodig. Misschien krijg ik daar nog weleens de kans toe! ‘s avonds hebben we dus maar iets meer van ons snoeprantsoen aangesproken dan anders. Volgens ons moet onze mysterieuze tafelgenoot trouwens al drie dagen dood in zijn hut liggen en niemand heeft hem gemist of zo, want bij het avondeten stond weer de lunch (en dus ook het avondeten) nog steeds klaar voor hem… Dat is nu al meer dan een halve week zo; de eerste paar dagen leek het eten nog wel op te gaan. Maar nu verzamelen de borden eten zich tijdens de dag en aan het einde van de dag ruimt de messman ze weer op… We hebben ‘s avonds wat mailtjes klaargezet op de mobiel, in de hoop dat we de komende weken ergens aan land iets van wifi vinden, want scheepsmail gaat niet lukken denken we.

Dag 38 woensdag 4 maart 2015: op zee, 501 km

De klok was gisteren weer een uur naar voren gegaan, en we voelden het vanochtend gelijk weer, we waren zo duf als konijnen. We hebben de ochtend dus heel rustig en stilletjes doorgebracht in de kamer, om weer een beetje bij te komen. We worden ook gewoon moe wakker van al het dromen, om gek van te worden af en toe! We zijn vanochtend na het ontbijt naar onze kamer gegaan, maar zagen toevallig rond 9:30 dat er twee schepen op de horizon waren, dus zijn we naar de brug gegaan om uit te waaien en te kijken; de ene kwam tot op een paar kilometer afstand van ons langs. Dat is nogal wat als je al 2 dagen geen schip gezien hebt! We proberen ons voor te stellen hoe het met de grote oceaanoversteek zal zijn, als je niet dagen, maar weken omringd bent door zee… En het geeft aan dat er duidelijke vaarroutes zijn op zee, als je hier elkaar op een paar kilometer passeert terwijl er zo veel ruimte is!

Terwijl we op de brug waren zagen we dat de derde officier, die echt een bezige bij is altijd met zijn rapportjes en lijstjes en zo, een rapport opgemaakt had van de veiligheidsoefening van afgelopen zaterdag… Compleet met foto van mij in de reddingsboot en een samenvatting dat bla bla bla en de passagiers ook op de hoogte waren gesteld van het opereren van de reddingsboot. Leuk!

We hadden gezien dat er voorbereidingen getroffen werden op het laadruim om te gaan schilderen – sowieso zijn ze het voorste laadruim aan bakboord al een tijdje grondig aan het schuren en verven – en iets voor 10 uur zagen we dat ze bezig waren om alles bij kraan 2 klaar te zetten. Die kraan is een grote roestbak om te zien, en moest dringend geschilderd worden. We hadden wel zin om even naar buiten te gaan en te kijken, maar omdat er altijd tussen 10 uur en 10:30 koffie gedronken wordt besloten we eerst zelf ook koffie te drinken. We zeiden tegen de derde officier dat we na de koffie naar buiten wilde gaan, en zouden bellen als we terug waren. Vanuit onze kamer konden we zien hoe ze op gegeven moment met 3-4 man bovenop de kraan stonden, brrrrr!

Het was indrukwekkend en eng om te zien hoe gemakkelijk de mannen bovenop de kraan stonden en zich op schommelstoeltjes naar beneden lieten zakken om te schilderen! Wij klommen op een van de laadruims tussen kraan 1 en 2 via de vele ladders in het gangpad, en dan komt pas echt goed binnen wat een enorm oppervlakte ze bedekken… Vanuit de woontoren lijkt alles klein, maar als je er eenmaal zelf op staat dan zie je pas de schaal van alles! De arm van kraan 2 rust bovenop de contragewichten van kraan 1, en de haak zelf was onderaan op het dek gezekerd. Hans is er dus even naar toe gelopen voor de schaal, ongelofelijk wat een enorm blok staal! Het geheel moet zeker 4-5 meter groot zijn geweest, en de kabels zelf zo dik als een mensenarm…

De vriendelijke bosun die onze tuinstoelen had schoongespoten was het schilderen aan het overzien, en kwam toevallig naar beneden terwijl we daar stonden. Hij leek eerst aan te bieden om ons de kraan in naar boven te laten, maar dat bleek een misverstand want zoiets moest (logisch) eerst even via de kapitein lopen, hij was al verantwoordelijk voor de veiligheid van zijn mannen. Geeft niet, was wel spannend geweest maar ook doodeng! Hans had zijn zak vol toffees gestopt en gaf de man een handje mee voor zichzelf en de schilders bovenin. De zee was spiegelglad (en het was erg warm in de zon), en we hebben een tijdje op de dekplaten rondgelopen en rondgekeken, geleidelijk aan richting de mannen lopend die aan het schuren waren bij het voorste dek.

Wat een vreselijk werk; in een warm ketelpak (ze hebben dan nog “geluk” dat deze ketelpakken oranje zijn en dus een lichte kleur hebben, die van de Columba waren donkerblauw) vol in de zon moeten schuren en roest bikken op zo’n metalen dek. Maar de mannen leken er redelijk vrolijk onder en zwaaide vrolijk in onze richting als ze ons zagen. Allemaal waren goed ingepakt tegen de zon en het stof, met doeken of oude T-shirts over hun gezicht gebonden zodat alleen hun ogen zichtbaar waren, beschermd met veiligheids- en/of zonnebrillen. Eentje zat met een schuurmachine te werken, een paar waren roest aan het lostrillen met pneumatische boren, en de rest zat met de hand te bikken en kleine onderdelen dik met menie in te smeren. Pffff…

We hebben een tijdje staan kijken en zijn toen naar beneden geklommen naar het gangpad om even bij de boeg te kijken. Gisteren zagen we alleen maar bruine albatrosachtige vogels, vandaag waren ze opeens allemaal overwegend wit, met donkere plekken onder hun vleugels – de bruine waren helemaal verdwenen! Tijdens ons rondje nam ik een foto van een van de schuurders en hij zwaaide spontaan – dat is me al meer opgevallen, de Filippijnen vinden het leuk om op de foto te gaan en zullen als ze er erg in hebben en tijd altijd even poseren of zwaaien. Hans heeft de rest van zijn toffees gegeven aan een van de mannen die net even in het gangpad bezig was zijn schuurmachine op een ander stopcontact aan te sluiten, en toen zijn we geleidelijk aan teruggelopen naar de woontoren.

Onder kraan 2 hebben we nog even staan kijken naar de schilders. Ongelofelijk! En ze deden het zo zelfverzekerd, alsof ze helemaal niet zo hoog zaten – toch wel rond de 50 meter hoog boven de zee… Bij kraan 1 zijn we nog even weer terug op het dek geklommen want Hans wilde kijken naar een stapel hout die daar lag – van dichtbij torende het boven hem uit! Via de trap onder het contragewicht (een beetje een vreemde gewaarwording, om daar onder te staan!) zijn we weer naar beneden geklommen en terug naar de woontoren gelopen.

Terug binnen hebben we nog even in het scheepskantoor en de aangrenzende conferentiekamer gekeken, en kwam de Chief Engineer net binnen; hij gaf in het gesprek aan dat we altijd welkom waren om eens een kijkje in de machinekamer te nemen, maar wel even eerst afstemmen met de kapitein. Wij willen dat zeker eens doen, maar liever als het iets koeler is buiten, dus we houden dat voor de grote oversteek. De Chief Engineer gaf ons groot gelijk – het kon daar wel 40-50 graden worden! De Chief Officer was met de planning bezig in het scheepskantoor en had het een beetje druk dus had geen tijd voor ons, maar het is nog altijd een wereld van verschil met de eerste paar dagen; toen voelde we gewoon haast animositeit naar ons toe. Misschien had hij ruzie gehad met iemand of heeft hij slechte ervaringen met andere passagiers gehad of vond hij het gewoon onzin dat er passagiers aan boord waren, en begint hij nu te ontdooien nu hij merkt dat we gewoon oprecht geïnteresseerd zijn in het reilen en zeilen aan boord en proberen niet in de weg te lopen of lastig te zijn? Ach ja…

We waren rond 11 uur terug in de kamer en hebben netjes gebeld naar de brug om te zeggen dat we terug waren, zoals altijd. Iets voor 12 uur keek de kapitein even binnen en vroeg ons nog om onze ticket (we waren eigenlijk al verbaasd dat daar niet gelijk om gevraagd was). Hij vertelde lachend dat de derde officier nog nooit zulke geweldige passagiers meegemaakt had, die altijd netjes zeggen als ze naar buiten gaan of als ze weer terug zijn! Dat verraste ons een beetje, dat is toch niet meer dan normaal: dit is een werkend schip en een gevaarlijke omgeving, mensen moeten weten waar je bent als er iets gebeurt. Maar de kapitein zei dat het niet altijd gebeurde helaas. Het verklaart misschien ook de omwenteling van de Chief Officer; en daarnaast denken we dat we ook een enorm goeie indruk hebben gemaakt op hem met het zien en melden van de diefstal in Vietnam.

Met de lunch kregen we lente-uitjessoep – bijna net als thuis! Los van de zeer gulle hoeveelheid knoflook die erin was gegaan… Daarin hebben de Filippijnen en de Roemenen elkaar wel gevonden, ze zijn allebei duidelijk dol op knoflook en gooien het met ruime hoeveelheden overal in. Op tafel bij de officieren staat zelfs gewoon een schaaltje rauwe knoflooktenen voor het pakken! Het hoofdgerecht was een erg lekker beetje Aziatische stoofvleesschotel, met rijst, en toe meloen met watermeloen. Deze kok kan toch duidelijk beter koken dan de andere kok, zeker als hij dicht bij huis blijft met de Aziatische keuken. En het scheelt natuurlijk ook dat wij onze normen aan het verlagen zijn na anderhalve maand, en dus al met kleine dingetjes blij zijn…

‘S middags hebben we met laptop en tablet lekker anderhalf uurtje in de tuinstoelen in de schaduw op het pilotdek gezeten. Heerlijk! Rond 13 uur was de lunchpauze voorbij en hebben we ook toegekeken hoe een van de schilders van kraan 2 weer via het raampje van de kraan terug naar buiten klom naar zijn schommeltje. Brrrrr! De zee was redelijk vlak maar de wind wel stevig, en het was nog altijd iets van 36 graden.

Om 16:30 zijn we naar de brug gegaan waar de Chief Officer wacht had, en we hebben uiteindelijk meer dan een uur met hem staan praten! Het is een echt heel ander mens vergeleken met die eerste paar dagen, hij is nu hartstikke vriendelijk, open en geïnteresseerd, biedt ons koffie aan als we boven komen, komt gelijk naar ons toe voor een praatje, geeft uitleg over dingen... In het begin keek hij ons steeds donker aan en negeerde ons, bij de oefening joeg hij ons min of meer weg, en toen ik een keer alleen naar de brug ging en hem iets vroeg gaf hij zonder op of om te kijken een gegromd een-woords antwoord. Je zou hem eigenlijk willen vragen waarom hij zo omgeslagen is de laatste paar dagen… Hij vertelde dat we twee keer Shanghai aan gingen doen, en dat de kapitein de eerste keer van boord ging, en hij de tweede keer – het einde van zijn contract komt dus ook in zicht, dat zie je ook altijd gelijk aan die mannen! Hij vertelde ook dat hij als tiener een jaar in Kenia gewoond heeft, omdat zijn vader kapitein was en voor het Rode Kruis werkte. Dat gaf natuurlijk een band, dus we hebben een beetje over Nigeria en Kenia en Afrika in het algemeen gepraat.

Hij vertelde dat zijn collega tijdens de wacht, een aardige Filippijn die best goed Engels spreekt, mango’s gekocht had in Vietnam en hoe lekker die wel niet waren, heerlijk zo tropisch rijp, recht van de boom. Toevallig kwam die net boven zodat de Chief Officer kon gaan eten – meestal staan ze alleen wacht te houden als het zo rustig is op open zee – dus we hadden het nog even over de mango’s, en voor we het wisten had hij al een van zijn mango’s aangeboden aan ons. Hij zou hem wel komen brengen dan konden we proeven. Om 19 uur stond hij inderdaad bij onze deur met twee kleine mango’s, voor ieder een! We hebben hem gesmeekt om er zelf eentje voor zichzelf te houden, en hebben de andere lekker gelijk geslacht en opgepeuzeld. Heerlijk zoet en rijp, hmmmm!

We denken trouwens dat deze Filippijnse jongen de mysterieuze buurman aan de eettafel is; hij zal er wel hele andere etenstijden op nahouden of zo! Maar ligt dus gelukkig in ieder geval niet 3 dagen dood in zijn hut… Dan “zitten wij dus aan tafel” of delen we in ieder geval de tafel met de derde en tweede officier, allebei Filippijns. Aan de andere tafel zitten vier Roemenen: de kapitein, Chief Officer, Chief Engineer (onze aardige andere buurman), en de 2e Engineer, ook een heel aardige jongen met bril die we alleen af en toe met een maaltijd zien. Voor de rest eet iedereen in de bemanningseetzaal; ook de twee Roemeense timmermannen. De rest is allemaal Filippijn. De verdeling op de Columba was meer op land gebaseerd, omdat de scheidingslijnen ook duidelijker waren; de Roemeense officieren aan een tafel, de Roemeense cadets aan onze tafel, de Chinese officieren en cadets samen met de enigste Filippijnse officier aan een andere tafel, en dan de rest (allemaal Filippijn, en vier Indiërs) in de bemanningseetzaal.

‘S avonds hebben we de tweede aflevering van “long way round” gekeken, die hadden we allebei nog nooit (volledig) gezien en zijn we eergisteren mee begonnen samen te kijken. Dat is toch ook wel een avontuur hoor, zo’n epische reis zouden we ook wel eens willen maken, alleen niet alleen! Voor het douchen heb ik Hans zijn haar met de tondeuse gemillimeterd; het was al weer veels te lang geworden. Het is normaal in zo’n 10 minuten gebeurd, maar nu was het een rotklus want door de schijnbaar veel zwakkere stroom werkte het ding ook maar op een deel van zijn kracht en moest ik wel vier-vijf keer over hetzelfde plekje gaan voor alles weg was. Pffff! En als je eenmaal begonnen bent kun je ook niet opgeven want zo’n grote hap eruit is ook maar een raar gezicht… Maar het is na ongeveer een half uurtje zwoegen in het kleine badkamertje gelukt en het eindresultaat ziet er redelijk uit. Maar dat gaan we nog maar een keer of twee doen deze reis, wat een ramp!

Dag 39 donderdag 5 maart 2015: op zee, 527 km

We pruttelden vanochtend een paar uur met een stevig gangetje van zo’n 15 knopen vooruit; we hadden een paar dagen geleden begrepen van de derde officier dat ze dat af en toe doen om de leidingen door te spoelen. Daarna vallen ze weer terug naar 11-13 knopen, maar in de tussentijd rammelt en ratelt heel het schip licht. Je voelt het goed en in de kamer is het lawaaiiger met dingen die tegen elkaar aan trillen. Normaal gezien voelt het varen vaak een beetje als het ritmische gehobbel over de rails als je in een wat ouder boemeltreintje zit… Het woei vandaag veel harder dan gisteren, met ‘s ochtends een ruwe zee en ‘s middags meer lange rollende golven van 2 meter hoog, en al begonnen de schilders weer ‘s ochtends vroeg voortvarend met hun spullen voorbereiden in kraan 2, er is duidelijk al gauw besloten dat het te hard woei om verantwoord te zijn. De buitenste kant (aan de zeekant) en de arm moeten nog geschilderd worden, dat gaat dus een andere keer gebeuren als het rustig is. ’S middags vertelde de Chief Officer dat alles gemiddeld zo om de 6 maanden geschilderd moet worden. Ongelofelijk, wat een werk!

Wij zijn vandaag twee keer naar het pilotdek gegaan om uit te waaien – ‘s ochtends na het ontbijt en na de lunch – het is merkbaar koeler vandaag, en was erg lekker buiten dus. De temperatuur bleef rond de 26 graden; wat een verschil met de 36 graden van de afgelopen dagen! Het kijken naar de zee en om je heen is iets wat eigenlijk niet gaat vervelen; we vinden het heerlijk, er is altijd wel iets te zien zoals de golven, de wolken, de spray bij de boeg, de vogels (weer alleen maar witte vandaag), en heel soms een ander schip op de horizon. Het kijken naar die eindeloze lap water, ‘s ochtends ‘s middags en ‘s avonds en de volgende dag weer, en zien hoe weinig je eigenlijk opschiet op de wereldkaart, doet ons denken aan de reizen van vroeger waar schepen gewoon jaren van huis waren! Ongelofelijk… En het is goed te begrijpen dat ze vroeger bang waren dat je van de aarde af zou varen, je kunt je toch niet voorstellen dat de wereld rond is als je naar die eindeloze wereld van water om je heen kijkt!

Met de lunch kregen we een Aziatischachtige noodle soep die best lekker was (hoofdgerecht was wat minder, veel maïs vooral! Maar de bananen zijn in ieder geval eindelijk op, gelukkig) – we hebben wel om het stuk lever of nier of wat het ook precies was dat als vlees in de soep gedaan was heen geschept! En de muziek stond zoals vaak de laatste dagen lekker hard aan in de keuken; de kok en de messman houden wel van meezingers en we moeten gewoon af en toe lachen om het aanstekelijk vrolijke gezang uit de keuken… De kapitein lijkt er geen probleem van te maken (hij lijkt me niet zo’n vrolijkerd) dus we hopen dat het nog wel even zo blijft, want het maakt de anders toch wel stille maaltijden een stuk vrolijker! Ik was een beetje slaperig ‘s middags dus ik ben “even” een dutje gaan doen. Na twee uur vond Hans het wel genoeg onderhand; hij heeft me echt wakker moeten maken!

Om 16:30 zijn we weer naar de brug gegaan en weer hebben we ruim een uur met de Chief Officer staan praten. Hij lijkt echt opeens onze beste vriend geworden te zijn, en bood vandaag spontaan zelfs aan om ons op het dak van de brug te laten, waar alle antennes en meetapparatuur staan! Daar zeggen we geen nee tegen… Hij moest daarvoor wel de radar uitzetten, en we konden maar 10-15 minuten boven blijven voor de radar weer aanmoest, maar er was geen schip te bespeuren dus dat kon zonder problemen. Er zijn sowieso volgens ons weinig schepen in de buurt gekomen vandaag. De radar staat hier op de lege en open zee ingesteld om 20 nautische mijl vooruit en 12 opzij te kijken, dat is dus 37 km naar voren en 22 km opzij, en heel de dag was er geen schip dat binnen het scherm kwam. Op de lijst van schepen, de AIS-lijst, zagen we wel af en toe een schip maar die waren nog te ver weg om door de radar op het scherm weergegeven te worden. Dichter bij land wordt de radar ingesteld op een kleinere afstand natuurlijk.

Maar we zijn dus gauw naar boven geklommen (het bordje met “pas op, stralingsgevaar” maar negerend, de radar staat uit dus dat geldt nu hopelijk niet) en hebben even goed rondgekeken. Het is wel indrukwekkend om tussen al die antennes te staan en naast de grote radar-bol! Ook zagen we de “zwarte” doos, op het dak bevestigd zodat hij gemakkelijk gevonden kan worden. Net als in een vliegtuig wordt alles geregistreerd. We hadden het er vandaag over dat we ons toch veiliger voelen op een schip dan in een vliegtuig. Bij beide moet je je gedachtes wel censureren; net zoals je niet moet denken aan al die kilometers lucht onder je, moet je ook niet denken aan die enorme puist water onder je en om je heen. Als drenkeling gevonden worden op zee zonder zendapparatuur mag gerust een wonder heten. Maar je bent, denken we, toch veiliger in een schip als er iets uitvalt dan in een vliegtuig… Een schip blijft tenminste nog drijven als alle apparatuur uitvalt, en dan heb je nog altijd de sextant en kompas en de sterren om te navigeren. Een vliegtuig blijft niet zweven als alles uitvalt.

Bij het avondeten zijn we even de keuken ingestapt om te kijken wat er op het menu stond; dat doen er meer, en al loopt de messman dan een beetje zenuwachtig om ons heen te speuren of hij niets van ons kan overnemen of ons geven, de kok lijkt het wel leuk te vinden dat wij het ook doen en vooral dat wij zijn kookkunsten willen uitproberen. Hij had al speciaal voor ons een klein bordje met de Aziatische bonen/spinazie/gedroogde visjes van van de week klaargezet, en voor de rest was het een lekker gebraden kippetje in een groentesausje. Deze kok kookt echt veel smaakvoller! Vandaag was er iemand van de bemanning jarig, schijnbaar, en we denken dat de kok (misschien samen met de messman) iedereen op bier en cola getrakteerd had – we hadden in ieder geval niet de indruk dat dat vanuit de kapitein gedaan werd, en dat het dus misschien uit eigen zak van de kok kwam.

Hij had echter nog iets anders wat hij ons wilde laten proeven, en Hans kwam goed weg, die mocht het niet nemen vanwege zijn jicht, want het was een of ander alcoholisch drankje met pens erin??? We zagen een zorgwekkend grote bak op het aanrecht staan vol dikke stukken pens… Het was een of andere Filippijnse specialiteit voor feestjes en speciale gelegenheden, en hij had het dus voor die jarige gemaakt. Mij leek het iets waarvoor je al eerst dronken moest zijn voordat je het volledig kon waarderen, en niets iets om op een nuchtere maag te nemen, maar gelukkig lieten we ontvallen dat we niet dronken toen hij ons nog een extra biertje aanbood. Toen kwam ik er ook mee weg dat ik niet hoefde te proeven! Hans vroeg tijdens het eten of hij misschien Fanta in plaats van cola kon krijgen, en we weten eigenlijk wel zeker dat de messman uit zijn eigen kamer een blikje is gaan ruilen met de cola. Toen we klaar met eten waren hebben we de twee blikjes bier en twee blikjes cola dus specifiek aan de kok en de messman gegeven. Komt het uit hun eigen zak dan krijgen ze ze in ieder geval terug, was het gratis en op het schip dan krijgen ze ieder twee extra blikjes. Ze leken verrast maar het wel te waarderen.

We verbazen ons over de in onze ogen woekerprijzen van de slopchest, die gisteren voor het eerst geopend werd; misschien zien we het verkeerd, maar we zagen zo gauw op het lijstje kijkend prijzen zoals 13 dollar voor Fanta – onduidelijk was het wat het precies was, maar het leek om een tray of zo te gaan. Dan is het natuurlijk weer niet zo heel duur. Er wordt in ieder geval gretig gebruik van gemaakt; de slopchest ging gisteren met de lunch voor het eerst open en het was gelijk file bij het luik van de keuken omdat iedereen wilde invullen wat hij wilde hebben! We moeten nog uitzoeken of bij een barbecue de drankjes op kosten van het schip zijn zoals bij de Columba, of betaald moeten worden, en moet er betaald worden dan doen wij wel een keertje een tray bier en fris trakteren.

We doen nu iedere dag een stroopwafel delen ‘s avonds bij de koffie. Ze hadden eigenlijk al drie weken geleden opgemoeten volgens de houdbaarheidsdatum, en je kunt inderdaad merken dat ze een beetje oud en taai beginnen te worden, maar voor ons smaken ze nog heerlijk! En met een stroopwafel per dag kunnen we er nog ongeveer 6-7 weken van genieten… Op zich vinden we het niet slecht gaan met onze snoepvoorraad, we zijn er zuinig op, en denken het met het huidige dagelijkse rantsoen (per persoon een paar dropjes en eventueel een pepermuntje of twee, een halve stroopwafel en soms ook een celebrations-marsje of een blokje rozijnen/hazelnotenmelkchocola) in ieder geval tot Amerika te kunnen redden. Als we de laatste week of twee niets meer hebben geeft dat niet zo, dan ben je toch onderweg naar huis!

Dag 40 vrijdag 6 maart 2015: op zee, 471 km

Toen we vanochtend wakker werden merkte we dat het schip wat meer bewoog dan de laatste paar dagen; de zee was ruwer en het was ook bewolkt en heiig. Het weer begint duidelijk te veranderen! Na het ontbijt zijn we even op de brug gaan kijken en uitwaaien, het was nog maar 16 graden buiten, erg grauw en het werd al gauw zelfs een beetje fris om buiten te staan! De derde officier en zijn collega vertelde dat het vanaf het loodspunt voor de kust van Shanghai 6 uur zou duren voor we de rivier opgevaren waren en bij de kade zouden komen. Wow! Wel erg leuk om te zien, het is schijnbaar een drukke rivier… We hebben een tijdje (binnen) naar de golven staan kijken. Het is zo jammer dat de windmeter van de Seoul het niet meer doet, en niet gemakkelijk gerepareerd kan worden (er is een kabelbreuk of iets dergelijks, maar de kabels zitten in de constructie van de brug zelf gemetseld), want we denken dat er vandaag toch zeker windkracht 6-7 is, gezien de golven. Die zijn zeker 2 meter hoog! Terwijl we op de brug stonden begon er onder ons een enorm kabaal; twee mannen waren bezig de zware metalen lussen in het dek los te slaan; zo te zien waren ze pas geleden geschilderd, en het was duidelijk dat ze door verf en roest helemaal vast zaten. De ene sloeg ze met een moker los, de andere blies grote wolken roestdeeltjes uit het scharnier met een hoge druk spuit. Toen de mannen klaar waren met de lussen zagen ze er niet meer pas-geschilderd uit, maar ze waren in ieder geval weer los…

Om 9:30 kwam de messman voor de tweede keer sinds we aan boord zijn de kamer grondig schoonmaken en de handdoeken vervangen (hij had van de week al gevraagd of hij vrijdag kon komen), en voor het eerst de lakens. We zijn benieuwd hoe het zich verder ontwikkelt, want deze messman lijkt ons iets gestructureerde dan de messman op het andere schip, die deed soms haast dagelijks de handdoeken vervangen en soms pas meer dan een week later, en de laatste 1,5 week is hij helemaal niet meer komen schoonmaken of de handdoeken vervangen.

De ochtend ging snel voorbij en ‘s middags zijn we weer even naar de brug gegaan. Om een uur of 16:30 zag ik opeens dat we bereik hadden op de mobiels; we waren nog zeker 60-80 km van de kust vandaan, ongelofelijk… Maar we hebben de kans gegrepen om een paar smsjes te sturen, en kregen in de loop van de avond ook een paar antwoorden. ‘S avonds zei de Chief Officer tijdens het eten dat we de show aan het missen waren boven, het was razend druk met vissersbootjes! Maar eerst hebben we lekker genoten van het eten en zelfs nog een tweede keer opgeschept, want we kregen voor het eerst deze reis pasta in een romige saus! Het was de kok’s interpretatie van carbonarasaus, heel slim met de restjes van de vlees-snijwaren erdoor (hij is erg goed met zijn restjes opmaken), en na anderhalve maand vrachtschip-eten waren we er meer dan dankbaar voor! Wel weer vreemd was dat we er een karbonaadje in een korstje uit de frituur bij kregen… Een Filippijnse poging tot een schnitzel, misschien, dacht Hans?

Na het eten zijn we dus maar recht naar de brug gegaan en het was inderdaad indrukwekkend; we waren omringd door tientallen vissersbootjes. Hans kon er met het blote oog in de zwaar heiige omstandigheden (zicht was ongeveer 8-9 km) al zo zonder moeite 20 tellen. Eentje wijzigde zijn koers toen wij langs kwamen en ging recht op onze achterkant af, om redelijk dicht achterlangs ons te schieten. Hij was een net aan het slepen, en we vonden het zo’n rare actie. Toen een ander vissersbootje hetzelfde deed bedachten we ons opeens dat ze misschien hetzelfde deden als de vogels van de afgelopen dagen (die waren vandaag trouwens allemaal weg), en gebruik maken van onze gang door het water om meer vis te vangen? Het was in ieder geval duidelijk een zenuwslopend gebied om door te varen want lang niet iedereen hield zich aan de geldende “verkeersregels”; de officieren bleven dan ook met twee man op de brug om te kijken en de vissers in de gaten te houden. Rond 19 uur werd het rustiger en toen zijn wij naar beneden gegaan om koffie te zetten en de rest van de avond lekker in onze kamer een beetje te fröbelen op de laptop/tablet. Het begint merkbaar koud te worden, we hebben de airco lager moeten zetten!

Dag 41 zaterdag 7 maart 2015: op zee, oefening, 515 km

Vandaag was een rustig dagje. We beginnen onderhand te verlangen naar verandering – dit weekje op zee blijkt toch redelijk langzaam te gaan. Dat kan te maken hebben met het feit dat we naar de 9e maart toeleven omdat we weten dat we dan in of in ieder geval voor Shanghai moeten komen, en dus te veel aan het aftellen zijn. Misschien ook met het feit dat we hier minder aanspraak hebben dan op de Columba; er is minder leven in de eetzaal, er zijn geen andere passagiers, maar ook is het zo dat op de Columba op zee als er rust en routine was, alle officieren vaak tegelijk kwamen eten. En al praatte je niet direct tegen ze, er was toch leven in de eetzaal. Plus daar waren er zeker 8-10 officieren, 2 cadets en 4 Chinese officieren dus als iedereen er was dan zat de eetzaal lekker vol. Verder is onze kamer en eigenlijk heel het schip wat kleiner en donkerder – ramen zijn kleiner, plafonds lager, ruimtes donkerder… De Chief Engineer (onze buurman) vroeg vandaag aan de lunch hoe het met de temperatuur in de kamer was; hij had opdracht gegeven om een heel klein beetje te gaan verwarmen. Hij kan namelijk niet hebben dat iedereen op het schip zijn airco dichtzet, dan komt er veels te veel druk op het systeem te staan en worden die paar ruimtes die nog openstaan weggeblazen…

Het is in ieder geval zaterdag vandaag dus dat betekent een yoghurtje bij het ontbijt en een oefening om 15:30… We zijn vandaag, zoals meestal eigenlijk, na het ontbijt en na de lunch even naar de brug geweest om te kijken en even uit te waaien. We varen tussen China en Taiwan in en hebben regelmatig bereik met onze mobiels, en krijgen dan ook af en toe een smsje binnen, al dan niet eentje die na een paar uur of dagen opnieuw aangeboden was omdat we de eerste keer geen bereik hadden. Het was vandaag koud met zo’n 16 graden, grijs en heiig; ongelofelijk eigenlijk hoe snel het weer omgeslagen is! En het woei hard, de zee was weliswaar nog vlak maar wel erg ruw. We vinden het zo jammer dat de windmeter kapot is, want we denken dat er vandaag toch ook weer zeker windkracht 6-7 moest zijn geweest, met golven die zeker 2 meter hoog waren.

De lunch was een beetje apart; een lekkere soep, dat kan de kok echt goed, en als hoofdgerecht een melige bal gehakt, groter dan ik ooit gehad heb, in een sausje die leek op lente-uitjessoep maar met een citroensmaakje eraan. Het ging op zich wel (we verlagen onze standaarden…) maar liefst niet te vaak!

Om 15:20 hebben we alvast onze spullen gepakt voor de oefening: helm, zwemvest en grote zware plunjezak vol neopreen thermo-overlevingspak. Voor het eerst sinds de Middellandse Zee dat we weer onze winterjassen aandoen trouwens! En we besloten maar alvast naar beneden te gaan naar buiten naar dek A, dat zou waarschijnlijk iedereen wel doen. Dat klopte, we waren zeker niet de eerste, er stonden al een paar mannen, en het kleine buitendek druppelde al gauw vol! Iedereen droeg zijn oranje ketelpak en helm, en had zijn zwemvest en overlevingspak bij; het ketelpak van de messman was smetteloos schoon, en die van de kok had hij duidelijk gekregen toen hij iets slanker was, het zat namelijk heel erg strak rond het midden...

Het kleine buitendek heeft op de grond geschilderd waar wie moet gaan staan, en er hangt een basketbalnetje. Ook is er een hoog net gespannen rond het balkon, en we konden maar niet bedenken waarom. Nu opeens klikte het; dat was het basketbalveldje, om te voorkomen dat de bal in zee viel! Op de muren van de woontoren waren allemaal bal-afdrukken. De grond was namelijk zwart en vet van de roet en smeer, en de bal dus ook… En zo te zien wordt er in ieder geval iedere zaterdagmiddag even een paar minuten gebasketbald terwijl men wacht tot de oefening begint! De Chief Officer, de derde officier en de messman deden allemaal hun werkhandschoenen aan en gingen een beetje basketballen met de zwarte, vette bal, en als hij af en toe richting de andere mannen schoot gaven die hem een schop terug maar raakte hem niet aan – te vies voor woorden! Maar leuk om te zien.

Pas toen iedereen er al lang en breed stond ging het alarm af en kondigde de kapitein over de speakers aan dat het een oefening was. Toen kwamen de officieren in actie en ging iedereen braaf in het vierkant op zijn plek staan; de kok siste naar ons dat onze plek bij hem en de messman was. Er werd gezegd dat het een evacuatieoefening was en na een kort praatje moesten we allemaal naar boven naar dek C waar de ingang naar de reddingsboot was, en verzamelde iedereen zich daar. Je kon echt zien aan de mannen dat het het verplichte zaterdagmiddagnummertje was, die ze moesten uitzitten, maar ach, je hoeft tenslotte ook even niet te werken… De Chief Officer deed wat mensen naar voren roepen en overhoren over hun taken bij de reddingsboot, en vroeg toen of er nog vragen waren. Net zoals in een klas deed iedereen zorgvuldig kijken zonder oogcontact te maken in de hoop dat ze niet naar voren geroepen zouden worden. Maar op zich was er een prima sfeer, men was erg relaxed en konden Hans zijn vraag over wie hem zou dragen als hij door de spanning flauwviel ook zeker waarderen. Er werd lachend maar serieus op ingegaan en gewezen naar de erg kleine maar gedrongen Filippijnse 2e officier (die ook de medische ondersteuning is aan boord); die knikte en beloofde te gaan bodybuilding zodat hij eigenhandig Hans zou kunnen dragen!

Toen moest iedereen weer naar beneden naar A dek, en legde de Chief Officer aan ons uit dat ze nu een gesimuleerde brandoefening gingen doen in een van de kantoren die aan het upper dek grensde, en we welkom waren om te blijven kijken als we wilde. Dat was dezelfde man die precies een week geleden ons zo’n beetje wegjoeg zodra we niet meer nodig waren! Ach ja… Via de buitentrappen zijn we naar het upper dek gegaan (hier zit tussen A en upper nog de “poop” dek waar de kantoren en zo zich bevinden), en de brandoefening begon. Vanwege de snelheid (???) liepen de brandweerlieden niet in volledige kleding maar alleen met masker om de nek en zuurstoffles op de rug. We snapte daar niet helemaal het nut van, ons leek dat je juist moet trainen om snel en vooral goed je brandweerkleding aan te trekken; dat kost tenslotte kostbare tijd! De brandweerlieden liepen op de brandhaard af, en ondertussen stonden een paar blussers klaar en hadden zich schrap gezet met de brandslang op zee gericht om het blussen te simuleren. Hans en ik wachtten af tot ze gingen spuiten, maar opeens was de oefening voorbij en werd de slang weer opgerold. Dus ze hadden gesimuleerd dat ze het spuiten simuleerde… Dan kun je de lege slang net zo goed op de brandhaard richten lijkt ons, in plaats van overboord waar het nat genoeg is!

Toen kwam het laatste onderdeel van de oefening van vandaag, de SOPEP; over het beheersen van olielekkages aan boord. Het deurtje van het SOPEP hok, waar alle spullen bewaard werden die standaard voor het tanken gebruikt worden en in noodgevallen om op te ruimen, werd open gedaan en er werd wat in gerommeld en een hele tijd gebeurde er niks. De mannen stonden ondertussen een beetje onderling te kletsen en grapjes te maken; lekker eventjes niet hoeven werken! Toen werd men geroepen om in het SOPEP hokje te komen kijken en propte een flinke hoeveelheid mannen zich in het piepkleine hokje… Het leek wel een oefening hoeveel man ze in een ruimte konden krijgen!

Na het SOPEP-praatje (Hans en ik moesten ook even kijken en naar het praatje van de 2e Engineer luisteren) ging iedereen naar binnen naar de conferentiezaal voor de nabespreking. De officieren gingen aan tafel zitten (wij moesten dat ook), de Filippijnse bemanningsleden gingen op de grond zitten en deden gelijk de trommel met zoute krakers onderling rondgeven, en de Roemenen bleven bij elkaar staan. Er waren wat huishoudelijke mededelingen; zo was er een dringende oproep van de 2e Engineer dat de gootsteen in de keuken nu al voor de tweede keer deze week verstopt geraakt met rijst, doe alsjeblieft je eten bij het afval gooien en niet door de gootsteen spoelen, we hebben niet voor niets een afwasmachine!!! En er was een ongelukje gebeurd in Vietnam met een stuwadoor die teenslippers droeg en zijn teen gestoten had; veiligheid is het paradepaardje van de 3e officier, en hij begon een ellenlang stuk uit de reglementen voor te lezen hoe met veiligheid op de werkplaats omgegaan moest worden. Hans en ik zagen dat niemand, inclusief de officieren, ook maar een woord opnam van wat hij zei! De Chief Officer zat zelfs zo erg te dromen dat toen de derde op een gegeven moment zijn papieren schudde hij opschrikte en al riep “bedankt, dat was alles?” – nee, helaas, er kwam nog een stuk…

Een half uurtje na het officiële startschot van de oefening was het afgelopen en kon iedereen weer opstappen; Hans en ik vragen ons erg af hoe nuttig zo’n “verplicht nummertje” nu eigenlijk is. En heel erg veilig voelen we ons er niet echt door! Maar goed, iedereen zal wel zo doordrongen zijn van zijn taken dat er in een noodgeval goed ingegrepen wordt – hopen we… We hebben onderweg naar boven onze zwemvesten en overlevingspakken opgehaald en moesten die nog even voor onze kamer buiten laten liggen voor we ze konden opbergen want de derde officier wilde nog iets checken bij iedereen. Volgende week weer!

Na het avondeten zijn we nog even naar het pilotdek gegaan om uit te waaien – dat was zo gebeurd, het woei hard… En daarna door naar de brug om even te kijken. ‘S avonds om 21 uur zijn we nog een keertje geweest, in de hoop om sterren te zien maar het was zo heiig dat we alleen lichtjes van vissersboten zagen! Toen we naar bed gingen was de beweging van het schip niet meer alsof je in een trein zat maar alsof je constant licht heen en weer geschud werd op een zeef. Plat op bed op de matras was dat een beetje een vreemde gewaarwording, alsof we een vibrerende matras hadden!

Dag 42 zondag 8 maart 2015: op zee, 385 km

We hebben een onrustige nacht gehad met heel veel dromen, ook omdat het schip onrustig bewoog. Dat gaan nog wennen worden thuis, een matras die niet beweegt! Toen we opstonden leek het alsof het geregend had, en later op de ochtend ging het weer regenen. Het heeft heel de dag geregend en werd vandaag niet warmer als 11 graden, maar er was wel minder wind en de zee was rustiger dan gisteren. Het was dus af en toe best lekker om even buiten te staan.

Bij het ontbijt kregen we pannenkoeken; dat krijgen we schijnbaar iedere zondag. Lekker! Zo heel af en toe nemen we een spiegeleitje (lekker vers gebakken in plaats van koud uit een schaal) maar meestal eten we brood voor het ontbijt. We slaan de messman’ en de kok’s aanbod voor gebakken worstjes, spek, chorizo of andere slechtigheid iedere ochtend dapper af (een enkele keer pikken we onderweg naar boven wel even uit de schaal bij de bemanningseetzaal een klein stukje spek of uitgebakken chorizo). Maar op zondag doen we graag mee met de pannenkoeken! Er staat trouwens in de bijkeuken/spoelkeuken, die tussen de echte keuken en de twee eetzalen ligt, een koelkast. Toen we een tijdje terug een praatje maakte met ze, deden de kok en de messman ons erop wijzen en zeiden dat we ten alle tijden daar eten uit mochten pakken. Er staat ook altijd een pak brood in de bijkeuken en in de eetzalen, en het broodbeleg behalve de meeste verse dingen blijven gewoon staan op tafel. De verse dingen zoals kaas en vleeswaren liggen dan onder andere in die koelkast. Je merkt ook wel dat deze keuken meer een binnenloopkeuken is dan op het andere schip – al wordt de messman nog altijd een beetje nerveus als wij de keuken in komen! Hij wacht ons vaak al in de deuropening op als we proberen ons bord mee de keuken in te nemen, en soms doet hij het bord al wegpakken als we net klaar zijn met eten, om te voorkomen dat de gênante situatie zou kunnen ontstaan dat wij zelf ons bord naar de keuken zouden kunnen brengen… We kunnen er wel om lachen en het wordt een beetje een sport!

Na het ontbijt zijn we weer naar de brug gegaan. We neuzen altijd een beetje rond, vooral bij de kaartentafel hangen of liggen vaak briefjes met nieuws. Er is daar ook een soort van telex die nieuwsberichtjes doorgeeft, zoals de nieuwe coördinaten van een verplaatst baken, of een ongeluk op zee met vermisten en de vraag om ogen open te houden. Altijd wel wat te lezen dus! Vandaag zagen we een email liggen voor de voorbereiding voor Shanghai, met wat regels en adviezen. Er stond onder andere dat het verboden is om ballastwater dat in de wateren rondom Japan aan boord genomen is, in de omgeving van Shanghai te lozen – vanwege de nucleaire ramp in Fukushima een paar jaar geleden! Toen we buiten stonden zagen we veel kluwen zeewier langs drijven, en zelfs iets wat op een kokosnoot leek – het was te ver weg om het goed te kunnen zien maar het was in ieder geval een ronde bol van het een of ander.

Ik keek rond 10 uur toevallig naar buiten vanuit ons raam en zag twee kleine vogeltjes – zoals we toen voor de kust van Jeddah op dek gezien hadden, zwart-wit met een grote kuif – en ze zaten vlak bij ons raam op het frame. Ik denk dat ze bezig waren insecten te pikken, want ze fladderde af en toe door naar een ander deel of naar de houten vlonders, maar ik heb ze goed kunnen bekijken want ze hadden geen erg in mij!

Met de lunch kregen we ijs toe, dat lijkt ook traditie te zijn op zondag, en om 17 uur werd het op zee druk met vissersbootjes, dus zijn we even naar de brug gegaan om tot het avondeten daar te staan te kijken. We vonden bij de kaartentafel een emailtje van 3 dagen geleden met het schema tot en met Japan; we gaan de eerste keer alleen maar lossen bij Shanghai, en de tweede keer alleen maar laden, we zijn benieuwd wat we dan allemaal wel niet aan boord zullen halen!

De Chief Officer wees op de AIS met de lijst van schepen om ons heen en de radar – die is standaard uitgezoomd tot 50 nautische mijl, ongeveer 90 km – en het schermpje stond zo vol met vissersschepen dat we ons eigen schip in het midden niet eens meer konden zien! Op de radio hoorde we af en toe gesprekken van schepen om ons heen, alsof er twee schepen op het put stonden op elkaar te rammen en te zinken, en af en toe werd er ook naar elkaar toegeroepen dat men de verkeersregels niet wist of zelfs op een gegeven moment, dat ze geen zeemannen waren; dat gaat allemaal in het Engels, zelfs als het Chinezen zijn (behalve als de Chinezen onderling discussiëren), dus wij horen dan Oost-Europese en Chinese stemmen elkaar beleefd verwensen dat ze niet kunnen varen! We hebben een tijdje goed kunnen kijken naar een vissersboot vlakbij ons die net het net aan het binnenhalen waren; met ongeveer 10 man stonden ze op dek te trekken om het ding uit het water te krijgen…

Ik ben in het donker om 19 uur nog even naar boven gegaan om te informeren wat nu precies het plan was; het plan is om middernacht voor anker te gaan bij het ankerpunt, dan om 6 uur morgenochtend naar het loodspunt te varen, ongeveer 2 uur daarvandaan, en dan om 8 uur met loods aan boord aan de 6 uur durende toch richting Shanghai. Daarvan zal maar zo’n 15 km ook echt op de rivier zijn denk ik, die is niet zo lang, maar de anker- en loodspunten liggen erg ver van de kust vandaan. Om 23:30 merkte we dat we flink sneller aan het varen waren; volgens de gps 28-29 km/uur in plaats van de normale “economische” snelheid van 22-23 km/uur. Ik ben dus nog een keertje naar boven gegaan om te informeren. De kapitein zat zelf achter de radar en was niet erg aanspreekbaar dus ik heb er alleen uitgekregen dat we nog wel voor anker gingen vannacht.

Dag 43 maandag 9 maart 2015: op zee, voor anker Shanghai, 0 km

We hebben een hele onrustige nacht gehad; we waren laat naar bed gegaan, rond middernacht, en we kwamen om ongeveer 1:15 aan bij het ankerpunt. De eerste twee uur daarna hebben we redelijk ruw liggen dobberen, met om de zoveel minuten een flinke klap die het schip echt deed schudden als er (denk ik) een golf tegen de boeg sloeg. Ik werd dus constant wakker; Hans heeft het eerste uur nog wel kunnen slapen en is pas om 2:30 van de klappen wakker geworden. We hebben even naar buiten gekeken en lagen omringd door andere schepen, met het dek van ons schip fel verlicht voor de zichtbaarheid. In de loop van de nacht werd het gelukkiger rustiger, al ben ik om 6 uur nog een keer wakker geworden. We lagen nog voor anker, motor uit, dus het leek er al niet op dat we de planning van gisteravond gingen halen! Dat is ook eigenlijk alleen in Westerse landen en landen als Zuid-Korea en Japan, en zelfs daar weet je het pas zeker als je aan de kade ligt. In de rest van de wereld, is ons wel duidelijk, is het altijd maar afwachten en kunnen afspraken zonder reden veranderen.

De Chief Officier bevestigde aan het ontbijt ook al ongevraagd dat het onduidelijk was wanneer we naar het loodspunt konden gaan. De 3e officier was na het ontbijt op de brug al wel vast bezig met de voorbereidingen voor de loods: bepaalde papieren en specificaties over het schip moeten klaarliggen ter inzage van de loods, en er moet doorgegeven worden aan de bemanning hoe een loods verwacht aan boord te komen. Zo kwam de loods buiten Ho Chi Minh City aan boord via een touwladder, die moest dus klaargelegd worden zodat er zo min mogelijk tijd verspild wordt. Hij zei dat het nu 10 uur geworden was, maar met een blik van “zien geloven is doen geloven”… Het was in ieder geval vanochtend mooi weer, zelfs met een zonnetje, en niet zo heel koud.

Wij zijn om kwart voor 10 nog even naar buiten op dek gaan wandelen; om even een luchtje te scheppen maar ook om iemand te zoeken die ons een tube lijm zou kunnen lenen. Mijn ene schoen is namelijk gebarsten in de zool, waardoor ieder druppeltje water gelijk mijn schoen in komt. En de schoen van Hans is bij de neus een beetje gebarsten. Ze moeten nog een paar maanden mee en kunnen dan pas weg! Buiten vonden we niemand want duidelijk had men vandaag een vroege koffiepauze, en Hans heeft nog even in de werkplaats gekeken maar vond zo gauw niets; terug binnen kwamen we de 2e Engineer tegen, en toen we het hem vroegen ging hij gelijk een flesje Locktite halen, dat leek hem wel sterk genoeg voor schoenen. Mooi zo! Terug op de kamer hebben we gelijk de schoenen gerepareerd, nu hopen dat het houdt!

Uiteindelijk zijn we inderdaad niet vertrokken om 10 uur. Heel de dag was er geen nieuws, en op een gegeven moment kwam het bericht weer dat we morgenochtend om 8 uur de loods zouden krijgen. Dat hebben we al eens meer gehoord! Hans en ik verbazen ons er steeds over hoe gemakkelijk die schepen moeten wachten – we zijn nu ook omringd door schepen die hier net als wij liggen of zelfs langer – wat een geld moet dat toch allemaal kosten… Een van de officieren had ons een paar dagen geleden verteld dat ze de vorige keer hier wel 3 dagen voor anker gelegen hebben. Ongelofelijk! Het zou weleens kunnen dat wij daar ook in de buurt van gaan komen…

We zijn een paar keer naar de brug geweest vandaag, kijken naar de schepen om ons heen en even uitwaaien. Er liggen tientallen schepen om ons heen net als wij te wachten, en dat zijn alleen de schepen die we met het blote oog in onze directe omgeving kunnen zien. Er ligt ook van alles; bulktransporten, containerschepen, schepen zoals wij met eigen kranen erop, zelfs vlakbij een schip helemaal volgeladen met boomstammen.

Dag 44 dinsdag 10 maart 2015: op zee, voor anker Shanghai, 71 km

Vanochtend waren we nog altijd niet onderweg, en er was weer geen concreet nieuws over een nieuwe afspraak; ongelofelijk! Het schip had vannacht weer flink gerold en gebonkt, dus het was weer een slechte nacht geweest voor ons qua slapen, en vandaag ging het gerol en gebonk stevig door. We rolden ‘s ochtends regelmatig ongeveer 6 graden heen en weer.

Met de lunch was de derde officier spraakzaam en vertelde dat hij persoonlijk eigenlijk wel blij was met het oponthoud; ze hadden te horen gekregen dat de Chinezen een algehele inspectie wilden houden van het schip, dus veiligheid en of alles in orde is en zo, en normaal moet dat twee weken van te voren aangekondigd worden, maar nu was het dus een dag voor geplande aankomst aangekondigd! Maar ja, we lagen nu al anderhalve dag op zee dus nog geen inspectie… Met ieder uurtje oponthoud heeft hij dus wat meer tijd om alles te checken en eventueel bij te werken; hij had bijna niet geslapen, vertelde hij, van al het werk en de stress!

We zagen dat de derde officier iets aparts op zijn bord had naast de rijst en ragout (Hans was zo snel geweest om gelijk aan de messman te vragen of wij ook rijst konden krijgen, eigenlijk hadden we polenta moeten krijgen…). Na het eten zijn we even de spoelkeuken ingestapt om dag te zeggen en daarna nog even de inmiddels verlaten bemanningseetzaal in, om te kijken wat het was. Er stond een bord met kleine ansjovisachtige visjes. De kok kwam gelijk meekijken door het keukenluik en legde uit dat het gedroogde visjes waren in een zoet-heet sausje; vooral als smaakmaker lekker bij je maaltijd, of als borrelhapje met bier. Ze waren redelijk pittig en erg zout, maar inderdaad erg lekker!

Na de lunch werd het rollen steeds erger, en gingen we op een gegeven moment rond de 10 graden heen en weer, waardoor spullen op tafel gingen schuiven. Het is een vreemde gewaarwording; het schip rolt voornamelijk van links naar rechts (maar ook tegelijk in mindere mate van voor naar achter) met gemiddeld 6 graden tot over de 10 graden, en uitschieters naar 12-13. De kamer om je heen staat stil alleen de losse dingen bewegen dus. Je ziet de jassen op de kapstok heen en weer schuiven. Of in de eetzaal, je ziet de soep heen en weer klotsen of de kalender van links naar rechts zwaaien. Apart! Overal in onze kamer (en door heel het schip) liggen antislip matjes onder spullen om te voorkomen dat ze teveel gaan schuiven, meestal werken die perfect, maar als je over de 12-13 graden gaat dan gaan dingen zonder een laag zwaartepunt toch ook wel overhellen.

Bij meer dan 9 graden ging Hans zijn zakmes over de salontafel schuiven, en bij meer dan 12 vloog hij er vanaf ondanks dat er een richeltje is; we hebben op de mobiel een waterpas-app en dat is best grappig om naar te kijken! Ook het lopen wordt opeens lastiger; je loopt constant bergop en dan weer bergaf, of je loopt in een schuine lijn terwijl je in een rechte lijn wil lopen… Hans vloog op een gegeven moment zelfs zo de slaapkamer in en het bed op! (kwam wel goed uit want hij wilde een dutje gaan doen, maar toch…) We liggen voor anker maar je zou denken dat we aan het varen zijn, want ondertussen krijgt de romp regelmatig een klap van de golven dat heel de woontoren ervan trilt; het klinkt vaak echt alsof er iets tegen het schip aangevaren is, en soms voel je zelfs nog naschokken. Het zijn echt zulke harde klappen dat je je niet kunt voorstellen dat het alleen maar water is en dat er geen schade aan de romp is aangericht… We zeggen normaal gezien bij een klap van een golf meestal dat we een boom geraakt hebben, en ook weleens dat we over een drempel heen varen. Hier leek het meer alsof we gelijk de betonnen paaltjes ook meepakte!

Toch is het geen slecht weer; het is redelijk rustig buiten, het waait wel maar niet extreem, het zonnetje schijnt regelmatig en het is vandaag zelfs maar 5 graden koud. Lekker winters weer dus. Alleen die golven zijn zo groot! Ook is er hier een sterkte stroming; op de brug heeft de “routeplanner” ook een broodkruimelfunctie (alles wordt tenslotte ook in de “zwarte doos” geregistreerd) en daarop zie je nu goed dat we in de loop van een dag een paar keer heen en weer drijven in een halve cirkel rond ons anker. De schepen om ons heen doen dat ook, dus ‘s ochtends ligt een vrachtschip vol boomstammen rechts van ons, en ‘s middags links van ons.

Op een gegeven moment krijgen we een paar zware rollers te verduren dat we zeker 15-16 graden heen en weer helde, en alles ging schuiven – Hans en ik moesten alles veiligstellen wat nog niet gevallen was, of dingen alvast voor de zekerheid op de grond leggen zodat ze niet alsnog konden vallen. De prullenbak ging door de kamer zwerven en zelfs de stoelen verschoven. En een keertje kregen we zelfs 26 graden te verduren, pfffff! Toen vlogen we haast door de kamer. We hebben er gelukkig lichamelijk geen last van dat we zeeziek worden of zo, maar van mij mag het iets minder, het is de eerste keer wel grappig maar als het te lang duurt is het vooral heel veel gedoe! Op de brug was het een spectaculair gezicht om met al die ramen naar buiten te kijken en dan weer de ene kant, dan weer de andere kant richting de zee te zien gaan…

De Chief Officer had rond 16 uur een positief voorgevoel dat we om 19:30 zouden vertrekken. Hij moest om 19 uur bellen om te checken, en zijn gevoel was vooral gebaseerd op het feit dat als ze je zo lang laten wachten ze je uiteindelijk ‘s nachts binnenlaten... Wij waren na het eten naar de brug gegaan waar hij en de 2e officier wacht stonden, en hebben zo lang staan kletsen over reizen en zo, dat het opeens 19 uur was! Terwijl de Chief Officer ging bellen naar de kustwacht ging Hans alvast koffie zetten; inderdaad, om 21:30 bij het loodspunt zijn, betekende 19:30 vertrek, dus toen de Chief Officer neerlegde kon hij gelijk via de interne telefoon de machinekamer en de kapitein bellen dat we om 19:30 moesten gaan varen. Mooi zo!

Inderdaad vertrokken we netjes op tijd – iets later dan 19:30, maar dat was omdat het anker nog opgehaald moest worden en die tijd zit in de 2 uur vaartijd inbegrepen… Het had voor Hans en mij nog niet zo veel zin om naar de brug te gaan, want we waren nog tientallen kilometers van de kust vandaan, en totaal 135 km van de haven vandaan; daarom dat het dus nog 8,5 uur varen was: alleen de laatste 2-3 uur is op de rivier zelf. Dus wij hebben op ons gemak koffie gedronken en gecomputerd tot een uur of 23, met de gps aan zodat we de voortgang een beetje konden volgen. We waren om 23 uur nog behoorlijk ver van de kust vandaan maar vielen om van de slaap en ik had uitgerekend dat we ongeveer om 4 uur morgenochtend pas zouden aankomen, dus dat gingen we niet redden.

We zijn nog even naar de brug gegaan om te kijken, maar er was niet heel veel te zien. Alleen de kapitein deed mij laten schrikken want in het donker stond hij zonder dat we het gemerkt hadden opeens achter ons en begon plotseling te praten! Hij schrok er haast even hard van dat ik zo schrok… Hij vertelde ons dat als we aankwamen en de douane aan boord kwam, hij ons wakker zou moeten bellen voor een “face-check”. Letterlijk, om je in de ogen te kunnen kijken met paspoort erbij… Dat zou ergens rond 4:30 zijn. Pfffff! Ze doen dus niet alleen in Singapore aan die onzin… We zijn dus gauw naar bed gegaan want het zou een kort en gebroken nachtje worden!

free counters