Dag 120-122 zondag 24 - dinsdag 26 mei 2015: op zee, voor anker

Dag 120 zondag 24 mei 2015: op zee, onderzeëer, 498 km

Vanochtend bij het ontbijt hadden we weer de kok’s klassieke dikke pannenkoeken. Wat zal het toch lekker zijn om thuis weer zelf te kunnen koken! Hans heeft al een paar slechte nachten achter de rug en heeft na het ontbijt noodgedwongen een dutje gedaan, het is nu de laatste dagen ook weer erg warm in de woontoren want ze hebben door het koelere weer de airco uitgezet, en dan is het erg moeilijk om de luchttemperatuur te regelen om de een of andere reden. Omdat hij zo slecht slaapt staat hij soms even op om naar buiten te kijken, en vanochtend vroeg spotte hij een geel “Dole” containerschip (Hans dacht bananen, ik dacht ananas in blik, in ieder geval is het een fruitmerk), en een schip waarvan hij eerst dacht dat het een wrak was maar later zag dat het zo hoorde.

Om 10 uur zijn wij koffie gaan drinken in de blue bar; de Belg zit daar graag te lezen en te zonnen, en sinds hij ontdekt heeft dat er zondags koffie met slagroom is (de whiskey moet hij niets van hebben) blijft hij ook mee koffiedrinken. Het was een luie zondagkoffie en de kapitein en 2e Engineer waren een beetje moe, dus we bleven met zijn vijven plakken tot 11:45 en toen konden we eigenlijk min of meer gelijk door naar de lunch, via onze kamer om nog even naar de wc te gaan en de helmen te pakken zodat we na de lunch even een wandeling konden doen. Met de lunch kregen we eigenlijk voor het eerst in tijden weer redelijk lekker en bovendien Westers-aandoend ijs toe. Niet meer het chemische spul uit Zuid-Korea of die eerste lading korrelig spul uit Amerika, maar gewoon normaal lekker saai vanilleijs…

Het is erg wennen aan de nieuwe inrichting van het dek! We kijken nu natuurlijk al zo lang tegen een bijna vol dek aan, dat het een heel ander zicht is om al die ruimte te zien vlak tegen de woontoren aan bijvoorbeeld. Tegelijkertijd zijn doorkijkjes veranderd, op het eerste ruim staan nu de grote 40-voet containers boven ons uit te torenen, het ziet er anders uit en het is zelfs een heel klein beetje desoriënterend – de trap naar het poopdek tegen de woontoren aan lijkt zelfs iets verplaatst, omdat je zo gewend bent om om dingen heen te moeten lopen om er te komen!

Terwijl we op dek liepen zagen en voelde we goed wat de kapitein bedoeld had met dat het schip “als een speedboot” van voren omhoog helde. De bulge lag ook veel hoger in het water dan anders – bijna helemaal vrij. We hebben weleens schepen gezien die zo vreemd schuin in het water lagen (met name in China), en ik dacht dat die gewoon een beetje onhandig geladen waren, maar nu snap ik beter hoe het zit. We hebben bijna geen zware vracht meer, namelijk – alle staal en koolstof-electroden uit China is gelost, net als de autoclaven en de gietmallen en al de andere zware kratten en dozen – en daarvoor in de plaats is er bijna geen zware vracht bijgekomen. De helikopters zijn veel geld waard, en leveren voor de rederij veel geld op, maar wegen natuurlijk bijna niets.

Ook begrepen we van de Chief Engineer dat we bijna leeg zijn wat brandstof betreft; want het grote bunkeren vindt in Antwerpen plaats, en daarvoor moeten de brandstoftanks leeg zijn zodat ze voorbereid kunnen worden op de nieuwe brandstof. Er wordt in Antwerpen zeker 1000 ton brandstof gebunkerd, en volgens de kapitein en Chief Engineer hebben we nu letterlijk precies genoeg brandstof over om het tot Antwerpen te redden… OMG, Hans en ik krijgen al flashbacks van het nog op de benzinedampen het benzinestation inrollen in Australië… De kapitein zei lachend dat hij natuurlijk wel wilde voorkomen dat we op zee stil kwamen te liggen, maar hij moest het wel scherp inschatten zodat we met zo weinig mogelijk brandstof Antwerpen zouden bereiken. Dus zelfs al vullen ze de ballasttanks volledig, mij lijkt dat dat het gebrek aan zware vracht en “bijna geen” brandstof niet volledig kan compenseren.

We hebben lekker uitgewaaid op de boeg en zijn toen weer terug naar binnen gegaan, waar we het raam opengezet hebben voor wat frisse lucht (het was nog steeds erg warm in de kamer) en rond 14 uur een ander voedsel-containerschip langs zagen varen: een witte “Del Monte” dit keer.

Om 16 uur stormde de Belg opeens de gang op, “onderzeëer, onderzeëer, kom gauw ik moest jullie komen halen van de kapitein”! He, wat? We wisten niet zeker of we het wel goed verstaan hadden, maar inderdaad, er was een onderzeëer gespot! Dus we vlogen naar de brug waar de Canadees ook al stond te kijken; en in de verte, redelijk snel van ons vandaan varend, was inderdaad een heuse onderzeëer, bijna helemaal onderwater alleen de toren en een soort staartvin (?) waren zichtbaar. Maar duidelijk herkenbaar! Wow, da’s pas stoer… We hadden nog nooit een echte varende onderzeëer gezien! We waren ter hoogte van Norfolk, die kwam dus de haven uit toen wij passeerde. Wat een geluk! De kapitein vertelde dat hij hem als eerste op de radar gezien had als stip, en toen pas ook daadwerkelijk buiten op zee; maar omdat hij uit de richting van de haven kwam konden we ons eigenlijk niet voorstellen dat hij eerst onder water was geweest. We hebben er zeker tien minuten gestaan tot hij bijna uit het zicht was, en moesten het later nog een paar keer tegen elkaar herhalen, dit was echt stoer!

Savonds zijn we weer eens gaan tafeltennissen; het is al weer een tijdje geleden maar de kapitein en de 2e Engineer hintte er al heel de dag naar, het was weer eens tijd! Het was druk, met alle Roemenen; de 2e Engineer, de kapitein, de beide timmermannen, de 2e Officer en zelfs de Letse Chief Engineer kwam op gegeven moment even kijken. De Belg bleef het eerste uur nog stoďcijns zitten lezen in zijn vaste hoekje, het was duidelijk een spannend boek want af en toe vloog een balletje zijn kant op maar hij keek niet op of om. Rond 20 uur werd heel de lucht rood van een prachtige zonsondergang, waarbij de zon echt een vuurbal leek, en het tafeltennissen was gewoon als vanouds weer erg gezellig en lachen. Hans heeft niet getafeltennist en alleen toegekeken, om zijn voet een avondje rust te geven: de jicht lijkt op zich voorbij maar hij voelt nog van alles en wil ze niet verder overbelasten. Hij vond dat overigens wel jammer want hij had best mee willen spelen! Na het spelen, toen we gedoucht hadden en naar bed gingen was het nog altijd erg warm op de kamer, rond de 25 graden. Dit ging weer eens een nachtje afzien worden!

Dag 121 maandag 25 mei 2015: voor anker Morehead City, roggen + haaien, 127 km

Het was vannacht snikheet geweest en we hebben dus ook heel erg slecht geslapen. Hans had al het raam in de slaapkamer op een kier maar heeft op gegeven moment het raam in de woonkamer wagenwijd opengezet om een beetje tocht te creeeren; daardoor hebben we nu allebei hele stijve nekken, maar het hielp gelukkig een heel klein beetje. Vanochtend toen we opstonden was het 27 graden in de kamer! Dat is steeds een doffe ellende als ze in het tussenin-gebied zitten tussen airco en verwarming, wat ons betreft is het nooit lekker geregeld. Nu is het ook wel moeilijk om een goede binnentemperatuur te vinden waar iedereen mee kan leven, want de Filippijnen willen het liefst 25 graden, wij Noord Europeanen het liefst 20, en de Roemenen het liefst 22… Maar wij waren vanochtend in ieder geval goed brak, zeker Hans die echt geen oog dicht gedaan heeft, en hebben de ramen wagenwijd open gezet om een beetje frisse lucht binnen te krijgen.

We voeren op ons gemak, er was geen haast we waren al redelijk in de buurt van Morehead City. Sochtends na het ontbijt zijn we even naar de brug gegaan om uit te waaien en op te frissen, en waren de twee timmermannen al druk bezig het loodstafeltje te repareren; dat moet toch een flinke klap zijn geweest toen de loods er tegen aan liep! Hij zal er zelf ook wel een blauwe plek aan overgehouden hebben…

Het is maandag dus we hebben op onze kamer koffie gedronken, en ik heb een broodnodig dutje gedaan! Met de lunch smeekte Hans de Chief Engineer om de airco aan te zetten, maar het bleek dat hij dat al gedaan had, gelukkig! Tijdens de lunch was de 3e Officer er ook, en hij vertelde stoere verhalen van toen hij nog een onverantwoordelijke gewone zeeman was – meestal met betrekking tot nog een beetje dronken en/of moe zijn en op de verkeerde momenten in slaap vallen… Zoals toen hij kraanmachinist was en een vlonder tegen de kraan ernaast moest houden zodat de schilders erop konden staan en zo de andere kraan schilderen. Het was warm in de cabine en hij was erg moe en moest alleen maar zitten wachten tot de schilders klaar waren, en de batterij van zijn radio was bijna leeg, dus hij deed de radio even uitzetten en “even” zijn ogen dicht. Toen hij wakker werd stonden de schilders boos naar hem te kijken; ze konden namelijk geen kant op als hij ze niet liet zakken, en ze probeerde al een half uur zijn aandacht te trekken want ze konden hem niet bereiken op zijn radio. Oeps! Hij heeft ze laten zakken en is maar wat later naar het avondeten gegaan om zijn maten niet onder ogen te hoeven komen… Volgens de 3e maken dit soort momenten hem nu ook juist een goede officier, want hij kan zich inleven in zijn team en probeert ze ook te ontzien als ze erg moe zijn. Wij moeten vooral lachen om de leuke verhalen!

Na 13 uur zouden we voor anker gaan, en dat hebben we nog niet eerder gezien op dit schip omdat het meestal savonds laat of sochtends vroeg plaatsvond, dus Hans en ik besloten dat gelijk te combineren met onze wandeling; na de lunch rond 12:30 zijn wij alvast naar voren gelopen om een beetje uit te waaien nu het schip nog bewoog, men zou toch pas na 13 uur verschijnen want dan was de pauze afgelopen. We hebben er heerlijk gestaan, het was een lekkere zonnige dag vandaag en we zagen een enkel klein vliegend visje die amper vloog maar gewoon weg sprong voor ons; we waren onderhand al aan het snelheid minderen tenslotte.

Het was ondertussen 13 uur en een stuk of vier Filippijnen inclusief de bosun verschenen bij het bedieningspaneel van het anker; ze hebben het bakboordanker klaar gemaakt om te kunnen laten zakken als de opdracht kwam, maar maakte ook het stuurboordanker gereed als backup. En toen hebben ze zich lekker geďnstalleerd in de stalen kooi tussen de twee ankers in om een beetje te kletsen en te wachten tot de 2e Officer kwam. Hans gaf ze wat zuurtjes, die dankbaar ontvangen werden, en we kletste er af en toe een beetje mee maar hingen zelf ook lekker naar het water te kijken. Opeens zagen we een vorm in het water, die op een speciale manier zwom; HAAI! Er zwom vlak bij de boeg een grote haai net onder het oppervlakte! Hij was zo weer verdwenen, hij zwom in de tegenovergestelde richting dat wij voeren, maar we hebben hem goed kunnen zien!

De 2e Officer kwam erbij, ze deden het anker zakken tot een meter boven het wateroppervlakte, en toen was het weer wachten tot het schip bijna geen snelheid meer had. Ondertussen kwam de 2e bij ons staan kletsen en kijken naar het water. Opeens zagen we iets wat rond leek, we dachten eerst een schildpad maar het bleek een rog te zijn. En kort daarna opeens een tweede haai! Wow! Deze was echt heel duidelijk te zien want het water was inmiddels hartstikke vlak, en hij bleef eventjes bij het schip. De 2e was ook onder de indruk, die had nog nooit een haai gezien; wij vonden het ook geweldig, daar hadden we niet op gerekend op deze reis! We vertelde hem over de haaien die we in de Galapagos gezien hadden, en dat we in een haaienkooi geweest waren in Zuid-Afrika; dat vond hij ook wel erg stoer.

Toen kwam het commando vanuit de brug om het anker te laten zakken; eerst twee “shackels”. De bosun haalde de rem van de ankerketting en met een flink geraas en een wolk roest rolde de ketting af, tot het sein kwam om te stoppen. Twee van de Filippijnen hadden aan de hand van een teken op de ketting of misschien gewoon de schakels geteld ingeschat wat de gewenste lengte was. Toen werd er een tijdje getuurd naar de ankerketting (de 2e en een andere Filippijn hingen over de rand te kijken) die eerst recht onder ons zat en toen langer en schuiner liep, en kwam het commando om nog een “shackel” te doen. Uiteindelijk zijn er vijf “shackels” lengte aan ketting naar beneden gegaan en is er nog een hele tijd gekeken met radiocontact naar de brug totdat precies de gewenste hoek en spanning gevonden was. Waarschijnlijk moesten ze zeker weten dat het anker de bodem goed gepakt had of zo.

Wij zijn weer terug naar de woontoren gewandeld en even naar de brug gegaan om de haaienfoto te laten zien (nadat we de luchttoevoeren in onze kamer weer wagenwijd opengezet hebben en de ramen dicht); de 2e Officer had het al verteld dus de kapitein stond al te lachen “wat hebben jullie nu weer gespot”! Smiddags hebben we een uurtje op pilotdek gezeten en wat mailtjes klaargezet voor als de supercargo er weer was in Morehead City en we even zijn wifi mogen gebruiken. Het zonnetje was net te heet en de schaduw net te fris in de wind dus erg lang hielden we het helaas niet vol… Wel zagen we nog totaal zo’n vier roggen! Rond 15 uur zijn we naar onze kamer gegaan die gelukkig inderdaad al een paar graden afgekoeld was, en heeft Hans zijn film gekeken tot het tijd was voor een stevig dutje. Hij was doodmoe van de slapeloze nachten en heeft tot 17 uur liggen slapen. Lekker!

Savonds toen we iets na 19 uur op pilotdek stonden te kijken naar de laaghangende zon zagen we opeens een hele school roggen vlakbij het schip! Ongelofelijk, het waren er zeker 30! Ik had alleen de telefoon bij want naar het tafeltennissen neem ik meestal geen fototoestel mee, dus heb gauw even twee foto’s gemaakt voor ik naar beneden vloog om het fototoestel te halen – maar toen ik iets later weer boven kwam waren ze weg natuurlijk. Volgens Hans die boven gebleven was waren ze bijna gelijk verdwenen. Het was echt heel bijzonder om te zien, en zo vlakbij het schip! De rest van de avond hebben we met een half oog op het water getafeltennist, en we hadden het er nog een paar keer over wat een bijzonder moment dat was!

Tot een uur of 20 was alleen de 2e Engineer er, in een hele goede bui want het einde van zijn contract komt tastbaar dichterbij – hij gaat in Hamburg van boord, ongeveer een dag varen na Antwerpen, en hij kan natuurlijk onderhand niet wachten om zijn vrouw en kinderen weer te zien. Omdat we maar met zijn drieëen waren heb ik er een tijdje mee gespeeld en gepraat over zijn plannen terwijl Hans buiten ging speuren naar nieuwe beesten… Helaas niets meer gezien! Maar we mogen niet klagen, we zijn vandaag vreselijk verwend. De 2e Engineer zit te overwegen om zich meer te gaan richten op de offshore business in plaats van de vrachtwereld; hij is mecaniciën, tenslotte, en kan op veel plekken terecht. En het begint hem wel een beetje op te breken om 4 maanden op, 4 maanden af te werken; zijn kinderen zijn klein en groeien veel in de tijd dat hij weg is. Plus, als hij thuis is verdient hij niks, dus effectief maakt hij als hij thuis is op wat hij op zee verdiend heeft. En hij wil een huis kopen, en wat opzij zetten voor later, dus dan is dat lastig natuurlijk! Gelukkig is het tegenwoordig met internet wel een stuk makkelijker geworden geestelijk gezien, want je hebt skype, email en whatsapp en kunt dus veel meer in contact blijven dan vroeger. Maar toch. Hij vertelde ook dat sommige tankers, bulkers die chemicaliën vervoerde en dergelijke vloeistoffen en gevaarlijke stoffen transporten niet eens in havens aanleggen; die blijven vaak op zee voor anker liggen waar er speciale aansluitingen zijn op pijpleidingen zodat ze niet een drukbevolkte haven in hoeven. Voor de bemanning kan dat echter dus betekenen dat die vijf maanden geen voet aan land zetten en op zee blijven!

De 2e Engineer vertelde ook hoeveel geluk we hadden met deze kapitein, en dat klopt zeker; hij is erg sociaal, ook naar ons als passagiers toe, en als je met hem overlegt is eigenlijk bijna alles mogelijk. Hij zal het in ieder geval overwegen. We hebben dan ook mede dankzij hem en zijn invloed zo’n mooie reis gehad, want zoals hij zelf weleens zei, een kapitein is een kleine dictator en beďnvloed daarin het hele schip. Deze “dictator” kan ongetwijfeld erg hard zijn als het moet, maar heeft wel hart voor zijn werk en zijn mensen, en is een hele goede gastheer naar zijn passagiers toe. Van wat we die eerste twee weken van Singapore naar Shanghai gezien hebben van de oude kapitein was onze ervaring op dit schip toch wel heel anders geweest als hij aan boord was gebleven; zeker wat betreft de “extraatjes” zoals de kraan besturen, het socialisen met de Roemenen, en het op dek gaan tijdens het laden.

De Belg zit tegenwoordig veel in de blue bar en vertrekt niet eens als wij tafeltennissen – gisteren bleef hij als een standbeeld zitten terwijl de balletjes hem af en toe om de oren vlogen, diep geabsobeerd in zijn boek. Vandaag was hij echter redelijk gauw verdwenen want de muziek die de 2e Engineer opzette was niet naar zijn smaak, te modern!

Dag 122 dinsdag 26 mei 2015: voor anker Morehead City, 0 km

Gisteravond was het al lekker afgekoeld en vanochtend was het zelfs 17 graden toen we opstonden; Hans was dus helemaal blij, hij heeft zelfs redelijk goed geslapen. Alleen erg veel gedroomd, maar ja, je kunt niet alles hebben… Bij het ontbijt stond er een schaal donuts op iedere tafel, nog een beetje warm zelfs; wij denken de diepvriesdonuts die we in Houston aan boord hadden zien komen. Lekker! Het is echt al jaren geleden dat ik een donut op heb dus we genieten er nu lekker van. De kapitein was er ook bij het ontbijt en vertelde dat hij tijdens zijn ochtendwacht springende vissen gezien had; grote beesten van een halve meter lang, hij had ze alleen niet goed gezien omdat hij het uit zijn ooghoek zag en ze ook zo weer verdwenen waren.

Om 8 uur gingen Hans en ik naar buiten om een ommetje te lopen, op zoek naar beesten, en we zagen dat er voorbereiding getroffen werden om de kranen te schilderen: de kraan het verste van de woontoren vandaan was bezig een van de houten vlonders op te pakken, vermoedelijk ging hij die als platform tegen de kraan ernaast houden. Ze waren alleen nog niet zo ver dus wij hebben eerst lekker een tijdje op de boeg gestaan; geen beest te zien, helaas, maar het zonnetje was wel lekker en er was een lekker windje. Wel is het anders als je stilligt – varend is toch leuker en lekkerder.

Toen we klaar waren op de boeg zijn we op de laaddeks geklommen om te kijken naar de schilders, want ze hadden net de vlonder opgetild en tegen de andere kraan gesteund. Nu snapte we nog beter waarom de schilderende collega’s van de 3e Officer toendertijd zo boos waren op hem toen hij in slaap gevallen was, want ze hingen echt midden in de lucht!

Onderweg terug naar de woontoren kwamen we de timmermannen tegen die, zoals altijd na een haven, alles netjes aan het opruimen waren. Met name de kleine timmerman is geknipt voor dat werk, hij houdt echt duidelijk van orde en netheid; alle hijsbanden lagen dus ook keurig opgerold, alle kettingen waren keurig netjes in de stalen bakken gerangschikt zodat je ze er ook zo weer uit kon halen, hij lijkt er zelfs plezier in te hebben. Zijn nieuwe collega is nog altijd wat stil naar ons toe maar dat lijkt ook gewoon zijn karakter te zijn; onaardig is hij niet in ieder geval.

Ik liep door naar de brug om ons terug te melden terwijl Hans naar pilotdek ging om de tuinstoelen te pakken. De 3e Officer had dienst en net op het punt toen ik weg wilde gaan kwam hij een beetje bezorgd naar me toe; mocht hij me iets vragen? Het klonk alsof hij een heel moeilijke intieme vraag ging stellen, maar wat eruit kwam was “heb ik grote voeten in deze schoenen?”!! Hij had schijnbaar al heel de bemanning gevraagd of zijn nieuwe zilveren sneakers niet te groot leken (hij is zelf niet zo heel groot, maar heeft wel redelijk grote voeten, hoewel nog wel in verhouding met zijn lichaam), hij was een beetje bang dat hij een hobbit leek, maar hij wilde zo graag deze schoenen hebben en ze waren wel 150 dollar goedkoper dan op de Filippijnen, alleen ze waren een halve maat groter dan zijn normale schoenen hoewel ze wel gewoon goed zaten… Een hele stortvloed kwam eruit, hij zat er erg mee! Want de 2e Officer had schijnbaar uit zichzelf gezegd dat hij wel grote voeten had zeg, en tja, ze waren wel een halve maat groter dan anders en leken hem zo groot… Ik heb hem echt moeten overtuigen dat hij geen grote voeten heeft – ik legde uit dat zijn oude, zwarte schoenen niet opvallen omdat ze zwart zijn, maar omdat hij nu opeens zilveren schoenen aanheeft zullen ze steeds zijn oog pakken en opvallen en opdat ze zo opvallen lijken ze groter, ze zaten toch goed? Nou dan… Uiteindelijk was hij opgelucht en kon ik naar beneden; dat was dan onze stoere 3e Officer vol mooie verhalen! Lachen…

Op pilotdek hebben we een tijdje staan kijken, en we waren net op het punt om weg te gaan toen we in de verte dezelfde soort grote springende vissen zagen als de kapitein gezien had, leuk! Het was heel onregelmatig, ze kwamen af en toe boven en waren dan ook weer in een tel verdwenen, maar wierpen zich echt met hun hele lijf uit het water. Om 10 uur zijn we naar de koffie gegaan beneden, waar de kapitein bevestigde dat er in Morehead City een nieuwe Chief Officer aan boord kwam. Hij zal wel opgelucht zijn na al die weken! Hij gaf ook toe dat zijn eigen werk eronder begon te lijden, want hij kon gewoon niet meer al zijn taken doen en met name het wachtlopen kostte hem gewoon te veel energie en tijd die hij eigenlijk op dat moment ergens anders aan zou moeten besteden. Toen we het vroegen, legde hij ook uit hoe het precies werkte met het anker laten zakken. Het wordt met name niet gelijk in een keer neergelaten want dan krijg je een grote wirwar op de bodem die zelfs in de knoop kan raken.

Rond 11 uur was de koffie klaar en zijn Hans en ik terug naar pilotdek gegaan om lekker in het zonnetje te zitten, kijken naar de schilderende mannen en natuurlijk ook het water. We zagen een school kleine visjes heel mooi bewegen in het water, en een rogachtig-iets een eindje van het schip vandaan. Aan de derde kraan vanaf de woontoren hing een schilder gezeten op een houten schommelstoeltje in zijn eentje aan de zeekant van de kraan te schilderen, hoog boven het water, en op de vierde kraan waren vijf man druk bezig de horizontale arm te schilderen vanaf hun houten vlonder. Ze klommen er heel gemakkelijk op; die mannen hebben gewoon geen hoogtevrees, ongelofelijk! Rond 11:30 vonden zij het wel genoeg voor de ochtend en zijn ze gaan lunchen, maar de eenzame schilder ging stug door; hij had zijn hulpje die beneden stond boterhammen in een zakje aan een touw laten bevestigen, samen met een flesje drinken, en deed zijn lunch al hangend aan de kraan opeten – het was waarschijnlijk te omslachtig om voor dat uurtje pauze helemaal naar beneden en weer omhoog te gaan! Petje af voor die mannen, wat een werk…

Na de lunch hebben we onszelf weer zo’n twee uurtjes geďnstalleerd op pilotdek, genietend van het koele windje en de warme zon, en Hans spotte opeens een rog vlakbij het oppervlak en vlakbij het schip! Hij was in een tel weer verdwenen, maar eventjes konden we hem echt goed bekijken! Mooi zeg, we hebben echt zo’n geluk met de beesten hier! Om 17 uur zijn we even naar de boeg gelopen om daar te kijken tot het tijd was om te gaan eten. We zagen bij de ankerketting een school zwart-witte visjes, en in de verte een enkele springende vis die zo’n drie keer boven water kwam. Het avondeten was verrassend lekker; rijst met twee soorten vlees in lekkere Aziatische sauzen; zoetzure koelioek en rundvlees in een licht soyasausje. We merken echt de laatste paar dagen dat de kok veel avontuurlijker is met experimenteren en weer veel lekkerder en smaakvoller eten maakt. Wat ook scheelt is dat we denken we inmiddels van de partij vette, pezige stukken vlees af zijn en dat het nieuwe vlees dat in Amerika aan boord gehaald is van betere (of in ieder geval Westerse) kwaliteit is.

Savonds zijn we nog even buiten gaan kijken op pilotdek; voor visjes natuurlijk, maar mede ook of er misschien getafeltennist werd. Meestal is dat niet het geval de avond voor we een haven in gaan, maar omdat we morgen pas om 9:30 de loods aan boord krijgen had het gekund. Er was in ieder geval niemand rond 19:30, behalve de Belg die zat te lezen in de blue bar en de Canadees die op het bankje buiten zat, te hopen op een mooie zonsondergang. Het was heel de dag zonnig geweest maar nu waren er op de horizon wat regenwolken precies voor de zon geschoven dus dat ging vast niet veel worden!

free counters