“Zu den grossen Wassern”

36 dagen van kust naar kust door Zuid-Amerika

Dag 18: Maandag 30 augustus: Corumbá – Santa Cruz (grensovergang)

Vandaag zou een beetje een lange en saaie dag worden, want het enige dat we zouden doen was de grens met Bolivia oversteken en vliegen van Puerto Suarez naar Santa Cruz... Veel wachten dus. Maar we vonden dat helemaal niet erg en hebben echt intens genoten van onze vrije ochtend! We waren al wel vroeg wakker, en zaten rond half acht al bij het ontbijt, maar daarna hebben we heerlijk de rest van de tijd in onze hotelkamer doorgebracht met nietsdoen, een beetje slapen en een beetje achter de computer zitten. Ik had ook nog even een deel van de bagage herverdeeld, want we gaan weer drie campingnachten tegemoet en moeten vliegen dus dingen zoals het zakmes moeten veilig opgeborgen worden!

Rond twaalf uur werden we opgehaald en eerst nog naar een churrascaria gebracht om te lunchen, om daarna een kijkje te nemen bij het uitzichtpunt over de stad... Dat uitzichtspunt was best wel een apart en voor ons vreemd geheel: je moest een steile berg oprijden waarbij onderweg op verschillende plekken levensgrote (en afzichtelijke) beelden de kruisweg van Jezus weergaven – met heel veel nadruk op het lijden en het bloed natuurlijk. En het hoogtepunt (letterlijk) was dus een mini-versie van het cristusbeeld in Rio de Janeiro bovenop de berg! Brrrrr... Wel grappig allemaal natuurlijk om zo te zien! Tegen de tijd dat we hier uitgekeken waren was het al weer twee uur geweest en tijd om richting de grens te rijden – we zouden een eindje de grens overrijden en dan in het Boliviaanse plaatsje Puerto Suarez op het vliegtuig stappen voor een binnenlandse vlucht naar Santa Cruz, omdat de wegen in dit gedeelte van het land blijkbaar te slecht zijn om veel kilometers te kunnen maken.

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

De grensovergang Brazilië uit en Bolivia in ging verrassend soepel, ondanks dat Heidi nog even een berisping kreeg van een strenge Boliviaanse beambte dat ze niet op een toeristenvisa binnenmocht als tourbegeleider omdat dat werk was... Of ze geld heeft moeten betalen weten we niet, maar dat is blijkbaar hier in Bolivia wel schering en inslag – ze willen overal geld voor. We hebben op straat bij de grenspost onze overgebleven Braziliaanse reales geruild voor Boliviaans geld (eerst wel even onderhandelen over de wisselkoers natuurlijk), en het ritje naar het vliegveld van Puerto Suarez duurde ook niet zo lang. Je kon gelijk bij het oversteken van de grens zien dat de gezichten van de mensen anders waren – meer indiaans qua uiterlijk en ook wel fijner dan we in Brazilië gezien hadden. Hans heeft, helaas voor hem, weinig gemerkt van de Braziliaanse schones want die waren dun gezaaid in de gebieden waar wij waren – juist het tegenovergestelde, we hebben ongekend veel (extreem) dikke dames gezien! Het vliegveld was piepklein en leek van buiten zelfs een beetje afgetrapt alsof er niet meer gevlogen werd, maar dat viel gelukkig wel mee. We hebben hier, omdat de grensovergang zo snel ging, zo’n twee uur op een bankje zitten wachten en genieten van de rustige en bijna lege hal! Toen was het tijd om in te stappen, en konden we tot onze enorme verrassing zo vanuit de entreehal door een kleine lege dutyfree hal (alle vitrines stonden er nog stof te verzamelen) en naar buiten naar het vliegtuig lopen, er werd onderweg alleen een gaatje geprikt in ons (door een matrixprinter geprinte) ticket! Het was natuurlijk een binnenlandse vlucht en die zijn in andere landen vaak een stuk relaxter, maar niettemin heerlijk: niks geen controles, lange wachtrijen, heerlijk wat een rustige bedoeling!

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

In Santa Cruz kwamen we rond zo’n zes uur ’s-avonds aan, en weer konden we zo doorlopen – al is Santa Cruz natuurlijk een veel groter vliegveld, want Santa Cruz is een grote stad die nog altijd explosief doorgroeit! We zijn in drie taxi’s gestapt om naar het hotel te rijden – het oorspronkelijke plan was dat Ralph met de vier nieuwe mensen die deze etappe gaan doen ons zou opwachten met de truck, maar vanwege de drukte op de weg en de stress die dat voor de nieuwe mensen (met een vlucht achter de rug van zo’n 30 uur) zou kunnen opleveren werd besloten dat hij ze buiten het spitsuur om gewoon alvast naar het hotel zou brengen.

Wij hebben dus wél spitsuur in Santa Cruz meegemaakt, wauw! Ten eerste zaten wij in een taxi die oorspronkelijk als linksrijdende tweedehands auto uit Japan kwam, en hier (summier) omgebouwd was tot rechtsrijdende taxi. In de praktijk leek dus alleen maar het stuur overgezet van rechts naar links – heel het dashboard zat nu aan de passagierskant! Maar gelukkig maakte het niet zo veel uit dat de chauffeur dus niets op zijn dashboard kon zien, aangezien toch niets het deed – de snelheidsmeter en de benzinemeter stonden permanent op nul! En gelukkig deden de remmen het verder ook goed... Het spitsuur in Santa Cruz is een avontuur – er lijken sowieso heel weinig verkeersregels te zijn behalve dat men in principe rechts rijdt en dat een rood stoplicht een indicatie is dat het verstandig is om te stoppen: voor de rest lijkt iedereen maar wat te doen op de manier en snelheid waar ze zich fijn bij voelen (of dat nu 10 km/u of 100 km/u is...). En wonderbaarlijk gaat het zo te zien ook vaak wel goed, de chaos op de weg lijkt toch wel een zekere structuur te hebben! We hebben er in ieder geval enorm van genoten, ook de zooi en drukte langs de wegen was leuk – en we kwamen heelhuids aan bij het hotel...

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

We hadden zo’n drie kwartier de tijd om onszelf op de kamer te installeren en toen was het weer tijd om in de lobby te verzamelen, de nieuwe mensen te ontmoeten (een alleen-reizende Duitser en een Belgische (van Duitse afkomst), en een Oostenrijks paar, die elkaar overigens al kennen van eerdere reizen), en in de taxi’s te proppen richting het Argentijnse stijl grillrestaurant... Hans en ik waren de grote lappen vlees onderhand spuugzat (jaja, dat kan!) en besloten voor Tex-Mex te gaan, met lekkere gemarineerde kippenvleugeltjes en fajita’s. We hadden weer een budget (amper 15 euro per persoon), maar daar kun je hier zo te zien koninklijk van eten want dit was duidelijk eens een keer een van de duurdere restaurants (ook het hotel is duur, 4 sterren) maar dat is allemaal relatief: het duurste hoofdgerecht op de kaart was een enorme lap vlees van zeer goede kwaliteit en die kostte net 15 euro omgerekend. Kom daar maar om in Nederland! Al waren we ontzettend blij met ons eten, ze hebben hier toch echt een probleem met porties – we hadden barbecue en hot gemarineerde kippenvleugels besteld zodat we van elkaar konden proeven, maar iedere schaal op zich was een gróót hoofdgerecht voor één persoon... We moesten dan ook halfvolle schalen achterlaten al heeft Hans zijn best gedaan met de kippenvleugels die dan ook erg lekker waren!

Het was erg laat tegen de tijd dat we in het hotel terugkwamen, al tien uur, en we moesten nog douchen! Ik geloof dat we pas tegen elven in bed lagen, uitgeput...

Gisteren Naar boven Naar alle dagen Morgen
free counters