“Zu den grossen Wassern”

36 dagen van kust naar kust door Zuid-Amerika

Dag 21: Donderdag 2 september: Saimapata – Totora [2600 m] (on the road)

Het had vannacht flink geregend... Heerlijk is dat om vanuit je bed te luisteren naar de regen, vooral als je weet dat je anders misschien in een tentje had gelegen! De nieuwelingen hadden in ieder geval een natte nacht achter de rug en hun tenten moesten drijfnat de zakken en de truck in... Het zou een lange dag worden – we hoefde maar zo’n 300 km te overbruggen naar Sucre, maar de wegen waren zodanig slecht dat we daar zeker twee dagen over moesten doen, en in totaal 18-20 uur rijtijd hebben – dus hoe meer kilometers we vandaag maakte hoe beter! Dus om zeven uur had iedereen ontbeten, was heel het kamp (de drie tenten en de keuken) ingepakt en zaten we allemaal in de truck en onderweg.


De bedoeling was vandaag om zo’n 10 uur te rijden en dan ergens onderweg wild te kamperen... Maar het leek erop dat de route die Ralph wilde rijden afgesloten was vanwege wegwerkzaamheden. Hij zou op een gegeven moment een afslag moeten nemen om op die route te komen, en het leek er dus op dat dat niet zou lukken. Omdat de andere route 75 kilometer langer was en onbekend voor Heidi en Ralph wilden ze natuurlijk het allerliefst de bekende weg rijden... Maar je wilt natuurlijk ook niet ergens onderweg stranden en terug moeten, en er zijn blijkbaar niet zo veel (begaanbare) alternatieven in het wegennet in Bolivia! Dus Ralph heeft wel tien keer, als het niet vijftien keer is, gevraagd of de route die hij wilde rijden echt afgesloten was (antwoord iedere keer dat iemand het wist: ja), en hoe lang de andere route zou duren naar Sucre. Het leek misschien een beetje overdreven maar Ralph legde aan ons uit dat je hele directe vragen moet stellen (dus niet; "is de route begaanbaar", maar "is de route afgesloten"), en dat mensen in Bolivia niet zo met de tijd leven als wij: ze hebben vaak geen idee van afstanden én van tijd! We hadden ook al wel zoiets gemerkt: we reden aan het begin van de dag een hele tijd in de mist toen Ralph vroeg aan een vrachtwagenchauffeur uit de andere richting hoe lang rijden het nog was om uit de mist te komen. Volgens de vrachtwagenchauffeur een uur, maar het was nog geeneens een kwartiertje...

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

In ieder geval besloten Ralph en Heidi na vele bevestigingen dat de gewenste route afgesloten was om dus toch maar de nieuwe, onbekende route te rijden. De rit was spectaculair mooi – we reden tussen de 2500 en 3500 meter hoogte op overwegend ongeasfalteerde (maar goede) wegen slingerend tussen oneindige bergketens. Echt schitterend, je krijgt hier het gevoel dat heel de wereld wel met dit soort bergen bedekt moet zijn, zo oneindig lijken ze! De reis is tot nu toe steeds prachtig, gevarieerd en vol bijzondere plekken en activiteiten, maar wordt nu echt meer écht ons soort reis: veel rijden, prachtige landschappen maar natuurlijk ook mooie kleine dingen onderweg... Zoals een zwerm kleine groene papegaaien die naast de weg in de lucht aan het dansen waren en steeds weer landde en opstegen – prachtig! Sowieso zien we hier veel papegaaien en parkieten, ze zijn een beetje zoals thuis de mussen en merels je kunt ze overal vinden!

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Tegen het einde van de dag begonnen Heidi en Ralph te zoeken naar een kampeerplaats, maar we reden door een gebied dat erg bergachtig en bewoond was dus ieder vlak en recht stukje land was wel een veldje of erf van iemand... Dan was er de optie om in een (eenvoudig) hotel te overnachten, maar zó bewoond was deze omgeving nou ook weer niet – alleenstaande familiegroepen, gehuchtjes of kleine dorpjes. In één dorpje, waar we nog een laatste plaspauze hielden, waren wel wat hotelletjes (inclusief de “Hilton”), maar absoluut niet van een niveau dat geschikt was om een groep Europese toeristen in te onderbrengen, zelfs niet als ze héél flexibel zijn (en dat is niet iedereen in onze groep)!

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

De wc in een restaurantje (“restaurant” stond op de gevel maar is een veels te groot woord: eettent denkt nét de lading) was zelfs een ervaring... We moesten een donkere gang door die leek alsof hij op instorten stond, een krakkemikkige trap op, door een vervallen houten deur en toen kwamen we in de "gang" met wc’s (en nog een aantal andere onbestemde ruimtes). De “gang” had geen dak, maar wel een wastafel. En er waren drie toiletten met wc-pot en drie Franse-stijl hurktoiletten... De wc-pot toiletten waren precies dat: een wc-pot midden in een ruimte met wat water erin. Je kon niet doortrekken en waarschijnlijk werd er gewoon eens in de zoveel tijd een emmer water doorgegooid! Los van het feit dat de deur niet dichtging was dit prima te doen als je niet te veeleisend bent en nodig moet plassen, zoals bij mij – maar ik heb wel boven de pot gehangen en dat doe ik als ik het kan vermijden nooit. De hurktoiletten waren te goor om te bekijken: deze hadden niet eens deuren maar gewoon een stuk zeil ervoor – en waren letterlijk niet meer dan een gat in de grond. Het was ook duidelijk zichtbaar dat deze nauwelijks of nooit schoongemaakt werden...

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Het eettentje met de buitentoiletten bood koffie (ik zou er niets hebben willen consumeren, ik heb nog nooit zo veel vliegen in een eetgelegenheid gezien!) maar deze zou zeker een kwartier kosten om te zetten dus de koffieverslaafden onder ons besloten om deze keer maar over te slaan! Maar het meisje dat het eettentje beheerde wist wel aan Ralph en Heidi te vertellen dat er een groter stadje verderop lag, maar zo’n 35 km hiervandaan – dus daar was ook kans om een hotel te vinden waar we terecht konden. Tegen de tijd dat we Totora inreden was het al vijf uur en waren we vandaag tien uur onderweg geweest; hoog tijd om iets te vinden om te overnachten dus!

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Totora bleek inderdaad groot genoeg te zijn om een paar hotels te hebben, waarvan eentje groot genoeg was voor heel onze groep... Maar aangezien het hotel daardoor wel gelijk stampvol zat (7 kamers) moesten eerst de kamers op orde gebracht worden dus we moesten nog even een uurtje wachten! Dus Hans en ik hebben een uurtje door het stadje geslenterd, en er eigenlijk enorm van genoten. Totora is namelijk een heel erg authentiek, sfeervol en totaal niet toeristisch Boliviaans stadje dat ooit aan het begin van de 20e eeuw duidelijk rijke tijden heeft gekend (veel mooie huisjes, en een prachtig typisch Zuid Amerikaans pleintje in suikerspinkleuren), en nu een beetje vervallen en vergeten is. Maar toch ook vandaag waarschijnlijk niet helemaal onbelangrijk want er rijdt nog altijd enorm veel vrachtverkeer door de hoofdstraat...


We hebben in Totora heel goed, en van dichtbij, de typische bouwstijl hier kunnen bekijken – ze maken namelijk zongebakken bakstenen van klei (en waarschijnlijk dingen als mest en zo) met stro erin voor de stevigheid en die metselen ze op elkaar met meer van hetzelfde spul, dan wordt daaroverheen een laagje kleistuc gesmeerd en dat wordt dan vaak in felle kleurtjes geschilderd. Er waren een paar mannen bezig een huis te restaureren dus we hebben een tijdje staan kijken: een van ze had blote voeten die tot halverwege zijn kuiten roodbruin waren van de smurrie – het mengt natuurlijk het makkelijkst als je erin gaat stampen... Het dak is dan van houten balken (vaak in de smurrie meegemetseld) met stro erop als de mensen arm zijn of golfplaten als ze het geld hebben. We zien op het platteland veel van dit soort huizen, in de steden wordt soms deels of helemaal cement gebruikt wat natuurlijk veel duurzamer en watervaster is! Want de huisjes op het platteland lossen op den duur door weer en wind op als ze niet onderhouden worden en in de steden zie je dat waar er vaak tegenaan geplast wordt ook de muren beginnen op te lossen...

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Terwijl we zo door Totora wandelde werden we door iedereen, jong of oud, beleefd en vriendelijk "buenas tardes" gewenst (goedenavond), vaak nog met een knikje en/of oogcontact. Het viel ons echt op – nu is het sowieso wel zo in Brazilië en Bolivia dat men best vriendelijk is maar we hebben natuurlijk weinig tijd en kans om gewoon op straat te slenteren zoals dit en hier viel het ons dus echt op! Wij natuurlijk ook altijd beleefd terug goedenavond wensen! Maar het was ook wel duidelijk dat wij toeristen waren, of in ieder geval niet van hier, want met name de jongeren en sommige oudere vrouwtjes keken ons na en hadden de grootste lol over al die vreemdelingen die opeens in de stad waren neergestreken... Het enige is dat je moet oppassen met foto’s maken van mensen; met name oudere vrouwen kunnen namelijk geloven dat hun ziel gestolen wordt als er een foto van ze gemaakt wordt, en kunnen dus (enigszins begrijpelijk) heel erg boos worden als ze merken dat je een foto van ze maakt! Anderen hebben er dan weer totaal geen problemen mee, maar volgens Heidi kunnen mensen ook geld vragen als je een foto van ze maakt. En aangezien je niet kunt zien welke mensen wel of niet geloven dat hun ziel gestolen wordt is het dus een beetje voorzichtig zijn als je op straat loopt en bij twijfel even vragen... Vanuit de truck is een ander verhaal, dan kun je wel redelijk fotograferen – maar ook daar loop je volgens Heidi het risico dat ze stenen naar je gooien als ze vinden dat je weg moet wezen! Er waren in Totora een tweetal mobiele stalletjes met vrouwen erachter die een lokaal gerecht aan het klaarmaken waren – pique machu; aardappels, vlees, tomaten en uien allemaal door elkaar gebakken en geschept. Het zag er lekker en goed uit maar we mochten dus helaas geen foto’s maken...


Terug bij het hotel waren ze nog bezig om de boel in orde te brengen – en er was een jongen alvast bezig de gril klaar te maken voor het avondeten: een grote zwartgeblakerde barbecue (uit oliedrums gemaakt) die op straat stond en waar het eten dus op straat klaargemaakt wordt! We zien het wel meer bij eettentjes, en het is op zich goede reclame natuurlijk... En ondertussen waren de overburen op hun stoep gaan zitten met de kinderen – te kijken naar al het gebeuren met die grote buitenlandse truck en al die vreemdelingen bij het hotel... Ze hadden de grootste lol en het was duidelijk beter dan de beste soap! Soaps zijn hier in Zuid-Amerika trouwens ook enorm populair: er is geen restaurant, kroeg, hotellobby en winkel zonder ergens een televisie die aanstaat met een soap... Ongelofelijk, zelfs de wat betere restaurants!


Ralph en Heidi hadden wat kaas, melk, room en vlees over dat onder andere bedoeld was voor de camping-maaltijd vanavond, maar omdat we nu in het hotel zouden gaan eten was dat over – en omdat dit de laatste "camping" nacht was van de reis zou het ook niet meer opgaan ook. Dus besloten ze het te geven aan de giechelende overburen; dat deed Ralph echter door het neer te leggen op de stoep tussen de mensen, zodat ze het zelf onderling konden verdelen. Als hij het aan één specifiek persoon had gegeven om te verdelen had hij een voorkeur voor die persoon uitgesproken, en omdat je nooit weet hoe de onderlinge verhoudingen zitten in dit soort landen en gebieden is het altijd beter om zo neutraal mogelijk te doen. De mensen deden het inderdaad onderling verdelen; het was welkom. Het welstandsniveau in Bolivia is niet zo heel hoog, zeker niet buiten de grote steden, dus op zo’n manier kan men toch een paar mensen een beetje helpen met spullen die ze zelf misschien niet zo gauw (kunnen) kopen.

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Het hotel was een soort van truckers-eettent die ook kamers bood: in onze verwende Westerse ogen dan. Waarschijnlijk was het voor gewone landelijke Boliviaanse maatstaven een prima hotel. Maar voor ons was het lachen: de kamers lagen rond een soort binnenplaatsje en waren zeer eenvoudig – er stonden twee (grote maar gammele) bedden in met flinterdunne matrassen en kleurrijke spreien met lieve puppies en sterren en zo. Er was trouwens ook geen ruimte voor meer, we moesten onze bagage tegen de muur stapelen zodat we er zelf nog doorkonden! En de "badkamer" was een betegeld hokje met wc zonder papier en loshangend fonteintje. Wij hadden geen douche, maar we waren toch niet zo veel van plan vanavond! Wij hadden tenminste een deur die met heel erg veel moeite van Hans dichtkon, anderen hadden namelijk grote gaten in de deuren of een ruitje in het raam dat eruit lag en waar een plastic boterhamzakje over geplakt was...

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Toen we ’s-avonds in de eettent bij het hotel gingen eten was het al stampensvol met truckers. Voor ons was speciaal een stel van de plastic tafels en stoelen in een hoek bij elkaar geschoven, netjes met de plastic tafelkleden erover en de bonte verzameling servies en glazen uitgestald... Om te drinken moesten we naar de "bar" in de hoek om iets uit te kiezen: een enorme stapel van flessen en blikjes frisdrank en bier, op en naast elkaar gestapeld op de grond en in ijzeren schappen. Je wees de frisdrankfles aan die je wilde hebben en die kreeg je dan op tafel – 2,5liter flessen! Heerlijk, we hebben er allemaal van genoten... En de truckers duidelijk ook, er gingen namelijk een paar speciaal bij ons in de buurt zitten om af en toe te kunnen kijken en grinniken over die gekke vreemdelingen! Hans had pique machu gekozen en dat bleek een uitstekende keuze te zijn geweest – de andere, eenvoudige gerechten waren minder succesvol met een enorme lepel zachtgekookte rijst... Maar ik had toch weinig trek in mijn kip want ik had nog altijd last van buikpijn en verstopping dus dat gaf gelukkig niet zo.

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Al zag het bed in onze kamer er redelijk schoon uit, naar omstandigheden, we hebben er toch maar voor gekozen om in onze slaapzakken op het bed te slapen, en eerst de boel vol te spuiten met een anti-insectenspray uit Afrika speciaal bedoeld voor beddengoed en zo...

Gisteren Naar boven Naar alle dagen Morgen
free counters