“Zu den grossen Wassern”

36 dagen van kust naar kust door Zuid-Amerika

Dag 26: Dinsdag 7 september: Uyuni – zouthotel [3600 m] (zoutwinning, zoutvlakte, Isla del Pescado)

De nacht was uiteindelijk inderdaad ijzig, maar de elektrische dekens waren ideaal – we hebben de bedden lekker warm gestookt om te gaan slapen, en daarna de elektrische dekens weer uitgezet want er zit geen thermostaat op dus op een gegeven moment wordt het te heet... Maar midden in de nacht of vroeg in de ochtend nog even aanzetten is ook erg lekker! Na het ontbijt stond iedereen klaar om zijn spullen weer achterin de truck te laden, alleen er was een “klein” probleem: Ralph had gisteren de truck laten wassen (die was namelijk heel erg vies geworden) zodat we met een mooie schone truck de witte zoutzee op zouden gaan vandaag... En het had vannacht flink gevroren, en de truck stond in de schaduw... Dus de mannen hebben een tijdje staan mopperen en vloeken op het slot, erop geblazen, siliconen en olie erop gespoten – maar niets hielp! “Gelukkig” zijn er twee rokers in de groep, Alfred en Irma (hele aardige mensen alleen zo jammer dat ze roken!) dus na een paar keer de sleutel in het vlammetje van hun aansteker verhitten en dan in het bevroren slot steken kreeg Ralph er eindelijk beweging in! Pffff…

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

We moesten vanuit ons hotel midden in Uyuni zo’n 20 kilometer over niet al te beste wegen rijden, en daarna zouden we de rest van de dag over vlak zout rijden, zo’n 175 kilometer. Aan de rand van het stadje hebben we een van de vele zoutverpakkingsbedrijfjes bezocht (vaak zijn de gebouwen hier ook al uit ruwe zoutblokken gemaakt). Hier deden ze zout voor consumptie wassen, drogen, malen en verpakken. En natuurlijk ook verkopen aan de toeristen, voor amper een paar bolivianos per zakje van één kilo... Het was interessant om te zien, vooral hoe ze de zakjes verpakte – met een grote steekvlam uit een gasfles die een metalen staaf verhitte (en omringde met vuur); hier werd dan het volgeschepte zakje even tegenaan gehouden en voilá, een verzegeld zakje! De man die het een paar keer voordeed verzuchtte naderhand in het Spaans dat het toch geen werk voor mannen was, dat verpakken – echt vrouwenwerk, veels te heet en vermoeiend... Tja, maar zijn werk was het opscheppen en vervoeren van het zout, ook niet echt licht werk!

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

De weg naar de rand van de zoutzee was inderdaad een beetje hobbelig, maar dat kon de pret niet drukken! We zagen onderweg de grote witte vlakte steeds groter worden en zagen aan de rand ook al “ons” zoutpaleisje van vanavond liggen, en nog een paar andere nieuwe zouthotels die als paddenstoelen uit de grond sprongen om de toenemende stroom toeristen te verleiden – maar die van ons was tenminste oorspronkelijk, het eerste zouthotel aan de Salar...

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Na een korte (wild)plaspauze aan de rand van de zoutzee reden we dan eindelijk de Salar de Uyuni op; 12.000 vierkante kilometer zout, op zijn dikst een laag van wel 7 meter dik! Er is eigenlijk maar één toegangsweg om de zoutvlakte op te kunnen rijden, want de laag is aan de randen van de Salar erg dun en dus verraderlijk – er kan water onder zitten, of modder, en dus kunnen auto’s erdoorheen zakken. Net als ijs eigenlijk. Deze ene toegangsweg was stevig genoeg om mee het zout op te rijden – en als je er eenmaal een paar meter op zit dan is de ondergrond gewoon stevig en kun je rijden waar je wilt. En dat hebben we dus ook gedaan! Eerst reden we nog naar het allereerste (en enigste) gebouwtje óp de zoutzee zelf: oorspronkelijk bedoeld als zouthotel (door dezelfde eigenaar als het zouthotel waar we vanavond naartoe zouden gaan), maar vanwege problemen met de afvoer van afvalwater is het nu alleen nog maar een klein cafetje en “museumpje”. Afvoer was een groot probleem, want waar laat je alles? Niet in het zout zelf, en afvoeren was ook geen oplossing... Na een tijdje bij dit zoutgebouwtje te hebben gestaan en erin te hebben gekeken (niet het museum van grove zoutbeelden, daar moest je verplicht iets voor consumeren) gingen we weer op pad.

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Geen idee in welke richting en het maakte ook niet uit in welke richting, of hoe hard je reed, of je wel of niet je handen aan het stuur had, want er was verder toch niemand in de buurt! Het leek alsof we helemaal alleen reden in een hagelwitte, eindeloze woestijn van zout... Ongelofelijk! Ralph had zich hier al een paar dagen op zitten verheugen en nu wisten we waarom, want hij kon voor het eerst (en de enigste keer) deze reis 110 km/uur scheuren, en ook kwam hij soms over de rand van de stuurcabine naar ons toe klimmen, ondertussen reed de truck gewoon door! En hij reed loopings, van links naar rechts, totdat niemand meer wist welke kant vooruit was... Ralph en Heidi gebruiken nooit hun gps, behalve misschien in extreme noodgevallen, maar op de Salar gebruiken ze het wel altijd – en het is duidelijk waarom, want je hebt totaal geen enkele oriëntatiepunten behalve de bergen heel in de verte!

Klik op de foto's om ze uit te vergroten en op de filmpjes om ze af te spelen

Na wat loops, bochten, geslinger, racen en een paar fotostops (die allemaal hetzelfde zijn...) stopte we midden in de zoutzee, bij de groene pijl op onderstaande kaart, om te lunchen...



Maar eerst kregen we een uurtje vrij om de Salar de Uyuni in ons op te nemen. Hans en ik namen dus wat stoeltjes mee en liepen net zoals de rest recht vanuit de truck de witheid in totdat de truck een eind van ons vandaan was. Toen zijn we gaan zitten en genieten van de stilte en de wijdsheid. Overal waar je keek zag je alleen maar wit, en zelfs als je nog wat bergen kon uitmaken op de horizon waren ze heel vaag en klein. De zoutzee is echt enorm! En je bent er helemaal alleen...

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Tegen het einde van het uurtje liepen Hans en ik terug naar de truck, net als de anderen, en hadden Ralph en Heidi al een uitgebreid lunchbuffet klaargezet met een heerlijke tonijnsalade, broodjes, tropisch vruchtensap, hardgekookte eitjes, zongedroogde tomaatjes en allerlei vleeswaren en kazen. Heerlijk, genieten! En uiteraard werden er vele grapjes gemaakt over het zout doorgeven voor op de hardgekookte eitjes... De zoutzee is indrukwekkend omdat hij immens is, maar ook op kleine schaal is hij indrukwekkend. Het oppervlakte wordt namelijk ieder regenseizoen bedekt met regen, die in het droge seizoen verdampt en in veelhoeken opdroogt. En in die veelhoeken zie je weer allerlei details, zoals piepkleine zoutharen die waarschijnlijk door de wind gevormd worden, mooie glimmende rechthoekige kristalvlakken, en vierkante kristallen. Sommige mensen verzamelde brokken van de kristallen om mee naar huis te nemen, en natuurlijk is dat verleidelijk, maar zout is nu eenmaal niet goed te bewaren in ons vochtige klimaat. De luchtvochtigheid is hier op deze hoogte vaak maar ongeveer 25-30%, in Nederland in huis is dat ideaal gezien 50-60%, en buiten soms 90%... En zout is nu eenmaal een mineraal dat vocht aantrekt, en dan oplost!

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Na de lunch reden we in een rechte streep naar de Isla del Pescado. En daar schrokken we van de drukte – de zoutzee is zo enorm dat je je helemaal alleen waant, maar het is natuurlijk een van de grootste attracties van Bolivia, al komen er vooral backpackers en gelukkig weinig grote groepen (net als overal in Bolivia). En al kan iedereen zich uitspreiden over de Salar en een eigen eenzaam plekje opzoeken, de Isla del Pescado is de grootste trekpleister van de Salar en daar komt dus iedereen weer bijeen... Maar dat maakt de Isla del Pescado (met een beetje fantasie inderdaad in de vorm van een vis) niet minder indrukwekkend! Het is letterlijk een rotseilandje in de witte zee, helemaal bedekt met reuzencactussen die 1 cm per jaar groeien en wel 12 meter hoog kunnen worden (dat betekent dus 1200 jaar oud...)! Prachtig!

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Wat ook heel erg leuk was, was dat het eiland een dood vulkaantje bleek te zijn, er was namelijk midden in het eiland een “boog van koraal” – en dat was eigenlijk deel van het binnenste van de vulkaan, een kleine grot... En heel typisch, alle rotsen op het eiland waren bedekt met een glasachtige steenlaag van ongeveer 10 cm dik. Eerst dachten we dat het iets uit de vulkaan was, maar waarschijnlijk is de vulkaan uitgebarsten, en daarna, diep op de bodem van de enorme binnenzee die de Salar de Uyuni gevormd heeft, bedekt is geraakt met koraal. En nu dat al het water verdampt is, is dit gekke eilandje weer “boven komen drijven”. Erg leuk om er rond te lopen! Na het bezoek aan de Isla del Pescado was het onderhand tijd om terug te gaan, dus we zijn min of meer in een rechte streep teruggereden naar de toegangsweg... Maar voordat we de Salar verlieten hebben we eerst een van de zoutwinners bezocht. Aan de rand van de Salar waren allemaal keurige heuveltjes van ongeveer een meter hoog. Een man, helemaal ingepakt met een baklavamuts op tegen de zon, was bezig aan de rand van de Salar een vierkant af te graven en het zout in zo´n heuveltje te stapelen om te drogen voordat het vervoerd werd naar het stadje om daar verder te verwerken. Heidi en Ralph namen een zakje cocabladeren en drie appels mee als cadeau, en de man was dolblij – met de cocabladeren! Hij zei wel meerdere keren hoe blij hij was ermee en hoe belangrijk cocabladeren zijn voor arbeiders... De mannen mochten ook even graven om te voelen hoe zwaar het was, en toen was het echt tijd om naar ons hotel te gaan.

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Van buiten zag het zouthotel er niet spannend uit; een beetje een samenraapsel van kleine gebouwtjes bij elkaar. Van binnen was het echter een waar paleisje van zout, prachtig! Je stapte een grote zaal binnen met een zacht muur-tot-muur tapijt van een dikke laag zoutgrind op de grond, stevige gemetselde zoutpilaren om het (houten) dak omhoog te houden, een zouten receptie, meubels van zoutblokken die glad en wit waren gestuct met een zoutpapje... Een grote trap van zouten molenstenen midden in de ruimte leidde naar een klein solariumachtige ruimte van hout op de eerste verdieping waar je de zon onder kon zien gaan boven de Salar. Aan beide kanten van de grote ruimte waren kleinere ruimtes met lage muurtjes van zout, grote binnenramen en grote buitenramen, zodat heel het interieur behoorlijk licht was. Deze kleinere ruimtes hadden beide grote openhaarden van zout – de ene was een soort zitkamer met grote witte zouten fauteuils rond de open haard, de andere was de eetkamer, keurig met tafeltjes en stoeltjes van witgestuct zout en een groot zouten buffet waar het eten uit de zouten keuken op uitgestald werd... Overal in het hotel stonden kunstwerken van zout gemaakt. Prachtig allemaal!

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

We hebben even thee gedronken in de grote zouten fauteuils en banken in de centrale ruimte, allemaal bedekt met grote kleurige kussens (voor het mooi maar vooral tegen de kou van het zout), en zijn toen naar onze kamer gegaan. Je liep over het zachte zoutgrind van de ene overdekte binnenplaats naar de andere, en overal stonden kunstwerken of zithoekjes van zout met kleurige kussens en tapijten erover. Onze kamer zelf was redelijk eenvoudig en klein, maar toch heel erg apart: een koepelkamertje van zout, met zouten stalactieten aan het plafond, en twee grote zouten bedden met flinke matrassen. Ook de badkamer was helemaal van zout, alleen hier was het zout niet witgestuct zoals overal in het hotel, maar betegeld met echte tegels tegen het vocht. Indrukwekkend allemaal! En een hele apart sfeer in het hele hotel... Alleen qua temperatuur zou het net een ijspaleis kunnen zijn, onze kamer was namelijk nu al ijskoud, dus we waren dolblij met de elektrische dekens en dikke dekbedden op de bedden... Hans lag te computeren en te rillen van de kou, ik ben gewoon lekker met mijn kleren aan onder het dekbed gekropen om warm te worden!

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Tegen zes uur zijn we naar de centrale hal gegaan en de zouten trap beklommen naar de houten verdieping. Die bleek heerlijk lekker warm te zijn vanwege het zonnetje, dus daar hebben we een beetje opgewarmd en gekeken naar de ondergaande zon. Die viel een beetje tegen, maar het was zo lekker hier dat we er niet aan moesten denken om terug te gaan naar onze ijzige kamer! Dus we hebben de laptop gehaald en zijn lekker beneden in de "zitkamer" gaan zitten bij de openhaard, nadat dat we even langs de "spa" gelopen waren om te kijken... Ook allemaal van zout gemaakt, prachtig!

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Bij het avondeten (in de eetzaal van zout, aan tafels van zout met stoelen van zout en bij de heerlijke openhaard van zout) kregen we (uiteraard) kip in zout gesmoord. Lekker! Het eten was sowieso erg lekker en duidelijk met zorg gemaakt, en we besefte ons dat we helemaal alleen in het hotel waren. Het eten was niet gekookt in het zouthotel maar speciaal gebracht, bleek het, en Heidi legde ook uit dat je niet zomaar een overnachting kon boeken hier, dat moest allemaal via het reserveringskantoor helemaal in Potosí! Ongelofelijk... Zo loop je toch veel klanten mis die op de bonnenfooi rondreizen en eens een nachtje in zo’n echt zouthotel willen doorbrengen. Toen het tijd was om naar bed te gaan was het zo vreselijk ijzig in de kamer (de kleine verwarming stond roodgloeiend maar kon niet opstoken tegen de kou), dat we de elektrische dekens gelijk aangezet hebben en ik ben er met kleren aan onder gekropen om te computeren terwijl Hans gauw is gaan douchen. We legden de gebruikte handdoeken op de massief zouten vloer om maar iets minder koud aan te voelen en zodra Hans klaar was en in zijn voorverwarmd bed kon kruipen ben ik gaan douchen. Het water was heerlijk heet, maar wat was het KKKKoud daarna! Gauw onder de (voorverwarmde) dekens! En proberen te slapen, brrrrrr...

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Gisteren Naar boven Naar alle dagen Morgen
free counters