“Zu den grossen Wassern”

36 dagen van kust naar kust door Zuid-Amerika

Dag 28: Donderdag 9 september: Oruro – Copacabana [3800m] (on the road, stadswandeling)

Hans heeft een slechte nacht gehad: hij heeft veel diarree gehad en voelde zich vandaag nog altijd beroerd! Gelukkig kregen we van Alfred en Irma weer wat van hun wonderpillen om de diarree onder controle te krijgen, maar hij voelde zich ook gewoon misselijk en zwak. Hij heeft nauwelijks kunnen ontbijten en heeft ook niet zo veel van de rit meegemaakt: hij heeft vooral geprobeerd te slapen in de truck.


We hadden een vroege start (7 uur wegrijden), maar gelukkig niet zo’n lange rit voor de boeg vandaag. Het was weer een hele dag over de antiplano rijden, en dat is natuurlijk nog altijd schitterend mooi allemaal, de achtergrond van witte steile bergen (de "Cordillera Real", zie ook de panoramafoto hieronder!) is fantastisch maar je went er helaas na een paar dagen al aan waardoor het minder bijzonder lijkt! Wat wel erg indrukwekkend was, was de rit door “El Alto”, een soort voorstad van La Paz,. Het kostte ons ruim een uur om door deze stedelijke chaos op zo’n 4000 m hoogte (vandaar de naam “de hoge”) heen te komen! Ongelofelijk wat een chaos, maar toch als je goed kijkt zie je dat de chaos eigenlijk best goed georganiseerd is. Er zijn vuilniswagens, stadsbussen, taxi’s, vaste routes voor minibusjes, straatnaamborden (meestal), stoplichten, verkeerswachters, enzovoorts... En het lijkt wel te werken alleen het gaat allemaal wat anders dan wij gewend zijn! Heidi heeft lekkere broodjes voor de lunch gekocht bij een van de vele, vele kleine stalletjes die van alles en nog wat verkopen, en toen was het weer doorrijden. Ralph kan zich redelijk goed redden in het Boliviaanse verkeer, wat best een uitdaging is wat het Boliviaanse verkeer is indrukwekkend, chaotisch en lawaaiig... Toch gaat het steeds goed lijkt het!

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

We hebben geluncht bij een uitzichtplaats boven het Titicacameer, een prachtig gezicht en wat een enorm meer! Iedere bocht in de heuvels eromheen gaven weer een ander, prachtig uitzicht. En het meer spreekt natuurlijk enorm tot de verbeelding, want hier is zo veel Incageschiedenis te vinden! Om in Copacabana te komen (zonder de grens met Peru over te gaan) moesten we bij het plaatsje Tiquina met een bootje oversteken. De truck werd op een oude, enigszins gammele platte schuit gezet en net als alle bussen, trucks en auto’s overgeheveld naar San Pedro de Tiquina (aan de andere kant van het water dus). Ralph vertelde dat er geen vaste prijs is voor dit ritje, hij moet iedere keer zelf zijn eigen prijs noemen – dus hij doet altijd uitgebreid vooronderzoek en vraagt de Bolivianen altijd wat ze zelf betalen, om maar een beetje een redelijke prijs te hebben! Dit is de smalste plek aan het Titicacameer om over te steken, het is dan ook een drukte van jewelste met platte schuiten, gammele houten motorbootjes en grotere boten… En het is een heel gek gezicht om al die bussen en trucks als kurken langs te zien drijven op hun platte schuiten, voortbewogen door piepkleine buitenboordmotoren of gewoon met de hand, met lange palen! Na een hele mooie rit aan de andere kant kwamen we gelukkig al rond 15 uur in ons prachtige hotel aan de rand van het Titicacameer in Copacabana aan. We hadden een prachtige kamer, misschien wel de mooiste kamer van heel deze reis, met een heerlijke badkamer! Wat een geluk – hier blijven we twee nachten dus dit is ook een lekkere plek voor Hans om bij te komen… Beter dan een tentje en hangmat in de Pantanal zoals toen ik ziek was, in ieder geval!

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Nadat we geïnstalleerd waren was het tijd voor een stadswandeling. Hans heeft deze wijselijk overgeslagen want hij voelde zich nog altijd slap en wilde rusten. Ik ben wel gegaan: Copacabana is niet zo heel groot maar had blijkbaar wel een mooie kathedraal – met een heel verhaal erachter, er is namelijk ooit op wonderbaarlijke wijze een wonderschoon beeld van de madonna verschenen en die zou nu in de kathedraal staan. Dit beeld was ook op bedevaart gegaan naar Brazilië, Rio de Janeiro, en vandaar dat er daar dus ook een “Copacabana” is, die uiteindelijk bekender is geworden dan de oorspronkelijke Boliviaanse versie. We mochten absoluut geen foto’s maken in de kathedraal, maar wel van erbuiten – zoals de vele stalletjes die allerlei geluksamuletten verkochten voor in auto’s, die om de een of andere reden speciaal in Copacabana gezegend kunnen worden... De kathedraal zelf was niet zo heel erg bijzonder, gewoon een grote Zuid Amerikaanse kathedraal met veel goud en glitter en levensgrote en zeer dramatische beelden van heiligen en zo...

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Wat ik het leukste aan de kathedraal vond was de “kaarsenkapel”, een lang sfeervol zwartgeblakerd gewelf aan de zijkant van de kathedraal waar alle kaarsen naar toe verbannen waren vanwege brandgevaar. In dit gewelf stonden grote troggen langs de muren en in het midden die vol stonden met brandende kaarsen en dikke plakken kaarsvet. Het bijzondere eraan was dat in deze donkere onheilspellende sfeer de zwarte muren letterlijk vol gekliederd waren met kaarsvet – laag na laag van gebeden: tekeningen van auto’s, huizen, boten, woorden zoals “suerte” (geluk) of iemands’ naam, of tekens die alleen de maker (en god waarschijnlijk?) kon begrijpen... Allemaal best wel indrukwekkend! Het merendeel van de groep ging hierna nog de Calvarieberg beklimmen, maar ik had daar niet zo’n behoefte aan dus ik ben via de souvenirstalletjes terug naar het hotel gewandeld, ondertussen informerend hoeveel een typisch Boliviaans bolhoedje moest kosten en een ketting die ik leuk vond, en ik heb nog wat water gekocht. Het is wel niet veel maar wat ben ik blij dat ik de meeste dagelijkse toeristenzinnen toch gewoon kan maken in het Spaans en kan antwoorden als iemand mij iets vraagt, dat maakt het leven wel heel makkelijk zo!

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

’s-Avonds voelde Hans zich gelukkig in ieder geval niet misselijk meer dus hij kon gewoon lekker genieten van het eten – we hadden een heerlijk voorgerecht: minivisjes uit het Titicacameer, gebakken in een korstje. De visjes waren maar een paar centimeter lang en erg lekker, we hebben ervan genoten! Het hoofdgerecht vond ik wel lekker, Boliviaanse pique macho – maar Hans had deze al zo lekker en vooral authentiek in Totora gehad dat daar eigenlijk niets meer aan kon tippen. Het toetje was in ieder geval verrukkelijk; een sorbet en roomijs van twee soorten passievrucht, heerlijk!

Klik op de foto's om ze uit te vergroten

Gisteren Naar boven Naar alle dagen Morgen
free counters