Zondag 21 augustus: roze dolfijnen, vogelspin, slangen, luiaard

We hebben redelijk geslapen vannacht, al werden we af en toe wakker van de slagregens, onweer en wind – ’s ochtends was er, los van het natte dek, haast niets meer van te merken dat het zo geregend had! Inderdaad werd er om 5:20 op onze deur geklopt – tijd om op te staan… En de zon was nog niet eens boven de horizon maar het was buiten gelijk al weer lekker warm; gelukkig blijft de airco het doen ’s nachts, want het is hier toch wel snikheet hoor. Er stond thee en koffie klaar en wat handfruit zoals druiven en mandarijntjes voor diegene die het wilde, maar ontbijt zou pas na de boottocht geserveerd worden, rond een uur of 8:30.

De boottocht was heel erg mooi, en heel erg leuk. Het is erg bijzonder om tussen de “verdronken bomen” te varen, het onder water gelopen bos – in het droge seizoen komen ze droog te liggen, maar in het natte seizoen staan de bomen met hun onderkanten meters onder water; sommige bomen sterven, maar de meeste groeien gewoon door. Onze gidsen vertelde ons dat de waterniveaus tussen droog en nat seizoen soms wel 10-17 meter kan schelen! Het wegvaren zo in de ochtendschemer was ook heel erg mooi: de lucht was prachtig, met grote dreigende en grillige wolken en een mooie opkomende zon. En het water was spiegelglad dus de lucht en de bomen werden er in gereflecteerd. Erg mooi! We voeren een soort inham in, en de gidsen lieten de boten langzaam langs de bomenrand drijven – af en toe zagen we papegaaien of gieren of andere vogels, en opeens hoorde ik een plons achter ons – de gidsen hoorde het ook en het bleken roze dolfijnen te zijn! Leuk! We hebben een hele tijd gedreven, uitkijkend naar de dolfijnen die duidelijk om ons heen zwommen en af en toe even met hun rug of snuit boven water kwamen – het was bijna alsof ze verstoppertje aan het spelen waren met ons… En iedereen deed steeds zo zijn best om zijn fototoestel te richten in de richting waar ze weer boven water zouden komen!

Nadat de dolfijnen te ver weg gezwommen waren om ze nog goed te kunnen zien voeren de gidsen ons tussen de bomen door allerlei inhammetjes in en smalle gangetjes van bomen door… Prachtig! Af en toe stuurde de gids de kano tussen de bomen door tegen een boom aan om bijzondere zaden of bladeren te laten zien. Opeens zagen we in zo’n gangetje een grote metallic blauwe vlinder, glinsterend in het zonlicht! En een andere keer voeren we langs bomen toen onze gids opeens stopte en terugvoer en ons op 7 rare stipjes op een boomstronk wees. Pas na goed kijken zagen we dat het kleine vleermuisjes waren… Op het laatst was het weer tijd om terug naar het schip te gaan, dus hebben we lekker hard over het water gescheurd!

Terug aan boord was het gauw naar onze hut om de foto’s over te zetten op de laptop, toen was het tijd voor het ontbijt en al gauw daarna zouden we vertrekken op de regenwoudwandeling. En daar moesten we ons op kleden: lange broek, stevige schoenen, t-shirt met lange mouwen, een petje… Pfffff en dat in 35+ graden, we hadden onszelf nog maar nauwelijks aangekleed of we stonden al te zweten. Maar het was bloedserieus bleek wel, want toen we beneden kwamen bij het gedeelte waar we in de kano’s stappen lagen er zelfs ook nog leren beenbeschermers klaar voor iedereen – dikke stevige lappen leer die we om onze onderbenen moesten bevestigen zodat je vanaf je schoenen tot net bij je kuit beschermd was… Tegen slangen, schorpioenen, spinnen, enz…

We werden in de kano’s naar de kant gebracht – in tegenstelling tot de “eilandjes” die eigenlijk alleen uit bomen en water bestaan was dit echte ondergrond van zand en rots. Ze noemen dat hier ook “terra firma” om het te onderscheiden van het ondergelopen woud. Iedere kano had een van de twee gidsen en een bestuurder, en ieder groepje deed een individuele wandeling, met de gids voorop en de bestuurder achteraan. Wij hadden in onze groep het oude echtpaar van in de 80, en de man van 87 had wel wat moeite met de wandeling en had pech dat hij een flinke kras opliep – Edivam hield het tempo rustig, iedereen hielp het echtpaar over de boomstronken heen (Hans liep zelfs achter de man aan als we bergopwaarts gingen om hem op te vangen mocht dat nodig zijn) en we hebben na ruim een uur wandelen niet het rondje afgemaakt, wat nog een uur zou duren, maar zijn onderweg teruggedraaid. Zo heel erg was dat ook niet hoor, we hebben een mooie wandeling gemaakt en waren maar een kwartiertje eerder terug op het schip dan de andere groep.

Het was een mooie wandeling in het regenwoud, en het is en blijft toch wel een bijzonder idee dat je hier in de Amazonejungle bent, vaart en loopt! Alleen het is bloed en bloedheet; we hebben onszelf echt suf gezweet, het water liep bij iedereen letterlijk in stroompjes van zijn gezicht af en over zijn rug… en natuurlijk onder die lekkere warme leren beenbeschermers… We liepen over een redelijk goed pad tussen de bomen, omhoog en omlaag en op een gegeven moment door een klein stroompje; met strikte instructies om nergens je handen op te leggen (niet alleen kunnen planten giftig zijn, maar je kunt niet altijd zien wat er op of achter zit) en altijd over boomstronken en dergelijke heen te stappen. De meeste dieren zijn overdag weliswaar niet actief, maar je zou toch maar pech kunnen hebben en een spin of slang in het nauw tegenkomen! We hebben los van de vele planten de vleugel van zo’n metallic blauwe vlinder gevonden, wat vogels gezien, een bidsprinkhaan die zo goed gecamoufleerd was dat je er een foto van nam en nog niet zeker wist of hij er wel opstond, een grote (maar nog niet volgroeide) vogelspin en een piepklein kikkertje van nog geen anderhalve cm lang… Edivam zag zelfs iets wat hij nog nooit eerder gezien had – een bepaalde plant was in bloei, en hij kende daar de bloem nog niet van, dus hij heeft gauw een foto gemaakt als bewijs!

De vogelspin had zich in een holletje verstopt onder een boomstronk en was voor ons totaal onzichtbaar, maar onze gids Edivam had hem wel in de gaten. Hij deed ons eromheen staan met fototoestellen in de aanslag terwijl hij een stokje over zijn gezicht wreef en erop spuugde (ik neem aan voor de lekkere geurtjes), en toen met wat geknisper van bladeren het stokje in de opening van het hol bewoog. En inderdaad, de vogelspin hapte al gauw toe en hij trok ze zo een paar centimeter uit het hol voordat ze losliet en weer naar binnen schoot! Hij kon dit nog een keertje herhalen voordat de vogelspin er geen zin meer in had en in haar hol bleef… Edivam liep natuurlijk voorop, en deed dit heel voorzichtig – hij deed altijd even checken of er niets achter dikke omgevallen boomstronken op het pad lag, en of er niets zat in de holletjes onder de grote rotsblokken bij het kreekje waar we overheen moesten. En al zijn er ’s nachts het meeste dieren te zien, Edivam vertelde dat de verzekering een nachtwandeling niet dekte, want dan is al het giftige en bijtende gespuis zoals spinnen, slangen en schorpioenen ook actief!

Toen we allemaal terug in de kano gestapt waren haalde de bestuurder opeens uit een klein koelboxje bevroren natte gezichtsdoekjes tevoorschijn. Wat een heerlijke verrassing! De doekjes waren natuurlijk zo ontdooid in de hitte, maar de doekjes waren zo heerlijk fris en koel, echt genieten… Terug op het schip hebben we onze doorweekte kleren uitgepeld en zijn even gauw onder een lekker verfrissende (rivierwater) douche gestapt, om daarna goed af te drogen en gelijk weer doornat van het zweet te zijn… Het is bloedheet namelijk, en de airco was nog niet aangesprongen omdat het schip nog stillag, terwijl het wel al het heetste van de dag was! Maar goed, we waren toch heel even opgefrist geweest… Toen was het tijd voor de lunch, en daarna een siësta.

De maaltijden zijn erg simpel en niet altijd helaas waar je trek in hebt (en altijd bonen en rijst erbij), maar ze worden wel altijd mooi opgemaakt, en we krijgen hier altijd bij de lunch en het avondeten een paar lokale groentes, vruchtensappen en ijs van lokale vruchten – soms lekker, soms vreemd, en soms niet erg lekker. De vruchtensappen zijn vaak aangelengd met water omdat ze anders te dik zijn, en tot nu toe meestal friszurig – misschien niet altijd superlekker, maar toch vaak wel verfrissend. Gisteren kregen we bij de lunch paarsrood ijs van açai-bessen; die had een hele sterke, rare, bijna chocolade-achtige smaak. En vandaag was het ijsje van de dag bij de lunch een of andere romige witte vruchtensoort die alleen hier in het regenwoud voorkomt en familie is van de cacaoboon (de naam ben ik kwijt); blijkbaar wordt er van de boon van deze vrucht witte chocola gemaakt (niet de soort die wij thuis in de supermarkt hebben liggen vermoed ik) en het vruchtvlees wordt hier als sap en ijs gebruikt… Het was lekkerder dan gisteren, maar niet echt geweldig. Wel erg leuk dat we het allemaal mogen uitproberen! Want dat is op de wandeling ook, dan breekt de gids een stok af en laat ons het hout ruiken, of geeft ons een blad om met het puntje van onze tong te proeven…

Vanmiddag hadden we een excursie naar een dorpje, dat volgens mij Sao Jose de Bacaba heet. Het is een dorpje van zo’n 180 halfbloedindianen (dat onderscheid tussen indianen, blanken en gemengde rassen is in Zuid-Amerika belangrijk), waarvan 40 kinderen. Tja, zo’n dorpje. Het was in ieder geval gelukkig niet een optreden in traditionele kledij voor de toeristen, en daardoor wel interessant om rond te kijken hoe mensen in de Amazone echt leven, maar deze mensen leven een heel simpel leven, en kweken en vangen net genoeg om van te kunnen leven. Zoals Souza het zelf diplomatiek zegt, ze hebben geen ambitie om meer te doen… Sommige families en individuen dan wel, en daar is Souza een voorbeeld van, want hij komt ook uit een vergelijkbare gemeenschap maar zijn vader had wel ambitie om een beter leven te maken voor zichzelf en zijn kinderen – toch zijn er van de acht kinderen maar 2 erop uit gegaan om iets meer van hun leven te maken: Souza en een van zijn broers.

Het was wel verrassend om te horen dat zelfs in zo’n kleine, arme gemeenschap onder andere een schooltje, een eerste hulppost en zelfs 2 kerken zijn. Al zijn de kerken niet bemand omdat de priesters geen zin hebben om in zo’n uithoek te zitten en is het moeilijk om leraren voor de school te vinden die niet iedere 2 maanden 1-2 weken terug naar Manaus gaan om hun familie en vrienden op te zoeken (dan krijgen de kinderen gewoon geen les). Zoals Souza vertelde, als mensen ergens neerstrijken in de Amazone dan wordt er als allereerste een voetbalveldje aangelegd (we zijn tenslotte in Brazilië). Als tweede de danshal, als derde de kerk, en als vierde het schooltje en dan ontstaat de rest geleidelijk eromheen. Een beetje tot onze verbazing vertelde Souza ook dat ze dit ene dorpje maar eens in de 2 maanden aandoen – om de mensen een beetje rust te gunnen zeker, maar dat betekent dat ze toch zeker minimaal 4 verschillende dorpjes hebben om te bezoeken, aangezien er iedere twee weken een boottocht is!

Wij hebben rond het dorpje gewandeld en gekeken naar de vele verschillende fruitbomen die men geplant had, en bijzondere dingen zoals welke vruchten gebruikt worden voor rode (oorlogs)verf; die was bijzonder sterk rood en doet er blijkbaar een maand over om te verdwijnen! Ik ben benieuwd... We eindigen de rondleiding in de danshal waar de lokale vrouwen hun kunstnijverheid tentoonstelde – kettingen van allerlei soorten zaden gemaakt, blaaspijpjes, beeldhouwwerkjes en raffiamatjes. Er werden wel wat dingen gekocht hier en daar, en Hans en ik hebben vooral rondgewandeld en rondgekeken. Op een gegeven moment vroeg Hans aan Edivam over een wat grotere boot die aan de kant lag – dat bleek de “supermarkt” te zijn: de eigenaar van deze boot was de leraar van het schooltje, en hij verkocht dingen zoals frisdrank, bier, bloem, en andere basisdingen. De dorpelingen uit omliggende dorpen kwamen hier naar toe om inkopen te doen, en als hij uitverkocht was voer hij naar een stad zo’n 80 kilometer hiervandaan om de voorraden weer aan te vullen. Ook komt er hier 2 keer per week een ferry langs waar de dorpelingen verzoekjes aan doen om de volgende keer boodschappen mee te nemen voor hun, zoals zeep en diesel. Zelf geven ze dan bijvoorbeeld vis of fruit, met name açaibessen, mee om te verkopen; met name die bessen zijn namelijk heel moeilijk te oogsten want je moet er echt zelf voor de (hoge) palmboom inklimmen.

We hebben nog even gauw een dutje gedaan voor het eten, en het eten was helaas een beetje karig vandaag. De gebakken kip was daarentegen heerlijk… En het leek alsof we geen toetje kregen maar opeens kwam de kokkin met een grote prachtig versierde taart aanzetten voor het bejaarde echtpaar – het was namelijk binnenkort hun 52-jarig huwelijksjubileum! Het was een heerlijke zelfgebakken cake met karamelpasta (dulce de leche) ertussen, en een dikke laag meringue erover, die versierd was met vruchten – en hij was nog lekker ook!

Rond 8 uur was het tijd voor onze eerste avond-kanotocht, en we waren erg benieuwd want het is natuurlijk pikdonker… Maar we gingen weer met de gidsen voorop en bestuurders mee, zodat de gidsen hun handen vrij hadden om met grote schijnwerpers te schijnen op de bomen. En het was erg leuk! Want het is ongelofelijk wat de gidsen konden zien en het leek inderdaad te kloppen dat er ’s nachts meer rondkruipt en loopt dan overdag, want we hebben in anderhalf uur 4 slangen gezien – prachtige slangen en van heel dichtbij – soms deed de gids hem op zijn peddel laten kruipen. Erg indrukwekkend dat de gidsen die slangen überhaupt zagen want vaak waren ze vreselijk goed gecamoufleerd en leken ze precies op takken! En we zagen een luiaard hoog in een boom, en zelfs een opossum… Ook vlogen er regelmatig vlak boven het wateroppervlakte vleermuizen, op jacht naar insecten, en kwamen er af en toe grote vuurvliegjes langs.

De kanotocht zelf was ook erg mooi en een erg bijzondere ervaring. Want de schijnwerper was erg sterk en gaf veel licht, maar af en toe deden ze hem uit (onder andere vanwege de vele vliegen die erop af kwamen) en dan was het opeens pikdonker en dreef je op een inktzwarte vlek omringd door inktzwarte bomen en een inktzwarte lucht – een beetje onheilspellend, omringd door junglegeluiden maar je kunt helemaal niets zien – en tegelijkertijd waren er op de horizon een aantal grote onweersbuien… Je hoorde geen donder maar de lucht lichtte steeds plaatselijk op met de enorme lichtflitsen en dan zag je voor een fractie van een seconde het water en de bomen en de lucht weer voordat alles weer zwart werd. Het bleef maar doorgaan, een bijzonder schouwspel in de lucht. Er was soms wel elke seconde een flits; heel indrukwekkend! We kwamen na anderhalf uur, rond een uur of half tien, weer terug aan boord van het schip en iedereen was doodmoe dus men ging gelijk naar bed. Het is tenslotte morgenochtend weer vroeg opstaan!

free counters