NOVEMBER 2018: ZUID-AFRIKA, ZAMBIA

We hebben vannacht een slechte nacht gehad, want Hans heeft begin van de nacht last gehad van de lekkere maar vette lamskoteletten die hij op had, en ik kreeg (na een paar dagen naar verhouding minder last van de voedselvergiftiging gehad te hebben) ’s nachts een flinke terugval en voelde me beroerd, misselijk en pijnlijk opgeblazen. Pas na zo’n 4 wc-bezoeken kreeg ik rond 4:30 wat verlichting, maar door al dat spoken heeft Hans ook nauwelijks geslapen natuurlijk. We waren dan ook goed gaar vanochtend.


Ik lag, net als Hans, al vroeg wakker, en heb een beetje gegoogled om beter begrijpen waarom die voedselvergiftiging maar niet over ging. Ik besefte me na wat lezen dat ik mezelf de laatste dagen qua eten al beter had gerekend en weer gewoon was gaan eten, maar mijn darmen waren duidelijk nog NIET beter plus veel van de dingen die ik gegeten had de laatste tijd (vet, zoet, pittig) hadden waarschijnlijk mijn nog herstellende darmen te veel geprikkeld en de bacterie of wat het ook was te veel gevoed. Dus besloot ik nu even een tijdje goed op te letten en mijn darmen de kans te geven om te herstellen, en toen we opgestaan waren en gingen ontbijten, heb ik enkel een licht ontbijtje met toast, muesli, banaan en yoghurt genomen terwijl Hans lekker een gebakken eitje nam. Het ontbijtbuffetje was goed bevoorraad en zag er aantrekkelijk uit, en op de muur was het warme ontbijtmenu geschreven, met keuze uit dingen zoals spiegeleitjes met alles erop en eraan, of gewoon een omeletje. Netjes!

Toen we klaar waren en nog een tijdje hadden staan kletsen met het vriendelijke echtpaar dat dit hotelletje runde, zijn we rond 9:30 vertrokken.

Het was een mooie en wel afwisselende rit die in het begin heel Europees aandeed qua landschap, met meertjes, glooiende groene heuvels en bosjes, en geleidelijk in een soort IJsland landschap veranderde met steile groene bergen opgebouwd uit trapvormige plateaus, alles bedekt met een laagje groen fluweel en zonder veel bomen. Lekker genieten tijdens het rijden dus!

We reden op gegeven moment door een klein stadje toen ik opeens een raar geluidje hoorde: we waren over een klein stukje plank gereden, en die zat nu vast in onze band! Toen Hans gelijk stopte viel het plankje los en er leek een spijker vers afgebroken – oeps, zat die nu in onze band? We konden niets vinden en reden door, zenuwachtig voor langzaam leeglopende banden…

We sloegen de gravelweg over die we eigenlijk volgens onze route hadden moeten volgen, en reden in plaats daarvan liever 50 km om op asfalt: mocht er een lek zijn dan konden we namelijk in een klein stadje aan die asfaltweg misschien een garage vinden. In het stadje (“Kokstad”) aangekomen stopte we nog een keer, nog altijd zenuwachtig, en bekeken nogmaals zorgvuldig de twee banden aan mijn kant. Opeens vond ik de spijker, en Hans trok hem eruit – hij was gelukkig maar zo’n 2 cm lang, waarvan 1 cm schuin in het dikste gedeelte van het profiel was geboord. Oef, gek als het klinkt was dat toch een geruststelling; deze 4WD banden zijn van dik rubber dat tegen een stootje kan, zeker het centimeters-dikke profiel… De kans dat we een langzame lekkage hadden was dus een stuk kleiner geworden. We konden weer verder!

De laatste 80 km reden we op een redelijk goede gravelweg die door dit soort landschap slingerde, met in de verte nog hogere bergen en smalle valleien in het fluwelen landschap. Heel mooi, maar natuurlijk vermoeiender voor Hans om te rijden dan asfalt, en ik was pijnlijk opgeblazen en daar deed het gehobbel niet echt goed aan, iedere hobbel waar we overheen reden kreunde ik het uit!

Rond 15 uur kwamen we aan bij de coördinaten van onze overnachting: ik wist van het boeken van tevoren dat deze accommodatie in het midden van niets lag aan de weg, maar we stonden nu voor een klein enigszins onderkomen-uitziend gebouwtje, een soort winkeltje, met daarachter een hek naar een heel klein en rommelig terrein. Het zag er absoluut niet uit als een accommodatie, laat staan een comfortabele accommodatie, maar dit moest het wel zijn, de naam klopte en de coördinaten klopten. We konden het ons niet voorstellen. Een schilder die bezig was deed de poort open, en ik stapte twijfelend door een mooi tuintje dat we van de straat niet hadden kunnen zien naar de achterkant van het gebouwtje, een mooie houten serre waar ik binnen de eigenaresse vond: het bleek veel groter te zijn dan het vanaf de straat leek, met een bar, keuken, eetzaaltje, en dus drie nette kamers en een gemeenschappelijke ruimte, naast de privé vertrekken van de eigenaren en het winkeltje aan de straat! Het oudste gedeelte was nog zelfs van 1904. Achter lag een mooie grote tuin met grote bomen en een vijvertje, en onze kamer had uitzicht op een veld koeien. Het echtpaar was heel hartelijk, had alles zelf verbouwd, waren zelfs nog druk bezig met de keuken te verbouwen, en ontving ons met open armen, we waren voor vannacht hun enigste gasten.

We hebben ’s middags thee en koffie gedronken en een beetje gerust in ons nette kamertje, Hans omdat hij doodmoe was en ik vanwege mijn opgeblazen darmen. Het echtpaar had 3 volwassen Duitse herders, en een nestje van 8 herder-puppy’s, dus we hoeven ons niet onveilig te voelen vannacht, we worden beschermd door 11 herders!


Ik had tijdens het maken van de route thuis gelezen dat we misschien in dit gebied morgenochtend bij zonsopkomst een ballonvaart zouden kunnen maken, maar de instructies op een oude website van het ballonvaartbedrijfje waren letterlijk, vraag naar ons bij je accommodatie in Kamberg. Dus dat ging ik vanmiddag doen terwijl Hans bezig was met een broodnodig dutje; het echtpaar had nog nooit gehoord van ballonvaarten in hun omgeving en er nog nooit eentje over zien komen, het stond ook niet in hun kopie van het boek van de lokale VVV over activiteiten in deze omgeving dat ze even tevoorschijn haalde. Dat viel dus af voor morgenochtend, we konden op ons gemak vertrekken dus! Terwijl ik stond te praten bood de eigenaresse trots aan om even te kijken naar het nestje herder-puppy’s, en liet mij een bijkeukentje in om te kijken terwijl de moeder-herder op een afstandje gehouden werd.

We kregen ’s avonds een zelfgemaakte curry als avondeten. Wat wilde we toch graag dat we niet moe en ziek waren, want we kregen het geen van beiden op (ik maar een paar happen), terwijl het erg lekker was! Hans nam nog een toetje, maar ik sloeg het maar over vandaag.

’s Avonds na het eten deden Hans en de eigenaresse hun auto’s omwisselen zodat zij morgenochtend vroeg weg kon en wij wanneer we wilde. Terwijl ik buiten met de eigenaresse stond te kletsen schoot de moeder herder opeens uit de keuken waar ze al een tijdje rustig lag, vloog van achteren op me af en beet me in mijn kuit! Ik schreeuwde het uit, meer van schrik dan pijn, waarop ze rechtsomkeert maakte en terug de keuken in vloog! Wat de reden voor de plotselinge aanval was, geen idee: misschien stond mijn broek haar niet aan of was ze nog boos dat ik ’s middags met de eigenaresse naar haar nestje was gaan kijken! Het leek eerst mee te vallen maar ze had toch met een tand mijn huid open gekrast wat later een blijvend litteken zou worden, en een mooi rond gaatje in mijn linnen broek geprikt, balen!


We hebben ’s avonds heerlijk gedoucht en lagen al rond 22 uur in bed. Hans viel al gelijk in slaap terwijl ik nog even de administratie afgerond heb, en de wond op mijn kuit volgesmeerd met jodium-zalf – eigen schuld als de lakens morgen vol bloed en jodium vlekken zouden zitten, dan moest de eigenaresse haar honden beter opvoeden, want ze liet de moeder herder gewoon begaan – ’s middags had die namelijk ook al licht en ik dacht speels naar mijn enkels lopen happen.

free counters