Januari 2018: Wereldreis per cruiseschip

HOME
ROUTE
LANDEN
MV COLUMBUS
2021 SLOOP
AAN BOORD
WERELD

We konden vanochtend toen we rond 8:45 op het achterdek van dek 11 naar buiten stapte merken dat we in de buurt van het Panamakanaal aan het komen waren – het was een stuk drukker met vrachtschepen om ons heen! We denken te merken dat we niet echt de vrachtschiproutes volgen, want over het algemeen zien we maar een enkel vrachtschip onderweg – maar vandaag waren er een hoop, want er komen hier natuurlijk ontzettend veel routes samen voor één kleine doorgang waar ze allemaal doorheen moeten!

We hebben een ommetje op dek 14 gelopen, via de voorkant van de Observatory Dome Lounge voorop – die is tegenwoordig opengesteld als het schip op zee is tussen zonsopkomst en zonsondergang. Lekker, geeft ons net iets meer het idee dat we in de buurt van de boeg kunnen komen, zelfs al zitten we er vele verdiepingen boven! We zouden bijna op de mooi gelakte houten vlonders van de brug onder ons kunnen stappen... Het is niet zoals de Rickmers waar we iedere dag voorop konden staan en naar de bulge kijken, op zoek naar dolfijnen... Maar we genieten ook enorm van deze ervaring, het is precies dat, een ervaring! Voorop waren bemanningsleden bezig om de ketens van de ankerkettingen met menie te behandelen, het werk gaat altijd door, ook op zo’n cruiseschip!

Terwijl we er voorop stonden kwam de man en zijn vrouw langs die ons al meer was opgevallen omdat hij dezelfde soort Zuid-Afrikaanse boerenbloezen droeg als Hans graag draagt. Heel Hans zijn zomergarderobe en een deel van zijn winterbloezen komen onderhand wel uit Zuid-Afrika, we hebben er pas geleden in Namibië nog een hele stel van gekocht, zulke fijne bloezen zijn het! Maar wij waren dus overtuigd dat hij Zuid-Afrikaans was, en we raakte aan de praat met elkaar, en hij had inderdaad ook tegen zijn vrouw gezegd dat Hans waarschijnlijk Zuid-Afrikaans was om dezelfde reden! Ze woonde al iets van 30 jaar in Londen, dus hij was zoals hij zelf zei nog maar een softe Zuid-Afrikaan, maar droeg de bloezen graag vanwege de vele zakken, het fijne model en de lekkere stof, en omdat het, zo zei hij lachend, het uniform was van een stoere harde Zuid-Afrikaanse Boer, en dan leek hij tenminste nog wat!

We hebben er uiteindelijk een hele tijd gestaan, zowel kijkend naar de vrachtschepen als kletsend over kleren en Afrika met de Zuid-Afrikanen, en zijn toen terug naar onze hut gegaan om de rest van de ochtend lekker binnen door te brengen met een film en de laptop. Ook vanuit ons balkon konden we de vele vrachtschepen om ons heen volgen, leuk!

Om 11:30 begonnen we ook de haven van Cristobál in te varen, dus na even gekeken te hebben zijn we gaan eten. Omdat we vanmiddag in Cristobál, Panama zouden aankomen, konden we al terecht in het restaurant om 11:30 – gelukkig maar, we hadden ons er al bij neergelegd dat het een snelle hap in het buffet zou worden! Niet dat het eten daar slecht is, het is praktisch dezelfde kwaliteit alleen buffet, maar het zint ons daar gewoon niet zo, we worden liever geserveerd (in netjes afgepaste porties) in het restaurant, dat zit veel lekkerder, je eet minder en gevarieerder, en je kunt nog eens kletsen met je tafelgenoten.

We werden in het restaurant aan de rechterkant gezet (eigenlijk de bakboordkant, maar dat wordt te ingewikkeld), en Hans en ik zijn gewend om met iedere maaltijd aan de linkerkant te zitten dus dat voelde wat desorienterend. We zaten weer aan tafel met hetzelfde Nederlandse echtpaar waar we al eens mee gegeten hadden, en ze worstelde nog steeds met het Engels. Ze hadden duidelijk spijt toen, wat ze besteld hadden omdat ze duidelijk gedacht hadden dat het een veilige optie was, er niet zo lekker uitzag als ons eten. Het zijn volgens ons ook nog eens moeilijke eters namelijk... Hans en ik hebben in ieder geval lekker gegeten en zijn om 12:30 terug naar onze hut gegaan om onszelf klaar te maken voor de scheepsexcursie die we voor vanmiddag geboekt hadden – gewoon een stadsexcursie naar Panama City, aan de andere kant van Panama en het Panamakanaal, dan zien we nog wat van het landschap onderweg en zien we wat van zo’n stad, was onze redenering. Tegenover ons lag een vrachtschip te laden, dat leek op de Rickmers , en we voelen ons dan gelijk een beetje nostaligsch.

We hadden van te voren, voor in het routeboek, gekeken wat er allemaal in de haven van Cristobál eventueel te doen was, of in het havenstadje ernaast dat Colón heet. Ik moest wel lachen toen ik op internet vond dat er eigenlijk maar drie tips waren: ga OVERAL met de taxi en stap niet uit, rijd zelf (en stap niet uit), beter nog, kom niet naar Colón! Er is GEEN toeristenindustrie (werd ook bevestigd door de poortinformatie die we kregen, de VVV en zo was allemaal in Panama City, 80 kilometer verderop...), en het is arm en crimineel en vervallen. Het is schijnbaar een van de gevaarlijkste steden van Zuid-Amerika of in ieder geval dit gedeelte, en overvallen midden op straat en midden in de dag waren niet ongebruikelijk. Oeps, slik... We spraken vanochtend nog de Zuid-Afrikaan op het achterdek en vertelde hem dit, en die had lachend gezegd tja Colon, je weet wat dat betekent he (dikke darm), dus dat zegt waarschijnlijk genoeg... Er was dus niets te doen in Cristobál of Colón voor ons, en wat er te doen was was niet aan te raden – er was schijnbaar ook maar één winkelcentrum waar het enigszins veilig was om rond te lopen als buitenstaander, omdat die privé bewaking had... Hoe erg het echt is weet je natuurlijk nooit. Wij hebben in onze onwetendheid toen heerlijk rondgewandeld toen we met de Rickmers in Vera Cruz in Mexico waren, en kwamen er pas een jaar of wat geleden achter dat het een van de gevaarlijkste havensteden van Mexico was! We hadden dus in ieder geval maar gekozen voor de stadsexcursie van Panama City, vooral met het idee dat je dan ook wat van het binnenland onderweg zag.

Onze excursie was vervroegd van 13:30 naar 13 uur, vanwege het wat vroegere aankomst in Cristobál. In het dagelijkse programma gisteravond had gestaan dat we een kwartier van te voren op de kade moesten staan. Het schip was echter nog niet vrijgegeven, maar ja, instructies zijn instructies, dus we zijn om 12:45 naar beneden gegaan en strandde in het trappenhuis op dek 5, want dek 4 was nog niet vrijgegeven en de poort nog niet open... Het heeft uiteindelijk 25 minuten geduurd om als mensenmassa vanaf dek 5 naar dek 4 te lopen, helemaal naar voren in het schip te schuifelen en via een uitgang voorin dek 4 naar buiten te gaan. Ondertussen werden de goedbedoelde maar niet goed geinformeerde berichten van de leiding van het entertainmentteam lachend ontvangen door ons terwijl we in de warme gangen stonden te wachten om weer een halve meter op te schuifelen; hij deed over de intercom doodleuk dingen aankondigen zoals, om 13 uur, dat je een kwartier van te voren naar buiten moest gaan voor je excursie, en iets later, dat het schip nu vrijgegeven was en men van boord kon. Mensen die naast ons stonden begonnen de berichten na te doen met opmerken zoals “voor de excursie van 11 uur vanochtend kunt u nu naar buiten gaan”; het werd heus wel gezellig, maar men was niet bepaald onder de indruk van de crowdmanagement en organisatie-kunde van de leiding. Deze grote opstopping had waarschijnlijk flink verminderd kunnen worden als ze tijdig iets omgeroepen hadden zoals dat het vrijgeven van het schip iets verlaat was en dat we geinformeerd zouden worden als we naar beneden konden gaan, maar geen zorgen alle excursies zouden wachten tot iedereen van boord was. Zoiets zou al flink gescheeld hebben, want de eerste excursie (8 bussen voor Panama City, zo’n 160 man) moest officieel al om 12:45 buiten staan maar het schip werd uiteindelijk pas om 13:10 vrijgegeven en toen stonden we allemaal al hutjemutje op elkaar gepakt in de gang van dek 4...

We stonden op gegeven moment dichtbij onze Duits/Amerikaanse tafelgenoten, die vandaag een excursie gingen doen om apen te kijken. Ik zei knipogend tegen de vrouw dat als ze terugkwam van de excursie, ze moest opletten dat ze de juiste aap mee terugbracht, en keek veelbetekenend naar haar man; allebei moesten lachen (de man als kiespijn), en een bijstaander die het opgevangen had moest hard lachen en riep dat we al lang en breed aan de apenexcursie begonnen waren, kijk maar om je heen! Dat werd door anderen opgepikt en leverde even wat gezellige flauwekul op over apenheulen, gekkenhuizen en dergelijke...

Om 13:10 deed ik de officiele scheepsfotograaf kieken terwijl hij net een verplichte foto van mij maakte terwijl ik van de loopplank afstapte – ik denk dat zijn foto van mij vergelijkbaar is met mijn foto van hem, hij kon er wel om lachen! Er was hier in Cristobál geeneens een cruiseterminal, maar gewoon een partytent op de kade opgezet, waar wat winkelstalletjes opgezet was, een bandje stond te spelen, een barretje was opgezet, en wat mooi verkleedde dames zichzelf aanboden voor de foto.

Om 13:15 vertrokken we voor de rit naar Panama City in kleine minibusjes met hele smalle stoelen en plek voor zo’n 20 man (eigenlijk meer want je kon in het gangpad ook op iedere rij een stoel naar beneden klappen). Toen we het terrein verlieten werd het busje gesprayed met een of ander ontsmettend goedje, en er was ons ook gewaarschuwd in het dagelijkse programma om onze handen zowel bij van boord gaan als bij aan boord komen te wassen, typisch!

Colón zag er inderdaad uit alsof het betere dagen gekend had, maar al gauw reden we door het groene platteland. Onze gids sprak niet heel erg goed Engels (het was erg Spaans, met de typische uitspraken zoals es-special en plan-n-éd) en ratelde aan een stuk door over van alles. Ik kreeg de indruk dat hij eigenlijk niet goed wist waar hij over moest vertellen.

We reden langs de rivier die mondde in het Panamakanaal en deze voedde, en langs de meertjes die naar het Panamakanaal leidde. Verder veel mooie jungle, heuvels, kleine gehuchtjes en mooie grote woudreuzen. De gids vertelde van alles over het Panamakanaal, het land zelf en de stad. Het smalste stukje van Panama, waar het Kanaal ook ligt, is maar 80 km breed, en de ontdekkingsreizigers waren zich in de 16e eeuw al bewust van het feit dat er waarschijnlijk een andere zee aan de andere kant lag van dit land.

Na een dik uurtje reden we rond 14:20 de buitenwijken van Panama City binnen, die aan de andere kant van Panama en het Kanaal ligt, aan de Stille Zuidzee kant. De weg was druk, er liepen verkopers tussen het verkeer door en op gegeven moment reden we langs een karakteristieke buste in de middenberm – Christoffel Columbus!

Na nog een half uurtje, rond 14:50, kwamen we langs wat oude ruïnes; er waren drie afzonderlijke Panama City’s, schijnbaar; de oudste was de Old Panama City die lang geleden door piraten in de as gelegd is. Daar reden we nu langs; er werd niet gestopt, we reden wel echter eerst heen en toen via de rotonde terug erlangs zodat beide kanten van de bus een glimp van de ruïnes konden opvangen. Het zag er wel uit als een leuk parkje om een keer doorheen te lopen, en met name een oud klooster stond er nog enigzins mooi bij, of tenminste, er stonden nog wat muren van overeind! Helaas stond er een hoog hek omheen die helemaal volgegroeid was met klimop zodat je vanuit de weg weinig van de ruines kon zien. Ach ja...

Toen reden we via de New Panama City, de moderne stad vol indrukwekkende wolkenkrabbers in de gekste vormen en maten, naar de iets minder oude New Old Panama City, de stad die na de piratenaanval opnieuw ontstaan is iets verderop.

Hier zocht de bus een parkeerplaats en werden wij uitgeladen voor een stadswandeling door de New Old Panama City. Tja het was een wel aardig koloniale wijk maar met veel achterstallig onderhoud en wat ruïnes en veel restauratiewerk. We kregen sterk de indruk dat dit Panama’s poging was om iets anders te laten zien qua bezienswaardigheden dan het Panamakanaal wat eigenlijk ook het enigste is dat buitenstaanders kennen van Panama. En zo te zien ook ver het enigste is wat echt de moeite waard is om te kennen van Panama City.

Hans en ik bereidde ons al voor op een uurtje onze tijd uitzitten. En we wilde nog wat dingen op internet doen, maar we hadden in Cartagena totaal geen wifi kunnen vinden dus dan was er, los van de bezoekerstribune bij de eerste sluizen van het Panamakanaal morgenvroeg, waarschijnlijk geen mogelijkheid meer tot we in Frans Polynesië waren...


Gelukkig zag Hans een bord naast het pleintje staan waar de bus ons afzette, en ik vertaalde het; er stond zoiets als dat je hier welkom was om op het door de regering vrij aangeboden wifi-netwerk in te loggen! Kijk, net zoals in Rusland, gratis stadswifi! Dat moeten we hebben... We trokken gauw onze mobiels tevoorschijn terwijl we achter de gids en de groep aanschuifelde om het pleintje heen (er was toch nauwelijks iets te zien, we gingen bijvoorbeeld een leeg zaaltje in dat binnenkort het museum van het Panamakanaal moest worden, waar we 5 minuten naar de gids moesten luisteren), maar jeetje, je moest je hele doopceel invullen en het formulier was Spaans en niet erg medewerkzaam voor een klein mobiel-schermpje!

Na een of twee pogingen kwam ik er als eerste op, en terwijl Hans mij begeleidde over de onregelmatige stoep terwijl we naar een hotel liepen voor een plaspauze voor sommige passagiers, deed ik al lopend inloggen op de ING website (die is altijd vreselijk langzaam in het buitenland), en vliegensvlug printscreens van onze rekeningen maken zodat we er straks nog even rustig naar konden kijken (we zijn per slot van rekening 4 maanden weg) terwijl de whatsappjes ondertussen binnenkwamen!


Gelukkig duurde het erg lang voordat iedereen naar de wc geweest was, dus we hadden alle tijd en ik stond in het portiek van het hotel waar ik uit de brandende zon stond maar nog wel het netwerk van het pleintje opving. Toen de bankzaken waren afgewerkt heb ik Hans geholpen met inloggen op dezelfde account die ik net gemaakt had, en kon ik de mail binnenhalen en versturen – een fotootje van ons tweeën in Barbados voor de kapitein van de Rickmers , vind hij vast grappig, en wat foto’s en het tweede verslag voor het blog.

Toen hebben Hans en ik de rest van de rondwandeling, die niet zo interessant was, heerlijk kunnen whatsappen en internetten – al lopend door de ruïnes van een oude kerk, een tijd bij een of ander standbeeld staand, en door wat mooie koloniale straatjes lopend waar overal Panamahoeden verkocht werden (ik dacht dat de échte Panamahoed uit Ecuador kwam). Ondertussen deden Hans en ik elkaar waarschuwen voor onregelmatigheden in de ondergrond of als de groep weer in beweging kwam, en deed ik al multitaskend ook nog onderweg wat foto’s maken. De wifi was het sterkst in de pleintjes, en dan van erg goede kwaliteit, alleen hij viel nog weleens weg als de zijstraatjes te lang werden. We konden wat berichtjes naar de zwemgroep-app sturen, iemand feliciteren en even mee appen die jarig was, wat foto’s naar de familie-app sturen, en ik deed ondertussen af en aan appen met mijn (ex)collega. Heerlijk! Wat waren we blij met deze onverwachte overvloed aan wifi!

Toen we weg van de pleintjes liepen langs het water viel de wifi weg, helaas, maar toen kwamen we net bij een pleintje waar een typisch straatkarretje stond dat we al eens gezien hadden; een groot blok puur ijs waar de verkoper vliegensvlug een beker vol schraapsel voor je vanaf schaafde, en dan de toppings van je keuze op deed zoals gecondenseerde melk of fruitsiropen, dus dat was leuk om naar te kijken.

Iets verderop kwamen we bij een mooi monument voor de bedenkers en ontwerpers van het Panamakanaal. Erg mooi, jammer dat we er niet zo heel veel tijd konden doorbrengen. Hans deed nog wel even een foto voor een vriend maken van meneer De Lesseps, die het Suezkanaal ontworpen had en ook een poging maakte om het Panamakanaal aan te leggen. Bijzonder was dat een Cubaanse wetenschapper werd genoemd die, als ik het Spaans goed vertaalde, ontdekte wat gele koorts veroorzaakte en hoe het bestreden kon worden, dat natuurlijk een grote ontdekking is op wereldschaal, maar ook van gigantisch belang voor het maken van het Panamakanaal, want hierdoor werd het mogelijk om de tropische zones van het Panamakanaal te reinigen, letterlijk, en daardoor te voorkomen dat er NOG meer levens opgeofferd werden dan al het geval was. Daarom werd deze “ilustere, wijze Cubaan” speciaal bedankt door de regering en de stad van Panama en zijn nagedachtenis vereeuwigd in dit monument. Zo stond het er ongeveer omschreven. De gids had al in de bus verteld dat van de 75.000 werkers aan het Panamakanaal schijnbaar 25.000 overleden tijdens de aanleg, het grootste gedeelte daarvan aan tropische ziektes zoals malaria en dus ook gele koorts. Dit was dus inderdaad een belangrijke man voor het Panamakanaal, zelfs al is hij er misschien niet eens in de buurt van geweest. Leuk!

Bovenop de galerij die om het monument heen aangelegd was zaten verkopers handwerk te verkopen – ik zag veel van een bepaald type patchwork dat in laagjes wordt opgebouwd dat ik herkende uit Colombia, mola’s heten ze, gemaakt door een bepaalde indianenstam, en de typische klederdracht van die stam herkende ik ook in wat de vrouwen die bij de stalletjes zaten droegen. Ik was er wel nieuwsgierig naar want Panama is vroeger een deel van Colombia geweest, en er stond een kleine plaquette in de muur gemonteerd over een of andere groep Colombianen die hier naar toe gekomen was, dus ik sprak in mijn beste Spaans een erg Indiaans-uitziende man aan die Panamahoedjes erg mooi aan het beschilderen was, of ik hem iets mocht vragen. Hij keek verrast op, natuurlijk; en ik vroeg hem of hij uit Colombia of Panama kwam. Nu keek hij helemaal verrast, Panama natuurlijk. Dus ik legde uit dat ik de patchworkdoeken achter hem herkende van Colombia, vandaar mijn vraag. Nee nee, die komen niet uit Colombia maar uit Panama, ze komen maar een klein beetje uit Colombia, vooral Panama. In Colombia zeggen ze precies het tegenovergestelde en kon je vroeger (en zoals ik gister in Cartagena zag, nog steeds) overal dat soort doeken kopen. Het was me duidelijk, het komt dus uit allebei de landen en ieder land zal waarschijnlijk zeggen dat het vooral uit hun land komt en het buurland het overgenomen heeft. Interessant in ieder geval!

Wat verderop was een prachtig uitgedoste vrouw in traditioneel kostuum met enkels en armen vol armbandjes een hele mooie en ingewikkelde grote doek in mola-stijl aan het borduren vol dieren – het zag er erg mooi uit, maar ik durfde geen foto te maken want ze keek me zo penetrerend aan dat ik alleen maar beleefd knikte!

De skyline van de nieuwe stad was erg indrukwekkend en we hadden er vanuit hier een mooi zicht op, en het enkele stalletje werd al gauw een hele galerij stalletjes – wij hadden nog zo gedacht dat deze excursie geen winkelcomplex zou aandoen! Maar niet dus...

Ach ja, we wandelde er doorheen tot we rond 16:15 bij een tentje aan het einde kwamen waar je wat te drinken kon kopen, en we moesten hier 20 minuten doorbrengen. Hans en ik hebben van ellende een beetje rondgehangen, de gids geloofde het duidelijk wel en maakte zich er gemakkelijk van af met deze stadswandeling. Er was hier geen wifi helaas en het was thuis al na 22 uur dus men lag onderhand al weer bijna in bed...

Om 16:40 kwamen we pas weer in beweging nadat Hans de gids vriendelijk vroeg waar we als volgende heen gingen zodat wij alvast konden lopen omdat het zo lang duurde.

Een klein eindje verderop en 5 minuten later kwamen we bij een mooie kerk aan waar we even doorheen mochten wandelen – de gids bleef buiten, 15 minuten zei hij. Tegenover de kerk was een pleintje ter ere van Simon Bolivar, dus daar hebben Hans en ik, nadat we door de kerk heengewandeld waren, ook even rondgekeken, en toen hebben we ons op een bankje geinstalleerd en gekeken naar een straatverkoper van geschaafd ijs die af en toe zaken deed en op gegeven moment zijn maaltijd geleverd kreeg door een van de automobilisten die langskwamen.

Iets langer dan 15 minuten later, om 17:05 kwam het busje ons ophalen, en konden we instappen voor de terugrit door de oude en nieuwe stad en het platteland. Onderweg terug naar Colón reden we weer langs de Japans/Panamanese visafslag van de heenweg – er stond een container met afval en grote pelikanen stonden er druk in te graven op zoek naar visafval, een indrukwekkend gezicht! Inbegrepen in deze excursie zat een flesje drinken, een broodje kip en een bananenmuffin, die werden nu uitgedeeld omdat we op de heenweg er geen behoefte aan hadden gehad (iedereen had net geluncht!), en toen hebben we een lekkere rit terug naar Colón gehad.

We kwamen te vroeg in Colón aan – onze excursie was een kwartier later dan gepland begonnen, en had oorspronkelijk tot 18:30 moeten duren. Dus eigenlijk tot 18:45. Maar wij stapte al op de kade uit om 18:25... Ach ja, ze hebben misschien wat extra tijd ingebouwd voor eventuele files of zo. Hans en ik waren misschien nog wel het allerblijste geweest met de goede wifi die we onverwacht tegenkwamen, maar de excursie was verder niet zo heel erg bijzonder geweest. Panamacity lijkt op dit gebied gewoon niet zo veel te bieden te hebben, er zijn veel mooiere oude koloniale steden in Zuid-Amerika.

Hans en ik hadden ons er al op ingesteld om een snelle hap in het buffet te halen, omdat we te laat waren voor het restaurant. Het was nu tenslotte bijna 18:30 en normaal gingen we al om 17:45 naar binnen. Maar we hadden ook weleens mensen laat binnen zien komen dus we besloten het erop te wagen – we konden altijd nog naar boven als we niet meer in het restaurant terecht konden. We hebben onze spullen gedumpt in de hut en zijn snel naar beneden gegaan, waar we inderdaad gewoon nog welkom waren; aan onze tafel was een Nederlander komen zitten die helemaal alleen zat aan zijn tafel, en omdat het Duits/Amerikaanse stel er nog niet waren, was er voor hem plek en had het Amerikaans/Filippijnse stel hem uitgenodigd. Het werd nog best gezellig en Hans en ik werden in rap tempo geserveerd, prima wat ons betreft!

We kregen te horen van het Amerikaans/Filippijnse stel dat ze de shuttle genomen hadden en inderdaad bij een bewaakt winkelcentrum afgezet waren, en dat sommige mensen het zo eng vonden dat ze in de shuttle bleven zitten terug naar het schip en helemaal niet uitgestapt waren. De Nederlander bevestigde dat hij dat ook gezien had – ze waren gewaarschuwd in de shuttle dat ze niet verder dan 500 meter bij het winkelcentrum vandaan moesten lopen, bizar! En geen wonder dat sommige mensen dan bang worden, als ze bewaking zien en zo’n waarschuwing krijgen! We hebben lekker gegeten en waren rond 19:30 in onze hut waar we de hapjes ook nog even opgegeten hebben als extra toetje, om de avond lekker in onze hut met thee en oploskoffie door te brengen terwijl het vrachtschip dat tegenover ons lag aan de kade gestaag doorging met laden.

free counters