Januari 2018: Wereldreis per cruiseschip

HOME
ROUTE
LANDEN
MV COLUMBUS
2021 SLOOP
AAN BOORD
WERELD

Vanochtend werden we rond 6 uur wakker nadat ik vannacht klaarwakker gelegen had tussen 2 uur en 4:30 – dat overkomt mij nooit, meestal ligt Hans slapeloos wakker ’s nachts, maar die heeft vannacht redelijk rustig geslapen. Het was buiten al mooi, in de verte zagen we de donkergroene vormen van een eiland, dat volgens de gps Komodo was. We zijn om 7 uur opgestaan en hebben ons aangekleed om op ons balkon te kijken hoe we langs het eiland en schijnbaar een baai invoeren – het bleek een lange U-vorm te zijn en omdat we enkel de linkerkant zagen vanuit ons balkon leek het eerst alsof we langs het eiland voeren, tot we voor ons ook land zagen en voor anker gingen.

Je mocht vandaag alleen aan land als je een officieel goedgekeurde excursie had geboekt – scheepsexcursie of een privé-excursie die je via de receptie doorgegeven had aan het schip. En er zijn voor vandaag 27 groepen verspreid over 12 vertrektijden; wij zitten in de tweede tijd van de dag, om 9:10. De tijden verspringen steeds tien minuten, dus de eerste vier tijden zijn 9 uur, 9:10, 9:20 en 9:30, en dan vanaf 11 uur 4 tijden 10 minuten uit elkaar, en de laatste 4 tijden beginnen om 13 uur. Allemaal heel dicht op elkaar dus, plus het is een tender poort, dus Hans en ik hielden onze harten al vast, dit ging een zooitje worden!


Maar het leek er echt op alsof de leiding vastbesloten was dit soepel te laten verlopen. We moesten een half uur voor onze vertrektijd (bleek weer ergens anders drie kwartier te zijn) verzamelen in de Palladium showlounge, kregen daar een tender-ticket met nummer 3 erop (klopt, in onze tijds-slot zit groep 3 en 4), en een geel armbandje om. Latere mensen hadden een groen armbandje om, dus er leek een systeem in te zitten. Een Indonesische man stond mee te helpen met het organiseren, en al hadden ze er niet aan gedacht om de entree naar de showlounge op dek 8 af te sluiten, ze hadden wel de ene deur van dek 7 gesloten zodat iedereen door de andere deur moest en geregistreerd kon worden. Gelukkig denken de meeste passagiers er ook niet aan om dek 8 te gebruiken als ingang voor zoiets, dus het ging allemaal prima. En netjes na ongeveer een 10-15 minuten wachten konden we meelopen achter iemand met bordje 3 erop – door de gesloten deur, dus de ingaande en uitgaande stromen beinvloedde elkaar niet. Er leken ook twee tenders tegelijkertijd te opereren, aan de ene kant gingen groep 1 en 2 erin, en aan de andere kant moesten wij en groep 4 erin – jammer was wel dat we lang in de tender moesten wachten tot iedereen van groep 4 er was, en bleek dat er ook nog eens mensen van een nog latere vertrektijd moesten komen omdat ze de tender wilde opvullen. Dus we waren wel iets te laat bij de kade, maar daar werd iedereen weer goed opgevangen door de gidsen van het park. Al met al dus denk ik misschien wel de meest soepele tender-operatie van deze reis tot nu toe.

Komodo Eiland is een van de twee of drie eilanden speciaal uitgeroepen als Nationaal Park voor de Komodo varanen of “draken”, een uit de kluiten gewassen monitorhagedis die wel 3 meter lang kan worden en 30-50 jaar oud (wat op zich niet zo heel oud is voor zo’n groot beest, zeker niet als je het met krokodillen zoals salties vergelijkt die wel 80-100 kunnen worden). Het is de grootste hagedissensoort ter wereld, en volgens mij ook de enigste hagedis met gifklieren; een log beest om te zien maar hij kan wel 80% van zijn lichaamsgewicht in één keer opeten, in grote brokken als het moet, net als een slang, en hij kan korte sprintjes van wel 20 km/uur maken (niet met volle maag natuurlijk). Hij kan niet ademen als hij rent, vandaar de korte sprint, maar heeft wel een soort van lucht-zak waar hij dan tijdens het rennen nog even uit kan putten. Ze eten van alles, zelfs elkaar of mensen, en kunnen erg aggressief zijn, hoewel er, als ik het goed begreep, maar 5 echte gevallen bekend zijn van een mens die opgegeten is, en een daarvan was een man die fruit aan het plukken was in een boom, uit de boom viel en bovenop twee luierende draken eronder – tja, dan snap ik wel dat ze hem opgegeten hebben...

Hoe dan ook, een indrukwekkend beest! In de schaduw van de bomen aan de kust van het eiland kreeg iedereen een flesje water, en werden de groepjes voorgesteld aan hun lokale gids en 2-3 parkwachters met lange stevige stokken om eventuele nieuwsgierige of aggressieve draken op een afstandje te houden. Hoewel ik gelezen had dat jonge draken gelijk wegvluchten als ze mensen aan horen komen, en zelfs grote volwassen draken wel op de loop gaan als ze mensen zien. Maar terwijl we daar allemaal stonden en wat uitleg kregen over het park en iedereen nog een beetje relaxed was want we waren nog niet “officieel” op zoek naar draken, kuierde er op zo’n 20 meter afstand van de mensen een middelgrote draak op zijn gemakje vanuit het bos naar het strand toe. Wauw! Ze hebben hier mooie zandstranden (heel het eiland ziet er bloedmooi uit), en goed snorkelwater met riffen en allerlei vissen, maar het idee dat je op het strand ligt en er opeens zo’n draak langswandelt of aan je komt snuffelen is toch niet echt geweldig denk ik... En ze kunnen nog zwemmen ook, zelfs in de zee, dus dat is ook niks!

We hebben toen een wandeling door het bos gemaakt – deels op zoek naar draken, maar alle kleine jonge draken zouden zich toch nooit laten zien dus ik had weinig verwachtingen dat er opeens eentje op het pad zou zitten. En we liepen met veel groepen, hoewel de lokale parkwachten wel probeerde om wat ruimte te laten tussen de groepen (iedere groep was zo’n 25 man, totaal 27 groepen waarvan 9 rond dezelfde tijd rondliepen – alle groepen van 9:00 tot 9:30), dus alles zou al lang en breed weggejaagd zijn voor wij er kwamen. Een groep vertelde dat ze een hele jonge draak (of misschien een gewone hagedis) een sprintje hadden zien trekken over het pad een eindje voor ze.

Maar wij liepen dus maar een beetje door het bos, en af en toe werd iets aangewezen – zoals een tamarinde-boom, waarvan we de lichtzurige zaden konden proeven. Of een holle boom waarin normaal gezien baby-draken zouden schuilen nadat ze geboren worden. Want de moeder legt de eieren en laat ze dan aan hun lot over, en volwassen draken lusten ook baby-draken – of zelfs de eieren. Dus zodra de ongeveer 5-7 cm grote eieren uitkomen kruipen de 10-20 cm lange baby-draken de bomen in, waar volwassenen niet bij ze kunnen, en eten alles wat kleiner dan hen is totdat ze groot genoeg zijn om het op te nemen tegen de volwassenen!

We kwamen ook bij een gigantisch nest aan; zeker een halve meter hoog en misschien wel anderhalve meter doorsnede. Helemaal duidelijk was het niet precies, het klonk alsof dit oorspronkelijk een of andere nestel-berg of zoiets van een parelhoender was geweest, maar de draak groef er schijnbaar verschillende nesten in waarvan maar in ééntje echt ook zo’n 30 eieren gelegd werden – de rest van de nesten waren dus nep. Vrouwtjes konden heel fel vechten om zo’n nest, want ze bouwden ze dus schijnbaar niet zelf en er was een tekort van op het eiland. Sowieso ook aan eier-leggende vrouwtjes, en als die volwassenen draken dan ook nog eens de eieren opeten dan is het wel te snappen waarom ze bedreigd worden, even los van de andere oorzaken zoals stropen en zo. Ze waren volgens mij niet zwaar-bedreigd, er is wel een stabiele populatie van zo’n 3000-5000 draken op de verschillende eilanden van het park, maar de situatie was in ieder geval niet optimaal. Schijnbaar doen draken het liefst niet op wilde varkens jagen, omdat die flinke slagtanden hebben en als ze bedreigd worden gaan krijsen als een speenvarken waarop er 10 maten aangerend komen om het slachtoffer te redden – ook allemaal met flinke slagtanden!

Een van onze parkwachters deed het meeste praten, en liet tot twee keer toe een filmpje zien op zijn mobiel; de ene van een draak die een redelijk formaat aap inslikt alsof het een klein pilletje was – gewoon twee keer zijn kop naar achter gooien en de aap verdween! Alleen de staart kostte wat moeite en bleef nog even een paar tellen uit zijn bek hangen! Het andere filmpje was van een nest eieren die uitkwam, met de kleine baby-draken die er gelijk vandoor gingen. Toen we bij het nest uitgekeken waren vroeg onze gids een beetje verlegen of er mensen bij de groep waren die misschien ongesteld waren. Dat moesten ze weten namelijk, vanwege de draken, want we gingen nu de draken bezoeken. Het lijkt er dus op dat je ook naar de draken kunt als je ongesteld bent, maar dan letten de parkwachters misschien gewoon wat meer op je of zo? Want toen we de excursie boekte was de boodschap dat je niet meekon als je ongesteld was. Er was niemand die ongesteld was dus we konden door.

Een klein eindje verderop was een opening in het bos en zaten tussen de struiken wat parkwachters op veldbedjes of stoeltjes. In het midden bij de grote woudreus in de schaduw lagen totaal wel 5 draken, van twee grote joekels van tegen de 2,5-3 meter lang die bij navragen zo’n 25-30 jaar oud bleek, tot een “kleintje” van misschien 1,5 meter lang. En twee er tussenin. Wauw!

We moesten op een bepaalde afstand van ze gaan staan, naast elkaar, ongeveer een kwart van een ring, zodat iedereen ze goed kon bewonderen zonder dat ze zich al te bedreigd zouden voelen. Maar deze jongens leken heel relaxed – het waren ook allemaal mannetjes, volgens de parkwachters – en ze lagen lekker te dutten in de warmte (het zweet stroomde al heel de ochtend van onze ruggen), keken af en toe op, stonden heel soms lui op om een paar stappen te sjokken voor ze weer neerplofte of liepen naar een waterbron om wat te drinken. Als ze overeind kwamen zag je goed dat ze er gezond uitzagen en dikke hangbuiken hadden; ze hebben net als een slang een langzaam maar erg efficient verteringssysteem en kunnen erg lang teren op een grote maaltijd. Maar in principe eten ze wanneer ze de kans krijgen en deze jongens hadden het duidelijk goed! Dat maakt ze natuurlijk ook wat benaderbaar voor de toeristen...

Het waren wilde varanen en er was geen afscheiding tussen ons en hen, maar ze waren lui en hadden volle buiken dus weinig behoefte om al te actief te zijn, waardoor we ze mooi konden bekijken. Volgens de parkwachters hadden we geluk dat er vandaag wel 5 lagen bij de waterbron, dat was niet altijd het geval – hoewel ik vermoed dat de waterbron ervoor zorgt dat ze er altijd wel op kunnen rekenen dat er minstens een of twee draken zijn. En de parkwachters doen natuurlijk verkennen waar de draken zich ophouden zodat ze bezoekers er naar toe kunnen brengen om ze te zien. We vermoeden dat de parkwachters op hun veldbedjes gewoon bij de draken blijven en ze volgen mochten ze weglopen zodat ze weten waar ze heengaan.

Er was op onze wandeling ook een koppel dat van een ander eiland gekomen was om hier een excursie te doen, en het viel ons op dat zij precies dezelfde tijd aankwamen als wij, precies dezelfde wandeling deden als wij (ze zullen wel gebaald hebben van al die hordes mensen van het schip!) en later ook precies op hetzelfde moment als wij weer door hun privé gids naar hun bootje gebracht werd; die kregen dus exact dezelfde excursie als wij.


Ik had eerder, bij wijze van contact maken met onze lokale gids een beetje gekletst over toen ik in Brunei woonde, en vertelde hem het verhaal dat ik als 4-5 jarige ergens binnen was (kinderfeestje, kindergarten, vriendinnetje, zoiets) en buiten in het gras een grote monitor-hagedis zag lopen (behoorlijk grote hagedissen die ook zeker 2 meter lang kunnen worden), en naar buiten wilde naar de hagedis toe. Ik wilde er denk ik mee spelen, en weet nog hoe boos ik was op de volwassenen die me niet naar buiten lieten! De gids was daar behoorlijk van onder de indruk, en toen we bij de draken stonden vertelde hij dat verhaal in het Indonesisch tegen de parkwachter vlakbij ons – ik hoorde woorden als “Brunei” en “monitor”! De parkwachter reageerde verbaasd, en hield me iets beter in de gaten mocht ik opeens gekke ideeen krijgen... Maar ik verzekerde hem dat ik wel snapte dat ik niet met deze hagedissen kon spelen!

Nu hebben we in ieder geval zo lang mogelijk van de draken genoten, en liepen toen half om de opening in het bos heen zodat we nog even aan de andere kant konden staan kijken, en Hans en ik hebben zo lang mogelijk naar de draken staan kijken. Terwijl wij op de tweede kijk-plek stonden, kwamen wat groepen achter ons aan de opening in en spreidde zich uit rond de draken, en het leek erop alsof een of twee van de draken wat actiever werden – nu waren die latere mensen ook wel een stuk lawaaiiger dan wij waren geweest, en wij waren ook gewaarschuwd om geen schijnbewegingen te maken of al te veel met onze camera’s te zwaaien vanwege de lichtflitsjes die dat met het zonlicht kon veroorzaken, zoiets kon de draken irriteren. Later hoorde we dat een van de draken zelfs een aanzet maakte om richting de mensen te lopen en een parkwachter ertussen moest gaan staan met zijn stok voor de draak zich bedacht. Op zich vind ik het niet gek, de draken waren zich duidelijk bewust van onze aanwezigheid en in ons niet geinteresseerd, maar sommige mensen doen domme dingen omdat ze niet opletten of net dat ene shot willen maken, dus waarschijnlijk was een van de passagiers te dichtbij gekomen. Wij hebben er in ieder geval uitgebreid van kunnen genieten!

Na een korte wandeling waren we terug bij de landingsplaats, waar nu inmiddels een hele markt aan soevenirstalletjes zichtbaar was! In de reisomschrijving had gestaan “een of twee stalletjes”! We werden naar het stalletje van de moeder van de parkwachter gebracht om daar wat te kopen, en Hans en ik zijn langs de stalletjes gaan kuieren richting het strand. Er waren hele mooie houten draken-beelden te kopen, heel fijn gedetaileerd, maar zoals Hans zei, je moest wel een heel groot beeld kopen om er echt aan af te zien dat het een Komodo draak was – de kleintjes leken net hagedissen! Ik vond vooral mooi hoe er tientallen van die beelden bij elkaar stonden. Verder kon je t-shirts in alle kleuren kopen (ook rood), en allerlei andere toeristische prulletjes.

Bij het strand aangekomen hebben we nog even geposeerd bij de stenen muur die de entree tot het Nationaal Park aankondigde, en een klein beetje op het strandje gelopen, maar het was bloedheet en we waren doorweekt van het zweet door de extreme luchtvochtigheid. We kopen geen soevenirs dus er was verder ook weinig voor ons om te doen hier, en we zijn rond 11 uur in een tender gestapt terug naar het schip.

Terug in onze hut om 11:30 hebben we onze doorweekte kleren uitgetrokken en lang gedoucht – heerlijk! En we hadden geluk, doordat het vandaag een beetje een gekke dag was want je mocht alleen naar land als je een excursie had en als de excursie afgelopen was en je je soevenirs had gekocht moest je terug (je mocht niet blijven rondhangen aan land), was het restaurant gewoon open, vanaf 12:30. Dus toen we gedoucht waren en omgekleed en even gezeten hadden zijn we naar beneden gegaan om te lunchen.

We hadden iets meer geluk met onze tafelgenoten dan gisteren, maar het was nog altijd niet veel; een Australisch koppel was erg aanwezig en een beetje dommig, en het andere, Engelse, koppel leek wel aardig maar we werden allebei volledig ondergesneeuwd door het Australische koppel dat het gesprek min of meer steeds kaapte. Ach ja, beter dan in stilte je eten naar binnen moeten werken denk ik dan maar! En omdat we het zo warm hadden gehad hebben we allebei zowel een drankje als een ijsje genomen – meestal neem ik geen fris bij de lunch en we nemen allebei al weken geen toetje meer voor de lunch. Maar vandaag mocht het van onszelf!

Komodo Eiland zelf is schitterend mooi; het was ook zeker geen straf om de middag er alleen maar naar te mogen kijken. We hebben heel de middag genoten van het uitzicht vanuit ons balkon en het achterdek, en zijn om 16 uur buiten gaan zitten omdat toen de zon helemaal uit ons balkon was. Wat een mooi eiland! We lagen in een langgerekte baai van redelijk steile, geplooide heuvels en rotsen. Over het landschap was een groene fluwelen deken gelegd, het leek net dat nepfluweel dat je weleens op poppetjes ziet. In de valleien, langs de smalle witte zandstranden en soms bovenop de rotsen stonden bossen van donkergroene bomen met prominente palmbomen eruit stekend. Op de nepfluwelen flanken van de heuvels waren dotjes donkergroen van struiken of gedrongere bomen. Soms zag je ook kale rotsen in het nepfluweel liggen.

Overal lagen eilandjes in de baai, als je in de verte keek zag je laag na laag van eilanden en heuvels achter elkaar liggen. In het soms bijna zwarte water waren kinderen in kano’s aan het spelen – ze kwamen naar het schip toe en bedelde om fruit, pennen, of wat dan ook dat men naar beneden wilde gooien en doken het dan op. Een kano was een beetje lek en had drie jongens erin met een duidelijke taakverdeling; de oudste peddelde en gaf de orders, de middelste zat op de punt en deed het opduikwerk, en de jongste zat in het midden van de kano eigenlijk alleen maar te hozen! Als hij dat even niet deed leek het haast alsof de kano langzaam dieper in het water wegzakte...

We hebben echt genoten van de mooie baai en heuvels, en constant de stranden gescanned voor draken – maar helaas, we zagen alleen een paar herten op het strand lopen. En we zagen wel veel dingen die leken op draken, maar in de praktijk steeds wrakhout of stenen waren... Niet dat we klagen, we hebben ontzettend genoten van de 6 draken die we gezien hebben! Het was wat dat betreft een prima excursie.

Om 17 uur, toen we al een uur op het balkon zaten te genieten van het groene landschap, het zwarte water en de blauwe lucht met witte wolken, en het met kijken en honderden foto’s in ons op probeerde te nemen, hoorde we dat ze het schip gereed maakte om te vertrekken. Omdat we buiten zaten konden we ze zelfs het anker horen ophalen – misschien ook versterkt door de wanden van de baai – en rond 17:15 begon het schip langzaam uit de baai te varen. Wat een mooie afvaart! Sydney was dan wel de mooiste stedelijke afvaart, maar dit moet toch zeker een van onze mooiste natuurlijke afvaarten zijn, prachtig!

Doordat we nu voeren veranderde het uitzicht constant; alle rotsen in het water en de kleine en wat grotere eilandjes verschoven steeds ten opzicht van elkaar en je kreeg steeds andere doorkijkjes. Opeens was er beweging in het water naast ons, en bleek er wat tuimelaars naast het schip te zwemmen – helaas zwommen ze niet met ons mee maar terwijl we van ze vandaan voeren zagen we ze prachtig uit het water springen en tuimelen en kurketrekkers maken, wauw!

En het landschap; Hans en ik probeerde het in onszelf op te zuigen, zo mooi waren al die kleuren groen, al die verschillende niveaus van heuvels achter elkaar, de plooien in de heuvels en valleien, de (palm)bossen in de valleien en onderaan de steile heuvels, de dunne stroken wit zandstrand van Komodo, of gele of grijze kliffen van sommige van de eilandjes, de bijna donkerblauwkleurige eilanden ver weg, en de prachtige gelaagde wolken van wit tot donkergrijs die het allemaal nog mooier maakte!

We waren een beetje laat voor het eten omdat we onszelf pas om 17:45 weg konden scheuren van het landschap (het was ook al gauw donkerder aan het worden, zonsondergang zou om 18:15 zijn), Hans even gauw een lange broek en wij beide onze schoenen aan moesten trekken, en we naar beneden moesten lopen, maar we waren toen ook al de baai zelf uit en voorbij de mooiste eilandjes dus we hebben er gelukkig niet zo heel veel verder aan gemist. Wat een mooie afvaart!

’s Avonds hadden we even een half uurtje bereik (we hadden heel de dag in Komodo geen bereik gehad) en hebben we wat smsjes verstuurd, maar al gauw hadden we geen bereik meer dus hebben we geen antwoorden meer gehad helaas. Maar vandaag was een hele mooie dag; we hebben prachtige draken gezien en de hele dag van een prachtig uitzicht kunnen genieten!


free counters