Januari 2018: Wereldreis per cruiseschip

HOME
ROUTE
LANDEN
MV COLUMBUS
2021 SLOOP
AAN BOORD
WERELD

We voeren ’s ochtends op de haven van Aqaba, Jordanië, af in het drielanden punt bovenin de Golf van Aqaba, waar Jordanië grenst aan Israël en binnen gezichtsafstand de Sinaï Woestijn begint waar Egypte claim op legt. Hans zet ’s ochtends vroeg als hij nog in bed ligt graag even BBC of zo aan maar het viel hem op dat beide nieuwszenders BBC en Sky niet beschikbaar waren, typisch! We voeren vlak langs prachtige ruige rotsachtige kale bergen, heel erg mooi gebied is dit, en met een rijke geschiedenis.

Hans en ik hebben heel deze reis en de twee maanden ervoor erg gedubd of we nu wel of niet een excursie naar Wadi Rum of Petra moesten doen. We hebben zowel de mooie woestijn van Wadi Rum als de hele stad van Petra hartstikke mooi gedaan tijdens onze rondreis door Syrië, Jordanië en Libanon in 2007, en konden bij wijze van spreken nog iedere plek die we gezien hadden in die twee plekken voor de geest halen. Met name Petra hebben we een hele dag aan besteed – dat heb je ook wel nodig, er is zo veel te zien. Met de scheepsexcursie naar Petra zou je er maar een paar uur doorbrengen, en het was een rit van 2,5 uur enkele weg om er te komen, plus hij vertrekt pas om 9:30 dus je komt er op het heetst van de dag aan, dus weer een slopende dag. Dat laatste op zich is niet zo’n probleem, maar het is een van de meest populaire excursies van het schip omdat Petra zoiets iconisch is, en dan loop je er hoe dan ook met een paar honderd man van het schip rond (los van wat er normaal gezien ook nog verder aan toeristen rondloopt) en moet je in een paar uur tijd even alle highlights langsrennen. Dat leek ons afbreuk doen aan onze herinnering ervan.


Wadi Rum hebben we nog het langst over gediscussieerd, wel of niet. Want de scheepsexcursie naar Wadi Rum klonk redelijk zoals we het zelf gedaan hebben (wij zijn ook vanuit Aqaba er naar toe gegaan en hebben er ook ongeveer evenveel tijd aan besteed als ze nu bieden), maar ook van Wadi Rum kunnen we na 11 jaar nog precies de wijdse vlaktes waar we doorheen gereden zijn, de stenen boog, de smalle kloof en de rotstekeningen en de plek waar Laurence of Arabia gedeeltelijk opgenomen was, allemaal voor de geest halen alsof we er vorig jaar geweest zijn. Dus uiteindelijk hebben we besloten om niets te doen in Aqaba en gewoon te kijken waar we die dag zin in hadden.


Rond 8:45 uur begon het schip aan te leggen, wij hadden vanuit ons balkon zicht op de sleepbootjes en Eilat in de verte aan de Israelische kant.

Om 9:15 zijn we naar het achterdek op 11 gegaan om te kijken, en iets voor 9:30 lagen we dan aan de kade. Ondertussen kwam een vuilniswagen aanrijden naar het goederenluik, en kwam tegelijkertijd achter de vuilniswagen aan een grote kraai lui aangevlogen, vloog even over de laadbak en naar het luik, en installeerde zichzelf een eindje verderop op de kade. Die was duidelijk op zijn ontbijt aan het wachten! Tegenover ons lag een Turkse vrachtschip dat brand had gehad in de woontoren, brrrrrr, een akelig idee!

Rond 9:25 werd de loopplank uitgelegd, en gingen de beambten aan boord, en 9:30 kwamen de eerste passagiers van boord. Een beetje later dan gepland, aangezien we oorspronkelijk om 9 uur loopplank-klaar zouden moeten zijn geweest en de eerste excursie naar Petra al om 9:30 zou vertrekken. Hans telde wel 22 bussen, waarvan 2 vermoedelijk de shuttlebussen waren. Maar dat betekende dus zeker 30 x 20 man, als niet 35 of zelfs 40 x 20 man, die naar Petra ging! De Wadi Rum excursie ging pas vanmiddag weg dus al deze bussen waren voor Petra. Oef, tussen de 600-800 man dus...

De kraai had het ondertussen volgens mij opgegeven, want er was duidelijk wat miscommunicatie geweest tussen het schip en de vuilniswagen – die had namelijk een laadbak met een kiepsysteem, en de rand was hoger dan het laadluik, terwijl het schip al zijn afval keurig gescheiden in grote zakken en pakken op pallets heeft liggen, en geen van beide had een hefsysteem dat hoog genoeg ging om de volle zware pallets over de rand van de vrachtwagen te tillen. We zagen ze worstelen en discussieren hoe ze dit nu moesten aanpakken!

Hans en ik zijn rond 10 uur van boord gegaan, met weinig plannen; we wilde met de shuttlebus naar het centrum gaan en dan zien waar we zin in hadden of gewoon een beetje rondwandelen. Aqaba had niet zo heel veel bezienswaardigheden – wat archeologische opgravingen zoals de resten van de oudste speciaal voor dat doeleind gebouwde kerk, van ongeveer 300 AD, en de resten van de oude Moslim-stad Ayla uit de 7e eeuw. Ook de ruïnes van het Mamluk fort en daarbij een gigantische vlaggemast (zonder vlag vandaag, helaas) ter herdenking van de Arabische Revolutie in 1918. Maar het stadje zelf was gewoon een rustig havenstadje. Hun belangrijkse “claim to fame” is hun handige ligging vlakbij Wadi Rum (een uurtje rijden) en Petra (2,5 uur rijden), en de nabijheid tot duikplekken en snorkelplekken in de Golf. In 2007 hebben we hier ook alleen maar overnacht onderweg naar Wadi Rum en de dag erop Petra.

Het was vandaag een heerlijke temperatuur met een lekkere frisse wind, wat een genot vergeleken met de wekenlange hete vochtige klimaten waar we doorgereisd hebben. De shuttlebus wachtte tot hij vol was – op gegeven moment té vol, een passagier en 3 bemanningsleden gingen in het gangpad staan wat de chauffeur niet wilde, en aangaf dat ze de volgende shuttle moesten nemen, waarop de bemanningsleden naar de shuttlebus ernaast gingen en de passagier, wiens vrouw wel een plekje had, zich ging verstoppen in het trapgat halverwege de bus. Hans zei al, hij gaat echt niet rijden tot je weg bent hoor. Een ander bemanningslid bood haar plek aan (er waren gewoon twee shuttlebussen naast elkaar aan het staan, dus je hoefde echt niet lang te wachten), maar de passagier deed een beetje moeilijk en ging uiteindelijk samen met zijn vrouw van boord naar de andere shuttlebus. Toen konden we om 10:10 gaan rijden, en de bus, met zwaar getinte ruiten tegen de felle zon, bracht ons binnen een paar minuutjes naar het centrum waar er een VVV kantoortje en de halte van de hop-on-hop-off bus was. We konden eerlijk gezegd niet bedenken wat je in Aqaba kon zien met een hop-on-hop-off bus!

Toen we uitstapte waren er gelijk allerlei taxichauffeurs en verkopers en gidsen aan het zeuren om ons naar Wadi Rum en Petra te brengen, we hadden geen zin in dat gedoe en liepen weg van het centrum door tot een klein parkje midden in een grote avenue, waar we een lekker plekje in de schaduw en het heerlijke briesje vonden en even gezeten hebben om mensen te kijken (en bekeken te worden). Dat beviel ons zo goed, dat we besloten om niet terug naar het centrum te lopen maar gewoon hier een beetje rond te wandelen tot we geen zin meer hadden en dan terug naar het schip te gaan.

Na zo’n 10 minuten zijn we weer gaan lopen, richting het einde van het langgerekte parkje. Jordanië is een relatief rustig land, en was 11 jaar geleden al een opvallend modern land vergeleken met zijn buren. Nu viel het wel op dat geen één (lokale) vrouw die we op straat zagen zonder hoofddoek liep – weliswaar allerlei soorten modelen van strak om het haar, tot een volledige zwarte lichaamsbedekende sluier, maar er was geen lokje haar te zien, en het verbaasde ons een beetje. 11 jaar geleden toen we hier waren was Jordanië juist een land waar niet zo veel sluiers gedragen werden. Hierbij vergeleken waren redelijk wat van de vrouwen in het streng-Islamitisch Iran veel vrijer in hun sluier-dragen, met veel jonge vrouwen die enkel een losse sjaal achterop hun achterhoofd, steunend op hun knotje, hadden. Tot de zedenpolitie in zicht kwam natuurlijk, maar toch.

We liepen langs de Al Hammat At Tunisiyyah Street, grappig voor Hans om te zien want hij was in Hammamet in Tunesië geweest! Aan het einde van het langgerekte parkje was een mooie grote fontein met palmbomen, en daarna zijn we een beetje zonder doel willekeurig een straat ingeslagen – het maakte toch niet zo veel uit waar we terecht kwamen zolang we de weg terug maar zouden vinden. We liepen langs een moskee waar allerlei drinkwaterfonteintjes stonden tegen het hek aan zodat je, zelfs als de moskee gesloten was, toch nog een beker water kon aftappen voor jezelf. Dat hebben we overal in Iran gezien, en gisteren ook veel in Egypte.

We vonden een ander stadspark – het project leek nog niet klaar of halverwege gestopt, of het idee op de tekentafel werkte gewoon niet zo goed in het echt. Hier zochten we ook weer een bankje in de schaduw om even een paar minuten van het lekkere briesje te genieten, voor we weer verder slenterde. Ondertussen reed een vrachtwagentje met mooie versierde laadbak rond, de oud ijzerboer zo te zien – hij riep via een megafoon ook continu hetzelfde om, dat zal wel zijn om de mensen erop te wijzen dat hij er was.

We liepen een rondje en kwamen rond 11:30 terug uit bij de shuttlebus. We hadden een lekkere wandeling gehad, en we vonden het eigenlijk wel best en hadden geen behoefte om nog langs winkels of zo te slenteren, dus we besloten terug naar het schip te gaan.

We waren rond 11:45 terug bij het schip, waar de vuilniswagen en de bemanning een tussenoplossing hadden gevonden en alle pallets met het heftruckje van het schip op de kade gezet, en ze een voor een omhoog tilden tot de hoogte van de laadbak, zodat de mannen van de vuilniswagen alles met de hand in de wagen konden laden. Andere bemanningsleden stonden in een hoogwerker de ankerkast te schilderen, en de bestuurder van de hoogwerker had al vaker zo’n klusje meegemaakt en wist dat het even kon duren, dat was duidelijk, want die zat lekker in een campingstoeltje toe te kijken.

We hebben een krantje opgehaald en een kopie van de rekening opgevraagd bij receptie, want het is betaaldag vandaag, en we hadden hem weliswaar een paar dagen geleden gehad maar theoretisch gezien zouden we een visum voor Egypte en Jordanië moeten hebben, ter plekke via de scheepsrekening te betalen, dus het zou hebben gekund dat die inmiddels erop zouden staan. Niet dus, dat was gemakkelijk. Terug in de kamer hebben we het geld gepakt dat we nodig hadden om cash af te rekenen en zijn even op het balkon gaan kijken. Onder ons voer een “party-boot”, een bootje vol vrouwen en een kind en zo te zien één man, waarvan sommige vrouwen hun haar niet bedekt hadden. De muziek stond hard en het was duidelijk gezellig, een vrouw stond op het kleine voorplechtje gek te doen en te dansen terwijl de anderen lachten en kletsten.

Wij zijn iets na 12 uur gaan lunchen, en het menu had een perenkruimel-toetje, dus aangezien de kruimeltoetjes aan boord erg lekker zijn, heb ik eens geen voorafje genomen, maar een toetje. De kip-cheeseburger was erg lekker met goed gebakken frietjes (lukt meestal niet zo goed), en het toetje was inderdaad erg lekker. Duidelijk dat de keuken het eindelijk opgegeven heeft en de keiharde peren in een toetje veranderd heeft, in plaats van ze in de fruitmandjes proberen te verstoppen. Overigens zouden wij nooit willen betalen voor deze fruitmandjes, volgens ons kun je in willekeurig welke hut aan boord zo’n fruitmandje krijgen voor 4-5 pond per dag, maar dat zijn ze echt niet waard. Zeker de laatste paar weken is de kwaliteit van het fruit vaak bedroevend.

Na de lunch hebben we onszelf lekker in onze hut geinstalleerd, een stevig dutje gedaan, af en toe op het balkon naar buiten staan kijken – naarmate de middag vorderde werd het steeds drukker op het water, met speedbootjes die stoer deden door vlak langs ons schip te scheren, glas-bodem bootjes (hadden inderdaad onderin één plank vervangen met een glasplaat leek het), en een soort kleine zeilbootjes-race tussen de voor anker liggende vrachtschepen door, waarbij een bootje omsloeg en geholpen moest worden door een collega. We konden met de verrekijker de grens van Israel en Jordanië zien liggen, en op het water leek de grens niet zo heel nauw genomen te worden – het zijn tenslotte gewoon buren die verder geen strijd hebben met elkaar. We hebben op gegeven moment zelfs even lekker op het balkon gezeten, de temperatuur is vandaag echt heerlijk en we genieten daar nog het meeste van! De airco kan het, nu het droge warmte is in plaats van natte warmte, ook opeens veel beter aan en moeten we zelfs minder koud zetten omdat we (ik...) anders wegvriezen in de hut!

In de verte lagen de prachtige bergen van dit gebied – droog, rotsachtig, woestijn, erg mooi. Er voer op gegeven moment zelfs een echte party-boot – een groot schip met een glijbaan helemaal van boven naar beneden naar het wateroppervlakte! In koeieletters op de zijkant stond het telefoonnummer waarmee je hem kon reserveren en de website, en zijn kleinere broertje was een fel-geel gekleurde boot die tegen het einde van de middag met luide Arabische muziek langs ons schip voer, vol Jordaniers en wat buitenlanders.

Hans en ik zijn gaan eten maar bleken de enigste te zijn; de Australische dames waren vandaag naar Petra (de ene is gisteren ook naar Luxor geweest, die kun je waarschijnlijk opvegen na twee zulke lange warme excursies), en het Duits-Amerikaans stel kwam niet opdagen hoewel we dachten dat ze geen excursie hadden vandaag. Die waren ook vast moe of zo. We hebben een beetje kunnen kletsen met onze ober die vandaag en gisteren even aan land is geweest en wat relaxder was nu dat hij weer eens vaste land onder de voeten (en wifi) had gehad en een rustige eerste zitting vanavond had. We waren vroeg klaar met eten maar de Nederlandse weduwe kwam even kletsen en zo werd het toch nog 19:15 voor we wegliepen uit het restaurant. Haar nieuwe Australische vriend was naar Petra en kwam ieder moment terug dus zij ging er ook vandoor om hem op te wachten.

Na het eten zijn we even op de promenade dek 7 gaan kijken, naar de stad en de mooie bergen erachter. Terwijl we er stonden begonnen de bussen van de Petra-excursie terug te komen, die mensen zullen goed gaar zijn!

De zon begon onder te gaan en we zijn nog even naar dek 11 achter gelopen om daar rond te kijken en te kijken hoe een kolossale autoboot (die met gevoel voor humor “Mignon” (klein) genoemd was) wegvoer en draaide om uit de Golf te varen, voor we via het terras van het restaurant naar boven liepen – en daar zat het Duits-Amerikaans stel dus we hebben even bijgekletst over hoe hun en onze uitstapjes van de afgelopen paar dagen bevallen waren.

We waren door het kletsen pas rond 20:30 terug in onze hut, waar we ’s avonds nog lekker op ons balkon hebben zitten kijken terwijl we vertrokken om 21 uur, en toen tot wel 22 uur hebben zitten genieten van het heerlijke koele avondweer terwijl we langs de Jordaanse kust voeren terug richting de Rode Zee en Hans wat mailtjes typte die ik daarna met enige moeite heb kunnen versturen. Ondanks dat het inmiddels goed donker was, waren de bergen spookachtig zichtbaar en de wegen goed verlicht, dus er was nog genoeg te zien en we stapte tot het bedtijd was nog regelmatig even naar buiten.

De klok moest vanavond weer een uurtje terug, vermoedelijk omdat we overmorgen door het Suez Kanaal varen, want Griekenland is op dezelfde tijd als Jordanië. Leek ons een beetje onlogisch, want als dat zo is dan moeten we na het Suez Kanaal de klok weer naar voren zetten, en na Griekenland weer terug. Pfffff. Toen we amper anderhalf uur aan het varen was, rond 22:30, zette Hans de tv op de BBC en opeens deed hij het weer – die was dus duidelijk bewust verstoord geweest toen we in die hoek bij Egypte, Israel en Jordanië lag. Typisch!

free counters